België vol met Liefde

Door Yneke gepubliceerd op Tuesday 26 May 23:39
 
876448ce2ddf6a8138ecc346c0194e14_medium.
 
Chris & Rik
 
De vriendschap die ik voel
bij deze lieve mensen
is het begrip wat ik bedoel
zij vervullen wensen
respect, liefde en gevoel
dat is genieten van `t leven
de kunst daarvan verstaan
is hun gegeven
 
ef184fbc1fdd2158686f78f9ae397da2_medium.
Mijn dank 
&
met respect een dikke zoen!
 
Zoals velen van jullie weten ben ik het pinksterweekend bij deze lieve mensen op bezoek geweest samen met Jan. Jan is http://plazilla.com/page/4295164289/.  Chris & Rik hebben mijn hart veroverd en samen hebben wij genoten van het prachtige België. Brugge, Gent en Tielt is bezocht door ons vieren, Rik reed ons naar de prachtigste plaatsen toe. op vele momenten werden wij enorm verwend met lekkernijen , heerlijke drank en eten. We lachten en deelden onze gevoelens en ook de wijsheden die hun over weten te brengen heb ik in mijn hart meegenomen. Hieronder een indruk van de heerlijke dagen die ik heb mogen beleven bij hen.
0f7619a1839521e23c03c6b95a833271_medium.
8d5b8f21852d9edfb48679955b908025_medium.
f5334ec6da415575043828d1a2014499_medium.
cd6b7e99ff4693a79c3f33b504d05efe_medium.
Van wat voorbij is, hoor je de slag in het water
en van de spatten
blijft alleen de spot die het leven drijft
Het water is weer rustig.
Het vergeet zo vlug zijn rimpels. 

 

8deaeaf516e8bc341ad9000660e02361_medium.

553c37d9be5810d4fdf36472c5c9ef4b_medium.

6840449823c7664f032ee6a1f7ce48f0_medium.

39be552cb4e340c2ec142716f364f81c_medium.

cfdff15b763b6181c7f028a2602039ab_medium.

8df120ab2647ae6bca0523ea911f639b_medium.

4b29d86cbc90f2a228591467a9641783_medium.

Begijnhof Brugge (bron: Wikimedia commons)

Deze hofjes hebben vandaag de dag vaak een semi-openbaar karakter. Overdag zijn het openbaar toegankelijke oases van rust in het dichtbebouwde weefsel van onze historische binnensteden. ’s Avonds zijn de hofjes vaak afgesloten en alleen toegankelijk voor de bewoners.

Bronnen:

Günter Mader & Laila Neubert Mader. Baüme,  gestaltungsmittel in Garten, Landschaft undt Städtebau, Komet Verlag GmbH, 2004 (1996.

Jan van Merriënboer, Vorm, inhoud en betekenis van openbaar groen in de naoorlogse stedenbouw, 2011.

Taverne, E., & Visser, I. (1993) Stedebouw : De geschiedenis van de stad in de Nederlanden van 1500 tot heden. Uitgeverij SUN, Nijmegen.

3a5867eb2b1d5e1c977f5b257953ad13_medium.

Begijnhof en Minnewater, twee schoonheden om stil te worden.

http://plazilla.com/page/4295038651/brugge-het-venetie-van-het-noorden

 

eb9a06889e58a35c0310a1940e9d06a6_medium.

d188577e1aaeaaa0e586c43826270223_medium.

012cf0ae3b0008e43cf8ec0120bcbc58_medium.

0b39a9ec2e35cb658c2a6950ed669c8c_medium.

aea9706298c965e78964e660944dffa2_medium.

ea9f1f7bab585b1f3b488a39edceb6d7_medium.

ff28fe27199a6cae1b3789f7fa91bdf0_medium.

Guido Pieter Theodorus Josephus Gezelle (Brugge, 1mei 1830 - 27 november 1899) was een Belgische rooms-katoliek priester lyrischdichter en hekeldichter, taalwetenschapper en vertaler. Hij is bekend om zijn fijnzinnige gedichten over de natuur, zijn beeldend taalgebruik en als virtuoos taalkunstenaar. O 't ruischen van het ranke riet en Het schrijverke uit de dichtbundel Vlaamsche dichtoefeningen (1858) zijn slechts twee van zijn bekendste werken.

Guido Gezelle

O! ’t ruisen van het ranke riet

    παραροδανον δοναχηα 
    Hom. Il. XVIII, 576

O! ’t ruisen van het ranke riet!
o wist ik toch uw droevig lied!
wanneer de wind voorbij u voert
en buigend uwe halmen roert,
gij buigt, ootmoedig nijgend, neer,
staat op en buigt ootmoedig weer,
en zingt al buigen ’t droevig lied,
dat ik beminne, o ranke riet!

O! ’t ruisen van het ranke riet!
hoe dikwijls, dikwijls zat ik niet
nabij den stillen waterboord,
alleen en van geen mens gestoord,
en lonkte ’t rimplend water na,
en sloeg uw zwakke stafjes ga,
en luisterde op het lieve lied,
dat gij mij zongt, o ruisend riet!

O! ’t ruisen van het ranke riet!
hoe menig mens aanschouwt u niet
en hoort uw’ zingend’ harmonij,
doch luistert niet en gaat voorbij!
voorbij alwaar hem ’t herte jaagt,
voorbij waar klinkend goud hem plaagt;
maar uw geluid verstaat hij niet,
o mijn beminde ruisend riet!

Nochtans, o ruisend ranke riet,
uw stem is zo verachtelijk niet!
God schiep den stroom, God schiep uw stam,
God zeide: ‘Waait! . . .’ en ’t windje kwam,
en ’t windje woei, en wabberde om
uw stam, die op en neder klom!
God luisterde . . . en uw droevig lied
behaagde God, o ruisend riet!

O neen toch, ranke ruisend riet,
mijn ziel misacht uw tale niet;
mijn ziel, die van den zelven God
’t gevoel ontving, op zijn gebod,
’t gevoel dat uw geruis verstaat,
wanneer gij op en neder gaat:
o neen, o neen toch, ranke riet,
mijn ziel misacht uw tale niet!

O! ’t ruisen van het ranke riet!
weergalleme in mijn droevig lied,
en klagend kome ’t voor uw voet,
Gij, die ons beiden leven doet!
o Gij, die zelf de kranke taal
bemint van enen rieten staal,
verwerp toch ook mijn klachte niet:
ik! arme, kranke, klagend riet!

Uit: Dichtoefeningen (1858)

 

Het gedicht

O krinklende winklende waterding,
Met 't zwarte kabotseken aan,
Wat zien ik toch geren uw kopke flink
Al schrijven op 't waterke gaan!
Gij leeft en gij roert en gij loopt zoo snel,
Al zie 'k u noch arrem noch been;
Gij wendt en gij weet uwen weg zoo wel,
Al zie 'k u geen ooge, geen één.
Wat waart, of wat zijt, of wat zult gij zijn?
Verklaar het en zeg het mij, toe!
Wat zijt gij toch, blinkende knopke fijn,
Dat nimmer van schrijven zijt moe?
Gij loopt over 't spegelend water klaar,
En 't water niet méér en verroert
Dan of het een gladdige windtje waar,
Dat stille over 't waterke voert.
O schrijverkes, schrijverkes zegt mij dan, -
Met twintigen zijt gij en meer,
En is er geen een die 't mij zeggen kan: -
Wat schrijft en wat schrijft gij zoo zeer?
Gij schrijft, en 't en staat in het water niet,
Gij schrijft, en 't is uit en 't is weg;
Geen Christen en weet er wat dat bediedt:
Och, schrijverke, zeg het mij, zeg!
Zijn 't visselkes daar ge van schrijven moet?
Zijn 't kruidekes daar ge van schrijft?
Zijn 't keikes of bladtjes of blomkes zoet,
Of 't water, waarop dat ge drijft?
Zijn 't vogelkes, kwietlende klachtgepiep,
Of is 'et het blauwe gewelf,
Dat onder en boven u blinkt, zoo diep,
Of is het u, schrijverken, zelf?
En 't krinklende winklende waterding,
Met 't zwarte kapoteken aan,
Het stelde en het rechtte zijne oorkes flink,
En 't bleef daar een stondeke staan:
‘Wij schrijven.’ zoo sprak het, ‘al krinklen af
Het gene onze Meester, weleer,
Ons makend en leerend, te schrijven gaf,
Eén lesse, niet min nochte meer;
Wij schrijven, en kunt gij die lesse toch
Niet lezen, en zijt gij zoo bot?
Wij schrijven, herschrijven en schrijven nog,
Den heiligen Name van God!’

Guido Gezelle, 1857

 

 

27c47cb545f239e6c2d5962878cdca51_medium.

-Yneke-

(eigen foto`s)

Reacties (22) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Dat was duidelijk genieten en heel gezellig! Fijn dat we even hebben mogen meegenieten!
Fijn dat jullie zo genoten hebben.
Leuk om te lezen dat het zo fijn was. En nog een mooi verslag ook....
Dank je Pieter, ook voor jouw bijdrage aan energie;-)
Het was SUPER P1eter!!!
Zucht..........wat mooi allemaal.......
;-) best wel, dank Jack
Ik ben er van overtuigd dat een bezoek aan die twee altijd een succes wordt. Fijn dat jullie het zo leuk hadden,
dank je Anerea die overtuiging deel ik helemaal met je!
tegen Yneke
1
Nee dame jij weet dat al zeker.☺
;-)) je hebt gelijk
Hier heb je een mooi artikel van gemaakt!
Die Rik en Chris kunnen toch ook niet van mekaar afblijven hé... een beetje staan kussen! ;)
Yneke tegen ----
2
Hahaha precies, dat moest ik natuurlijk even vastleggen, dank Ktje voor je mooie reactie
het was de aanwezigheid van Yneke en jan die de aanleiding was :-)
Mooi!
Dank je Grisha