Dokters zijn net mensen

Door Weltevree gepubliceerd op Friday 17 October 14:21

Op de snelweg van Zevenaar naar Arnhem raas ik om de overvloed aan opgefokte ergernis weg te werken. EmjE houdt zich op de vlakte, steekt voor ons allebei een sigaret in de fik en hoort mijn ontlading glimlachend aan. Ze beaamt niets, maar weerlegt net zo min dat ik gelijk heb.

“Gossame zeg, wat denktie wel? Moest jij hiervoor vrij nemen opdat twee meer horen dan ik alleen? Ja lekker, ga in het spitsuur over het Velperbroekcircuit naar Zevenaar terwijl we tien minuten van Rijnstate wonen. Om zo’n zije sok aan te horen die ook nog eens niets zinnigs te melden heeft?” Ze hoeft niet te reageren, kan er niet eens tussen komen want de woorden struikelen over zichzelf heen tussen mijn woedende lippen door. Zo snel en furieus dat ik er zelf van in de lach schiet

“Wat interesseert mij het ziektebeeld van een andere patiënte?....Nou? Het is krankjorum. vind ik.” Ze schokschoudert.

“Met uitzaaiingen en al?” vraag ik nog eens en EmjE trekt eindelijk een grimas.

“Die mijnheer Sijtje Sok hoef ik nooit meer te zien ook. Dit is nou weer eens een staaltje van zachte heelmeesters en onbeholpen stinkend onvermogen. Sjonge, wat heb ik nou aan zo’n nietszeggend lulverhaal?” Eenmaal thuis gekomen raak ik niet uitgefoeterd, zelfs de geur van echte lekkere koffie  stemt me niet milder, tot ik denk: Ach… laat ook maar. Doktoren zijn ook maar mensen. Dit is weer zo’n watje die nou eenmaal geen nee kan zeggen.

 

Wat is het geval?

Het is vroeg. Te vroeg en het regent pijpenstelen, ziet er zeer onaangenaam uit. De verwachte file is er ( gelukkig) niet en de oncoloog waar we een afspraak hebben, begint gelukkig tien minuutjes te vroeg aan zijn spreekuur. Mijnheer Achterwegen is niet jong en ook niet oud. Onzijdig eigenlijk en hij geeft een weke hand, praat tevens heel zacht als hij wil weten wat ik van dit gesprek verwacht.

“Ik zal procenten horen over de kans van slagen in geval van een preventieve chemokuur en/of de zin van anti-hormonen.”

Fluisterend steekt hij van wal, noteert alle familieleden die reeds aan kanker gestorven zijn, aan welke soort ze leden en op welke leeftijd zij stierven. Waarom u dat allemaal wil noteren is me een raadsel, maar wellicht doet het er iets toe? Daarna wil hij weten hoe ik leef en komt met dezelfde vragen op de proppen die in de laatste maanden menig maal zijn gesteld. Hij tikt er van alles over in mijn patiëntendossier. Alsof dat er nog niet in staat? Plotseling heb ik er genoeg van. Ik kom voor info over de chemo en ik wil het niet, maar haak toch af, ondervind een onbedwingbare weerstand en dan komen ook nog de bekende vragen over mijn drankgebruik. 

203a58230ab839b41ec257178fc8ea3d_medium.

"Drink u?“

"Doorgaans alleen in het weekend”

“Mag ik vragen hoeveel?” Ik kijk hem recht in de ogen

“Nee.”

Even kijkt hij verstoord en ik zie dat hij adem haalt om hierover met mij in de clinche te gaan liggen of op zijn minst zinvol te discussieren.

“Volgens mij doet het er weinig toe hoeveel ik drink wat betreft een eventuele preventieve chemokuur?” glimlach ik hem voorzichtig toe en vraag of er een keuze is tussen chemo of antihormoonpillen... Hij kiest er kennelijk toch voor om met me mee te gaan...

“Nee, die pillen moet u na de chemo gaan slikken.”
“Oh, ... dus het is alles of niets? Lekker dat. Eerst vijf maanden je eigen lijf ondermijnen en volstoppen met vergif waardoor je oorlog voert tegen gezonde cellen en geen weerstand meer overhoud en daarna óók nog eens vijf jaar lang troep naar binnen steken? Terwijl het nog helemaal niet zeker is dat er foute cellen door mijn bloed zwemmen?" Hij knikt.

"Wat zijn de bijwerkingen van die anti-hormonen?” Gelukkig gaat op dat moment de telefoon. Die neemt hij aan en lispelt vriendelijk dat het 'er wel even tussendoor kan'. Dat steekt me meteen al, want zijn tijd is immers kostbaar? Na een aantal minuten kijk ik eens semie-neutraal naar EmjE die haar gezicht in de plooi houdt alsof zij deze gang van zaken wel normaal vindt. Dokter Achterwegen klikt aan één stuk met zijn muis, loert naar het scherm en zoekt kennelijk de laatste resultaten van recente onderzoeken die de patiënte in kwestie heeft ondergaan. Ik begin me op te winden over het geduld dat hij aan de dag legt en zucht nadrukkelijk. Ik ben nog geen steek wijzer, behalve dat de door mij zo gehate chemokuur wel eens totaal voor niets kan zijn.

  1. omdat er misschien helemaal géén op hol geslagen rondzwevende kankercellen door mijn lichaam drijven.
  2. dat er niets is dat preventief bestreden moet worden.
  3. omdat het geen garantie geeft dat deze borstkanker niet terug kan komen.
  4. het wil ook niet zeggen dat het uitzaaiingen voorkomt want… bladiebla…

Het liefste zou ik accuut opstaan en de kletsmajorende doktor alleen met zijn telefonische collega achterlaten, maar dan staat mijn reputatie- opgewonden standje- zeker voor eeuwig vast in dat verdomde dossier. Inmiddels horen we dat die andere arme mevrouw een nieuwe uitzaaiing heeft waarvan nog niet duidelijk is dat… omdat het geen aanleiding geeft om te denken dat... en volgens Sijtje Sok is het nog he-le-maal niet zeker dat het nieuwe kankerstuk niet genezen kan worden. Het wordt te gortig, vind ik en plotsklap steek ik met een resolute beweging mijn notitieblokje in de rugzak. Mijnheer Achterwegen merkt het ook. Hij fluistert tegen zijn gesprekspartner dat er momenteel patiënten tegenover hem zitten. Zijn collega is echter nog niet klaar en de zije sok laat zich duidelijk overhalen om toch nog wat langer op de vragen in te gaan. Tot ik uiteindelijk met een ruk mijn stoel naar achter schuif, van hem afgedraaid met de armen over elkaar naar buiten ga zitten kijken. Dat moet duidelijk zijn...

“Zeg, eh…hoor eens, het komt nu even niet zo goed uit. Ik heb een consult met een patient namelijk. Zal ik je er straks even over terugbellen?”

Ik vrees dat mijn blikken hem kunnen doden als hij zegt dat het iets langer duurde dan hij had voorzien en zo en zo... Dat we net bespraken dat er na die chemokuur toch vijf jaar antihormonen moeten worden geslikt. Hij weet dat hij fout bezig is geweest. Dat zie ik aan zijn oogopslag als hij de bijwerkingen op somt, als een zombie. Ik word spontaan misselijk als ik het gestuntel aanhoor…

Reacties (42) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Wat een onmens is me dat?
Niet gemakkelijk om te kiezen !!
Laat het maar even bezinken tijdens jullie weekendje-weg.
XXX
Wat een onbeschoft heerschap!

Ik hoop dat je van de oncologie verpleegkundige wat meer duidelijkheid heb mogen krijgen
Een moeilijke keuze Dora ..
Knuffels xxx
Ook dit is weer zo goed dat je dit beschrijft, dikke Knuffel de wereld is in vele opzichten een raar iets, en jij worstelt, lacht en huilt je er door heen heel mooi deze kant die je belicht ook van het ziek zijn en ziekenhuizen! mag ik je een knuffel geven ....Dikke zacht voorzichtige knuffel!!
Wat een draak! Ik kan alleen maar zeggen mijn gevoel heeft me nog nooit bedrogen.
Ach, ze kunnen niet allemaal ook nog volleerd psych zijn, maar volgens mij kon hij gewoon geen NEE zeggen. Dat is iets wat niet iedereen kan/durft en dat je daardoor als patiënt getuige bent van persoonlijke info van een ander....en dat je je daardoor weggezet voelt? Ach... Vanmorgen was het alweer heel anders bij de oncologie-verpleegkundige...dat scheelt
Moeilijke keuze en wat een onfatsoenlijke arts. Sterkte, volg je gevoel, het is belangrijk dat je achter je keuze staat.... Ik heb voors en tegens gezien van de chemo... je kunt er best heel ziek van worden, maar daarna beter zijn. Lastig dat je niet zeker weet of het nodig is..... nogmaals heel veel sterkte bij het maken van je beslissing...
Ik denk dat ik op mijn gevoel af moet gaan en de rest in vertrouwen aan de voorzienigheid over moet laten. Ik word vanaf nu immers heel goed gecontroleerd....
Arrogante heelmeesters maken psychische wonden.
Blijf zelf de vinger op de pols houden!
Doe ik
Inderdaad, oempffff