Elektrische locomotief Serie 1100 Nederlandse Spoorwegen

Door Spinsel gepubliceerd op Wednesday 13 August 10:25

f52ff58ed24b5590782b1171fdb147f9_1407921Tussen de jaren 1950 en 1999 waren de elektrische locomotieven van serie 1100 een vertrouwd gezicht op de Nederlandse Spoorwegen. Ze werden zowel ingezet in de reizigersdienst alsmede voor de goederendienst. De locomotieven waren in de jaren 50 in Frankrijk gebouwd.

Introductie

Eigenlijk waren de elektrische locomotieven van de serie 1100 echte manusjes van alles. In de jaren 1950 tot en met 1956 zijn er door Alsthom er 60 gebouwd. In 1983 waren er nog 58 in dienst. Deze werden voorzien van een botsneus om de veiligheid van de machinist te vergroten. Hierdoor werd de lengte van de locomotief verlengd van ongeveer 13 meter naar een ruime 14 meter. De 83 ton wegende locomotief heeft twee draaistellen met twee aangedreven assen. Met een vermogen van 1896Kw was de locomotief geschikt voor een snelheid van 135Km/h.

Het begin
Na de tweede wereldoorlog was het Nederlands spoorwegnet  zwaar gehavend. Veel materieel was geplunderd of gestolen. Maar ook was veel materieel door de oorlogsomstandigheden zwaar versleten. Na de oorlog waren de locomotieven uit de serie 1000 de eerste die de dienst kwamen versterken. Ook waren er een aantal gehuurde locomotieven. Frankrijk kon op korte termijn goedkope locomotieven regelen.

De BB-8001 serie locomotieven van de franse spoorwegen (SNCF) vormde de basis voor de 1100 serie. Tussen 1948 en 1952 werden de eerste 50 NS-locomotieven van deze serie samen met 135 locomotieven voor Frankrijk gelijktijdig gebouwd. Deze werden onder andere gebouwd door Alsthom te Belfort. In 1956 werden er nog 10 locomotieven nageleverd. Ook kon men dezelfde type locomotieven vinden in Marokko.

De kleurstellingen
De Nederlandse Spoorwegen voerde in de jaren 50 de nieuwe turkooizen huisstijl in. Ook de 1100 serie werd in deze kleurstelling afgeleverd. Echter bleek al snel dat deze kleur zeer besmettelijk was. Op dat moment reden er ook nog stoomtreinen op het spoorwegnet. Daarom werd er voor een nieuwe huisstijl gekozen bij de Nederlandse Spoorwegen namelijk "berlijns" blauw. In deze kleurstelling hebben heeft de 1100-serie tot de jaren 70 rondgereden. De overgebleven locomotieven werden toen in de grijs/gele huisstijl uitgevoerd.

De botsneus
In de jaren ’70 wordt de 1100 uitgerust met een botsneus om de veiligheid voor de machinist te verbeteren. Verder wordt het comfort voor de machinist verbeterd: er wordt een nieuwe stoel geplaatst en de deuren worden tochtvrij gemaakt. De reden voor de botsneus was het treinongeval bij Westervoort in 1978 waarbij de 1129 in aanrijding kwam met een dieseltreinstel. Met het plaatsen van de botsneus kwam een langgekoesterde wens van de machinisten in vervulling.

Inzet
In hun leven werden de locomotieven voor de gemengde dienst ingezet door het hele land. Hoofdzakelijk was de inzet voor reizigerstreinen en lichte goederentreinen. Omdat de locomotieven eenvoudig te bedienen waren en ook nog erg betrouwbaar reden ze na 40 jaar trouwe dienst in de begin jaren 90 nog steeds. Bij de spitsing van het reizigersbedrijf in NSR en het goederenvervoer naar NS Cargo bleven de locomotieven in eerste instantie bij NSR. Later gingen de overgebleven locomotieven naar NS Cargo. Tot 1999 reden deze locomotieven nog sneltreinen tussen Den Haag en Venlo

De overgebleven locomotieven
Biij het spoorwegjubileum in 1989 werd de 1125 grotendeels in de oorspronkelijke staat gebracht (zonder botsneus en turkoois geschilderd) en voorzien van nummerplaten met het nummer 1122. Deze loc is nu opgenomen in de collectie van het Nederlands Spoorwegmuseum te Utrecht. Voorts zijn onder andere ook de 1107 en 1122 (de echte met dit nummer) bewaard gebleven voor museumdoeleinden.

Bekijk meer artikelen van Spinsel

 

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.