NACHTKATTEN

Door Zevenblad gepubliceerd op Friday 24 April 16:42

(Te laat voor de schrijfopdracht, derhalve buiten mededinging)

 f153d25ca07e62c6f5562422f3a62cf0_medium.

Ik had het kunnen weten, achteraf gezegd natuurlijk.
Maar het was een lang en pijnlijk proces om mijn aangeboren en aangeleerde denkpatronen zover los te laten dat ik kon zien wat vanaf het begin zo duidelijk voor de hand lag.  Als je maar open stond voor het haast onvatbare.

Ik zal bij het begin beginnen.

DE ZIEKTE

Het was in de late herfst, in november of begin december, dat ik voor het eerst een verandering in het gedrag van mijn katten opmerkte. Terwijl ze daarvoor altijd erg op hun privacy gesteld waren en zich zo min mogelijk met elkaar bezig hielden - vooral buiten zag je ze nooit samen optrekken - viel het mij ineens op dat ze 's avonds vlak achter elkaar in de tuin verdwenen en pas uren later samen thuiskwamen: uitgehongerd, afgepeigerd en onvriendelijk. Hun vacht, dat anders glad en glanzend was, begon ruw te worden en er verschenen kale plekken rond hun nek en schouders. Een andere opmerkelijke constatering was dat de buurtkatten, die ze anders met veel misbaar uit onze tuin verdreven, nu ineens getolereerd werden, net alsof ze een gemeenschappelijk hoger doel ontdekt hadden dat sterker was dan de territoriumdrift die hun leven tot dusver beheerst had.
Ik begreep er, kort gezegd, niets van.
Beide verschijnselen bij elkaar optellend kwam ik tot de conclusie dat de nieuwe vriendschappen misschien een vlooienepidemie veroorzaakt hadden, maar hoe zorgvuldig ik de mijne ook onderzocht: ik kon niets vinden wat op een vlooienbesmetting leek. Toch werden ze steeds magerder, ondanks de royale porties Sheba en Whiskas.
De dierenarts in het dorp onderzocht hun ontlasting tevergeefs naar wormeieren en merkte terloops op dat ook hun pootjes er gehavend uitzagen. Dat was mij nog niet opgevallen, maar hij had ontegenzeggelijk gelijk. Hij vertelde ook dat mijn katten niet de enige dieren waren die de laatste tijd tekenen van afmatting en gewichtsverlies vertoonden, maar een virus had hij tot dusver niet kunnen vinden.

HET 'KATTENVROUWTJE'

Het raadsel werd nog groter toen ik, zoals wel vaker, weer eens een over-het-tuinhek-praatje met de buurvrouw maakte. Het gesprek kwam als vanzelf op onze huisdieren en ook zij wist te vertellen dat er een geheimzinnige kattenziekte in het dorp heerste. De buren verderop hadden zelfs ineens weer muizen, nadat hun katten jarenlang hun huis muisvrij gehouden hadden.
Verderop in ons dorp woonde sinds kort een 'kattenvrouwtje', wist zij nog te melden. Die had 12 katten, allemaal aanlopertjes die zij goed verzorgde begreep ik. Ook die vertoonden dezelfde verschijnselen en ook zij wist er geen raad mee, zei de buurvouw.
Toch besloot ik het 'kattenvrouwtje' eens een bezoek te brengen. Als zij zoveel van katten afwist konden wij misschien samen een oplossing vinden.

Zij woonde een heel stuk verderop, in een klein boerderijtje midden in het land. Rondom het huisje zag ik katten in allerlei kleuren en maten, die net als de mijne nogal lethargisch aandeden.
Het was een forse dame van moeilijk in te schatten leeftijd.  Zij stond mij door het luikje in de voordeur te woord maar liet mij niet binnen. Ik had de indruk dat ik ongelegen kwam, en na het uitwisselen van enkele beleefdheden gaf ik het op en beloofde op een ander tijdstip terug te komen om over onze katten te praten. Ze sloot het luikje weer en ik hoorde haar door de gang naar achteren sloffen.
Vlakbij het huis bleef ik even staan en zag door een half geopende schuurdeur zoiets als een antiek rijtuig staan. Ik heb geen verstand van dit soort vervoermiddelen, maar nam mij voor om een volgende keer een opmerking daarover te maken. Misschien wilde zij daar wel over praten?

DE KERST

Toen de kerstdagen naderden en het steeds vroeger donker werd ging het met mijn katten steeds verder bergafwaarts. Het waren magere, pezige beestjes geworden en de vacht rond hun nek was bijna geheel verdwenen. Ik besloot hen 's avonds binnen te houden, maar dan was de wereld te klein: het geschreeuw en gejammer was niet van de lucht. Het was haast alsof ze door een magneet naar buiten getrokken werden, en om de lieve vrede enigszins te handhaven gaf ik met tegenzin toe. Ze vochten er om wie het eerst door het kattenluikje mocht en weg waren ze - om uren later uitgeblust weer thuis te komen.

Mijn grootmoeder had mij lang geleden eens verteld dat dieren in de kerstnacht kunnen praten. In mijn wanhoop besloot ik dan maar tot de kerst te wachten en een poging te doen om eindelijk tekst en uitleg te krijgen. Tegen beter weten in weliswaar, maar als je echt niet meer weet waar je het zoeken moet grijp je elke strohalm aan.

De kerstnacht kwam. Ik bleef op en wachtte met smart op de terugkeer van mijn twee lievelingen. Toen ze uiteindelijk in de kleine uurtjes thuiskwamen en hun bakjes leeggeschrokt hadden kon ik het niet laten.
'Waar zijn jullie toch in Hemel's naam geweest', vroeg ik aan de oudste, Minou.
Ze keek mij aan alsof ik niet goed wijs was.

'Wij zijn aan het werk geweest', antwoordde zij met een hees stemmetje. 'Filou en ik hebben verplichtingen daar buiten, en die kunnen wij niet zo maar opzeggen'.
'Wat voor verplichtingen zijn dat dan wel?'
'Hemelse verplichtingen', verklapte Filou, die anders altijd zijn oudere halfzus naar voren schoof als ik ze uitfoeterde.
'Hou je kop, Filou', siste Minou en haalde naar hem uit. Ik kreeg geen verdere uitleg. Ze verdwenen naar de slaapkamer en ploften in hun mandje neer, met de pootjes om elkaars nek.
De volgende ochtend sliepen zij nogal lang. Ik zat al aan mijn kerstontbijt toen zij gapend en zich uitrekkend te voorschijn kwamen. Praten deden ze niet meer met mij. De kans was voorbij, en ik was ook niet veel wijzer geworden. Ze snaaiden wél de ham van mijn bordje en vraten vervolgens de opnieuw met Sheba 'Kerstgans in roomsaus' gevulde bakjes  leeg.

Ergens tussen de kerst en oudejaarsavond stormde het behoorlijk. Weer waren mijn twee huisgenoten op pad, bezig hun omineuze plichten te vervullen. Ik stond buiten op de stoep naar de boomtoppen rond het huis te kijken die vervaarlijk heen en weer zwiepten. Donkere wolken raasden over de hemel, af en toe een beetje maanlicht doorlatend.

    35fd61b3eb9101f4df6a0eb25d4184ca_medium.


En toen ineens zag ik het. Beter gezegd: ik zag ze!
Een rijtuig - ja, dat oude ding dat ik in de schuur van het 'kattenvrouwtje' gezien had. Ze kwamen over de hoge bomen aanstormen en vlogen over het dak, met een snelheid die mij eerder aan een formule-1 racewagen dan aan een oude kar deed denken.
Ik geloofde mijn ogen niet. Een halve minuut later kwam het gevaarte weer terug, nog sneller dan de eerste keer. Ik hoorde schelle kreten in de lucht alsof iemand het span wilde opzwepen om nog harder te rennen.

Het span?
Toen de maan even weer zichtbaar was zag ik het beter: een achtspan nog wel, net als bij de Gouden Koets op Prinsjesdag. Het waren alleen geen paarden die de kar trokken maar katten, strak in de teugels: Minou en Filou hijgend voorop.

Op de bok zat dat mens dat mij niet binnen gelaten had: het kattenvrouwtje - met een gevleugelde helm op haar hoofd en een mantel van vogelveren om haar schouders die in de wind wapperde. Ze sloeg met een tak in haar rechter hand op de dieren in als een Romeinse krijger in een strijdwagenrace in het Circus Maximus. In haar linkerhand hield ze de door een klem bij elkaar gehouden leidsels. Je kon zien dat de riemen bij de schouders van de katten veel te strak zaten: geen wonder dat hun vacht daar afgeschuurd was. Arme dieren! Als ik ook had kunnen vliegen had ik haar onmiddelijk een mep verkocht.

a2e943c1d9f005c13fd32abc75ec73e9_medium.

Freija! Die oude heks had mijn katten in haar macht, en niet alleen de mijne. Maar daar wist ik wel iets op.

DE UITDRIJVING

De volgende dag, toen mijn katten weer amechtig in hun mand lagen uit te slapen, belde ik Mijnheer Pastoor op. Of hij tussen de kerstbesognes door nog een uurtje tijd had voor een duiveluitbanning.
Ik legde hem de situatie uit, en aangezien hij ook een - misbruikte - huiskat had toonde hij onmiddelijk begrip.
En zo geschiedde het dat ik met onze pastoor, voor deze speciale taak gekleed in een witte soutane - een wijwatervat met kwast in zijn ene en een bijbel in zijn andere hand - naar het boerderijtje toog, met in ons kielzog een aantal boze kattenbezitters. Er was niemand thuis, maar de oude kar stond nog wel in het schuurtje. Een paar uithalen met de wijwaterkwast en het prevelen van het oeroude bevel 'Apage Satanas' deden het gevaarte verschrompelen en in elkaar storten, zodat er slechts een hoopje stof overbleef. Hetzelfde gebeurde even later met het huisje en de overige gebouwen op het erf.

De twaalf katten waren verdwenen, net als hun bazin. Wij zagen haar nooit weer terug.
Als door een wonder herstelden onze dorpskatten voorspoedig en waren voor de rest van de winter met geen stok meer de deur uit te slaan. Hun vacht groeide aan en er kwam weer vlees op hun botten.
Onze dierenarts, die - net als ik overigens - niet in duistere machten wilde geloven bleef volhouden dat het onbekende virus kennelijk uitgewoed was en dat onze katten uit de gevarenzone waren. Het 'exorcisme' deed hij af als 'bakerpraatjes'.

Ik heb ook nooit een poging gedaan om hem wijzer te maken.

 

Reacties (10) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Dit was echt een fikse kanshebber geweest. Mooi verhaal.
Heerlijk om te lezen. Ik vind het alleen jammer dat je de titel in hoofdletters zet. Dat heeft een verhaal als dit niet nodig.
heel erg mooi deze.
Wat ben ik blij dat mijn monstertjes niet in jouw buurt wonen zeg. En ook dat mijn beste vriendin, die ook een 'kattenvrouwtje' is niet bezeten is door Freya. Je verhaal vind ik geweldig.
Een genot om te lezen.
Je bouwt een verhaal en de spanning heel fijn op, op een natuurlijke manier. Je ietwat ouderwetse taalgebruik (in mijn kringen heette dat vroeger "rete-correct") is tot in de puntjes verzorgd.
De clou, de ontknoping, is er een waarbij ik denk: 'Waarom zag ik hem nou niet aankomen?'

Dit is een voorbeeld van het soort verhaal waarvoor ik hier graag inlog. Ik zal mijn kattebeest in de winter wat beter in de smiezen houden...☻☻
Ik was te laat omdat Windows het vanmorgen ineens begaf en alle niet opgeslagen teksten in cyberspace verdwenen . Helaas waren er toen eerst andere prioriteiten. Volgende keer maar niet tot het laatste moment wachten en tussentijds opslaan. ;-)
Bedankt voor het commentaar.
Alsof de duvel (of Freya) ermee speelde..
Leuk,
Je hebt de smaak te pakken en zeker jammer dat deze niet meer mee kon dingen
Heel jammer dat je te laat bent met deze.
Had zonder meer hoge ogen kunnen gooien.