De terugkeer, de verborgen jaren in Canada, 160, de ijsuren

Door San-Daniel gepubliceerd op Thursday 20 February 12:30

images?q=tbn:ANd9GcRXljUbUmyR5CyjUmqew95

De wijdse vlakte bood niet veel variatie, alles was wit en al snel reed ik op automaat. De vlakte reikte zo ver als het oog zag en was alleen omringd door bergen.  Na een tijdje keek ik op de dagmeter en zag dat ik 20 mijl had afgelegd, dat betekende, realiseerde ik me dat ik iets meer dan een uur gereden had.  Hoe zouden de mannen het doen die alleen reden? Ik begon te begrijpen waarom dangerous Sam McCee ontspoord was. Je moest je concentreren op de snelheid en het rijden, maar je gedachten werden associatief.Weer een tijdje later viel het me op dat de bergen zich nu verder van de piste verwijderd bevonden, dat betekende volgens mij, dat de piste mij  meer naar het midden van het meer voerde. Ik keek maar weer eens op de dagteller en was de stand alweer binnen een minuut  vergeten. Mijn baas ronkte heftig voort in de slaapcabine achter, boven mijn hoofd.

Hoe diep zou het zijn, waar ik reed en hoe snel zou het eind komen als je wel door het ijs zakte? Ik dacht aan hoe zo´n meer ontstaan was, het was natuurlijk een dal geweest tussen bergen.  Het laagste punt en ergens vele duizenden jaren geleden waren gletschers gaan smelten en hadden het dal opgevuld met zoet water. Het moest dus warmer geweest zijn, dacht ik terwijl ik weer eens voor de verandering naar de dagteller keek. Het zou in diepte variëren, meende ik. Ik reed af en toe hoog boven vissen waar het meer misschien honderden meters diep was, om vervolgens weer enkele meters van de bodem verwijderd te zijn waar de bodem heuvelachtiger was. Vreemd, meende ik hoe een leven gaan kon,  als ik toevallig, als toeval bestond, niet in de 'four seasons' gewerkt had als bus boy, dan zou ik nu niet Up North met een slapende baas over een meer rijden.  Was dat voorzienigheid geweest? Ik keek eens ver voor me uit maar de vlakte veranderde niet. De vissen gedachte kwam terug en toen raakte het me als een donderslag. Hoe kwamen zoetwater vissen in een ondergelopen dal dat meer geworden was.? BiIl mompelde wat in zijn slaap en draaide onrustig heen en weer. 'Nee, geen Moose,' sprak hij in zijn slaap en viel weer stil.

Het vissen raadsel kwam weer omhoog borrelen, ze zouden niet tienduizenden jaren geleden uitgezet zijn.  Iets je voorbij de meren lag de Arctische zone, met zout water en ijsberen, zeehonden en zout water vis. Om de meren lag een moeras en wildernis gebied dat honderden kilometers ver reikte. Ik duwde het weg, mijn gedachten dwarrelden en ik  dwong mij om me met de piste bezig te houden.  Ik vond het net zo onbegrijpelijk als het raadsel van het helaal, dat oneindig was, ik had dat nooit kunnen bevatten. Hoe waren die vissen daar gekomen? De vrachtwagen gromde en kroop over het ijs, een onbelangrijk stipje in het universum, dat zich langzaam voortbewoog, met een chauffeur achter het wiel die lastig gevallen werd  door zijn eigen denken. 

images?q=tbn:ANd9GcRXljUbUmyR5CyjUmqew95

Een rivier,dacht ik, er had wellicht een rivier gelopen door het dal en die had de vissen meegevoerd, ik wist dat het een schijn oplossing was om van het probleem af te zijn, een oplossing á la de kip en het ei discussie. We wisten eigenlijk niets, we bewogen ons maar door het leven, gewoon zoekend naar manieren om in leven te blijven en zonder werkelijk de tijd te hebben om na te denken. Die tijd had ik nu wel, ik loerde weer eens naar de dagteller en zag tot mijn vreugde dat ik iets meer dan vier uur gereden had. Bill moest wel heel veel energie en inspanning gestoken hebben in de prive weg van het meer naar de diamant mijn, hij lag nog steeds uitgeteld. Een nare gedachte overviel,mij, wat als Bill een hartaanval kreeg of gewoon niet meer wakker werd? Ik wist het antwoord, dan zou ik verloren zijn. 

Ik schoof de vissen die zich weer opdrongen weg, het interesseerde mij niet meer waar die beesten vandaan gekomen waren, Het had geen zin, er was natuurlijk wel een antwoord maar dat zou ik waarschijnlijk nooit achterhalen.  De zin van het leven, borrelde omhoog, wat was de zin van het bestaan, waarom reed ik hier, met een ronkende baas boven mij, die af een toe een ferme wind loste en me nog een aantal weken kon bevelen? Er was geen privacy in de cabine. Misschien hadden dingen wel geen zin, dat was een nare gedachten, dan zou je een leven kunnen opofferen zonder dat het een nut of de zin van iets zou dienen. De piste koerste nu meer op de rand van het  bevroren vlak  aan en een blik op de dagteller leerde mij dat we er nog lang niet waren. Even later voerde de piste ons weer verder weg van de rand en bleven we vrijwel paralel rijden met de oever. De afstand vergleed en het stipje was het enige dat zich bewoog op die enorme vlakte. Misschien had het bestaan wel geen zin.  Wat was de rechtvaardigheid dat mijn moeder en ik dacht aan haar als  mijn lieve moeder, zo jong gestorven was? Zij wist dat een andere vrouw haar kinderen zouden gaan opvoeden, dat kan geen prettige gedachte geweest zijn. Zeker omdat die nooit de zelfde zorg zou kunnen geven. 

images?q=tbn:ANd9GcSfteSfDYcF5LvOaB_4zWM

Ik probeerde het weg te duwen maar mijn broer kwam naar boven, die met zijn 20 plus jaren was gedood door een psychopaat. een jongen vol op bezig met plannen maken samen met zijn verloofde. Die het huis had verlaten op een ochtend en nooit meer thuis gekomen was.  Hij was op juiste moment op de verkeerde plaats of andersom, in ieder geval de gekke man had gewoon aangelegd en zijn leven uitgeblazen en daarmee voor altijd onze levens beïnvloed. Wat was in hemelsnaam de zin van zoiets wanstaltigs? Ik ging even verzitten omdat ik een houten kont begon te krijgen en de pijn in de pees die over mijn scheenbeen liep vertelde me dat mijn voet al veel te lang op het gas pedaal rustte.Ik nam mij voor als we ergens zouden stoppen een steen of iets van gewicht te zoeken dat ik op het pedaal zou kunnen leggen op lange afstanden.  Geen rechtvaardigheid!! Ik wist het als een waarheid, Het was niet rechtvaardig dat iemand zijn leven zo jong verliest omdat hij door een gek gedood wordt. Ik kreunde en vloekte voor mij uit. 'Hey,' Zei Bill, ' je zit in je zelf te praten,' terwijl hij zich liet zakken uit de slaapruimte. 'Zo word je een Sam McCee.'  'Te diep in gedachten,' meende ik,' heb je lekker geslapen?' 'Beter dan in welke Hilton dan ook', lachte Bill, 'ik ben er weer helemaal'. Hij keek even op de dagteller, 'over een halfuur gaan we de kant op,' meldde hij, 'je hebt je kranig geweerd' en ik voelde me trots.

San Daniel 2014

lees ook de terugkeer, de verborgen jaren in Canada,161 het verloren land

 

Reacties (9) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Gelukkig, je hebt het al bijna achter de rug.
In zo'n omgeving, eindeloos rijdend, word je wel heel erg op jezelf teruggeworpen. Een sterke geest, die dat keer na keer, rit na rit, nog aankan.
Dat kan ook niet.. het verloop is na 6 weken ongeveer 25%
Je zou er filosofisch van worden, of natuurlijk belaagd worden door gedachten die je liever niet hebt.
Dat klopt.. die dringen zich op
Een wirwar van gedachten opkomend in een Wereld van ijs, sneeuw, ijs en vooral wit zover het oog rijkt.
Het lijkt me heel hypnotisch toe
Ik kan me zo goed voorstellen dat je gedachten met je aan de haal gaan, alleen achter dat stuur in die grote witte massa.
Dat gebeurt haast altijd..