Als geloof ontbreekt, ontbreken ook de vruchten

Door Jan Cornelis gepubliceerd op Sunday 10 January 09:41

     Er zijn mensen die het lichaam geen centrale rol laten spelen. Toch wordt het werelds gezien belangrijk om juist dergelijke mensen op te nemen in een overzicht over lichamelijkheid. Hoewel hun onderscheid tussen geest en lichaam al oud is, zijn ze namelijk degenen die lichaam en geest écht uit elkaar hebben getrokken - filosofisch gezien dan. Hun denkbeelden over het lichaam zijn eeuwenlang toonaangevend geweest in de filosofie.

     De geest is bij hen slechts een 'denkend ding' dat los bestaat van het mechanische lichaam. Het lichaam is eigenlijk niets anders dan een dier of een plant. Volgens hen stuurt de geest via een klier in het brein het lichaam aan en laat zo bloedvaatjes open- en dichtgaan, alsof het pijpleidingen in een fontein zijn.

     Het lichaam is volgens hen een machine die op deze manier bediend kan worden. Hoewel hun denkbeelden over deze kant van het lichaam misschien wat simpel klinken, vormen ze de basis van de manier waarop veel wetenschappers vandaag de dag denken over lichaam en geest. Willen we begrijpen hoe de geest werkt, dan moeten we volgens hen kijken naar de werking van het brein.

     Hoe kwamen de volgelingen van deze gedachtegang tot een dergelijk hard onderscheid tussen lichaam en geest? Dat heeft alles te maken met hun beroemde twijfel experiment. Zij zijn op zoek naar een onbetwijfelbare basis voor kennis en als er één ding in werkelijkheid onbetwijfelbaar is, dan willen zij al hun andere kennis daarop stoelen.

     Zo twijfelen zij aan alles: misschien bestaat de wereld om hen heen niet, misschien is alles wat ze waarnemen wel een droom - hun voorgehouden door een kwade geest. Waar ze echter niet over kunnen twijfelen, is het feit dát ze twijfelen. Aangezien twijfelen een vorm van denken is, is de denkende geest volgens hen het fundament dat zij zoeken. Zij vinden de geest onbetwijfelbaar, en daarmee iets anders dan het betwijfelbare lichaam.

     Wat jammer dat dergelijke mensen geen geloof hebben want als bij hen geloof ontbreekt, ontbreken de vruchten ook. Sinds het begin van de wereld heeft niemand geloof gehad zonder dat er iets mee gepaard ging. De gelovigen in de oudheid doofden hevige vuren, ontsnapten aan het zwaard en vrouwen ontvingen hun doden levend terug.

     De werelden zijn door geloof geschapen. (1) Een mens zonder gaven is zonder geloof; en hij misleidt zichzelf als hij denkt dat hij ze heeft. Er is niet alleen een gebrek aan geloof onder heidenen geweest, maar ook onder hen die het christendom belijden, waardoor er een gebrek aan profetie, genezingen,  profeten en apostelen is geweest. (2)

     Mensen blijken verschillende meningen over de gave van de Geest te hebben. Sommigen zijn gewend om elke bovennatuurlijke manifestatie toe te schrijven aan de werking van de Geest Gods, terwijl anderen denken dat er helemaal geen manifestaties aan verbonden zijn en dat het een ingeving van hun verstand is of een innerlijk gevoel, indruk of heimelijk getuigenis of bewijs dat de mensen hebben en dat er niet zoiets als een uiterlijke manifestatie bestaat.

    Volgens het getuigenis van de Schrift en de manifestaties van de Geest in de oudheid, kon het omringende publiek er ook weinig van weten, omdat dit uiterst zelden in het openbaar werd gemanifesteerd, waardoor echt geloof onontbeerlijk is. (3) Wat ben ik blij dat de Heilige Geest dit alles aan mij getuigt. En dit getuig ik weer in Jezus naam. Amen.   

(1. Zie Hebreeën 11:3, 34-35.) 

(2. Zie History of the Church, deel 5, blz. 218; uit instructies die Joseph Smith op 19 april 1843 in Nauvoo (Illinois) heeft gegeven; opgetekend door Willard Richards.)  

(3. laat u voorlichten door de priesterschapsdragers van 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen', in de volksmond ook wel de Mormonen genoemd.)

    
 

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.