Online magazine over het leven, de samenleving, vrije tijd, sport, entertainment en spellen.
Onafhankelijk sinds 2011

Spiekbriefjes en spieken: wat er echt gebeurt

Rond elke examenperiode gaat het gesprek over spiekbriefjes, en bijna altijd over het verkeerde deel ervan. Want het interessante aan een spiekbriefje is niet het gebruik in de zaal — dat loopt vaak slecht af — maar het maken ervan. Wie een hele lesstof op een papiertje van een paar vierkante centimeter probeert te krijgen, doet precies wat leren is.

Waarom het maken werkt

Om iets te verkleinen moet je drie dingen doen: alles doornemen, beslissen wat de kern is en dat in eigen woorden opschrijven. Dat zijn drie werkzame leerstrategieën op een rij. Samenvatten dwingt tot keuzes, en de keuze zelf is het leerwerk.

Daarnaast helpt de vorm. Kleine, dichte notities met afkortingen, symbolen en pijlen maken verbanden zichtbaar die in een hoofdstuk verborgen blijven. En wat je met de hand schrijft, blijft beter hangen dan wat je markeert of overtypt: markeren voelt productief en levert het minst op van alle methodes.

Het gevolg is de klassieke ervaring van generaties leerlingen: het briefje is gemaakt en tijdens de toets blijkt het niet meer nodig. Dat is geen ironie, dat is het bewijs dat de methode werkt.

Hoe je het als leermiddel gebruikt

Maak per hoofdstuk één kaartje, niet één voor alles. Schrijf geen volledige zinnen maar trefwoorden, formules, stappenplannen en de dingen die je steeds vergeet. Werk met kleur voor categorieën en met een vaste plek op het kaartje voor het onderwerp.

Maak daarna een tweede versie die de helft kleiner is. Die tweede ronde is de nuttigste van de twee, omdat je dan pas echt moet weten wat de hoofdzaak is. Overhoor jezelf ten slotte met het kaartje omgedraaid.

De risico's van spieken zelf

Die zijn groter dan leerlingen inschatten. Bij een schoolexamen of centraal examen geldt onregelmatigheid als een zware zaak: het werk kan ongeldig worden verklaard, de kandidaat kan van verdere deelname worden uitgesloten en er volgt een aantekening in het dossier. Voor een cijfer dat je met twee avonden leren ook had gehaald, is dat een slechte ruil.

Surveillanten kennen de patronen bovendien beter dan de bedenkers ervan: het steeds terugkerende blikpatroon, de mouw, het etui, het onnodige toiletbezoek, de rekenmachine met notities, het horloge dat meer kan dan tijd aangeven. En bij digitale toetsen ligt het bewijs achteraf gewoon in de logbestanden.

De eerlijke conclusie

Een spiekbriefje is een uitstekend studiehulpmiddel en een slecht plan in de examenzaal. Wie het maakt en daarna in zijn tas laat zitten, gebruikt het op de manier waarop het werkelijk het meeste oplevert — en houdt tegelijk het enige risico buiten de deur dat echt telt.