x

Inloggen

Je bent nog niet ingelogd. Aanmelden of een nieuw account Registreren

De penopauze is niet meer dan een man in doodsnood.

Door HJZandman gepubliceerd op Friday 28 September 12:11

Ik zag het zo vaak gebeuren, dat smoezelige smoezenbehang. De maffe leugens die het oproept lijken rechtstreeks van de Gebr. Grimm gejat.

Zo'n zalige zonnebloem, met trots opgeheven hoofd, 

hoeft er ook niets voor te doen!?!

 

Ze brengt hem zonder moeite het hart op hol. Als de warmgele bloemenkrans zijn pad niet had gekruist, zou het niet in hem zijn opgekomen om zijn dertigjarige huwelijk op te breken. Ze, en alleen dit jonge wijf, geeft hem een perfect gedoseerd snufje professionele waardering en begrip. In zichzelf prevelt ze dingen die hij dronken drinkt en ze draait met haar hete bruine hart heerlijk om de oude brij heen.

De grijsaard voelt de jonge jongen in hem wakker worden,

 begint, als vanzelf, te fantaseren. Hij wordt er ladderzat van, als hij haar volle bloeiende schoonheid aanschouwt. Dit te overweldigende exemplaar, met productieve modieuze plannen, is voor de bijna uitgebluste man een katalysator. Alle vergeten jeugdidealen steken als narcisjes hun kopjes boven de grond, zijn weggesloten jeugd bloeit knapperig op.

Het oude vertrouwde leven ligt verwarrend in de clinch met het nieuwe, dat boeiend gloort achter de wellustige horizon. Het is nu of nooit, niet waar? Voordat het te laat is. Hij moet en zal een laatste verwoestende poging ondernemen om zijn leven een wending te geven. Jan is een spannender eind beschoren dan alle andere oudknarrende leeftijdsgenoten en wil zijn collegae ook niet horen.


"Dat hoort bij onze levensfase, Jan, als je tegen de zestig loopt," zeggen zij. 

Jan wil echter de dood niet achter iedere dooie hoek zien staan. Opgewonden als een puber heeft hij er vreselijk zin an. Vlammen, schitteren en fonkelen. Het magistrale stralende leven, (dank je Johnnie van Doorn) waarover hij als jongeling droomde, breekt door. De wereld aan zijn voeten en haar bedrijf heeft een bloemennaam. Wat wil je, the hell, nog meer? Hij zal met slaande trom alles verslaan, dat hem in de weg wil staan. Deze meid is Aida, een magnifieke muze, zijn geloof, houvast en oneindigheid. Met haar lange dunne stengel, torent ze hoog boven de burgerklap- en pioenrozen uit. Zij, de bekorenbloem, draait met de warme zon mee, opdat haar zwarte zaad goed rijpen kan. 

Zij is als zonnebloem veel bijzonderder dan haar afgetrapte koolzaadverleden, waar ze niets over wil weten. Ze weet alles, duizendschoon veel beter. Uit haar perst men de veel zuiverdere zonnebloemolie. Biobrandstof zegt haar niets, zij hoort niet tot de familie Brasica Napus* (*koolzaad = canolaolie). Het transestereficatieproces is gans aan haar voorbij gegaan. 

Dolverliefd is ze het volkomen met Jantje eens, die zijn oude pruim niet meer ziet hangen sinds hij haar zonnetje zag. Het is als een niet te stoppen virus en zomaar opeens zijn alle rapen gaar.
"Mijn vrouw is een vier keer uitgelezen boek, hanteert oubollige begrippen die me vervelen. Nee erg opwinden doet ze me niet meer," klaagt hij en Zonnetje heeft het met hem te doen. Wat ze zich niet realiseert? Zijn vrouw kent hem als de zakken in haar broek. Dat het wederzijds is, zij ook niet bijster geboeid meer is door hem, komt niet in één van hen op.

Glashelder evalueert de arme bijna verdorde drommel tegen zijn jonge lief, die zijn dochter zou kunnen zijn:

"Door vroeg te trouwen heb ik mijn levensdromen in de pauzestand gezet."

Net als zijn vriendinnetje wil hij nog een heel leven voor de boeg hebben. Hij is te speciaal om langzaam, als een oude uit de mode geraakte 70er jaren druipkaars, ten onder te gaan. Nog één keer schitterend vlammen, beter laat dan nooit, heeft in de nadagen van zijn leven, een positievere vorm gekregen. Zijn leven is mooier dan afgezaagde tegeltjes, is als een werelds sprookjesspiegeltje aan de wand.

In december blijkt dat niet alleen oliebollen oudbakken worden. De dertig jaar geleden beloofde eeuwige trouw heeft ineens ook zijn beste tijd gehad. In voor- en tegenspoed wordt breekbaar als fragiel chinees porselein. In het licht van het ongrijpbare beloofde land, dat stilletjes in de verte gloort, wordt trouw doorzichtig en ragdun.
In zijn hoofd klinkt die stem, die galmend roept. "Hebt gij wel gewoekerd met uw talenten? Beter ten hele gekeerd, dan ten halve gedwaald." Daar is niets tegenin te brengen, behalve dat hij óók dat spreekwoord heeft omgedraaid. Onbedwingbare haast heeft Jan, levenswijsheden halen het niet bij wat buiten pronkelonkt.

De magnifieke liefde herself houdt zich kuis afzijdig,

speelt voortreffelijk onschuldig. Onbewust is zij, van psychologische processen en vooral van haar eigen onbegrepen complex want van huis uit heeft ze niets opgestoken.
Dat jaar zijn Jantjes onzekerheden niet zomaar murmelend achtergrond gekabbel. Het is ineens intens veel meer. Wat hem al die jaren in de flauwe, afgelebberde feestelijke familiemaand parten speelde, dat herhalende perpetuum mobilae van onzinnige gezelligheid, staat hem plotseling misselijkmakend tegen. Gezinstradities lijken ruw ontglansd. De ontevredenheid krijgt een door riemen-en-ruiten-avontuurlijk lefgozerig kantje, bij het frisse langbenige meisje aan het handje.

 

Het afgekloven huwelijk kan na één maandje haarkloven met zijn aftandse vrouw linea recta in de prullenbak

incluis de originele mooie geelgerande graftak...

Mooi symbool van Oud en Nieuw. Doortastend wordt na het vuurwerk de half afgevreten kalkoen samen met de uit de mode geraakte kerstballen weggemieterd. De ooit gemaakte afspraken, als oude vis in de Telegraaf gerold, vallen met een slappe klap boven op de droge afgevallen dennennaalden. De vlotte verdeling van de volwassen kinderen is een vriendelijk fluitje van een cent. Ze kiezen zelf wel, de een voor pa een ander wellicht voor ma, want in de eerste tijd is het voor de achtrblijvers uiteraard wat ingewikkeld plussen en minnen.

De herboren vent, met de grauwe, eerlijk verdeelde Kerstversiering plus het oeroude verleden, als een molensteen om zijn nek, staat glunderend en trots als een kwajongen bij de verliefde dochter voor de deur. Het lieve leven kan beginnen. Wat ze even vergeten? Iedere jonge meid heeft ook een moeder die het klappen van de zweep kent. 

"Hier ben ik eindelijk, lieverd."

zegt hij krokant, met betraande trouwe hondenogen 

Mannen worden nou eenmaal pas emotioneler, als ze de zestig naderen en de kans is groot dat zijn nieuwe partner hem na twee jaar net zo'n ouwe zeur vindt als de vrouw die hij achterliet...

Reacties (7) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Bijzonder geschreven, graag gelezen!
Heb ik nog niks mee te maken... =P Toch een duim:)
Heel mooi, graag gelezen!
Als het bij mij zover is kan ik beter met pensioen gaan...
Zo zeg hoe herkenbaar.
Schitterend beschreven! Heel mooi artikel. Duim!
Mannen worden pas emotioneel als ze de 60 naderen...mooie uitspraak en nog waar ook. Duim Taco