Een prozagedicht over verwondering

Door Mijler gepubliceerd op Wednesday 05 February 11:00

Vandaag is de laatste dag van week der poëzie 2014 met het thema verwondering. Dagelijks heb ik daarover een gedicht op plazilla geplaatst. Ik sluit af met dit prozagedicht, een vorm die voor mij ook redelijk nieuw is. Het enige dat ik erover weet is dat het niet hoeft te rijmen en dat de tekst poëtische beelden oproept bij de lezer. Het is aan u! 

Een prozagedicht over verwondering

Eind december zette ik schoorvoetend mijn eerste pasjes in de onbekende en eindeloze oase van zintuiglijke dromerijen. Sindsdien heb ik in een soort roes gedwaald in een ondoorzichtig bos van de verwondering.

Ik heb getracht om deze overweldigende waarnemingen onder woorden te brengen, maar kwam er spoedig achter, dat dit fenomeen, in haar pure openbaring, ongrijpbaar is en slechts in beeldspraak te uiten.

 Middels kleine compacte gedichten probeerde ik mijn gevoelens poëtisch in woord te brengen. Verwondering overkomt je en is slechts in stilte te absorberen. Toepasselijk is de opmerking dat mond en ogen van verbazing wijd open sperden.. Verwondering associeert met stilte als reactie, zelfs bij een natuurverschijnsel als bliksem en donderslag zal de schrik verstommen in zacht en geruisloos.

Het verwonderd raken gaat vaak met heel tedere fysieke reacties gepaard, die op zich slechts in beeldspraak te beschrijven zijn. Zo laat een hevige verliefdheid zich vertalen met “vlinders in de buik!”; een emotionele gewaarwordeng met “kippenvel”; een dramatisch gebeuren met “een brok in de keel.”  Op zich mooie en nobele pogingen die de gevoelens benaderen.

Verwondering vormt het pretpark van kinderen om het leven te leren kennen. Alsjeblief verstoor dit niet!

Reacties (4) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Verwondering over het leven beleef ik nog steeds in de tweede fase van mijn leven. overigens een mooi stukje proza.
Nee, ik verstoor het niet,
die verwondering
houd het eigenlijk zelf graag in stand.
Als dit een gedicht is,
zou ik het niet
als een verhaal neerzetten
Het is zeker poëtisch,
ik zou er meer mee spelen
er op letten
het geheel in zinnenplukjes te verdelen
al hoeft het niet te rijmen
ik zou die heerlijke zinnen
al dan niet gewaagd verdeeld
aan de linkerkant beginnen
Zo dacht ik ook, maar ik heb 2 in mijn optiek mooie prozagedichten gelezen, die ook in verhaalvorm geschreven zijn. Het had iets weg van een sprookje.
Fijn dat je meedenkt en dank daarvoor. We komen er wel!
Het lijkt me zeker een uitdaging
om uit te zoeken welk woord
met welke reden aan de kantlijn komt
welke zinsdeel aan het eind
het meest zegt doordat het daarna wit blijft.