Alles is gezegd

Door Weltevree gepubliceerd op Thursday 26 March 17:19

“Zou je graag even naar huis willen, ma, om zelf je kleding uit te zoeken? Of gewoon een uurtje op je eigen bank een lekker kopje koffie drinken?” vraag ik als ze een paar uur geslapen heeft, maar ze schudt met een zure grimas haar hoofd. Deze confrontatie wil ze kennelijk niet aan, denk ik en heb medelijden met haar omdat ze zoveel te verwerken heeft. Ze wil wel nog een sigaret voordat ik vertrek om haar pakje op te halen, zegt ze.

Het is druk in het blauw doorgerookte kleine hok. Aan alle tafeltjes zit iemand alleen of met een stel te paffen en nadat ze de eerste sigaret zwijgend heeft opgerookt kijkt ma me ineens helder aan.
“Weet je Syl. Ik heb er eens over nagedacht.” Ze draait haar hoofd af en ik wacht, maar er komt niets. Als ze me na vijf minuten ineens met grote onschuldig ogen aankijkt zie ik in haar het meisje van zes dat ze ooit moet zijn geweest. Met een grote zijden strik in het volle zwarte haar en ik kan het niet helpen dat ik vertederd glimlach.

“Ja ma, vertel eens…wat had je zo bedacht?” Ik breng haar daarmee zo te zien inderdaad terug bij waar ze in haar hoofd mee bezig schijnt te zijn geweest.
“Nou kijk. Ineens vond ik het zelf eigenlijk toch heel vreemd.” Ze spreekt veel zachter dan normaal en last weer een lange pauze in. Tussen haar en mij lijkt de berookte stemming zich plotseling open te vouwen, als een sluier van gedachten die eerder altijd tussen ons in heeft gehangen. Het lijkt alsof we samen in een kom van heldere dimensie zitten. Buiten de dikke blauwe walm, die bijna niet te verdragen is en we raken totaal afgezonderd van de anderen.

df73315e7065cb15259bb6821fdba901_medium.

Een bel van pure zuiverheid, denk ik als vanzelf en met het gevoel dat er iets bijzonders gebeurt, wacht ik af, knik haar na een paar minuten bemoedigend toe.
“Zo gek Syl…als de vrienden van de vereniging me ergens mee helpen bedank ik ze altijd. Zoals Patries en Harry. Ze hebben altijd voor me klaar gestaan en ik bedankte hen achteraf ook altijd. Of die oude zeur van een Hans, zelfs die bedank ik nog, als hij iets voor me doet,” somt ze op en valt daarna stil. Ik knik. Zovaak heb ik me daarover verwonderd. Vroeger stak het ook wel eens, ma, dat vreemden bij jou kennelijk een streepje voor hadden. Dat je hen wel als mensen zag wiens zorgzaamheid je waardeert door hen te bedanken voor hun betrokkenheid. Ik kan me echter niet voorstellen dat hiermee alles is gezegd. Toch blijft ze in gedachten en die lichte glazen bel, die ons omvat, is er nog steeds.

“Dat is toch vreemd?” vraagt ze ineens rechtreeks en wriemelt aan het sigarettenpakje .
“Hoezo? Ik vind het normaal om vrienden te bedanken voor hun hulp, ma.”
“Ja, maar, dat doe ik bij jullie nooit,” doet ze ineens luidkeels bozig. Het kost me moeite haar niet tot rust te manen of gerust te stellen.
“Dat klopt ma. Dat doe je inderdaad nooit.”
Ze steekt een nieuwe peuk in de fik steekt, neemt een overdreven fikse hijs alsof ze ter plekke tracht de dood aan te roepen en kijkt dan weer van me weg. Ze blijft nogmaals zwijgen tot ik vraag of ze moe is, weer naar bed wil. Ze schudt haar hoofd en staart me verbaasd aan, maar ik snap niet waar ze naartoe wil en sta op omdat ik nog op en neer naar haar huis moet en Broer vanavond niet tegen het lijf wil lopen. Ze gebaart dat ik moet gaan zitten.

“Nee, serieus Syl. Als ik er nou echt goed over nadenk besef ik dat het wel heel vreemd is,” fluistert ze samenzwerend. Ik zucht. Ze was er nooit goed in man en paard te noemen als het van diep moest komen en het om zelfkennis ging.
“Ik heb jullie eigenlijk nooit ergens voor bedankt!” verheft ze haar stem en mijn keel knijpt verdacht. De warmte die me ineens doorstroomt doet me blozen. Begrijp ik het goed? Maakt ze nu excuses daarvoor?  Hoewel ik haar op de automatische piloot gerust wil stellen hou ik me in en kuch alleen. 

“Nee Syl…ik zie het nu. Ik heb jullie altijd alleen maar rond gecommandeerd.”
Mijn hart klopt in mijn keel en ik leg mijn hand even op de hare. Deze bekentenis mag ik niet gladstrijken, weet ik instinctief en knik rustig.
“Dat klopt, ma, je hebt ons nooit ergens voor bedankt en voortdurend gecommandeerd.”
Ze knikt sereen, lijkt op een bepaalde manier tevreden en kijkt om zich heen alsof ze nu pas beseft waar we zijn. Ineens is ze toch doodmoe, zegt ze. Wankel staat ze op en ik grijp haar nog net op tijd onder de arm omnaar haar kamer terug te hummelen, waar ik verwacht dat ze slapen zal tot ik met de kleren terug kom. Beiden zijn we vredig en voldaan.

“Zo, alles is gezegd,” vindt ze en stapt in bed, draagt me ondertussen op wat ze nu van mij verwacht. “Neem dat rode pakje ook maar mee, kan ik morgen nog kiezen. Breng je het straks nog even langs? Kan ik kijken of het allemaal schoon is en dan zullen we morgen dat varkentje bij die Rozenheuvel eens waardig gaan wassen."

Lot uit de loterij

Ma ziet er in haar groen-blauw geruite deux piece uit om door een ringetje te halen. Een aantrekkelijke oudere dame, compleet met rouge op de gerimpelde wangen en de groene baret op het haar. Na de chemokuur is het minstens zo mooi terug gekomen en aan de slapen is het nu helder grijs, bovenop bijna weer zwart. Dat ik haar ondersteun staat wel voornaam, vindt ze ondeugend. 

De taxi stopt keurig op tijd voor de ingang en als we samen achterin de witte Mercedes kruipen, laten we ons als hofdame en koningin zalig zuchtend onderuit zakken.
“Naar Zonneheuvel. Dat is de Hospice in Velp-Rozendaal, chauffeur. Weet u waar dat is?” vraagt ma opgewekt en als hij knikt, langzaam wegrijdt, knijpen we elkaar even in de hand. Ik sta er bewust bij stil vandaag een eenmalige, onomkeerbare, beleving mee te maken en zie hoe ma, schijnbaar onbezorgd, van het uitzicht geniet. Na zo lang in het warme ziekenhuis opgesloten te zijn geweest is het een fijne rit en de zon schijnt vrolijk als we langs het Openlucht Museum rijden. Na de beboste achterkant van Arnhem bereiken we al snel de open vlakte richting Rozendaal dat tegen Velp aan gebouwd is. De taxi knarst na tien zoevende zachte minuten al over het grind van de oprit en stopt voor de voorname ingang aan de zijkant van het grote gebouw.

Ma rekent af en we bellen aan. Een keurige jongedame opent de deur en begeleidt ons door een hoge gang met marmeren vloer naar een grote hal, bezaaid met veel dure bankstellen. Ma past er met haar mantelpak qua kleur perfect in en ik fluister tegen haar dat het gebouw helemaal om haar heen ontworpen lijkt. Ze lacht. 
“Neemt u maar even plaatst, mevrouw W, zegt u? Hoe gebruikt u de koffie? Ik zal even nakijken bij wie u wezen moet, momentje, ik ben zo weer terug.” De vlotte jonge vrouw trippelt zelfverzekerd de gang tegenover de entree in. Ma en ik kijken met stomheid geslagen om ons heen. Oude grandeur, smaakvol ingericht en zeer goed onderhouden. Het geheel straalt met de grote schilderijen van onbekende voorvaderen de  sfeer uit van een kuurhotel.

“Nou ma, als je hier dood mag gaan is dat op zijn zachts gezegd een vorstelijk einde in alle pracht en praal. Wat een luxe, vind je niet?”
“Ja, dat had ik van het Leger des Heils niet verwacht,” mompelt ze onder de indruk.
“Ieder krijgt toch uiteindelijk wat hem toekomt. Haha, ma, wie had gedacht dat jij je op het laatst nog zo zou mogen wentelen in zoveel luxe?” ginnegap ik, ze knikt wat aangeslagen.
“Weet je zeker dat we hier goed zitten?” fluistert ze wat benepen als de jongedame, op het kaartje staat Josefien, terug komt met een blaadje waarop twee fijne porseleinen kopjes prijken, een potje bruine candykorrels incluis zilveren grijpertje en op het Wedgwoodschaaltje liggen minstens zes heerlijke roomboter Jan Hagelkoekjes.

“Alstublieft. Momentje nog, ben zo bij u terug,” zegt Josefien met een brede glimlach en huppelt met lichte tred de majestueuze brede trap met rijk houtsnijwerk op.

Vervolg: Uitsmijter

 

 

Reacties (19) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Ik heb het vaker gemerkt met de generatie die de oorlog nog heeft meegemaakt. Echt excuses maken, met een uitleg over de eigen motieven en gevoelens, dat zit er bij velen gewoon niet in.

Het lijkt alsof je - net zoals bij veel mannen - gewoon tussen de regels door moet lezen. ☺☺

"Tussen haar en mij lijkt de berookte stemming zich plotseling open te vouwen, als een sluier van gedachten die eerder altijd tussen ons in heeft gehangen."
Werkelijk prachtig omschreven!
het zal het niet gemakkelijk geweest zijn om die bedankt-woorden uit te spreken. Maar uiteindelijk zal ze opgelucht zijn en ... geloof het of niet ... bij haar zou het ook zo geweest zijn !

Jij beschrijft ook zo mooi hoe je moeder erop gesteld is om goed voor te komen. Ik zie dan zo mijn moeder ook weer voor me, nooit zonder dat vleugje lippenstift en piekfijn gekleed :-)
Klopt, hun gevoel van waarde dat met uiterlijk werd bezegeld. Dat was erg belangrijk voor mijn ma
Ze heeft je bedankt zonder het woord bedankt in de mond te nemen :-) Best knap van je moeder
Ja hè? Dat vond ik nou ook. Het deed me in ieder geval heel erg goed, en haar ook, zag ik. Ik was er ook trots op dat ze het helemaal zelf had uitgedacht, want ik heb het haar nooit voorgekauwd of voor de voeten gegooid.
Dank je wel zeggen
Een knuffel geven
een afscheidskus of begroeting
een aanraking
Er zijn nog steeds mensen die het daar moeilijk mee hebben
Die het wel willen, maar dan een soort klem op het hart voelen.
Zo eenvoudig dat je soms niet eens snapt hoeveel moeite ze daar voor moeten doen.
Klopt, maar mijn moeder had het drie weken voor ze uiteindelijk stierf toch ineens in de gaten. Beter laat dan nooit.
Dat vond ik goed van haar dat ze die moeite uiteindelijk overwon.
Echt heel mooi beschreven.
Dank je wel
Blijkbaar hebben ze er bij die hospice wel alles aan gedaan om de omgeving zo prettig mogelijk te maken. En dat is voor een groot deel waar het Leger des Heils zich ook sterk voor maakt. Mensen een menswaardig leven te geven.
Niet te voorbarig, want, maar dat zie je later wel, hahaha
Persoonlijk heb ik niet zulke goede ervaring met het Leger des Heils al denk ik dat het in mijn specifieke geval meer aan de pastor lag.
Het zijn maar mensen, natuurlijk
zeker.
maakt niet uit hoe het gezegd wordt toch? Hier kun je later goed op terug kijken!
Zeker, daar was ook meteen echt alles mee klaar, afgehandeld, althans voor mij en ik denk ook voor ma. Dan kun je terugkijken op een goed leven met elkaar.