Een onregelmatigheid

Door Natuursmurf gepubliceerd op Saturday 19 July 19:22

Maandag – slavenwerk

9.00

De vergaderzaal stroomt vol. Met moeite probeer ik een geeuw weg te drukken. Een nieuw uur van saaie praatjes breekt aan. Als laatste komt de heks binnen. Janet Groeneman. De wervelwind uit het westen. Het meest gevreesde opperhoofd in kantoorland.
Ik kan niet geloven dat ik de kans had om te vertrekken. Mijn tijdelijke contract liep af. Het zou zo makkelijk zijn geweest. Maar nu is het te laat. Ik heb het nieuwe wurgcontract al getekend en nu ben ik voor eeuwig gedoemd tot slavenwerk.
Ze zit helemaal aan de andere kant van de negen meter lange tafel, maar toch krijgt ze het voor elkaar om mij een ongemakkelijk gevoel te bezorgen. Haar vlammende ogen weten mijn maag elke dag binnenste buiten te keren. Hoelang hou ik dit nog vol?


17.01

Met een zucht van verlichting sluit ik mijn computer af. Als een zombie wandel ik de gang door richting de uitgang. Ik ben er bijna, mijn hand reikt reeds naar de deurknop als de snerpende stem van de heks mij bij de les roept en mijn ontsnapping verijdelt.
Ik draai me om en zie haar wenken. Een kort moment denk ik erover om gewoon weg te rennen en nooit meer terug te keren. Die gedachte is allang voorbij als ik traag over de drempel van haar kantoor stap.
‘Jansen, ik heb een mooi karweitje voor je,’ vertrouwt ze me glimlachend toe.
Bij het horen van die naam, krimp ik ineen. Ze heeft haar manieren om mensen te kleineren. Dat ik helemaal geen Jansen heet, is daar een goed voorbeeld van. Ik haat die naam al sinds de eerste dag dat ze mij zo ging noemen. Dat daarna de rest van het bedrijf de naam automatisch overnam was een nieuwe plens in de emmer die inmiddels al heel ver overgestroomd is.
‘Hoe kan ik u helpen, mevrouw Groeneman,’ krijg ik er maar net uit.
‘Ik ben van plan het archief helemaal op te schonen. Jij krijgt de eer om alles door te spitten.’
‘Het arggggief?’ stotter ik.
‘Dat wordt overwerken Jansen. Nog een fijne avond.’
Ik doe net of ik haar duivelse lach niet zie en vertrek zo snel mogelijk.

 

Dinsdag – interessante cijfers

11.00

Bezweet werk ik mij door tientallen dozen vol uit de kluiten gewassen ordners. Ik heb niet alleen de opdracht gekregen het oude archief op te schonen, maar ook om alle financiële gegevens handmatig in ons systeem te zetten. Dat wordt levenslang. Ik vraag me af hoelang het duurt voordat ik mij hier schreeuwend uit het raam van de elfde verdieping werp.

16.00

Het is maar goed dat ik van cijfers hou, anders was ik vast al doorgedraaid. Het laatste half uur ben ik druk aan het rekenen geslagen. Ik ben namelijk wat onregelmatigheden tegengekomen. En er is niets zo interessant als iets tegenkomen wat er niet hoort te zijn. Zeker als je vele nutteloze uren ondergedoken zit in een onderaardse kelder waarin je zoveel cijfers voorbij ziet komen dat je er ’s nacht nog over droomt.


d3e7520562e4271f3c121e441cdc9335_1405792

 

Woensdag - onbalans

14.30

Ik ben er inmiddels vrij zeker van dat er met de cijfers is geknoeid. De balans is weg. Sterker nog: die is zo scheef als de Toren van Pisa. Er is bijna 1,5 miljoen euro verdwenen uit de boeken! Het is nog een geluk dat al die gegevens zijn bewaard want sommige dossiers zijn echt van tientallen jaren geleden.

15.00

Met een ferme klop op de deur maak ik mijn aanwezigheid kenbaar.
Het blijft stil.
Ik hef mijn hand op voor een nieuwe aankondiging, maar in plaats besluit ik een keer assertief te zijn. Bovendien tors ik aardig wat gewicht mee in de vorm van drie dikke dossiers.
Langzaam laat ik de deur openzwaaien. Daar zit ze, aan dat enorme eikenhouten bureau die de halve ruimte in beslag neemt en uitgerekend die droplul van Financiën houdt haar gezelschap.
Ik schraap mijn keel. Dat lijkt effect te hebben. Ik krijg een ijzige blik toegeworpen.
‘Heb jij nooit van kloppen gehoord?’ De verstoorde blik van Grijpwijk spreekt boekdelen.
‘Ik heb ook…’ Verder kom ik niet.
‘Wat mot je Jansen.’
‘Ik heb wat gevonden mevrouw.’
Ze kijkt me niet begrijpend aan.
‘In de oude dossiers,’ vul ik aan.
Ze zit me nog steeds aan te staren.
‘Ik ben eh wat uh onregelmatigheden in de boeken tegengekomen.’ Ik zeg het zo zacht dat ik mijn eigen woorden nauwelijks hoor.
Ze verscherpt haar blik. ‘Laat zien.’

19.00

Ik zit thuis voor de buis een film te kijken, maar kan me niet concentreren. De woorden van mijn baas blijven door mijn hoofd spoken. Ze zou het uitzoeken en in de tussentijd mocht ik er met niemand over spreken. Het klonk niet overtuigd.
He-le-maal niet! Dit zaakje stinkt en dit keer laat ik niet met me sollen. Desnoods zoek ik het hoger op.

 

Donderdag – lucht in de zaak

10.00

Ik heb vanmorgen ‘toevallig’ een andere klus toegewezen gekregen. Op een andere afdeling. Ik vind dit hoogst merkwaardig. Niet dat ik niet blij ben om weer verse lucht in te ademen, maar na mijn laatste ontdekking had ik op zijn minst wat lof verwacht. Niet weer een of andere vage klus in een of ander achterafkantoortje.

12.30

Lunchpauze. Onderweg naar de kantine loop ik langs het archief. Ik schrik me een ongeluk als ik een lege ruimte zie. De kasten, met dozen en inhoud zijn allemaal weg. Foetsie!
Zonder te kloppen val ik het kantoor van mijn baas binnen.
‘Hallo Jansen,’ zegt ze doodleuk als ze mij verhit ziet binnenstormen.
‘Waar zijn alle dossiers gebleven!’
‘Ik heb ze weg laten halen.’
‘Wat? Waarom?’
‘Waar maak je je zo druk om Jansen? Ben je niet blij dat ik je uit dat archief bevrijd hebt?’
Ik voel het bloed naar mijn hoofd stijgen. ‘Waar zijn alle dossiers gebleven?’ vraag ik zo rustig als ik kan.
‘Ik heb ze laten versnipperen. We hebben niks meer aan die ouwe zooi.’
‘Maar maar maar…’
‘Dat is alles Jansen. Aan het werk!’
Zonder wat te zeggen storm ik het kantoor weer uit.

87ffcff9e37b1eac5b4f9ad5314ce59b_1405792

Op een bankje in het park, tegenover het grote grijze gebouw waar ik werk, orden ik mijn gedachten. Het is nu vrij duidelijk wie er achter de verduistering zit. Met de opruiming van het archief heeft de heks alle bewijzen vernietigd, tenminste dat denkt zij. Ze weet niet dat ik gisteren wat kopietjes heb gemaakt…

 

Vrijdag – Dag des oordeels

18.00

Vlak voor het weekend kan ik het niet laten om het haar nog even flink in te wrijven voor ik ermee naar de autoriteiten stap.

‘Wat wil je?’
Wat geniet ik van dit moment. Eindelijk heb ik haar een keer in een hoekje gedreven en dit keer laat ik niet over me heen lopen. Nu mag ze een keer voor mij kruipen.
‘Niets.’
‘Och kom, er is altijd wel iets. Wil je geld? Een paar schalen omhoog?’
Dan krijg ik een idee. Er was vorige maand een reorganisatie aangekondigd. Twintig mensen zouden worden ontslagen. En dat terwijl de directie elk jaar meer geld krijgt. Hoe oneerlijk is dat?
‘Ik wil dat je de ontslagen terugdraait.’
Ze kijkt me onheilspellend aan. ‘Welke?’
‘Allemaal,’ zeg ik glimlachend. ‘En daarna neem je zelf ontslag.’
‘Nooit!’
‘Ik kan ook gewoon naar de politie gaan. Mag je misschien een paar jaar brommen. Dat heb je wel verdiend, niet waar?’ Ik zie haar nadenken.
‘Goed,’ zegt ze tenslotte. ‘Je krijgt je zin Jansen.’
Ik kom dreigend een paar stappen naar voren. ‘Noem me nog één keer zo en het bewijs ligt morgen bij de politie op de mat.’
Ze kijkt me aan. Er is geen twijfeling. Ze voelt de druk en eindelijk zie ik haar verzet breken. Het felle licht in haar ogen dooft als een nachtkaars uit. ‘Het spijt me,’ fluistert ze bijna.
‘Ik hoor je niet.’
‘Het spijt me. Oké!’
‘Maandag maak je bekend dat iedereen zijn of haar baan houd,’ ga ik door.
‘Dat kan ik niet zomaar in mijn eentje beslissen,’ sputtert ze nog tegen.
‘Het kan me niet schelen hoe je het doet. Het gebeurt zoals ik zeg. Begrepen?’
‘Ja.’
‘Ja wat?’
‘Ja meneer.’
Ik word bijna overmand door een enorme overwinningsroes. Nog even volhouden. ‘En daarna neem je ontslag tegen overstaan van de hele afdeling.’

 

Maandag – voor de bijl

7.45

Ik heb nog nooit zo’n zin gehad om naar mijn werk te gaan. Handenwrijvend kom ik extra vroeg opdagen. Het is nog stil op de afdeling. Nadat ik een kop koffie heb gehaald, wip ik nog even langs het kantoor van mijn binnenkort ex-baas. Even checken of ze hem niet stiekem is gesmeerd.
Al van ver hoor ik het geruzie.
‘Het is jouw schuld!’ hoor ik haar schreeuwen. ‘Je zei dat niemand het zou ontdekken!’
‘Ach hou toch je bek trut,’ klinkt een mannelijke stem vanachter de deur.
‘Denk maar niet dat ik in m’n eentje de schuld op me neem.’
‘Wat zeg je daar?’
Op dat moment open ik zachtjes de deur. Ik zie nu dat haar medeplichtige Grijpwijk is. Ik had het kunnen weten. Ik zag die twee altijd samen smiespelen.
Ik zie nog meer tot mijn grote schrik. Ik zie dat die idioot een briefopener van het bureau grijpt en in zijn razernij Janet Groeneman aanvalt.
‘Pas op!’ roep ik veel te laat.
Er volgt een worsteling. Ontzet zie ik mijn baas, die in een poging om het scherpe voorwerp te ontwijken een sprong opzij doet, over haar prullenbak struikelen. Met een doffe klap valt ze met haar hoofd tegen de zijkant van haar hardhouten bureau om vervolgens tegen de grond te ploffen. Op dat moment ziet die gevaarlijke gek mij in de deuropening staan en rent hij – nog steeds met het wapen in zijn hand – op mij af. Maar ver komt hij niet. Hij struikelt over het levenloze lichaam van mijn baas en valt plat op zijn muil. Geschrokken wacht ik tot hij weer opstaat, maar hij blijft gewoon liggen. Als ik hem voorzichtig omdraai, zie ik dat hij zichzelf met de briefopener heeft gespietst. Wat een toestand!
Op dat moment komt de secretaresse van de afdeling de kamer binnenlopen. Vol afgrijzen ziet ze Groeneman en Grijpwijk in een grote plas bloed liggen. Temidden van dat slagveld sta ik, als enige overlevende, met bloed aan mijn handen en kleren. Ja, leg dat maar eens uit.

Terwijl ik met handboeien wordt afgevoerd, bedenk ik mij dat ik me tenminste kan troosten met één overwinning: het papierwerk was reeds in orde gebracht. Iedereen behoud zijn baan, behalve ik natuurlijk, maar daar kan ik mee leven…

 

31d9ad58178262a82098ede5b50ff511_1405793

Reacties (14) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Wat een drama.
Mooi geschreven.
Dank je.
Leuk geschreven verhaal, en jammer dat je eigen personage net niet de baan blijft behouden
Bedankt. C'est la vie.
Nou ja, die oplichters zijn in ieder geval gestraft. Dat lijkt me toch voldoende compensatie voor die handboeien. (Brrr, straks kan ik er niet van slapen.)
Leuk verhaal, smurfje!
Zo gebeurd er nog eens wat ;)
Bedankt Roosje.
Het is maar de vraag of iedereen het zo bekijkt. ;)
Mooi gek verhaal. Ben je nog vrijgesproken uiteindelijk? ;-)
Levenslang ;)
En de meeste mensen denken dat kantoorwerk zo saai is....
Dat was het...
Leuke bloederige draai op het einde, zoals ik eindes graag heb :)
Is dit verhaal (nu ja, het eerste deel dan) gebaseerd op persoonlijke ervaringen?
Bedankt :)
Het enige dat geen fictie is is mijn beslissing om het kantoorleven de rug toe te keren. Het 'wat als' verhaal is geheel ontsproten aan mijn fantasie :)
Ook goed :)