De boekverbrandingen in Nazi-Duitsland (Berlijn, 1933)

Door Victor Brenntice gepubliceerd op Sunday 15 June 16:19

Duitsland, 1933. De nationaalsocialisten hebben nog maar net de macht gegrepen, of ze zijn al aan een missie begonnen om alles dat niet binnen hun ideologie past te elimineren. Alles, dus ook boeken van andersdenkenden. Dit resulteerde erin dat er in mei 1933 meer dan 20.000 boeken werden verbrand in Berlijn. Over deze afgrijselijke aanslag op kennis, wetenschap en de ontwikkeling van de mensheid.

Aanloop naar de boekverbrandingen
Begin april 1933 riep de Deutsche Studentenschaft (DSt), een overkoepelende organisatie van diverse studentenverenigingen in Duitsland, Oostenrijk, Danzig en het toenmalige Tsjechoslowakije, op tot een deelname aan een zogeheten ‘actie tegen de on-Duitse geest’. Deze moest 4 weken gaan duren: van 10 april tot en met 12 mei. De bedoeling was dat er aan het einde van de actie een massale, openbare boekverbranding plaats zou vinden. Ter voorbereiding werd op 2 april, een dag na de boycot van joodse ondernemingen, begonnen met het opstellen van een gedetailleerd actieplan waarbij het maken van propaganda als belangrijkste onderdeel gold.

12 stellingen tegen de on-Duitse geest
In het kader van deze propaganda werden er onder leiding van Paul Karl Schmidt 12 stellingen tegen de on-Duitse geest opgesteld, waarin het doel van de actie werd samengevat en de joodse, sociaaldemocratische, communistische en liberale ideeën en hun vertegenwoordigers aan de kaak werden gesteld. Deze 12 stellingen, die niet alleen in kranten werden gepubliceerd, maar ook in rode letters werden gedrukt en in de vorm van aanplakbiljetten door universiteiten werden verspreid, luidden als volgt:
1. Taal-en letterkunde zijn geworteld in het volk. Het Duitse volk is er verantwoordelijk voor dat zijn taal en geschriften een pure en onvervalste uitdrukking zijn van zijn nationaliteit;
2.  Er bestaat tegenwoordig een tegenstelling tussen literatuur en de Duitse nationaliteit. Deze toestand is een schande;
3. Het lot van de zuiverheid van taal-en letterkunde ligt in jouw handen! Jouw volk heeft de taal ter bewaring aan je doorgegeven;
4. Onze meest gevaarlijke tegenstander is de Jood en degene die hem dienstbaar is;
5. De Jood kan alleen joods denken. Schrijft hij Duits, dan liegt hij. De Duitser, die Duits schrijft maar on-Duits denkt, is een verrader. De student, die on-Duits spreekt en schrijft, is bovendien gedachteloos en wordt ontrouw aan zijn opdracht;
6. We willen de leugens uitroeien, we willen het verraad brandmerken, we willen voor de studenten geen plaatsen van gedachteloosheid, maar discipline en politieke vorming;
7. We willen de Joden als vreemdelingen beschouwen en we willen de nationaliteit serieus nemen. Daarom eisen wij van de censuur: dat Joodse werken in de Hebreeuwse taal verschijnen. Verschijnen ze in het Duits, dan dienen ze als vertaling te worden aangemerkt; de scherpste maatregelen tegen misbruik van het Duitse geschreven woord, dat alleen ter beschikking staat voor Duitsers; de on-Duitse geest wordt in openbare bibliotheken uitgeroeid;
8. We vragen van Duitse studenten de wil en vaardigheid om zelfstandig na te denken en besluiten te nemen;
9. We vragen van Duitse studenten de wil en vaardigheid om de Duitse taal puur te houden;
10. We vragen van Duitse studenten om het Joodse intellectualisme en de daarbij behorende liberale symptomen in het Duitse geestelijk leven te overwinnen;
11. We vragen de selectie van studenten en professoren om het denken in de Duitse geest veilig te stellen;
12. We vragen de Duitse hogeschool om zich op te werpen als bastion van het Duitse volk en als slagveld uit de kracht van de Duitse geest.



Artikeldienst
Gelijktijdig met de opstelling en publicatie van de zojuist genoemde stellingen werd er een zogenaamde ‘Artikeldienst’ in het leven geroepen. Doel daarvan was om ondersteunende statements te verwerven van nationalistisch ingestelde kunstenaren en intellectuelen. Het succes van de Artikeldienst was bijzonder marginaal te noemen: van de 66 benaderde schrijvers reageerden er slechts 4.

Professorenboycot
De actie tegen de on-Duitse geest ging echter nog veel verder dan alleen het verspreiden van propaganda. Op 19 april riep de DSt-leiding op om “de wapens op te nemen tegen voor onze Duitse hogescholen ongeschikte leraren”. Concreet werden studenten aangespoord om leraren, die naar aanleiding van het Berufsbeamtengesetz van 1933 (een wet die het voor de nationaalsocialisten mogelijk maakte om Joodse ambtenaren en ambtenaren die het nationaalsocialisme niet gunstig gezind waren uit hun ambt te ontheffen) uit hun functie waren gezet, te rapporteren aan de DSt-leiding met behulp van verklaringen onder ede en belastend bewijsmateriaal (bijvoorbeeld citaten uit lezingen). Bijna alle universiteiten namen aan deze actie deel, waarbij studenten overigens steun kregen van decanen, rectoren en ander personeel dat aan de kant van de nationaalsocialisten stond. De hetze ging zo ver, dat er op de universiteiten van Königsberg, Rostock, Erlangen, Münster en Dresden twee meter hoge ‘schandpalen’ werden neergezet waarop de namen van ‘vijandige’ professoren en enkele literaire werken werden geschreven.

Verzameling van de boeken
Op 26 april werd er begonnen met het verzamelen van ‘subversieve literatuur’. Daartoe dienden studenten zowel hun eigen bibliotheken als die van bekenden te zuiveren van ‘schadelijke’ boeken. Daarna werden bibliotheken van universiteiten en andere onderwijsinstituten alsmede openbare bibliotheken en boekhandels – waarvan de medewerking opvallend te noemen was – uitgekamd  waarbij men op zoek ging naar ‘verbrandingswaardige’ literatuur. Van stads- en volksbibliotheken werd verlangd dat ze hun eigen assortiment zuiverden en gewraakte boeken vrijwillig afstonden. Als leidraad voor het verzamelen van boeken voor op de brandstapel werd ‘de Zwarte Lijst’ van bibliothecaris Wolfgang Hermann gebruikt. Van verweer onder mensen die door deze actie financieel werden benadeeld was geen sprake. Op 6 mei begon de slotfase van de boekenverzameling, waarbij bibliotheken en boekhandels door het hele land werden geplunderd door uit studenten bestaande stoottroepen. In Berlijn bestormden studenten van de Hogeschool voor Lichamelijke Oefening en de Hogeschool voor Dierenartsen het Instituur voor Sexuologie van Magnus Hirschfeld, die vanuit een bioscoop in Parijs toe moest zien hoe de meer dan 10.000 volumes tellende bibliotheek van zijn instituut werd geplunderd.


Onder andere deze boeken werden door de nazi's verbrand.

De boekverbrandingen
Op 10 mei werd het lot van de boeken die tegen die tijd in Berlijn waren verzameld tussen 23:00 en 0:00 uur bezegeld. 20.000 tot 25.000 boeken van 94 verschillende schrijvers werden in een feestelijke sfeer, begeleid door vaderlandse liederen die door een orkest werden gespeeld en onder luid gejuich van de zo’n 70.000 aanwezigen in het vuur geworpen. De verbranding van een aantal exemplaren, die door vertegenwoordigers van de Studentenschaft werd uitgevoerd, werd voorafgegaan door een zogenaamde ‘vuurspreuk’ waardoor de boekverbrandingen het karakter van een ritueel kregen. Een voorbeeld van zo’n vuurspreuk luidde: “tegen klassenstrijd en materialisme, voor volksgemeenschap en een idealistische levenswijze! Ik overhandig de geschriften van Marx en Kautsky aan de vlammen!”

De boekverbrandingen werden bemoeilijkt door de stromende regen, doch ironisch genoeg was het de brandweer die er met behulp van benzine voor zorgde dat de werken alsnog in rook opgingen. Toen propagandaminister Joseph Göbbels tegen het einde verscheen om een toespraak te houden, was er van de boeken niets meer dan een hoop as over.

Motief van de boekverbrandingen
De studenten zagen in de boekverbrandingen een symbolische daad: zoals men in het verleden een reinigende, ziektebestrijdende werking toekende aan het vuur, zo zou tot uiting komen dat – zoals Göbbels het verwoordde – “de natie in Duitsland zich innerlijk en uiterlijk gezuiverd heeft”.

Slotwoord
De boekverbrandingen van 10 mei 1933 in nazi-Duitsland vormen een van de zwartste bladzijden in de geschiedenis van de mensheid en een van de grootste misdaden tegen de menselijkheid die ooit is gepleegd. Ondanks het feit dat mijn eigen meningen en opvattingen mijlenver afstaan van vele literaire werken die er destijds door de vlammen zijn verteerd, kan ik het niet verkroppen dat men er zó onverschillig mee is omgegaan. Er is iets fundamenteel fout met het vernietigen van boeken, ongeacht wat de inhoud verkondigt. Ieder boek bevat immers een zekere kennis. Kennis, die de mensheid in de loop der tijd met pijn en moeite vergaard heeft. Willen wij ons als mensheid dus verder ontwikkelen en leren van het verleden opdat we de toekomst met vertrouwen tegemoet kunnen treden, dan is het vernietigen van de kennis die we hebben opgedaan wel het allerlaatste dat we moeten doen.


Gedenkplaat in Frankfurt. Vertaald luidt de tekst aan de rand: 'dat was slechts een voorteken. Daar waar men boeken verbrandt, verbrandt men uiteindelijk ook mensen.'

Bronnen
http://histclo.com/country/ger/chron/20/iw/ng/ng-bookburn.html
http://de.wikipedia.org/wiki/Denkmal_zur_Erinnerung_an_die_B%C3%BCcherverbrennung
http://de.wikipedia.org/wiki/B%C3%BCcherverbrennung_1933_in_Deutschland
http://de.wikipedia.org/wiki/Gesetz_zur_Wiederherstellung_des_Berufsbeamtentums
Afbeeldingen van Google / Wikipedia

Artikelen die ik heb geschreven over gerelateerde onderwerpen
De Schutzstaffel (SS), het elitekorps van nazi-Duitsland
Gruwelijke oorlogsmisdaden van de geallieerden tijdens de Tweede Wereldoorlog
Het nationaalsocialisme, de ideologie van Adolf Hitler
Het verloop van de Tweede Wereldoorlog in Europa
Overeenkomsten tussen fascisme en nationaalsocialisme
Uitgebreide tekst en uitleg over concentratiekampen 

Reacties (9) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Goed geschreven.
Goed artikel; cultuurvernietiging als opmaat voor gruwelijker dingen.
Steengoed, maar voel de de pijn der gevallenen in onrecht en pijn:-)xx
Goed geschreven. Terug nieuwe info over die wrede periode
Goed artikel
Goed geschreven artikel. Ik heb weer iets bijgeleerd over die duistere periode. Het valt mij op dat die punten van de studentenvereniging soms nogal tegenstrijdig zijn. Verder zijn ze gewoon belachelijk. Ik kan nauwelijks geloven dat daar ooit duizenden studenten gehoor aan hebben gegeven.

En dan die boekenverbranding... Het is natuurlijk lang niet zo afschuwelijk als het verbranden van mensen, maar het is inderdaad een duister teken aan de wand.
Zorgen dat mensen (vrijwillig!) hun boeken verbranden, is de beste middel om hun dom te maken en dus gemakkelijker om onder de duim te houden...

Uitstekend artikel, wat mijn visie nog versterkt dat het geschreven woord een krachtig woord is. Waarom zouden andersdenkenden alles in het werk stellen om boeken te vernietigen? De boekenverbranding werd door de geschiedenis onthouden, doch het ging veel verder dan dit, kunst, film, muziek alles was onderhevig aan het departement van Dr. Goebbels. Volledig akkoord met je slotwoord, maar sta me toe een vergelijk te trekken met vandaag. Niet vergeten dat in bepaalde islamitische landen, het bezit of het lezen van bijvoorbeeld de bijbel (om er maar één te noemen) gelijk staat met executie of opsluiting. Het onderdrukken van het geschreven woord is (nog) actueel.