De tijd van steden en staten

Door Paultje gepubliceerd op Sunday 31 May 19:06

Dit is een zeer uitgebreide samenvatting van de tijd van jagers en boeren. Het bevat alle jaartallen, gebeurtenissen, personen en verbanden.

Inhoudsopgave

  1. Inleiding
  2. De opkomst van handel en ambachten legt de basis voor het herleven van een agrarisch-urbane samenleving
  3. De opkomst van de stedelijke burgerij en de toenemende zelfstandigheid van de steden
  4. Het conflict in de christelijk wereld over de vraag of de wereldlijke dan wel de geestelijke macht het primaat behoort te hebben
  5. De expansie van de christelijke wereld naar buiten toe, onder andere in de vorm van kruistochten
  6. Het begin van staatsvorming en centralisatie

 

1. Inleiding

De tijd van steden en staten speelde zich af van 1000 tot 1500 na Chr. Dit tijdperk is het tweede gedeelte van de Middeleeuwen. In deze tijd kwam de handel en ambacht in opkomst. En zoals de titel al zegt zijn er in deze periode vele steden gevormd. Ook waren er in deze periode veel kruistochten om het christendom de wereld in te brengen.

 

2. De opkomst van handel en ambachten legt de basis voor het herleven van een agrarisch-urbane samenleving

Gebeurtenissen

  • 5e eeuw: de handel in West-Europa was bijna verdwenen.
  • 11e en 12e eeuw: kooplieden wisten een groot deel van de hindernissen voor de handel te overwinnen.
  • 13e en 14e eeuw: de Hanze werd op het gebied van handel oppermachtig in Noord-Europa. 

 

Ontwikkelingen

De handel kwam weer in bloei door steun aan de kooplieden van gilden en van de landsheer of hoge edelen. Het eerst herleefde de Europese handel in Italië, omdat dit gunstig lag. Er ontstonden gilden en de Hanze. De invloed van kooplieden op steden werd zo groot dat zij het bestuur van de steden in handel kregen. Tegelijk met de handel herleefden oude steden en ontstonden er nieuwe, omdat de werkgelegenheid er toenam. In de steden werden de ambachtslieden de grootste bevolkingsgroep, omat de stedelingen niet alles zelf konden vervaardigen. Er ontstond weer een agrarisch-urbane samenleving. 

 

Personen

Er zijn geen personen belangrijk geweest bij de ontwikkeling van dit kenmerkend aspect. Vooral de hele bevolking heeft meegewerkt aan het urbaniseren van de samenleving.

 

Verbanden

Zoals de handel bij het kenmerkend aspect 12 werd vervangen door een zelfvoorzienende agrarische cultuur, zo wordt bij dit kenmerkend aspect het net andersom gedaan. De handel herleeft weer en er ontstaat weer een agrarisch-urbane samenleving, net als in de tijd waarin de Grieken en Romeinen leefden. 

 

3. De opkomst van de stedelijke burgerij en de toenemende zelfstandigheid van de steden

Gebeurtenissen

  • 1312: de hertog van Brabant overleed, maar zijn oudste zoon was nog minderjarig. De Brabantse steden lukte het de erf-opvolgingskwesties uit te buiten. 
  • 13e eeuw: veel Dominicanen kregen een aandeel in speciale gerechtshoven die door de pausen waren ingesteld, de rechtbanken van inquisitie. 
  • 14e eeuw: de welvaart groeide niet meer en een groot aantal arbeiders raakte werkloos.
  • 16e eeuw: het begrip ‘boer’ kreeg in de stad tal van negatieve betekenissen.
  • 17e eeuw: pas dan voelde de stedeling zich weer aangetrokken tot het landleven.

 

Ontwikkelingen

Veel steden kregen stadsrechten van hoge edelen, zoals koningen, graven en hertogen. Deze waren bereid de stadsrechten te geven, want zo konden ze erkenning als landsheer eisen en het betalen van belastingen. Er was geen onderlinge concurrentie tussen gilden door de gildebrief. Er ontstonden wel verschillen tussen de stads- en plattelandscultuur. Het platteland kwam achter te lopen, de stad werd groter en rijker en verwierf meer kennis. De arbeiders profiteerden echter niet van het toenemen van de welvaart in de steden. Er braken opstanden uit, maar veel succes had dit niet. De kerk had veel te zeggen en er ontstonden ketterijen en rechtbanken van inquisitie.

 

Personen

Er zijn niet echt personen belangrijk geweest bij de opkomst van de stedelijke burgerij en de ontwikkeling van de toenemende zelfstandigheid in de steden. Vooral de hele bevolking heeft meegewerkt hieraan, niet specifiek een bepaald persoon.

 

Verbanden

Bij het ontstaan van het Romeinse Rijk ontstonden er een stedelijke burgerij en steden werden steeds zelfstandiger. Dat is bij dit kenmerkend aspect weer het geval. Steden worden groter en belangrijker en de handel neemt toe. Het enige verschil dat het op een iets andere manier werd gedaan. In de middeleeuwen waren er namelijk gilden en er was Hanze. Dat was er nog niet in de Romeinse of Griekse tijd. 

 

4. Het conflict in de christelijk wereld over de vraag of de wereldlijke dan wel de geestelijke macht het primaat behoort te hebben

Gebeurtenissen

  • 800: door de kroning van Karel de Grote verstrengelen godsdienst en politiek met elkaar.
  • 11e eeuw: Benedictijner monniken van het klooster Cluny begonnen zich te verzetten tegen de macht van de vorsten over de kerk. 
  • 1059: Hildebrand pleitte ervoor dat de paus voortaan gekozen diende te worden door de geestelijkheid van Rome. 
  • 1073: het conflict ontbrande over de investituur van bisschoppen, abten en andere geestelijken; de investituurstrijd. 
  • 1077: Hendrik IV kreeg vergeving van Gregorius VII en de ban werd opgeheven.

 

Ontwikkelingen

In het Romeinse Rijk en in de vroege middeleeuwen was de kerk altijd het belangrijkst. Na de kroning van Karel de Grote kreeg de staat echter steeds meer invloed en macht. Aan het eind van de middeleeuwen was er een conflict over wie het primaat behoorde te hebben. Gregorius VII verbood het benoemen van kerkelijke functionarissen door vorsten. Hendrik IV was het hier niet mee eens en werd toen door de paus, Gregorius dus, in de ban gedaan. Hendrik IV vroeg later vergeving aan de paus en kreeg die uiteindelijk. Maar nog steeds bleven vorsten invloed uitoefenen op de samenleving en op den duur moest de paus erkennen dat hij niet genoeg macht bezat om vorsten te kunnen afzetten of hen een andere politiek te laten volgen. Door de Franse Revolutie werden de kerk en de staat echt gescheiden. 

Personen

  • Theodosius: keizer die het christendom tot staatsgodsdienst maakte
  • Hildebrand: monnik uit Cluny die raadgever werd van de paus, en later zelf paus was geworden (Gregorius VII)
  • Hendrik IV: koning en later keizer van het Duitse Rijk. Hij zorgde ervoor dat zijn bisschoppen Gregorius VII niet meer als paus erkenden.
  • Hendrik V: de opvolger van Hendrik IV, en erkende het gezag van de kerk bij de benoeming van bisschoppen en abten

 

Verbanden

In het Romeinse Rijk hadden altijd de geestelijken de hoogste macht gehad, maar nu, bij dit kenmerkend aspect, wordt daar kritiek op geleverd en ontstaan er conflicten. De samenleving wordt langzaamaan verandert van een samenleving die bestuurt wordt door geestelijken naar een samenleving die wordt bestuurd door keizers of koningen, door politieke leiders dus. De godsdienst wordt minder belangrijk in de samenleving en krijgt minder macht, dat was het eerst in de geschiedenis.

 

5. De expansie van de christelijke wereld naar buiten toe, onder andere in de vorm van kruistochten

Gebeurtenissen

  • 1095: de paus riep alle mensen in Europa op mee te doen me de bevrijding van Palestina.
  • 3e eeuw: sinds deze tijd rokken christelijke pelgrims naar plaatsen in Palestina, het land waar het christendom was ontstaan, om plaatsen te bezoeken waar Christus had geleefd.
  • 7e eeuw: tot aan deze tijd maakte Palestina deel uit van het Byzantijnse rijk. Daarna werd het veroverd door de islamitische Arabieren. 
  • 11e eeuw: een groot deel van het Midden-Oosten werd veroverd door een ander islamitisch volk, de Turkse Seldsjoeken. 
  • 1096 – 1270: Verschillende legers trokken naar Palestina en er werden kruistochten gehouden.
  • 1096: De Eerste Kruistocht, die vanuit Constantinopel begon en succesvol was.
  • 1187: Saladin, sultan van Egypte, had Jeruzalem heroverd.
  • 1204: de kruistocht die volgde op de mislukte kruistocht na de eerste kruistocht. Deze kwam niet verder dan Constantinopel door een conflict met de Byzantijnen.
  • 1217 – 1270: De Vierde tot en met de Zevende Kruistocht werden ondernomen, zonder succes, met uitzondering van de Vijfde.

 

Ontwikkelingen

Christelijke pelgrims mochten de voor hen heilige plaatsen bezoeken en christenen en joden mochten in Palestina blijven wonen en hun godsdienst blijven uitoefenen na de verovering van Palestina door de islamitische Arabieren. In de 11e eeuw veranderde dit omdat een ander islamitisch volk, de Turkse Seldsjoeken, een groot deel van het Midden-Oosten hadden veroverd. Vanuit het christelijke Byzantijnse rijk werd de paus om militaire steun gevraagd om verloren gebieden weer te heroveren. Veel mensen uit alle lagen van de bevolking meldden zich aan om Palestina, het Heilige Land, te veroveren.

 

Personen

Er zijn geen personen heel belangrijk geweest tijdens deze ontwikkeling.

 

Verbanden

Bij dit kenmerkend aspect werd een land, Palestina, bevrijd door middel van kruistochten, die bestonden uit alle lagen van de bevolking. In de Griekse of Romeinse tijd is dit niet zo, wanneer er landen worden bevrijd of veroverd. Dan vechten alleen de soldaten, vaak uit een boerenbevolking, tegen de vijanden. 

 

6. Het begin van staatsvorming en centralisatie

Gebeurtenissen

  • 1066: Willem de Veroveraar veroverde Engeland en slaagde erin zelf de macht in handen te houden in heel Engeland.
  • 1453: de Engelsen werden uit Frankrijk verdreven.
  • 15e eeuw: aan het eind van deze eeuw beheersten de Franse koningen bijna het hele gebied van het tegenwoordige Frankrijk.
  • 1328: De dood van de Philips Augustus waarna de Honderdjarige Oorlog begon.
  • 1337 – 1453: de Honderdjarige Oorlog.
  • 1420: omstreeks deze tijd was het grootste deel van Noord-Frankrijk in Engels handen.
  • 1422: de Franse koning overleed, en lang niet iedereen erkende Karel, dus het ging niet goed met Frankrijk in de oorlog.
  • 1429: Jeanne d’Arc verscheen en met haar begonnen de successen.
  • 1431: Jeanne d’Arc werd gevangengenomen en terechtgesteld.

 

Ontwikkelingen

Al in verschillende landen ontstonden nationale gevoelens. Willem de Veroveraar zorgde ook voor centralisatie in Engeland. Willem en zijn opvolgers bezaten grote gebieden in Frankrijk, maar zij verdreven door Philips Augustus. Na de dood van Philips begonnen twee familieleden, een Engelse koning en een Franse graaf, een oorlog om hem op te volgen, de Honderdjarige Oorlog. Deze oorlog heeft de nationale gevoelens in beide landen erg versterkt en de bereidheid van de bevolking om het gezag van de koning als leider in de strijd te aanvaarden nam toe.

 

Personen

  • Willem de Veroveraar: Normandische hertog die Engeland veroverde en de eerste koning in Europa die wist uit hoeveel steden en dorpen zijn rijk bestond
  • Philips Augustus: Franse koning die zijn machtsgebied sterk wist uit te breiden, vooral ten koste van de Engelse koningen (1180 – 1223)
  • Jeanne d’Arc: zorgde voor veel succes in de Honderdjarige Oorlog

 

Verbanden

In voorgaande tijdvakken werd het christendom gebruikt om eenheid onder de bevolking te krijgen, maar nu speelden oorlogen en volksvertegenwoordiging een belangrijke rol hierin.

 

Vond je dit een goed artikel? Neem dan eens een kijkje bij de andere tijdvakken:

Reacties (3) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
[[Deleted]]
[[Deleted]]
tegen Paultje
1
[[Deleted]]