Bella

Door ZomaarIemandde1e gepubliceerd op Wednesday 09 April 01:18

In de jaren is mijn ‘bedstee’ langzaam getransformeerd naar iets dat ook een soort gevangeniscel genoemd zou mogen worden. Niemand die mij erin opsluit en geen dichte deur, dat niet. Het is meer dat mijn beperkingen een steeds grotere rol in mijn leven zijn gaan spelen. Een deel daarvan is, zoals ik eerder heb gezegd, mijn eigen schuld te noemen. Had ik maar meer zus en zo, had ik maar beter geluisterd naar die en die. Een andere reden is dat het heel erg moeilijk vechten is tegen een cyclus waarin je kwam in de jonge jaren. Vlak ook de genen niet uit. “O, daar komt de slachtofferrol tot volle bloei.” Je mag dat gerust denken, maar misschien zou je iets meer van mijn leven moeten afweten voordat je me dit oordeel in het gezicht gooit.

Ik zal je nog wel eens vertellen waarom ik als kind op het strand al stond na te denken over dat iedereen om me heen en ik na honderd jaar zeer waarschijnlijk dood zouden zijn. Al die lachende, zonnebadende, werkende, zwemmende mensen tot zover de horizon in het zuiden strekt, allemaal dood. Niet eens alléén daar. Het dorp erachter, het hele land en ja, zelfs alle mensen en dieren op de hele wereld. Al heel jong werd ik onvermijdelijk in vlot tempo geestelijk en lichamelijk ouder dan leeftijdsgenoten. Vooral de laatste jaren zou je kunnen zeggen dat ik bijna in hondenjaren kan tellen voor mezelf. Ik heb mezelf met Lima oud voelen worden, terwijl ik dat in werkelijkheid niet ben.

Na haar dood heb ik de eerste weken weinig meer kunnen doen dan huilen, schrijven en slapen. Ik was kapot en wist de kracht niet te vinden om het toch al zo beperkte leven, op een beetje dragelijke wijze, weer op gang te brengen. Heel goed menende mensen maakten zich zorgen omdat ze een stuk wil en kracht van mij met de geest van mijn maatje hadden zien  vervliegen. Er werd mij sterk geadviseerd op zoek te gaan naar een nieuw hondenvriendinnetje. Niet zo zeer ter vervanging van Lima, maar ter verrijking van het leven. Via allerlei wegen en door verschillende omstandigheden, werd het Bella.

Bella komt helmaal uit Roemenië! Haar eigenaar had het hondje van nog geen drie jaar oud, al langere tijd, systematisch de straat op geschopt. Daar bleef het een beetje in de buurt zweven totdat het weer eens naar binnen kon. Op een dag is ze ten prooi gevallen aan de hondenvangers. Goedwillende mensen hebben haar net op tijd uit een soort asiel gehaald, dat eigenlijk meer een verzamelplaats is voor honden om te worden afgemaakt. Ze zijn met het hondje naar de eigenaar geweest die hen vertelde dat hij het niet terug wilde hebben en dat ze er wat hem betrof mee konden doen wat ze wilden. Zo is ze daar in een circuit van een organisatie van pleeggezinnen gekomen. Ze is medisch goed verzorgd en gesteriliseerd. Heeft een chip gekregen, een Europees dierenpaspoort, entingen en een gezondheidsverklaring nadat een arts haar had onderzocht. Ze was bekend gemaakt bij de jonge, maar zeer goede organisatie: Friends for Straydogs. Hier heb ik haar voorgedragen gekregen als adoptiehondje. Lisa en ik waren meteen weg van haar foto’s. Het ‘ja’ van onze kant en die van de organisatie vielen al snel en zo kwam zij in ons leven.

Bella is verschrikkelijk lief en onwaarschijnlijk braaf. Ze heette overigens eerst Ella, maar we wilden graag een eigen twist aan haar naam geven. Door een tip van mijn zwager werd een ‘B’ voor haar naam de oplossing.  Met opzet had ik wat goede speeltjes uit Lima haar laatste jaren door het huis verspreid neergelegd. Ik was erg benieuwd of ze en wat ze daarmee ging doen. Ze is een hondje dat niet snel iets pikt van levensmiddelen en dergelijke, zo bleek ze ook met de speeltjes om te gaan.  Op haar snuffelrondes door het huis vond ze af en toe één van de speeltjes en kwam er gelijk mee in haar bekje naar ons toe. Echt met zo’n kop van ‘Kijk eens Lisa en Nico, dit vond ik zomaar en kijk, ik kan er ook mee spelen, mag dat?!’. Toevallig blijkt ze dezelfde goede eigenschap te hebben als Lima had. Speelgoed waar ze even niets mee doet, brengt ze netjes naar haar plaats. In feite is het hele huis haar plaats, maar één deel had ze bij binnenkomst de eerste keer al meteen voor zichzelf ‘opgeëist’. Het maakt je zelfs op moeilijke dagen toch heel blij van binnen als je ziet hoe gelukkig ze is. Met de katten gaat het ook weer goed. Die waren eerst heel bang, maar Mannie heeft zo zijn charmes en als hem niets overkomt weet Poezenmeis  op een gegeven moment ook dat de kust veiliger is dan hij leek.

Je kunt wel duidelijk merken dat Bella in hondenjaren meer van de leeftijd van Lisa is. In feite zijn het twee meiden in de bloei van hun leven. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Bella meer naar Lisa trekt. Lisa loopt en rent de langere stukken buiten met haar. Als ik met haar wandel is het meer een blokje. Lisa speelt en stoeit vaker met haar en ik ben meer van het lekker rustig aaien en kroelen.  Zo heeft ze een leuk totaalpakket van aandacht. Bella springt graag bij me op bed, maar verwacht dan wel dat ik uitsluitend aan haar alle aandacht geef, anders gaat ze weer weg en zoekt het bij Lisa of de kater. “Ik kom later wel weer terug, saaie drol…”, lijkt ze bijna te mompelen.

Lisa heeft al een paar keer gezegd dat ze heel graag zou willen weten wat Bella denkt. Vaak als je in die grote bruine ogen kijkt, is het ook alsof ze diep in gedachten verzonken is. Zal ze nog twijfelen of wij echt de mensen zijn bij wie ze de rest van haar leven mag blijven? Kon ik haar nu al maar vast duidelijk maken dat ze echt voorgoed veilig bij ons zal zijn als het mag! Met Bella is er weer één druppel op een oneindige gloeiende plaat gekomen. Al die lieve dieren die minder fortuinlijk zijn, als ik daaraan denk, heb ik het gevoel alsof ik helemaal ga flippen. De woorden van mijn zus, Yvonne, galmen dan door mijn hoofd: “Nico, je kunt niet het leed van de hele wereld op je schouders nemen. Je doet wat je kunt!”.

Rond de tijd dat ik volwassen werd, heb ik een poosje op de over het algemeen bekende, Amsterdamse poezenboot als vrijwilliger gewerkt. De oprichtster daarvan was mevrouw van Weelde. Hiertoe had ze ooit de stichting ‘Dierenweelde’ opgericht. Ze woonde zelf in een mooi oud pand op een gracht ervoor. De poezenboot bestond in feite uit drie verschillende boten en een groot deel van het huis waar mevrouw van Weelde woonde. Dit was echter niet bekend bij de toeristen. Die kende de boot doordat hij genoemd en getoond werd op menige rondvaart. Er was een handjevol vrijwilligers dat haar hielp met het goed bedoelde werk voor de katten. Misschien vertel ik je er later nog wel eens meer over, maar op dit moment zou ik me willen beperken tot een uitspraak die ik haar meermaal heb horen doen.

Tegen de avondschemer gingen we regelmatig even zitten op het achterdek van de boot. Ze bood me dan een mentholsigaret aan uit zo’n wit pakje met een gestileerde tekening van een dame erop. Eigenlijk vond ik die sigaretten helemaal niet lekker, maar kon het niet over mijn hart verkrijgen om de traktatie uit de uitgestrekte, gerimpelde hand te weigeren. Soms had ze pretoogjes als er eens goed nieuws was, maar vaak was er diepe droefenis in het oude gelaat. Mevrouw van Weelde was oorspronkelijk van goede afkomst, hetgeen je vooral kon merken aan haar manieren en taalgebruik. Men had haar kunnen typeren als enigszins vervlogen chique. Met een hoge deftige stem sprak ze over haar zorgen en ergernissen met betrekking tot dierenleed en besloot haar betoog zo nu en dan met de woorden: “Was er maar een bommetje of zo, dat ik op een knop kon drukken en dat alle dieren in één keer van de wereld zouden zijn!”.

Het vormt een mens die gevoel heeft en voortdurend zo sterk in contact staat met de domme onverschilligheid die veel mensen (bij dieren) hebben en dat bijvoorbeeld tonen door op een warme zomeravond een vuilniszak uit een auto bij de poezenboot te gooien waarin dan één of meer levende katten blijken te zitten. Mensen met weinig empathie zouden haar waarschijnlijk het predicaat behoorlijk geschift hebben gegeven. Ik zou het liever gevormd en gemangeld door de realiteit willen noemen. Vergeet niet dat we spreken over de vroege jaren tachtig van de vorige eeuw en ik had nog een heel leven voor mij. Ik was nog een idealist en wilde me niet bij zo’n sombere gedachte neerleggen. Haar oplossing voor het verdwijnen van leed was het verdwijnen van het leven zelf. Ik begreep het wel maar wilde er niet aan.

We zijn nu dertig jaar verder. Ik heb waarschijnlijk door de toegenomen informatiestromen in de tijd inmiddels meer kennis over leed in de wereld dan zij op dat moment voor mogelijk had kunnen houden. Aan één kant begrijp ik haar beter dan ooit en op de slechtste momenten voel ik mee met de gedachte van laat de bom maar vallen dan. Ik weet van zoveel mensen en hun goede initiatieven om iets te betekenen voor mens en dier, maar als ik dan hoor van een festival dat binnenkort weer in China wordt gehouden waar duizenden honden op traditionele wijze worden afgemaakt of als ik lees van Korea waar men graag een importvergunning in Amerika wil hebben voor de invoer van hondenvlees, als onze moslimvrienden hun jaarlijkse schapenmassamoord verrichten of de kerst weer slecht afloopt voor massa’s andere dieren, zakt de moed mij ook in de schoenen. Niettemin blijft er het individu. Als er tien dieren een goed en veilig thuis vinden, zijn dat tien levens van geluk. Het mooie ligt echt vaak in het kleine.

Bella bevestigt mij dagelijks dat het wel degelijk iets uitmaakt als mensen goede dingen doen. Elke ziel is en blijft er weer een.

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Mooi geschreven Nico!
Tja een bom die allerlei ellende voorkomt/oplost is niet zo'n gek idee.
Toch ben ik blij dat er nog allerlei mensen, zoals jij, zijn die zich inzetten
om (dieren) leed te voorkomen/te verzachten.
Helemaal met je eens. Niets op af te dingen. Het is precies zoals het is, dus in plaats van het ontelbare leed van de wereld op de schouders te hebben: geniet dan van dat ene hondje, dat nu zo gelukkig bij jullie is. (Eén van mijn -asiel- poezen heet ook Bella, leuke toevalligheid.)