Online magazine over het leven, de samenleving, vrije tijd, sport, entertainment en spellen.
Onafhankelijk sinds 2011

Door het Loiredal

Het Loiredal is een reis met een probleem van overdaad: er staan zoveel kastelen dat een bezoek makkelijk verandert in een opsomming. Wie er ontspannen door reist, kiest er drie of vier uit, neemt de tijd voor de dorpen ertussen en gebruikt de rivier als leidraad.

De kastelen en hun karakter

Chambord is het grootste en het meest theatrale: een jachtslot met een dakenlandschap van torentjes, gebouwd om te imponeren. Chenonceau is het tegendeel — sierlijk, gebouwd over het water van de Cher, met een galerij die de rivier oversteekt.

Villandry is er om de tuinen: siertuinen, een doolhof en een legendarische keukentuin waarin groenten als ornament zijn geplant. Azay-le-Rideau is klein en spiegelt in zijn eigen gracht, en Amboise en Blois zijn stadskastelen waar je meteen ook een stadje bij krijgt.

Wie iets wil dat minder bezocht is, kiest Chaumont of Cheverny. Het verschil in rust is aanzienlijk, het verschil in schoonheid nauwelijks.

De wijnen van de rivier

De Loire is een lange rivier en daarmee geen enkele wijnstijl. Bij Sancerre en Pouilly maakt men frisse, minerale witte wijn van sauvignon; in het midden, rond Vouvray, staat chenin blanc, die van kurkdroog tot zoet gaat en uitstekend veroudert.

Rond Chinon en Bourgueil geeft cabernet franc lichte, kruidige rode wijn die je licht gekoeld drinkt. En bij Nantes, dicht bij de zee, komt muscadet vandaan, de wijn die bij oesters hoort. Veel wijnhuizen liggen in tufsteengrotten in de heuvels — dezelfde grotten waarin men champignons kweekt en waarin hele woningen zijn uitgehouwen.

Fietsen langs de Loire

Langs de rivier loopt een doorgaande fietsroute, vlak, goed aangegeven en grotendeels los van autoverkeer. Dat maakt het een van de weinige kastelenreizen die je zonder auto beter doet dan met: je stopt waar je wil, en de afstanden tussen twee kastelen zijn met de fiets prettig in plaats van te kort.

Plan per dag één kasteel en een dorp, met een wijnhuis als het uitkomt. Bagage laat zich per etappe vervoeren, en de treinen langs de rivier nemen fietsen mee, zodat je een tegenvallende dag kunt overslaan.

Wanneer je gaat

Late lente en begin van de herfst zijn de beste periodes: de tuinen staan er goed, de drukte is beheersbaar en het is niet te warm voor een dag op het zadel. In de hoogzomer zijn de grote kastelen vol, en juist dan is de keuze voor de kleinere de verstandige.