Rare woorden Genesis 1+2

Door Haraelmans gepubliceerd op Friday 28 October 18:23

Rare woorden Genesis 1+2

Genesis 1

Laten we het woord hemel even vergeten. Hemel is een beeldvorming.

De fout in de mensheid

De leiders fantaseren het recht om betaalde moordenaars in dienst te hebben. Dat vinden we niet alleen normaal. Dat vereren we niet alleen. We maken die fantasie goddelijk. We vervangen daarmee de waarheid van hoofdstuk twee. Als U dit niet wil zien bent U medeplichtig aan de massa moorden van de legers. Van welke groep U ook lid bent. Zelfs als U lid bent van de niet gelovige groep. Onze peuter leeftijd waarheid willen we niet loslaten. De offer-fantasie krijgt de naam god. Als we iets de naam god kunnen geven is dat het geraamte in onze fantasie, het werk van de natuurwet. Hoe de scheppende natuurwet onze fantasie in elkaar heeft gezet geraamte en vlees dat willen we niet lezen.

De eerste vier hoofdstukken zijn een afgerond verhaal. Daar hoeft uit de rest van de bijbel niets aan toegevoegd te worden.

Bijbel.

Wikimedia. Herziende Statenvertaling. Het is toegestaan zonder toestemming, voor eigen studie enkele van de hoofdstukken van genesis af te drukken. Het: laten we maken en dan maakt hij het: is uit een andere vertaling. Een oudere vertaling

We hebben te maken met twee natuurwetten. Laten we maken en dan maakt hij het. Een scheppende natuurwet die nieuwe dingen maakt. Een werkende natuurwet die alles gaat maken en zo dat het met het al bestaande in evenwicht komt.

(1:1) Er wordt geschapen de levensruimte voor het leven. De aarde en de dampkring. De aarde was zo heet dat hij vloeibaar was. Hij was omgeven met een laag water. Boven het water nog een laag stoom.

Er wordt gemaakt een ruimte voor het leven. De aarde met het water, een dampkring. De dampkring heeft met het bovenste oppervlak een scheiding tussen de levensruimte en het heelal. Het gedoe met de waterscheidingen. De waterhuishouding wordt gemaakt zoals we die nu kennen.

Het licht het licht wordt niet twee keer geschapen. Het wordt geschapen (1:3). En in (1:14) Het evenwicht wordt gemaakt. Zon, maan en aarde komen in een vast ritme zodat de dagen en nachten een vaste tijd krijgen.

(1:6) De waterhuishouding wordt gemaakt zoals we die nu kennen. Water in het aardoppervlak. Met de naam grondwater. Water op het aardoppervlak. Met de naam oppervlaktewater. Het water in de lucht. Met de naam de dampkring. De dampkring heeft een bovenste oppervlakte tussen de dampkring en het heelal.

(1:20) En de scheppende natuurwet zei laten we maken. De vissen en de vogels. En de werkende natuurwet ging het maken dat het met het al bestaande in evenwicht komt.

(1:24) De landdieren en wij mensen worden geschapen. Wij lijken op de natuurwet. We hebben een scheppende fantasie, ideeën hebben. We hebben een werkende fantasie, Een idee uitwerken. Wij hebben een lichaam. Deze drie dingen vormen samen een mens.

(1:29) Wij hebben het gebit van een vruchten eter. Als we vlees willen eten moet dit eerst met vuur bereid worden. Eerst het gebruik van vuur uitvinden. Of het moet door de gehaktmolen. Eerst een mes uitvinden.

Dit is hoofdstuk 1. Het einde van de zesde dag. Al het nieuwe is klaar. De scheppende natuurwet gaat in rust. De werkende natuurwet blijft actief.

De zesde dag. Zevenvoudig.

Er is een beschaving geweest Die telde zes maanden dat de dagen langer werd, dat er meer licht kwam werden en zes maanden dat de dagen korter werden, dat er minder licht kwam. Ze zagen dat als een strijd. Een strijd tussen de goden. Groter tellen als zes was er niet. Meer als zes is oneindig.

 

Hoofstuk 2. Een beschrijving van onze fantasie.

Wij mensen zijn geschapen met fantasie. De fantasie wordt in hoofdstuk 1 Geschapen maar niet beschreven. Hij wordt hier beschreven. Wat hier in hoofdstuk 2 staat hoort wat tijd betref in hoofdstuk 1 thuis. Als de scheppende natuurwet nog actief is.

De scheppende natuurwet maakt de helft van onze fantasie, Een geraamte uit droge stof. Het idee. De werkende natuurwet is bij het scheppen van de organisatie voor samenleven niet actief. Wat de werkende natuurwet in hoofdstuk 1 doet wordt overgenomen door onze fantasie. Het vlees van onze fantasie. We beginnen zelf een traditiestroom te vormen.

Namen geven. Tot aan de rib. De naam mens dat is iets wat alleen in onze fantasie kan bestaan. De fantasie van de man en de vrouw is één. De mens wordt gesplitst in de fantasie man en de fantasie vrouw. De naam Eva dat is de naam voor de vrouw die kennis van goed en kwaad in de fantasie heeft. De naam Adam dat is de naam voor de man die de kennis van goed en kwaad in zijn fantasie heeft. De mens in het sociaal leven wordt vergelijken met het leven van een boom. De persoon, het ik?

(2:5) Er was nog geen resultaat van de fantasie. Nogal logisch want we hadden nog geen fantasie. Uit droge aarde wordt het geraamte van de fantasie gevorm. Het vlees gaan we later zelf vormen.

Dat namen gedoe. Laten we namen gebruiken uit onze tijd en onze taal.

De hoofdstroom van de traditie, de omstroming van de hof, de wereldeconomie, daar is het goud goed. Het hele bedrijfskapitaal op aarde dient bezit te zijn van de wereldbevolking. Ieder mens op aarde bezit evenveel bedrijfskapitaal. Over de organisatie. Hoe de organisatie geregeld moet worden staat hier niets. Dat kunnen we zelf fantaseren.

De afsplitsing van de traditiestroom de hof. De afsplitsing het dorp. Hier is het goud ook goed. Iedere inwoner van het dorp heeft hetzelfde inkomen dat bepaald wordt door het lid zijn van het dorp. Hier is ook het sociale leven. Er is een organisatie.

De afsplitsing van de traditiestroom het dorp. De afsplitsing de dorpswijk. Er is een organisatie.

De afsplitsing van de traditiestoom de dorpswijk. De afsplitsing de put. Er is een organisatie.

De afsplitsing van de put. De afsplitsing gezin. Er is een organisatie.

De opbouw van ons sociaal leven. Het is nog steeds de mens. Een wezen dat geen fantasie van man of vrouw heeft. De scheppende natuurwet maakt van een geraamte twee geraamten van fantasie. Een mannelijk geraamte en een vrouwelijk geraamte. Hij doet het vlees dicht. Het vlees de waarde en normen die we in de traditie gaan fantaseren.

Tussen opmerking. Met ons gestoord gefantaseer hebben we het geraamte in onze samenleving dood gemaakt. Onze waarde en normen onze wetgeving het vlees van de fantasie is niet in staat het geraamte te vervangen. Het is een halve fantasie.

De stad met zijn stadswijken. De stad is onderdeel van het hof, de wereldeconomie. De stadswijk is een andere naam voor dorp. Het dorp dient een zelfstandige organisatie te hebben. Een aftakking van de stad, van de wereldeconomie.

Sociaal contact. Voor het aangezicht verschijnen. Sociaal contact is altijd persoonlijk contact. Telefoon is geen persoonlijk contact, het is zakelijk contact.

Nog vermelden. De fantasie van het vlees bleven voor de man en vrouw naakt. Ze kende elkaars fantasiewereld en schaamde zich er niet voor.

En zo zijn we op het einde van de zesde dag op aarde gezet. Maar zo leven we dus niet. Het werk van de scheppende natuurkracht het geraamte in onze fantasie hebben we dood gemaakt. Met onze hoogmoed: we zijn gelijk aan de scheppende kracht.

Nog vermelden.

Er wordt gemaakt het plantenleven. Er wordt gemaakt het dierenleven en wij mensen als man en vrouw. Hij gedoe met wie wat eet. Samenvatting. Wij mensen zijn vruchten eters. We hebben het gebit van een vruchteneter Dus niet de gebitsvorm van een jachtdier.

 Op het einde van de zesde dag is het klaar. De scheppende natuurwet gaat in rust. Er komt niets nieuws meer op aarde. De werkende natuurwet blijft werken, Hij blijft bezig alles in evenwicht te houden. De mens is klaar dat wil zeggen dat we onze fantasie hebben. Het ontstaan van de fantasie wordt apart beschreven. Het wordt beschreven in hoofdstuk 2. De wereld zoals we die in het hoofd hebben.

Overzicht. We hebben geen samenleving.

 Onze fantasie is tweedelig. We hebben het vast gedeelte, Het geraamte het werk van de scheppende natuurwet. We hebben het natte gedeelte, het vlees. Onze eigen schepping. De waarden en normen in de traditie.

Met het invoeren van de kennis van goed en slecht hebben de boom van het leven dood gemaakt. Onze traditie wordt niet bepaald door de boom van het leven maar door de traditie van goed en slecht. Er is zoveel samenleven als er leven van het geraamte is. (Of moet het zijn verlangen naar samenleving?)  Wat er aan samenleving merkbaar is hebben we de naam bovennatuurlijk gegeven. Het is het werk van het geraamte, de scheppende natuurkracht.

De traditie van goed en slecht is niet in staat een samenleving te vormen. De leiders fantaseren zich het recht toe om betaalde moordenaars in dienst te hebben. Om zich te beschermen. Zevenvoudig. En om het bezit van andere groepen te gaan stelen. Zevenvoudig maal zevenvoudig.

Boven natuurlijk. Boven de natuurwetten vinden we het ontstaan van materie. Uit het niets ontstaat materie. Totaal onbegrijpelijk. Of deze kracht ook de natuurwetten heeft laten ontstaan?  Voor ons samenleven is die vraag volkomen overbodig.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Met wie praat Eva?

De fantasie wordt geschapen in de tijd dat we als mens geschapen worden. Dit is de beschrijving. Onze fantasiewereld. Onze geestelijke wereld. De wereld die we in het hoofd hebben. Alle namen dienen met de geestelijke betekenis gelezen te worden. Eerst wordt er een fantasie voor de mens geschapen. Voor man en vrouw gelijk. Een standaard fantasie. Dan wordt de man en de vrouw fantasie geschapen. De rib wordt uit de fantasie gehaald. We hebben als persoon een fantasie en hebben als groepslid de standaard fantasie. De waarden en normen de traditie die met de naam stromen weergegeven wordt. Er staat ook een waarschuwing.

 De kennis van goed en slecht mogen we niet tot geestelijk voedsel maken. Niet tot voedsel maken van onze geestelijke samenleving.

We zien een boom langs de weg staan. Die zit vast in de tijd. We fantaseren een boom in het hoofd. De boom is dan tijdloos. We zien op hetzelfde moment. We zien de herfst, het vallen van de bladen. De winter, de kale boom. De lente, het groeien van de bladeren en de bloesem. De zomer, het dragen van de vrucht.

Fantasie.

Persoon. Fantasie is het hoogste wat we hebben. Er is niets boven de fantasie. Een boven fantasie of zoiets. De wereld om ons heen. Voor ieder mens is hij zoals hij hem in het hoofd, in de fantasie heeft. Al onze waarnemingen gaan via de fantasie. Wat we gelijk hebben is een lichaam en de behoeften die daaruit voortkomen. Ook die gaan via de fantasie. We kunnen ons op aarde verplaatsen. De wereld die we in ons hoofd hebben, in onze fantasie hebben nemen we mee. Dat is ons leven.

Groep. Twee personen. De eerste vrouw en de eerste man die samengaan. Ieder leeft in zijn eigen fantasie. Er worden afspraken gemaakt. Dat wordt voor zowel de vrouw als de man de waarheid. De waarheid zijn dus wederzijdse afspraken. In de fantasie komt een waarheid.

Dit geldt altijd als twee of meer personen samenzijn.

De gesproken taal. Dat wat man en vrouw als waarheid afgesproken hebben wordt de kleuters als waarheid verteld. Dat hebben we de naam normen gegeven. Er worden ook afspraken gemaakt in de materiële wereld. Bijvoorbeeld samen een hut bouwen. Dat hebben we de naam waarde gegeven. Het geheel hebben we de naam traditie gegeven. Genesis geeft de fantasie verhalenbundel in de traditie de naam slang.

Er komt een waarheid, een traditie van groepen. De groep familie. De groep de put. De groep de wijk. De groep het dorp. Dit zijn sociale-economische groepen. De grote groep, de economische groep de wereldbevolking. Het dorp vormt onze grootse sociale groep met zijn traditie.

 Nog meer dubbel.

We kunnen Genesis 1 als controle verhaal gebruiken. Het begin: de geboorte van een baby. Het begin van de fantasie ontwikkeling. De ontwikkeling van het geestelijk leven van het kind. Er valt geen kennis van goed en slecht te bekennen. De kennis van goed en slecht gebruiken we om van dieren huis en werkdieren te maken. Het baasje bepaald dan welk gedrag het dier heeft. Het natuurlijke gedrag van het dier wordt doodgedrukt.

Zo zijn we dus volgens Genesis op aarde gezet. Zonder goed en slecht in de samenleving.

Bekijken we hoe we de kinderen behandelen op de kleuterschool. De kinderen hebben van de natuur uit de neiging samen te spelen naar hun natuurlijke aanleg. Ze krijgen zelfs niet de kans een poging te doen om op deze manier te spelen. Dat wordt direct doodgedrukt met goed en slecht. Zo moet dat zegt de kleuterjuf. De kleuters worden de waarden en normen van het oorlog maken geleerd. Hun offer-fantasie. De koning moet zijn brave soldaten krijgen. En dat is dus waarom we op aarde als wereldbevolking oorlog maken met de wereldbevolking.

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.