Een goddelijk gedachtegoed die zijn weerga niet kent

Door Jan Cornelis gepubliceerd op Sunday 24 January 15:41

     Ik las laatst in de filosofiemagazine van oktober 2019 dat er over muziekbeleving heel verschillend wordt gedacht. Ik denk dat dit klopt want klassiek is niet mijn favoriet. Ik las dat er twee groepen zijn: objectieve en subjectieve, al naar gelang iemand zijn eigen ervaring van muziek wantrouwt of vertrouwt.

     De objectivist zegt: "Je hoort klinkend bewogen vormen, dat is alles, verder betekent het niets - zoals ook Igor Stravinsky zei. Dit is het standpunt van de meeste wetenschappers en musicologen, en ook van veel filosofen."

     De subjectivist zegt: "Muziek is een taal van emoties, ze drukt onze innerlijke roerselen uit en vertelt verhalen over ons zielenleven."

     Nu blijkt er ook nog een derde groep te zijn die nog een stap verder gaat, zoals Arthur Schopenhauer, die schrijft: "De componist openbaart het diepste wezen van de wereld en spreekt de diepste wijsheid uit, in een taal die de rede niet kan verstaan."

     Ik las verder dat de objectivist meer soorten betekenis erkent dan de beschrijvende betekenis. Muziek heeft voor een dergelijk iemand geen verwijzing, maar wel gedachteinhoud, die bestaat uit mythen, fantasiebeelden, net als beeldende kunst, dans of poëzie.  

     Sommige geleerden vinden Bachs Wohltemperierte Klavier niet zomaar een serie muziekstukken, maar een eenheid waarin de componist een soort programma geeft om je eigen gemoed mee te herscheppen. Alle menselijke emoties komen erin voor. Je kunt er een bepaalde geestelijke ontwikkeling in waarnemen die overeenkomt met die van het leven of de natuur, van jeugd naar ouderdom, van ochtend naar avond. 

     Ik daarentegen irriteer me suf aan Bach. Ik ervaar het als een onsamenhangsel van geluiden waar totaal geen richting in gevonden kan worden. Het liedje "Het Dorp" van Wim Zonneveld spreekt in verhouding daarmee boekdelen. Het heeft een begin en een eind en vertegenwoordigd een realiteit en gebeurtenis die ik overal om mij heen heb zien gebeuren. Ik denk dat het met mijn leven net zo gesteld is.

     Tot aan mijn vijfenvijftigste heeft mysterieusheid in mijn leven zich afgespeeld wat mij zeer ongelukkig maakte. Iets waar ik maar niet achter kon komen. Daarna  kreeg ik ook iets mysterieus maar dat was iets geweldigs, ja, als een geschenk van God, wat zowel rijkdom als armoede opzij schoof toen ik geroepen werd om in die hoedanigheid te dienen. Het getuigenis dat ik in mijn hart draag, zet mij aan tot het uitvoeren van een dwingende plicht.

     Maar ik ben niet de enige, want zowel jong als oud kan een getuigenis hebben. De seminariecursisten, zendelingen, bisschoppen en ringpresidenten, zendingspresidenten, ZHV-zusters en alle algemene autoriteiten hebben er één. Ook zij die geen roeping hebben, geven hun getuigenis. Het is de kern van het werk dat daar verricht wordt. Het is datgene dat het werk van de kerk wereldwijd voorwaarts stuwt. Het zet aan tot actie. Het eist dat we doen wat van ons gevraagd wordt. Het geeft ons de verzekering dat het leven zinvol is, dat sommige dingen van veel groter belang zijn dan andere, dat wij op een eeuwige reis zijn, dat wij God rekenschap verschuldigd zijn. (1) Toen ik die belevenis kreeg ben ik opgehouden naar muziek te luisteren, want het heeft bij mij een goddelijk gedachtegoed aangeboord die zijn weerga niet kent in Jezus Christus naam. Amen.

 

(1. Laat u voorlichten door de priesterschapsdragers van 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen', in de volksmond ook wel laatdunkend de Mormonen genoemd.) 

 

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.