Centrum Galacti (1/4)

Door Venuswix gepubliceerd op Saturday 25 January 22:33

Beste Plazillianen, dit is niet zomaar een doordeweeks verhaal. Dit verhaal ligt op de hoogste graad van fantasie. Na dit verhaal bekijk je het heelal en alles anders. Dit is wat er gebeurt als je filosofie met fantasie vermengt. Het brengt je tot de diepste levensvragen over de creatie van de mens. Enjoy the show!

-Venuswix

Centrum Galacti

Het jaar 2013. Het is pas lente geworden en alle bloemen en bladeren beginnen te bloeien. In het dorpje Keutergem zijn de inwoners een glaasje gaan drinken met elkaar of genieten ze in hun tuin van het heerlijke weer. Maar één koppeltje heeft een ander idee; ze gaan een boswandeling maken.

fbca05734f8f32ee452cd775d2fd433a_medium.

 

Het bos naast het dorp staat bekend om zijn lentebloei. De mooie paarse bloemen nemen voor één week de hele bosbodem over. Kunstenaars van over de hele wereld komen hier om inspiratie op te doen. Het koppeltje heeft geluk want het bos staat in volle bloei op verschillende plaatsen. Om precies één uur in de namiddag beginnen ze aan de wandeling. Ze volgen het pad dat gemaakt is om de mooiste plaatsen van het bos te zien, maar de man wil meer in de natuur wandelen en wil een binnenweg nemen. Het koppeltje gaat door het wilde bos, maar plots komen ze in het midden van hun weg een modderpoel tegen. De man denkt na en ziet twee droge stenen in de modderpoel. Via die stenen kunnen ze wel de modderpoel oversteken. De man springt naar de eerste steen en dan naar de tweede steen. Plots ziet de vrouw een eekhoorn en slaakt een klein kreetje van de schrik. Daardoor wordt de man afgeleid en verliest zijn evenwicht. Hij springt naar de overkant en kan zich nog net aan een kleine boom vastgrijpen, maar deze buigt onverklaarbaar door en de man valt in een struik. De vrouw grinnikt omdat haar man zo onhandig in de struiken is gevallen, maar stopt er mee wanneer ze ziet dat haar man door de grond wordt gezogen in een put van licht. De vrouw, stomverbaasd door het gebeuren, springt over de modderpoel en verliest ook haar evenwicht als ze de eekhoorn voor de tweede keer ziet verschijnen. Maar de boom staat er niet meer want die was al doorbogen, dus grijpt ze naar de boom die er naast staat. Die boom blijft gewoon staan zoals een normale boom. Ze gaat naar de struik en kijkt in de struik. Ze ziet een put van licht. Ze wil haar GSM pakken om haar buren te bellen, maar dezelfde eekhoorn van de laatste keer doet haar weer schrikken en ze valt ook in de put. De eekhoorn is verbaasd wanneer hij het licht in de put ziet. Hij kent die plek zo goed en heeft daar nog nooit licht gezien, maar hij kijkt er niet meer verder naar om en hervat zijn zoektocht naar nootjes. Ondertussen is de vrouw in een soort van lounge geland zonder deuren, ramen of iets wat op een doorgang lijkt behalve die lift, maar deze heeft blijkbaar geen nut want het kan niet naar boven of naar beneden. De man zit op een verhoogje en zij ligt versuft op de grond van deze rare ruimte. De vrouw ziet ook een balie staan, nu ze een beetje bekomen is van de schrik. De man zegt tegen zijn vrouw dat er niemand achter de balie staat en dat hij er ook niets van snapt wat deze plaats is en waarom ze hier zijn. Plots merkt de vrouw een smalle koker op, waar maximum één persoon in kan. Ze staat recht en kan de kleine ruimte nu pas goed zien. Er is nog één ding dat ze nog niet opgemerkt heeft; er waren een paar witte zetels in een hoek van de ruimte. De man zegt: ‘Kom, we gaan daar zitten.’ De vrouw wil niet gaan zitten want ze denkt dat het gevaarlijk is, maar de man is koppig en gaat toch zitten in de witte zetels. In tegenstelling tot wat de vrouw dacht, gebeurt er niks. De man verzekert zijn vrouw dat er niks gaat gebeuren en de vrouw laat zich overtuigen door haar man. Ze gaat zitten, eerst angstig, maar dan zelfzekerder. Een kwartier lang bespreken ze waar ze zijn, wat ze gaan doen en hoe ze hieruit zullen geraken, maar ze worden onderbroken door een zeer felle flits. Ze kunnen niet op tijd reageren en worden beiden onmiddellijk verblind. De vrouw vermoedt dat de flits uit de koker kwam. De ogen van de man en de vrouw proberen zich weer te herstellen van de plotse, felle flits. Nu ze weer kunnen zien, kunnen ze het niet begrijpen. De koker die eerst leeg was, is nu gevuld met een dikke brij van gekleurde misten. De misten, die alsmaar meer naar het midden drijven, beginnen een speciale vorm te krijgen. Eerst is het een klodder, maar nadien begint het zich verticaal uit te rekken. De klodder begint de vorm van een mens te krijgen, maar wel dubbel zo klein. De man en de vrouw kunnen hun ogen niet geloven; er was zonet een hoopje mist gewoon in een mens veranderd. Die persoon, of wat het ook is, stapt uit de koker door het glas. De man fluistert tegen zijn vrouw: ’Er was toch eerst glas rond die koker?’ De vrouw knikt, maar blijft onbegrijpelijk naar het fenomeen staren. Het wezen gaat achter de balie zitten en zet een scherm op de balie. Dat scherm licht op en het wezen begint er op te tikken. Even kijkt hij rond in de kleine ruimte en ziet de man en de vrouw...

5e53e64f2ae38fb32cac4b64372605ce_medium.

Voor het vervolg, klik op deel 2 !

©Venuswix 19/02/2014

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.