Online magazine over het leven, de samenleving, vrije tijd, sport, entertainment en spellen.
Onafhankelijk sinds 2011

De kunstwerken van Adolf Hitler

Het is een van de bekendste wat-als-vragen van de twintigste eeuw: hoe zou de geschiedenis zijn verlopen als de kunstacademie in Wenen een jonge aspirant had aangenomen? Die vraag is onbeantwoordbaar, maar het werk zelf bestaat en is beschreven, en het zegt iets over de man en nog meer over hoe wij naar zulke voorwerpen kijken.

Wat hij maakte

Vooral aquarellen en tekeningen van gebouwen: kerken, poorten, binnenhoven, straatgezichten, en later scènes uit de oorlog waarin hij diende. Techniek en onderwerp zijn die van een vaardige ansichtkaartenmaker — hij verkocht zulke werkjes ook als bron van inkomsten.

Wat er vrijwel volledig in ontbreekt, zijn mensen. Waar figuren voorkomen, zijn ze klein, stijf en duidelijk bijgevoegd om de schaal aan te geven. Architectuur is nauwkeurig en soms goed getroffen; alles wat beweegt of leeft, blijft plat.

De afwijzing

Hij werd twee keer afgewezen door de academie voor schone kunsten in Wenen. De beoordeling vermeldde dat de proeve te weinig hoofden bevatte — met andere woorden: onvoldoende in het tekenen van de menselijke figuur, de kern van de klassieke opleiding. Hem werd aangeraden zich op architectuur te richten, maar daarvoor had hij de vereiste schoolopleiding niet afgerond.

In zijn eigen latere voorstelling werd die afwijzing een verhaal over onbegrepen talent en over wie er in de kunstwereld de macht had. Dat verhaal is voor het begrijpen van zijn latere kunstbeleid belangrijker dan de tekeningen zelf.

Wat kunsthistorici erover zeggen

Het oordeel is opvallend eensgezind: technisch niet onbekwaam, volstrekt onorigineel, en zonder enige interesse in wat er in de kunst van zijn tijd gebeurde. Terwijl in Wenen en elders de moderne kunst werd uitgevonden, maakte hij nette gebouwen in een stijl die al verouderd was.

Sommigen wijzen op het ontbreken van mensen als iets wat achteraf betekenis lijkt te krijgen. Daar is voorzichtigheid geboden: het is precies het soort verband dat we altijd vinden als we de uitkomst al kennen. Een zwakke figuurtekenaar is in de eerste plaats een zwakke figuurtekenaar.

Wat er nu met het werk gebeurt

Dat is het interessantste deel. Zulke werken duiken met regelmaat op bij veilingen, en telkens ontstaat dezelfde discussie: mag dit verkocht worden, en aan wie?

Er zijn werken in beslag genomen omdat de herkomst niet klopte of omdat de signatuur vals bleek — het vervalsen van deze aquarellen is een eigen bedrijfstak geworden, juist omdat er kopers voor zijn. Andere werken zijn in staatsbezit gekomen of aan musea toegewezen, met de uitdrukkelijke voorwaarde dat ze niet als kunst worden tentoongesteld maar als historisch document.

Verschillende landen kennen bovendien beperkingen op de handel in voorwerpen die als propaganda-erfgoed kunnen dienen. De vraag die daaronder ligt, is niet artistiek: wat maakt een prul waardevol? Niet de kwaliteit, maar de signatuur — en dat is precies de reden dat er terughoudend met deze voorwerpen wordt omgegaan.

Waarom het onderwerp blijft terugkomen

Omdat de gedachte aantrekkelijk is dat een enorme geschiedenis aan een kleine beslissing hing. Historici wijzen die gedachte af: een wereldoorlog en een genocide kwamen niet uit een afwijzingsbrief maar uit politieke, economische en ideologische ontwikkelingen waar miljoenen mensen aan meewerkten.

Wat de tekeningen wel laten zien, is iets bescheidener en nuttiger: dat middelmatigheid en monsterlijkheid naast elkaar kunnen bestaan, en dat het eerste het tweede niet verklaart.