Het bib bevrijdingsfront Hoofdstuk 1

Door FromAntwerpWithLove gepubliceerd op Friday 19 June 11:38

Het was het gekletter van een dozijn glazen dat me wekte. Zoals bij ieder feest hadden mama en papa de avond voordien al de vuile borden en glazen op het aanrecht gestapeld en waren ze nu druk in de weer om het hele arsenaal aan afwas in de machine te laden. Mijn ogen plakten van de slaap, mijn tong voelde droog aan in mijn mond en ik snakte als één of andere roodgevederde papegaai naar speeksel in mijn mond. Gadver, die verschrikkelijke verwarming zorgt er altijd voor dat ik met een gore bek en barstende hoofdpijn wakker wordt. Kreunend besloot ik me nog even om te draaien maar hoe fel ik mijn ogen ook toekneep tegen het binnenkruipende licht, weer inslapen lukte niet zo goed. Het late ochtendlicht kwam al opdringerig door de lichte gordijnen piepen en in de verte ging mijn vaders mobiele telefoon af. Duizenden keren had ik hem gevraagd om dat verdomde toontje te veranderen naar iets minder irritants, maar iedere keer wist hij me te zeggen dat dit nu eenmaal het geluid was dat hij het beste hoorde; En met hem heel de straat als je het aan mij vraagt. Eens buiten de warme dekens was het maar frisjes ondanks dat de radiator de hele nacht de lucht in mijn kamer heeft zitten roosteren. In de zeven haasten schoot ik mijn rozerode pantoffels en mijn oude Micky Mouse kamerjas aan. Ik snakte naar de ontbijttafel die nu beneden zonder twijfel zou klaarstaan, naar het verschrikkelijke, heerlijke natte en hydraterende appelsiensap dat mijn tong uit zijn gemummificeerde staat zou halen. Zeker na al dat dronken Mia drama van gisterenavond kon ik wel een hartig ontbijtje gebruiken. "Mist?" hoorde ik mijn vader beneden in de keuken naar mij vragen. Ik bleef even op de trede staan terwijl hij met zijn ene hand de deur opendeed en met de andere mij zijn mobiel aanbood alsof het één of ander heilig object was. Ik keek even op mijn horloge en greep naar de mobiele telefoon. Een opdringerig telefoontje op nieuwjaarsdag om tien uur 's ochtends zou maar van één iemand kunnen zijn... "Het is Arjanne, ze wil morgen met je naar Hasselt." ik rolde met mijn ogen maar knikte uiteindelijk zoals ik hoe dan ook altijd zou doen wanneer zij me eender wat zou vragen. Arjanne is mijn beste vriendin en het grote Hasselt excuus was een manier voor haar om met iemand die nooit tegen haar in zou gaan weer één van haar verschrikkelijk foute vriendjes te ontmoeten. Ik zette uiteindelijk de telefoon aan mijn oor en begroette haar "Hallo?" Arjanne schreeuwde mijn naam aan de andere kant van de telefoon zodat ik het mobieltje even van mijn nu halfdove oor moest houden. Wat kan dat mens toch een keel openzetten. "Wanneer wil je afspreken?" viel ik maar met de deur in huis. Als er één ding is dat je moet weten is het wel dat ik een énorm ochtendhumeur heb. Wanneer mensen overdreven opgewekt zijn of van die verschrikkelijk moeilijke vragen stellen waar ze dan nog een keer antwoorden op willen hebben die bestaan uit meer dan twee lettergrepen verschijnen er al donkerwolken boven mijn blonde hoofd. "Ook een goede morgen." gniffelde ze. Ik knorde maar wat en wachtte haar antwoord af. "Kwart voor één zodat we er tegen een uur of twee zijn. Komt dat uit voor je?" en zonder mijn antwoord af te wachten zei ze doei en gooide ze de telefoon toe. " Ja Arjanne, Nee Arjanne, Misschien Arjanne." mompelde ik humeurig in mezelf terwijl ik naar de keukentafel strompelde. Onderweg gaf ik mijn moeder nog een kusje en begroette ik onze grote lieve Golden Retriever Matisse, genoemd naar de Franse kunstenaar. Vader was al vroeg naar de bakker geweest en de tafel stond vol met ongelofelijk lekker ogende broodjes en koffiekoeken. Ik greep naar een koek met chocolade en pudding en dronk alvast een beetje van mijn fruitsap dat mooi voor mij in een klein glaasje was uitgeschonken. "Hey!" schreeuwde mama vanuit de keuken. Ze pakte nog wat ham uit en plaatste het in een glazen bakje naast de kaas. "Op iedereen wachten!" ik legde mijn koffiekoek zuchtend neer en wachtte braafjes af. Mijn telefoon stak nog in de oplader op het bijzettafeltje. Ik had hem daar gisteren om iets na twaalf ingestoken maar was al helemaal vergeten dat hij er lag dankzij mijn tante's dronken genachtbraak. Letterlijk en figuurlijk. Mijn duimen bewogen over het beduimelde scherm en ik tikte de pincode in. Het duurde niet lang of mijn telefoon werd gek van al de binnenkomende, trillende berichtjes. "Gelukkig nieuwjaar." "Maak er een goed jaar van." "Als ik je drie dingen mag wensen zijn het blablabla." ik scrollde verveeld door de talloze sms'jes en facebook berichtjes van mensen waar je de rest van de 365 dagen geen woord tegen zei terwijl mijn moeder met het beleg kwam aanzetten. "Wie heeft je nu op dit uur al berichtjes gezonden?" Ik haalde mijn schouders op en legde mijn telefoon langs mijn bord terwijl ik plaats nam. "Een vriendje?" knipoogde ze. Maar ze zag de donderwolk al hangen en vroeg niets meer. Ochtendhumeur kan ook zo zijn voordelen hebben. Ik wou net weer een hapje nemen van mijn verschrikkelijk lekker koffiekoek toen mijn vaders telefoon afging. Hij heeft nu al enkele maanden een smartphone en ergens wenste ik dat hij gewoon bij die oude blauwe baksteen was gebleven. Hij doet er eeuwen over om op te nemen en hij gebruikt geen programmaatje dat ik voor hem op het hightech ding had geïnstalleerd buiten het fototoestel dat af en toe dienst deed. En zelfs met de camera kan hij niet echt werken. Dat wordt niets vrees ik, die oude generatie in mijn familie en smartphones. Vorige week nog was Peter erin geslaagd zijn spiksplinternieuwe Iphone in de WC te laten verdrinken toen hij zijn broek optrok na een snel bezoekje op het werk. Ik schudde mijn hoofd terwijl hij naar het scherm tuurde en zijn vinger over de mobiel schoof om het gesprek te beantwoorden. "Hallo?" vroeg hij verbaasd. Hij keek even naar mij en mijn moeder. "Ja." ik hoorde een bezorgde stem aan de andere kant van de lijn. De stem was zwaar en het Noord Limburgse accent klonk hard door. Dat kon enkel maar oom Peter zijn. Mijn vader schoot na vijf minuten aanhoudende monoloog aan de andere kant van de lijn rood aanlopend in de lach. Ik keek hem vragend aan en mama gebaarde dat hij de telefoon moest neerleggen omdat we aan het eten waren. Wat natuurlijk niet geheel waar was gezien we het eten nog met geen vinger hadden aangeraakt. Ik wel natuurlijk, maar die valse start telde niet echt. Dat was buitenspel. "Meen je dat nu? En wat zei hij?" vroeg vader uiteindelijk tussen twee lachbuien door. Hij lachte zo hard dat zijn buik schudde en hij hard op de tafel klopte. De man kwam niet bij van het gieren. Ik trok mijn wenkbrauwen op naar moeder en ze porde mijn knorrende vader om wat verduidelijking. Hij gebaarde dat ze even moest wachten en hmmde op wat de stem aan de andere kant van zijn 'smartphone' te zeggen had. Ik besloot alvast van de afleiding gebruik te maken en de inmiddels bepotelde koffiekoek in mijn bord naar binnen te werken. Uiteindelijk nam hij afscheid en legde hij de telefoon naast zich neer. Hij wreef de tranen uit zijn ogen en draaide zich rood aangelopen naar ons toe. "Weet je wat er gisteren gebeurd is?" vroeg hij. Papa nam een broodje en legde het op zijn bord. Ik schudde van nee en moeder spoorde hem aan om het te vertellen terwijl ze naar de hesp greep. "Peter en Mia werden gisteren tegengehouden bij een alcoholcontrole." ik liet kauwend het broodje dat ik daarnet uit de broodkorf gevist had op mijn bord vallen. "En?" vroeg ik uitgelaten en nieuwsgierig. Moeder keek me boos aan. "Je mond leegeten voor je spreekt. Wat is er gebeurd?" keerde ze zich van mij naar papa. Hij begon weer te lachen. "Toen de agent vroeg voor papieren is ze heel haar handtas beginnen uitladen en heeft ze die man alles gegeven dat enigszins op papier leek. Kasbonnen, rekeningen, kauwgompapiertjes, de hele reutemeteut" Ik keek hem vol ongeloof aan. "Daarna vroeg ze aan de man of hij ook nog een pen nodig had. En die agent kon daar dus totaal niet mee lachen. Hij vroeg aan Mia om uit te stappen en toen heeft ze blijkbaar iets gezegd waardoor ze nu een boete moeten betalen wegens smaad aan de arm der wet. Mia is toen effectief uitgestapt en heeft die man daar de les gespeld over het recht op vrije meningsuiting en probeerde ze weer één of andere dronken feministische discussie aan te gaan met die arme man. Peter wist ocharm niet waar kruipen van schaamte" hij beet van zijn broodje en ging verder. "En toen hij haar in de combi..." " Mond leeg eten voor je praat papa." maande ik hem aan maar mama keek me boos aan omdat ik hem onderbrak. Ik haalde mijn schouders op en nam een nieuw broodje. Papa slikte en ging verder. "En toen hij haar in de combi wou duwen heeft ze zijn schoenen ondergekotst." ik kwam net als papa niet meer bij van het lachen. "Ik dacht dat ze haar hele maaginhoud al hier had achtergelaten... Maar ze zijn toch goed thuisgeraakt?" knorde ik lachend. Papa knikte. "Uiteindelijk wel, maar Peter is niet blij met die boete." "En wat zei Louis?" "Goh ja, die jongen heeft al schreeuwend zijn moeder staan verdedigen tegen die smeris, je weet wel hoe hij is en kan zijn." Ik schudde mijn hoofd en propte wat hesp in mijn mond. "Arme peter."

De bibliotheek lag er nagenoeg verlaten bij. De koffie verbrandde mijn handen door de dunne kartonnen bekertjes maar ik keek ernaar uit om weer samen met Silas wat cafeïne op te doen. De schuifdeuren schoven zoemend en traag open terwijl mijn wangen roodgloeiend door de plotse warmte tegen mijn sjaal aan brandden. De kleine oude bibliotheek rook naar muffe boeken en de verschrikkelijk zoete geur van goedkope luchtverfrissers die de benepen schimmelgeur uit de muren moet tegengaan. Met rasse schreden stapte ik naar de balie van de oude bibliotheek en begroette ik mijn vriend. "EINDELIJK!" riep hij gelukzalig uit, zijn handen in de lucht gooiend. Hij nam één van de kopjes uit mijn hand en rook er genietend aan. Zijn kleine brilletje bedampte helemaal maar hij leek er niet om te geven. "Ik ben die verschrikkelijke, slappe, fairtrade huismerk koffie hier meer den grondig beu." hij nam een grote slok en waggelde van achter zijn bureautje vandaan om mij met koffie in de hand, een dikke knuffel te geven. Ik had hem een week of twee niet meer gezien door de testen op school maar zoals gedacht was hij geen haar veranderd. Hij droeg zoals altijd dezelfde blauwe en oude jeansbroek met kapotgetreden pijpen en dit keer een blauw geruit hemdje met verschillende grote bruine vetvlekken. "Jij bent er ook niet magerder op geworden." knipoogde ik naar zijn bolle buik. Hij haalde zijn schouders op en mompelde iets over de feestdagen. Het was enorm warm binnen en de weeïge zoete geur deed me naar adem snakken. Het verschrikkelijke, beklemmende gevoel van dit typische jaren tachtig gebouw was ik bijna helemaal vergeten. Silas gebaarde naar mijn jas en sjaal en met veel plezier gaf ik ze aan hem. "En wat heb jij allemaal uitgespookt de laatste weken?" tikte ik hem in zijn dikke buik. "Hier gezeten en die rotkoffie gedronken, mijn roleplay boeken allemaal nog een keertje uitgelezen en als ik nog langer zonder jouw bezoekjes moest gaan dan had ik sowieso het breien opgevat." "Breien?" Ik giechelde en stelde me Silas voor met een bol wol in zijn dikke handen. "Weet je wel hoeveel een paar handschoenen en zo'n muts kosten? Een mens zou voor minder de naalden oppakken!" hij plofte neer in zijn oude bureaustoel. De wieltjes kraakten onder zijn gewicht en ik streek neer op de stoel tegenover hem en trok mijn benen in kleermakerszit onder mij. "En voor de rest?" vroeg ik door. Hij haalde zijn schouders op en wou een pak liever weten hoe het met mij ging. "Mijn punten waren goed." "Ik had niet anders verwacht. Wat was je laagste punt?" "Lichaamelijke opvoeding." trok ik een vies gezicht. "Oh dat ken ik" Silas rolde met zijn ogen en dronk van zijn koffie. "En voor de rest? Met je verhaal en blog?" "Goh, ik he niet echt nog wat geschreven. Ik weet niet goed hoe ik verder moet. Ik weet niet hoe Sarah en James op elkaar verliefd moeten worden, en mijn blog..." "Goede god, ik zou ook nooit verliefd kunnen worden op een meisje met zo'n verschrikkelijk saaie naam!" gaapte hij achterover leunend. "En wat is er nu aan de hand met je blog?" "Ik weet niet." gaf ik eerlijk toe. "Ik begin het saai te vinden. Er moet wat nieuw komen. Iets tof. Iets wat een beetje meer 'schwung' in mijn leven brengt... en nee zeg nu niet een vriendje want dat leef je vanaf nu nog een maand op huismerk koffie!" ik frutselde wat met de loshangende naad van mijn kleedje. "Ik heb zitten denken aan een soort... Sociaal experiment." Silas zette nu zijn voeten op zijn rommelige bureau en kruiste zijn armen. "Ik luister." "Wat als ik nu gewoon naar enkele willekeurige e-mail adressen een e-mail stuur en dan zie of ik iets terug krijg?" Silas dacht even na en schudde het hoofd. "Te modern. Wie heeft er nu voeling met zo'n verschrikkelijk medium als e-mail. Wat is er nu mis met een handgeschreven briefje? Dat heeft zoveel meer pit!" ik knikte. Hij had gelijk. Een e-mail waren gewoon bits en bites, eentjes en nulletjes, en daar is niets speciaals of persoonlijks aan. "En wat als ik nu brieven stuur naar willekeurige mensen uit de telefoonboek?" "En betalen voor zegels?" ik zuchtte en leunde achterover. "En wat als je nu..." stak hij na een tijdje zijn vinger in de lucht. "Briefjes steekt tussen boeken?" "Hoe bedoel je?" "Wat als je nu tussen de 20 beste boeken van de bib een handgeschreven briefje steekt. 20 boeken van een verschillend genre, maar boeken die je allemaal interessant vindt... Dat kost je niets, je bent met boeken bezig en wanneer je ook briefjes steekt tussen de boeken die je nu uitleest dan kan je projectje blijven lopen!" ik keek even naar de vochtplekken op het plafond en liet mijn ogen dwalen over de rozen die het water maakte in het pleisterwerk. "Maar hoe kunnen mensen me dan antwoorden? Want ik voel me niet echt geroepen om mijn adres tussen wildvreemde boeken te stoppen" "E-mail?" Ik wreef mijn ogen uit "Maar dat is dan weer zo bitty en bitey." "Bwa ja, maar op zich is het op die manier een noodzakelijk kwaad ter bevordering van de communicatie en ter bevordering van het slagen van jouw sociaal experiment." "och schijd uit, straks ga je nog één of ander comité oprichten ter bevordering van het aankopen van goede koffie.." "Dat is nog een idee!" stak silas zijn vinger in de lucht. "Maar nee, denk er gewoon eens over na. Via e-mail of brief zou ik het initieel niet doen." "Ik weet het" overpeinsde ik het. Ik krulde mijn lip naar buiten " En daarbij, briefjes tussen boeken zijn mysterieus en romantisch en avontuurlijk" verzuchtte ik me uiteindelijk. Silas lachte en we dronken in stilte onze koffie verder op.

"Dus wat wordt het vandaag jongedame." ik lachte even en haalde mijn schouders op. "Zijn er nieuwe boeken?" hij knikte en wees me naar een kleine kar met vol vers leesvoer dat klaarstond om in de rekken gezet te worden. " Ik weet wel niet of er wat gaat bijzitten voor je." hij dronk nog eens van zijn dubbele espresso. "Maar Ik heb ze er nog niet ingestoken omdat ik het voorgevoel had dat je vandaag wel eens een bezoekje zou brengen." hij likte de koffie van zijn lippen en liet me even rustig terwijl ik vol verwachting naar het kleine karretje liep. Hij had gelijk. Op het eerste zicht zat er niet al te veel goeds bij. Er waren veel kinderboeken besteld , zo bleek, en ook enkele van die goed verkopende kookboeken die iedere uit blik kookende huismoeder onaangeraakt in het rek heeft staan. "10 manieren om je leven te ordenen?" ik hield het boek met opgetrokken lip en tussen twee vingertoppen omhoog. Een magere, blonde vrouw lachte me op de voorkant aan. In haar perfect gemanicuurde handen hield ze een oude plumeau en een toiletontstopper. Alsof dat mens ooit in haar leven al eens een toilet heeft ontstopt, laat staan dat ze eigenhandig het stof afdoet. Silas gniffelde en vertelde me over één of andere pas gescheiden blondine uit de villawijk even buiten de stad die al een maand aan het zagen was om het boek. Silas was een verschrikkelijke science fiction en fantasy fan. En hoewel ik ook wel eens gezellig een avondje Star Treck durf te kijken op de bank, ben ik niet zo'n fan van Dune of de boeken van Feist. Zeker niet wanneer het allemaal een beetje té ongeloofwaardig wordt. Geef me dan maar een lekkere G R R Martin, je weet wel, met veel bloed en intrige en ten hoogste een draak... Of drie. Na een tijdje te twijfelen tussen twee uiterst interessante boeken besloot ik toch te gaan voor Cassandra Clare's nieuwste die ik vorige keer opzij liet leggen. Ik keek nog even naar Silas die met de voeten omhoog in Gaiman aan het bladeren was en zocht mijn gewoonlijke plekje op, boven tussen de kussens en zitzakken. Ik verschrok me een ongeluk toen ik een rosse kop haar tussen de kussens met Afrikaanse print zag zitten. Ik keek wat verloren naar de jongen met zijn duizend sproeten en maakte mezelf een gezellig plekje klaar aan de andere kant van de zithoek. Hij las Poe. Ik hield ook wel van Poe, maar dan 's nachts in de herfst onder de dekens. Wanneer het huis kraakt en de wind met lange vingers langs de muren strijkt en de rolluiken onheilspellend doet klapperen. Hij keek me over zijn boek aan en ik dook haastig weg achter het mijne. Zijn donkergroene ogen concentreerde zich weer op de letters. Ik durfde weer adem halen en begon aan de eerste pagina. Welgeteld een halve pagina later schraapte hij zijn keel. Ik ben misschien een verschrikkelijke autist als het hier op aankomt maar als ik lees moet er absolute stilte heersen. Ik moet de stemmen in mijn hoofd horen, alsof ze lij het verhaal voorlezen, zodat ik prettig en warm kan wegdromen naar de fictieve wereld. Ik probeerde verder te lezen maar toen meneer Rossekop een zak chips bovenhaalde keek ik hem strak aan. "Je mag hier niet eten." hij haalde zijn schouders op en nam nog wat chips uit de zak. Het gekraak van de zak en zijn verschrikkelijke geknabbel werkten me op mijn zenuwen. Ik keek nog even naar mijn boek maar toen kon ik het amper nog aan. Wist hij dan niet dat chips vetvlekken maakt in boeken? En iedereen weet dat vetvlekken tien keer erger zijn dan koffie vlekken. Koffievlekken geven een boek namelijk een rustiek, gebruikt karakter. Want koffie en boeken lezen gaat namelijk samen als... Als... Romeo en Julliet ! Of Hazel Grace en Augustus Waters. Maar chips is meer iets voor films, voor mensen die nooit wat kostbaars als boeken in hun handen krijgen. "Je maakt vetvlekken." trek ik uiteindelijk na vijf minuten peinzen uit mijn mond. Ik had er al direct spijt dat ik mijn grote mond had opengetrokken. De jongen keek me met opgetrokken wenkbrauwen aan boven zijn boek uit en stak nog een stukje chips in zijn mond. "So?" vroeg hij zonder enige schaamte in zijn stem terwijl hij ostentatief een nieuw stukje chips in zijn mond stak. Het kon hem duidelijk niet schelen en dat maakte hem kwaad. Boeken zijn heilig voor mij. Het is een belachelijk interessant gegeven hoe enkele gebundelde bladeren, die in een vorig leven stoffen of bomen waren geweest, zulke grote gedachten konden behouden. Hoe ze gebonden in hun kaft geen betekenis hebben, tot je ze openslaat. Hoe een hele boek kan bestaan uit duizenden verschillende vlekjes inkt en pas een boodschap kan bevatten wanneer iemand het openslaat en de vlekjes inkt kan vertalen naar een gedachte. En die verschrikkelijke rosse kleuter zit er met zijn vettige varkenspoten door te bladeren. Ik wierp hem een moordende blik en klapte mijn boek toe. Het maakte dramatisch minder geluid dan ik had gewenst maar ik nam genoegen met het feit dat hij even opkeek. Onhandig als ik ben, viel ik bijna over mijn tas uit pure colere maar ik wist gelukkig mijn evenwicht te bewaren. Met een snelle beweging griste ik de zak chips langs hem vandaan. Oh, wat moest ik er wel niet uitzien, met rode kaken en ziedende, groene ogen. Met een verschrikkelijk geluid gooide ik de zak op de grond en begon ik er met mijn rechtervoet op te stampen. Het gekraak galmde door de rijen boeken en de jongen keek me geschokt aan. Hij trok net zijn mond open toen ik me omdraaide en mijn haar over mijn schouder gooide. Of dat wou ik toch dat het dat deed. Je weet wel, zoals in de films, wanneer de coolste griet van de hele bende haar haar over haar schouder gooit net nadat ze één of andere rake punchline heeft verkondigd en haar slachtoffer sprakeloos achterlaat. Spijtig genoeg zat er niet zo enorm veel leven in mijn super sluike haar, en bijlange ook niet zoveel glans, waardoor er plukken haar achter mijn achterlijke bril bleven hangen. Briesend arriveerde ik onderaan de trap. Mijn hakken klakten kwaad op de jaren tachtig stenen vloer. Silas liet zijn boek even zakken en keek me aan als een koe die net milver had gegeten. "Problems in paradise?" Hij grijsde even. Ik schudde het hoofd en zette me mezelf nog steeds stomend kwaad neer op de stoel voor zijn rommelige bureautje. "Chips!" roep ik razend uit. Silas opende zijn lade en haalde er een klein zakje zoute chips uit. "Het ligt hier al een tijdje maar als je wil..." ik weerde het ding af met mijn hand en keek hem vurig aan. "Weet je wat die gozer boven zit te doen?!" vroeg ik hem alsof mijn leven ervanaf hing. Silas haalde zijn schouders op. "Lezen?" ik knikte. "Ja precies ja! " "en ?" "MET CHIPS!" Silas keek me gespeeld geschokt aan met grote ogen. "dat meen je niet." Mijn woede bedaarde en ik kalmeerde. " Maar hij bladerde in mijn favoriete uitgave van Poe en ..." hij wreef eens met zijn grote harige handen over mijn hoofd en keek me liefkozend aan. "Op zich is het inderdaad niet zo geweldig goed voor de boeken dat je met vieze chipsvingers aan de pagina's zit." begon hij. Hij stond op uit zijn kleine, oude, vuile bureaustoel en stak zijn hemd in zijn broek. "Ik zal er eens mee gaan praten." hij klopte eens op zijn buik en begaf zich naar boven. Naar de jongen met de vieze vuile chipshanden die dat mooie boek helemaal aan het martelen was. Ik bleef beteuterd op mijn stoel zitten en had al bijna spijt van wat ik net had gedaan. Ja inderdaad. Ik heb misschien wat overdreven. Maar boeken zijn mijn beste vrienden. Het zijn wonderlijke dingen die je met respect moet behandelen. Zelfs de meest vuile boek uit de grabbelbak van de tweedehandszaak, want ooit heeft er iemand die pagina's met liefde behandeld. Boeken worden namelijk enkel vuil door intensief gebruik – wat natuurlijk niet wil zeggen dat je er moedwillig een pot Nutella overheen moet smeren. Ik leunde achteruit en liet mijn hoofd in mijn nek liggen. Ik concentreerde me op de vochtplekken op het plafond en krabde me achter mijn oor. In de verte hoorde ik Silas' gelag en iemand klapte in zijn handen. Voor ik het wist kwam hij met de roodharige knaap de trap afgewandeld. Mijn wangen begonnen te branden en ik probeerde snel te doen alsof ik in mijn boek aan het bladeren was maar Silas kennende zou ik maar al te snel door de mand vallen. "Mist , meneer wil graag zijn excuses aanbieden omdat hij met zijn vettige vingers in dat mooie boek zat te bladeren." Silas had alles weer in het belachelijke getrokken. Typisch. Een glunderende aardappelvreter stond tegenover mij en stak zijn hand uit. Graag was ik op dat moment een body builder geweest, zodat ik zijn hand kon vermorzelen in mijn handdruk. Maar ik schudde stil zijn hand, draaide me om en dook weer tussen de pagina's door in mijn letterbad.

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Mooi, ik sla deze op bij mijn favorieten.
Knappe schrijfstijl, enkele tikfoutjes, maar wat gaat dit worden?