Mens alle mensen 1 de schepping

Door AelmansHar gepubliceerd op Friday 21 August 21:26

Ontstaan van aarde en leven. Uitgezonderd ons geestelijk leven.

Laatste idee.

Genesis op schrijven zoals het er staat met een paar regels. Erbij vermelden aanvullend. De aanvulling apart opschrijven. Het zal dan toch overzichtelijk blijven.

Een aarde zonder oorlog. Dan moeten we het eerst eens zijn met wat bedoelen we met aarde.

Een mensenwereld zonder oorlog. Dan moeten we het eerst eens zijn met wat bedoelen we met mensenwereld. De wereldbevolking als groep. De verschillende geloven, de inwoners van verschillende landen. Allemaal mensen of zijn het verschillende soorten apen?

Het diepere. Persoonlijk en groep. De meeste mensen van een groep zullen slagroomtaart lekker vinden. Toch zal er een enkeling zijn die slagroomtaart niet lekker vindt. Laat me fantaseren. Ik vindt een blokje kaas wat een nacht in de juiste wijn heeft gelegen lekkerder. Het diepere. Ieder mens moet eten anders blijft hij niet inleven.

Het dieper. Geestelijk leven. Het diepste. Het verlangen naar vrede. Vrede in onszelf en vrede in de mensen in onze directe omgeving de wijk, het dorp. Ieder mens heeft dit diepste verlangen. Ook Hitler. Maar voor zijn vrede voorstelling moesten de Joden uitgemoord worden. De Duitsers moesten het meester volk worden. Banen in de politiek en leidende banen in de fabrieken wereldwijd moesten door Duitsers uitgevoerd worden. Dan zou er vrede zijn. Totale waanzin.

Met welk idee willen wij ons diepste bereiken? De toestand van vrede? Als we genoeg bezit hebben dan hebben we vrede. Het punt; is er is nooit genoeg bezit. Het punt van vrede is onbereikbaar. Deze voorstelling is toch net zo waanzinnig als de waanzin van Hitler.

Op welke manier kunnen we de toestand van vrede in ons en vrede in de mensen in onze omgeving bereiken? Dit lezen we in Genesis de eerste drie hoofdstukken. Het staat er geschreven, we moeten het wel lezen. Bovenstaand is gefantaseerd op basis van; Wat is dat nu eigenlijk oecumene? Door Benjamin Heyl. Het commentaar van Nescio.

Het masker valt.

De diepte. Is Jezus god? Een god maakt zich kenbaar zonder woorden en wereldwijd. Over heel de wereld groeit gras zonder woorden. Als we een wetgeving hadden voor ons leven door god zouden we zijn als de dieren met instinkt gedrag. Wij mensen hebben fantasie.

Jezus is een kennis van goed en slecht. In hoofdstuk 2 Genesis lezen we hierover. Wij zijn geschapen als groepsleden. Onze baas de leiding dient het groepsleven te zijn. Het groepsleven is doodgemaakt.

We leven als persoon, maar we zijn geen persoon. Dat is als een paard van de boer. Dat paard kan niet leven zonder boer als baas. Wij mensen fantaseren wat verhalen in elkaar die we tot baas over ons maken.

Als het masker valt. Genesis gebruikt andere woorden. We zijn omhult met een mantel. Als de mantel valt staan we naakt. En dan staat het er omgekeerd; we zijn naakt en worden omhuld met een mantel.

We krijgen ons masker op. Het leven wordt een toneelspel met de verhalen van goed en slecht als leiding.

Nu heb ik toch zijn in een stuk slagroomtaart. Dat is gefantaseerd. Ik heb zin in een stuk kruimelvlaaj niet de droge Hollandse namaak maar op de Aelmans manier 5 centimeter hoog.

Woorden. Verhalen. Fantasie. Onze fantasie is niet in staat een God te scheppen. We kunnen god leren kennen door het leven van onze groep tot baas te maken. Zoals een gezin. De baas zou moeten zijn het gezinsleven, het groepsleven.

 

Jehova geeft de kern duidelijk aan. Of de boom van het leven of de boom van de kennis van goed en slecht.

(Onderstaande hoort in de inleiding)

Genesis is geschreven toen de mensheid al een tijd bestond. Er was een gesproken taal ontwikkeld, er was een geschreven taal ontwikkeld. De ontwikkeling van aarde en leven. Uitgezonderd ons geestelijk leven.

(Onderstaande hoort in hoofdstuk 1 hier. ( dinsdag 1:11 )). Aanvullend.

Celdeling, celvermeerdering en cel vernieuwing.

Een schaafwond. Dode en beschadigde cellen worden verwijderd. Er komen nieuwe cellen. Maar hoe werkt het? Naast een cel moet een nieuwe cel komen. Materie. Naast deze cel komt de volgende cel. Het programma van het leven dat in de begin cel zit moet doorgegeven worden aan de volgende. De vernieuwede huid krijgt dezelfde eigenschappen als de huid die vervangen wordt. De zelfde gevoeligheid voor druk. Dezelfde gevoeligheid voor warmte. En deze gevoeligheid wordt in onze hersens waargenomen. Cel vernieuwing vindt constant in ons hele lichaam plaats ons heel leven.

Dat roept de vraag op kunnen hersencellen zich vernieuwen?

Celvermeerdering. Het zaad van een perenboom bezit het heel program voor het leven van de perenboom. Het zaadje gaat materie aan elkaar binden. cellen maken. Er worden verschillende cellen gemaakt. Materie die de wortels gaan vormen. Materie die de stam gaat vormen. Materie die de takken vormt. Materie die de bladeren vormt. Er ontstaat een voedselstoom. Het puntje van de wortel kan niet groeien met water maar wel met voedsel sap. Het voedsel sap wordt gevormd in het blad. Materie die de vrucht vormt met het zaad erin. Er kan een nieuwe boom groeien.

Een boom heeft voorwaarden nodig om te groeien. Water. Zonwarmte en zonlicht. In de grond moeten de stoffen zitten die de boom nodig heeft. In de lucht moeten de stoffen zitten die de boom nodig heeft. Heel het program voor het leven van de perenboom bezit het zaadje.

Het water met opgelost voedingsstoffen daar kan de boom niet van groeien. Er moet voedselsap van gemaakt worden. Dit gebeurt in het blad. We hebben het de naam fotosynthese gegeven. Maar hoe het werkt weten we niet.

(Onderstaande hoort in hoofdstuk1 Hier (1:27)). Aanvullend.

Dieren de mens als man en vrouw.

Cel vermeerdering. Een nieuwe mens. Het begin bestaat uit twee delen. Een vrouwelijk deel en een mannelijk deel. Dat vormt een samen. De cellen worden meer. Er ontstaat meer materie met leven erin. Er gaat zich een lichaam vormen. Een lichaam bestaat voor tachtig procent uit water. Met balkjes, de botten wordt een geraamte gemaakt. Het geraamte wordt vol plastic warmwater kruiken gehangen. Iedere waterzak heeft zijn functie. Waterzak spier. Waterzak maag. Waterzak long. Dan zijn er nog langgerekte waterzakken, de leidingen. Het bloed. De zenuwen. De waterzakken warden met elkaar verbonden. Dat alles wordt geregeld vanuit het beetje materie van het begin. Een cel bevat het program voor de aangrenzende cel die gaat ontstaan. Het is toch niet te begrijpen dat het hele program in dat kleine beetje materie zit.

Het voedsel van de foetus. Dat komt via het moederlichaam. Een het beetje materie van het begin is het vastgesteld of het een jongenslichaam of een meisjeslichaam wordt. Elke cel die het kenmerk jongen draagt is vergif voor een vrouwenlichaam het wordt aangevallen en vernietigd. De natuur heeft hete geregeld dat het moederlichaam het jongen zijn in de cellen van de foetus niet herken. De voeding van de foetus. Het moederbloed kan niet met de foetus in contact komen. Er moet een soort tussendinges zijn. De moederkoek. Het bloed van de moeder en de foetus komt niet in contact. De voedingsstoffen in het moederbloed worden overgebracht naar het bloed van de foetus.

 

De bloedsomloop. Een zeer verwarrende benaming. Er is geen omloop. Het bloed stroomt niet naar de uiteinde van de tenen en dan terug. Er zouden dan twee bloedleidingen in het been moeten zitten. Het bloed stroomt niet naar de topjes van de vinger en dan terug. Er zouden dan twee bloedleidingen, twee bloedaders in de pols moeten zitten. Het is een golfbeweging. Golven op het strand laten spul aanspoeling. Ze nemen spul mee de zee in. Het bloed heeft deze werking ook. Voedingsstoffen voor de cel vernieuwing worden aangevoerd. De afvalstoffen van de oude cel worden afgevoerd, een soort vuil ophaaldienst.

Een nieuw leven. Jongen of meisje. Dat wordt in het begin vastgesteld maar begint pas te werken na een paar maanden. De organen die de geslachtdelen gaan vormen zijn in het begin gelijk. Als de foetus een handvol is gaan ze verschillend ontwikkelen tot jongen of tot meisje.

Een hagedis kan om te misleiden zijn staart loslaten. De spieren in de staart werken nog even door, de staart slingert. De roofdieren worden misleid. Het wonder er gaat een nieuwe staart groeien. Dat betekend op de breuklijn geeft een cel het programma van eigenschappen door aan de nieuwe cel. Dat is een proces waar we totaal niets van begrijpen.

Het groeien van de teen en vingernagels. De cel in de nagelriem regelt de materie van de nieuwe nagelcel. De nagelcel is dood, hij heeft geen programma om nieuwe cellen toe te voegen. De onderkant van de nagel zit vast, toch beweegt hij langzaam. Als het uiteinde niet afslijt dan moeten ze geknipt worden.

(Onderstaande hoort in hoofdstuk ?) ?))

Het hele program zit in het kleine beetje materie van het begin. Het is vele malen groter dan het wereldwijd internet. Het werkt zonder draden. Er is een kracht die we niet begrijpen, die los staat van materie. Dieren die in groepen leven hebben een organisatie. Hoe wordt een zwerm vissen of vogels gecommandeerd om van richting te veranderen?

Wij mensen hebben ook zo een program om het samenleven te regelen. Jehova in de Bijbel geeft er een beschrijving van. De oerwoudtovenaar en zijn opvolgers fantaseren zich tot baas over deze krachten. Ze fantaseren een goede en een kwade kracht. Samen worden ze tot een moordmonster. De oerwoudtovenaar en zijn opvolgers fantaseren zich het recht tot moord. Ze moeten meer offergaven hebben. Amerika fantaseert er op los met goede en slechte mensen. Dat geeft Amerika het recht tot moord en meer offergaven. Als er geen slechte mensen zijn moet Amerika het zo fantaseren dat er slechte mensen komen anders kunnen ze niet meer offergaven bij elkaar halen.

 

De strijd tussen de landleiders en de moeders. Een moeder wil het kind leren dat alle mensen, mensen zijn. Een landleider leert de kinderen dat de inwoners van zijn land de echte mensen zijn. De andere mensen zijn afval die minderwaardig zijn. Wie bepaald de lesstof op de basisschool? Wie bepaald de waarheid in de massa media?

Een andere benadering.

Wij mensen kunnen ons tot leider van een groep dieren maken.

Dieren die in groepen leven hebben van de natuurwet een programma van samenleving gekregen.

Wij mensen hebben ook zo een programma gekregen. Voor onze fantasie.

Jehova. Een toestand. Een systeem om samen te leven.

 De oer engel Jehova heeft onze fantasie geschapen.

En daarbij een programma hoe we met fantasie het samenleven kunnen organiseren. Met één toestand, een stem in het hoofd. Een onderdeel van de fantasie is de mens die het talent heeft verhalen te fantaseren. Verhalen met wezens van goed en slecht dan worden ze spannend. Die gefantaseerde verhalen moeten fantasie blijven. Er zullen verhalen komen die de stam zo leuk vindt dat die steeds herhaalt worden aan de kinderen. Er ontstaat een verhalenslang in de traditie.

Eva. En de verhalen.

De stemmen van de Boze gefantaseerde wezens en de stemmen van goede gefantaseerde wezens uit de verhalen in de traditie vragen aan de vrouw. Heeft Jehova echt gezegd dat je ons niet tot waarheid mag maken? De vrouw bekijkt het goed en slecht. Als ze de stemmen van goed en slecht tot waarheid maakt zal ze jehova als programma van het samenleven vervangen. Alle bezit zal van haar zijn, bezit om elke dag carnaval te vieren en ze zal vereerd worden. De vrouw maakt de gefantaseerde stem van goed en de gefantaseerde stem slecht tot waarheid. Ze eet van de boom van de kennis van goed en kwaad.

(Onderstaande hoort thuis in hoofdstuk algemee

Schepping van de aarde.

Het geheel opschrijven alsof je vragen van een kleuter, het kleine kind beantwoord. Waar komt de lucht vandaan? Waar komt dat kleine boompje vandaan? De natuurwetten de naam natuurwetten geven. De onderwerpen op hun plaats laten, niets toevoegen maar wat er staat duidelijk vertellen.

Waar materie vandaan komt daar kunnen we geen zinnig woord over zeggen.

De natuurwetten.

1 Chemie, Dode materie verandert van samenstelling. Er wordt zonnewarmte opgenomen en er wordt warmte afgegeven.

2 Plantenleven. Gras, bomen. Een plant gebruikt zonnewarmte om materie aan elkaar te binden. Sterft een plant komt de energie weer vrij. Een plant, plant zich voort. Hij vormt zaad. In het zaadje zit het hele program om uit te groeien tot een plant. Naar soort heeft het zaadje zijn program.

3 Het dieren leven. Een dier voedt zich met planten. Roofdieren doen dat via. De dieren die ze jagen hebben zich gevoed met planten.

 

 

----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Genesis 1 aan de hand van de Bijbel vertelt.

Gen.1:1 Was het begin van de tijd een bolletje of een driehoek? Het begin van de tijd is niet vast te stellen. Er is geen grens. We kunnen er geen zinnig woord over zeggen.

Gen.1:2 Het begin van materie. Daar kunnen we geen zinnig woord over zeggen. Het begin van de natuurwetten. Daar kunnen we geen zinnig woord over zeggen. Er is een grote klomp materie. Een ontploffing. De oerknal. Brokstukken materie vliegen tot in de uithoeken van het universum. Een van die brokstukken is de aarde. De aarde is zo heet dat de steen vloeibaar is. De aarde is vormloos en omgeven met water. Het oppervlak is woest. Er zijn brokstukken in het universum die zo heet zijn dat ze licht uitstralen. De natuurwetten zijn in werking. ( Tussen opmerking. De tijd is 13,6 miljard voor Jezus. )

Gen.1:3 Er was licht en er was schaduw.

Gen.1:4 De werking van de natuurwetten zorgde ervoor dat de aarde afwisselend in het licht en in het donker kwam. Er waren nog geen vaste tijden. Het was chaos.

Gen.1:5 Als het licht is op aarde, noemen we dat dag. Als het donker is op aarde, noemen we dat nacht.

Het wordt zoals we het nu zien. De werking van de natuurwetten hebben het zo laten ontstaan.

Dit was tijdvak 1. Maandag.

Het begin van dinsdag. Tijdvak2

Aanvullend. Genesis telt de dag: het licht worden, de morgen. De nacht. Bij het licht worden is de volgende dag.

Wij tellen de dag: Het midden van de nacht. Het licht. Als het weer het midden van de nacht wordt is de volgende dag

 

Schepping: De dampkring.

Gen.1:6 Verder plande de natuurwetten de dampkring. De damkring heeft twee oppervlakten. De scheiding tussen het land en de dampkring. De scheiding tussen het universum en de dampkring. Dit klopt niet om de damkring ligt nog een laag gas, de ozonlaag. Er is verwarringen over het namen geven wat heeft welke naam?

Gen.1:7 De werking van de natuurwetten gaan het zo maken. Het water dat op de aarde is. Het water dat boven de aarde is. Opmerking: Wij mensen, de landdieren en de vogels leven in de dampkring. Dat kan hier niet geplaats worden want het is nog niet geschapen.

Gen.1:8 De werkelijkheid geeft er namen aan. Het blijft een naamsverwarring

Het wordt zoals het bij de eerste mensen is want de werking van de natuurwet heeft het zo laten ontstaan.

Dit was tijdvak 2 dinsdag

Begin van woensdag. Tijdvak 3

Schepping: Waterhuishouding: Plantenleven.

Gen.1:9 De natuurwetten plande. Dat het water op aarde in een plaats verzameld wordt. (Tussen opmerking de aarde is 3,6 miljard voor Jezus.)

Gen.1:10 De werking van de natuurwetten maakt het zo. Diepe kuilen in de aarde waarin het water samenstroomt. Er wordt droge aarde zichtbaar. De vloeibare steen is zover afgekoeld dat het een vaste vorm heeft. En zo vormde de natuurwet het. De natuurwet met de natuurwetten zoals we die nu kennen. Een natuurwet die onveranderlijk is. Een natuurwet die geen uitzonderringen maakt.

Het wordt zoals het bij de eerste mensen is want de werking van de natuurwet heeft het zo laten ontstaan.

 

 

 

Schepping: plantenleven.

Gen.1:11 De natuurwet plande. Dat er gras op de aarde groeit. Zaaddragende planten groei. Vruchtbomen die vrucht dagen naar soort waarvan het zaad erin is.

Gen.1:12 De werking van de natuurwet gaat het zo maken. Plantengroei die zaad draagt naar soort. Bomen die vruchten dragen naar soort waarvan het zaad erin is naar soort. Plantengroei op het vaste land en in geringe waterdiepten. Het wordt nog niet zoals we het nu kennen. Als dag en nacht vaste tijden krijgen zal dat invloed hebben op de plantengroei.

Aanvullend. Wat is leven? Daar kunnen we geen zinnig woord over zeggen. De zaden van een perenboom hebben na een paar jaar geen kiemkracht meer. Er zit geen leven meer in. Wat is uit het zaad verdwenen? De materie is hetzelfde.

Gen.1:13!

1:13. Dit was tijdvak3. Woensdag.

Begin donderdag. Tijdvak 4

Schepping: Dag en nacht vaste tijden.

Gen.1:14 Verder plande de natuurwetten van de materie samen met natuurwetten van het leven. Twee Hemellichten in de buurt van de aarde. Ze maken de scheiding tussen dag en nacht. Het zijn tekenen voor het vaststellen van de dagen, maanden en jaren. En ook voor het vaststellen van de tijdperken. Voor het vaststellen van de tijdperken dienen de hemellichten gebruikt te worden.(dus niet de dagen zoals die hier staan.) De tijd voor Jezus kan ook met tijdperken vastgesteld worden, maar niet met het tijdperk eeuw.

Gen.1:15 De Natuurwet van de natuurwetten gaat het zo maken.

Gen.1:16 De werkelijkheid van onze groepsfantasie maakt kalenders. Een volledige kalender met de tijdperken in andere vorm tot de oerknal.

Gen.1:17 De natuurwetten van de materie maakt het zo.

Gen.1:18 de natuurwetten van het leven geeft de namen. Zon en Maan.

Gen.1:19 Het wordt zoals het bij de eerste mensen is want de werking van de natuurwet heeft het zo laten ontstaan.

 

1:19. Dit was tijdperk 4. Donderdag

Begin vrijdag. Tijdvak 5

Schepping: Vissen en vogels.

Gen.1:20 De natuurwetten van de materie en de natuurwetten van het leven plande.

Gen.1:21 En de natuurwet ging het zo maken. De grote zeedieren, de dieren in zee die een ademhaling hebben, de vissen en alle levend dieren die in het water gingen wemelen naar soort. De vogels en alle vliegende schepselen in de lucht, in de dampkring.

Gen.1:22 Daarop keurde de natuurwetten van de materie het werk van de natuurwetten het leven goed. En het werd gelijk we het nu kennen.

Gen.1:23 Het wordt zoals we het bij de eerste mensen kennen want zo hebben de natuurwetten het laten ontstaan.

 

 

1:23. Dit was vrijdag. Tijdperk 5

Begin zaterdag. Tijdperk 6

Schepping: Landdieren en mens.

Gen.1:24 De natuurwetten van de materie plande samen met de natuurwetten van het leven Landdieren op de aarde.

0 Dieren die geen gevoel hebben en dieren die gevoel hebben.

1 Dieren die alleen een aangeboren gedrag hebben.

2 Dieren die een tijdje bij de ouder dieren blijven. Een aangeboren gedrag hebben en het gedrag dat ze leren door de ouder dieren na te doen. Dit gedrag is geen kennis. Het blijft generatie na generatie hetzelfde.

1a Dieren die alleen leven.

2a Dieren die in een groep leven. Deze dieren hebben een groepsgedrag. Een paard in het wild heeft een groepsgedrag. Heeft een boer een paard wordt het paard een persoonlijkheid. Dieren die in groepen leven hebben een vorm van organisatie waarvan wij de krachten niet begrijpen. Bijvoorbeeld: op welke manier commandeert een zwerm vissen zich om van richting te veranderen. Daar kunnen we geen zinnig woord over zeggen. Wie organiseert dat bij de organisatie van een bijenvolk dat alles gaat zoals het moet gaan? Dit punt dient niet overheen gelezen te worden.

Gen.1:25 De natuurwetten van de materie gaat het zo maken. De natuurwetten van het leven keurt het goed.

Gen.1: 26 Verder plande de natuurwet van de materie samen met natuurwetten van het leven Laten we de mens maken. ( Aanvullend. Wij mensen zijn dieren die een tijdje bij de ouders blijven en een groepsgedrag hebben. Opmerking: Dit kan hier niet vermeld worden. Het moet nog geschapen worden. Wij krijgen daar bovenop van Jehova de fantasie een persoonlijke fantasie en een groepsfantasie.)

Gen.1:27 De natuurwetten maakte de mens naar het beeld van de schepper. De mens wordt maar een keer geschapen. Als man en vrouw worden we gemaakt. Maar we krijgen nog geen stem in het hoofd.

Gen.1:28 Wij mensen krijgen de aarde in beheer. Zeggenschap over planten en dieren. We kunnen de waterhuishouding beïnvloeden.

Gen.1:29 Er zijn planten en stuiken waarvan we de vruchten en zaden kunnen eten. Er zijn planten die we gedeeltelijk kunnen eten. De bladeren eten, sla spinazie. Wortels eten, rede bietjes peen.

Gen.1:30 Er zijn planten die door dieren eetbaar zijn, Maar voor ons mensen vergif of half vergif. We worden er ziek van maar na een tijdje weer beter. Die vergif planten noemen we medicijn of drugs.

Gen.1:31 Daarna zag de natuurwetten alles wat hij gemaakt had. En het is zeer goed.

1:31. Dit was zaterdag. Tijdperk 6.

Het wordt zoals het bij de eerste mensen is want de werking van de natuurwet heeft het zo laten ontstaan.

 

Einde hoofdstuk Genesis 1.

 

Met een Bijbel erbij zal het duidelijk worden. Die en dit als een leesbaar geheel opschrijven.

 

De boven beschreven natuurwetten zijn onveranderlijk want de werking van de natuurwetten heeft deze natuurwetten laten ontstaan.

De aarde het plantenleven, het dierenleven en ons leven als het dierenleven is klaar. Dus is ons leven nog niet klaar. We hebben nog geen fantasie, nog geen geestelijk leven.

In het volgende hoofdstuk Jehova wordt een samenleving voor ons mensen beschreven in eenheid met de natuurwetten.

 

Hoofdstuk 2 is in de maak.

 

 

 

 

 

 

 

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.