Smets: Netwerkbeheer 1 2008 - Toets H3

Door Frix gepubliceerd op Tuesday 16 December 11:24

Dit zijn de antwoorden van de toets van Hoofdstuk 3 van Smets: Netwerkbeheer Met Windows Server 2008 - Deel 1. 

1) In welke container of OU komt een server in AD voor als u op die server AD heeft geïnstalleerd?

Juiste antwoord:
C) Domain Controllers.

2) Met welk programma de-installeert u AD op een DC?

Juiste antwoord:
B) DCPROMO.EXE

3) Op welk type server bevat het menu Administrative Tools opties om AD te bewerken?

Juiste antwoord:
C) Domain Controller.

4) U heeft een forest bestaande uit twee trees.

Wat kunt u zeggen over de trees en het forest?

Juiste antwoord:
B) In de trees vormen de domeinnamen een Contiguous namespace; in het forest niet.

5) U kunt een domain dat in het Domain Functional Level Windows Server 2003 draait omschakelen naar het Domain Functional Level Windows 2008.

Juiste antwoord:
B) Ja dat kan, maar het omgekeerde niet.

6) U verwijdert AD van de laatste DC uit een domain.

Welke uitspraak is waar?

Juiste antwoord:
B) Het domain houdt op te bestaan.

7) Tijdens de installatie van de eerste DC heeft u het Forest en het Domain Functional Level ingesteld op Windows Server 2008.

Van welk type zijn dan de groepen in de container Users?

Juiste antwoord:
A) Domain local, global en universal.

8) Wanneer zijn onder Windows Server 2008 verschillende domains nodig?

Juiste antwoord:
B) Als er sprake moet zijn van gescheiden autonoom beheer.

9) Wat is een domain onder Windows Server 2008?

Juiste antwoord:
D) Een verzameling netwerkobjecten die in een directory service zijn opgenomen.

10) Wat is een verschil tussen een domain en een site?

Juiste antwoord:
A) Een site bevat geen accounts en een domain wel.

11) Wat is NTDS.DIT?

Juiste antwoord:
A) Het bestand waarin Active Directory wordt bewaard.

12) Wat kunt u over de naaststaande afbeelding zeggen? (Klik 1)

Juiste antwoord:
C) Het is een domain met daarin vier sites.

13) Wat voor netwerk staat hiernaast afgebeeld? (Klik 1)

Juiste antwoord:
B) Een tree met vier domains.

14) Wat voor type server is een PC direct na een clean install van Windows Server 2008?

Juiste antwoord:
A) Standalone server

15) Wat wordt er onder meer in de global catalog bijgehouden?

Juiste antwoord:
B) Van alle objecten van het eigen domain alle eigenschappen.

16) Welke service heeft AD nodig?

Juiste antwoord:
B) DNS.

17) Welke type server gebruikt geen beveiligingsbeleid van een domain?

Juiste antwoord:
A) Standalone server

18) Welke uitspraak is waar?

Juiste antwoord:
C) Een Domain Controller is lid van een domain en neemt deel aan het replicatieproces.

19) Welke uitspraak is waar?

Juiste antwoord:
B) In een domain is de als eerste geïnstalleerde DC een Global Catalog Server.

20) Welke uitspraak over naaststaande afbeelding is waar? (Klik 1)

Juiste antwoord:
B) ProductieKlein.MetalProducts.nl is child van MetalProducts.nl.

21) Windows Server 2008 is geïnstalleerd in de partitie C:.

Op welk type server komt de map C:\WINDOWS\NTDS voor?

Juiste antwoord:
C) Domain Controller

22) Van wie krijgt een RODC een kopie van AD?

Juiste antwoord:
C) Van een DC in het netwerk.

23) Het Forest Functional Level staat ingesteld op Windows Server 2003. U richt een nieuw domain in.

Waarop kunt u het Domain Functional Level instellen?

Juiste antwoord:
B) Windows Server 2003 of Windows Server 2008.

24) Welke van de onderstaande uitspraken is waar?

Juiste antwoord:
A) Een server role kan uit role services bestaan.

25) Van een standalone server maakt u een Domain Controller in een bestaand domain.

Wat moet u achtereenvolgens doen?

Juiste antwoord:
C) U stelt het IP-adres van de DNS-server in, u installeert AD DS en tenslotte installeert u AD.

26) Welke van de onderstaande uitspraken is waar?

Juiste antwoord:
D) Een domain maakt altijd deel uit van een forest.

27) Waarvoor dient het Directory Services Restore Mode Administrator Password?

Juiste antwoord:
D) Om als Administrator een back-up van AD terug te kunnen zetten.

28) U beschikt over een standalone server. Daarvan maakt u de eerste DC in een nieuw domain. Op de standalone server kon u inloggen met een administrator password.

Welke van de onderstaande uitspraken is nu waar?

Juiste antwoord:
A) Met hetzelfde administrator password dat u op de standalone server gebruikte, kunt u als domain Administrator inloggen op de DC.

29) U installeert AD op de eerste DC van een nieuw domain.  Na die installatie ziet u in Active Directory Users and Computers containers en een OU.

Welke van de onderstaande uitspraken is waar?

Juiste antwoord:
C) Een OU heeft speciale mogelijkheden die een container niet heeft.

30) Hiernaast ziet u twee domains in de afbeeldingen A en B. (Klik 1)
Welke van de domains uit de afbeeldingen A en B worden centraal beheerd?

Juiste antwoord:
A) Beiden.

31) Het naaststaande figuur is op uw netwerk van toepassing. (Klik 1)
U installeert een tweede DC. Na het installeren repliceren beide DC's perfect met elkaar.

Welke van de onderstaande uitspraken is waar?

Juiste antwoord:
B) De eerste DC is een GCS, de tweede kan dat ook zijn.

32) U heeft de AD DS en DNS-service in uw domain fouttolerant gemaakt. U heeft daarvoor twee DC's in bedrijf. Beide DC's repliceren perfect met elkaar.

Welke van de onderstaande uitspraken is juist?

Juiste antwoord:
C) Als u een wijziging op een van de DC's doorvoert, wordt deze naar de andere gerepliceerd.

33) In uw domain heeft u twee gelijkwaardige DC's in bedrijf. Op een van die DC's de-installeert u de AD DS.

Wat voor een soort server is die DC nadat AD DS is gede-installeerd?

Juiste antwoord:
C) Een member server van het domain.

34) Wat is een kenmerkend verschil tussen een peer-to-peer-netwerk en een client/server-netwerk?

Juiste antwoord:
C) Een peer-to-peer-netwerk wordt decentraal beheerd en een client/server-netwerk centraal.

35) Welke is de juiste uitspraak over de naaststaande afbeelding? (Klik 1)

Juiste antwoord:
D) Er staat een forest met twee trees.

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.