De moord zonder stoffelijk overschot (6)

Door Weltevree gepubliceerd op Thursday 19 December 23:57

Op één dag rijden we vanuit het nog halfdronken donker de zonsopgang in, worden we overspoeld door de meest uiteenlopende landschappen, verdrinken in majestueus opgeklopte wolkenformaties tegen ceruleumblauwe lucht en bijbehorende wisselende weersomstandigheden nemen ons te grazen. Uren achtereen zitten we sprakeloos naar een marathon-filmvoorstelling te kijken en tegen lunchtijd hebben we het gevoel te zijn volgepropt met indrukken die maanden nodig hebben om op het juiste plekje te bezinken.

Kan men, zoals dit langschap waarachter ieder bocht een nieuw decor zich openbaart, van de weeromstuit een volkomen persoonlijkheidsverandering ondergaan, vraag ik me af. Ik heb het al eens eerder meegemaakt. Een vriendje zag het met ons niet meer zo zitten, weigerde dat echter eerlijk toe te geven en vond het makkelijker om een onuitstaanbaar ploert te worden zodat ik zelf bij hem weg zou gaan. En waarom? Hij had geen zin om het van mij geleende geld terug te betalen. Na dertig jaar op allerlei gebied mensenkennis te hebben opgedaan in relaties, met lesgeven, collegae, het inspelen op ieders persoonlijke voorkeur, want geen leerling is gelijk, voel ik het aan mijn water: Er hangt ondanks al deze onweerstaanbaar fantastische beelden buiten iets raars in de lucht en deze vakantie kan op menselijk vlak wel eens de meest schokkende worden van diezelfde drie decennia.

Ondertussen kom ik ogen te kort, kan van het uitzicht geen genoeg krijgen. Een kunstenaar kijkt wellicht op een intensere manier naar mensen, landschappen en luchten.  Wolken, een onuitputtelijke inspiratiebron. Een vuil armoedig kind in lompen kan een schoonheid uitstralen die het mooiste, slankste en meest opgeverfde gevierde topmodel op de catwalk overschaduwt. Het heeft iets met puur, zuiverheid te maken, denk ik. De foto van een vreemde bergtop in de nevel wordt een eenmalig vastgelegd moment in tijd dat zich nooit zal herhalen vanwege een naderende donderbui. Niet alleen de Semien Mountains, maar ook het weer zorgt voor unica, wonderen der natuur, die hier zo normaal lijken als iedere basale menselijke behoefte.

We rijden uren aan één stuk en draaien op een bepaald moment over een gevaarlijke smalle kiezelweg door krappe haarspeldbochten naar de top van de wereld, waar ik helaas met geen mogelijkheid foto’s nemen kan. Even later worden we overvallen door een stortbui waarbij we geen hand voor ogen kunnen zien. Het is goed dat we meer dan voldoende brood en water in de auto hebben. 

 Van bovenaf ontwaar ik alweer een dorpje in de diepte dat verdrinkt aan een kleiweg en voorzichtig dalend kijk ik steeds vanuit een ander perspektief bovenop daken onder rechthoekig vrijstaande lemen huizen. In wezen is dit modderig dorp met rode waterplassen voor mij net zo fotogeniek als een met zorg uitgekiend stilleven dat ik in mijn atelier opstel om het in alle rust vast te leggen. Ik vraag me voor de zoveelste keer af hoe het zou zijn om alleen met Ali door dit gebied te trekken, weet bijna zeker dat hij met alle geduld mee zou denken, me zou helpen waar hij kon zodat ik alle foto's zou kunnen maken die ik voor ogen had. Nu denk ik vaak, laat maar....geen zin in dat tomeloze zuchten vanaf de achterbank. Ineens, op dat hoge hoogste puntje, is mijn coulance met de passieve agressieve zombie over. De kunstenaar in mij wint.het van haar insinuerende negatieve houding. Ik schakel vanaf nu alle negatieve reacties uit, kijk letterlijk en figuurlijk niet meer achterom. Al is het levensgevaarlijk, toch vraag ik Ali om even, alléén voor mij, te stoppen. Ik schiet foto’s zoveel als ik wil, punt uit! Dat ik me daardoor egoïstisch voel zal, behalve EmjE, niemand weten. 

Axum? 

Het is op een haar na donker als Ali stopt aan de hoofdstraat, zich verlegen verontschuldigd, omdat hij nu eerst snel iets moeten regelen voordat het te laat is. Hij schiet een rommelige achteraf steeg in. We staan geparkeerd voor goed verlichte winkels. Het is spannend hier. Er is van alles op straat te beleven en EmjE en ik zien zelfs een soort kruidenier waar we wellicht wijn op de kop kunnen tikken. Vlug besluiten we onze kans te grijpen en scoren een dieprode Ethiopische wijn plus, naar ons idee, een plaatselijk geitenkaasje. Bijna gelijktijdig komen Ali en wij bij de auto terug. Ik voel me net een stout kind dat zonder paps stiekem heeft gedaan en we rijden daarna door naar een buitenwijk.

"Ik weet goede kamers, niet duur, veilig voor lieve dames." gniffelt Ali mij tevreden toe. Het blijkt een samenraapsel van aan elkaar geschakelde kamers in hoefijzer vorm met een herkenbare receptie in een apart gebouwtje. "Kijk, missie, stevig hek, veilig, om acht uur gaat op slot," vertelt hij nog eens zeer ingenomen. Hoewel we niet veel meer van de omgeving kunnen onderscheiden, denk ik dat het hotel rustig tegen een heuvel ligt en ik moet met Ali meelopen om de overnachting te regelen. Inmiddels ben ik eraan gewend om woordvoerster te zijn voor drie en ik laat het eenvoudig aan Ali over.

“Miss Dora...Hier u kunt huur kamers voor drie persoons, ”jubelt hij en kijkt er reuze tevreden bij, alsof hij vreselijk zijn best heeft gedaan om iets buitengewoon geweldigs voor ons geregeld te krijgen. Ik vind het sneu om die blijdschap te moeten temperen, zeg hem dat Miss Pee daar geen zin in hebben zal, "want zij wil alléén zijn, Ali"  Zijn mond valt open. Waarom? Jullie zijn toch vriendinnen? Het is veel leuker om de dag met zijn allen en de wijn af te ronden, probeert hij me in alle toonaarden te overtuigen, maar ik laat het wel uit mijn lijf zonder overleg één kamer voor drie te boeken. Hij schudt in ongeloof zijn vriendelijke hoofd.

“Miss Pee wil dat echt niet, Ali. Dat mocht in Addis immers ook al niet? ”

“Maar daar kamers klein, niet voor drie, miss Doortje. Tsk tsk, waarom jullie extra duur? Hier geen kamers voor één persoon. Missie Dora, u gaat vraag miss Pettie, ik weet zeker wel zeker, dat zij wil wel, ” zegt hij ongekend zelfverzekerd en brengt me aan het twijfelen. Heeft zij in een onbewaakt ogenblik toch iets anders met hem afgesproken? Ik huppel hoopvol naar de bemodderde Toyota, want hoe leuk zal het zijn, een vakantie-pyjamaparty en deze dag nog eens ontspannen evalueren. Wijn en kaas is er al en het brengt ons wellicht op ander gebied ook iets nader tot elkaar. Als ik het voorstel door de open deur op hun schoot leg zijn we snel klaar. EmjE zegt meteen, "ja gezellig, lijkt me leuk" en Pee pinnigt. "Nee hoor, geen denken aan, ik wil een eigen kamer,"

“Ach Pee, Ali was er zo trots op dat hij ons geld kon laten besparen, ” probeer ik uiteraard. 

" Dora, je hoeft niet te zeuren, ik wil het niet! Wil alleen zijn en betaal daar gráág extra voor, dus je regelt het maar." Ik loop met een dubbel gevoel terug, heb mijn best gedaan en op dat moment, in het hoge noorden van Ethiopië, is het niet eens meer echt een klap in mijn gezicht, Al bijna een hele week ben ik in de rouw van kneuterige vriendinnen voorpretjes die zijn afgewezen. Begrijpen doe ik de onnodige vijandige verongelijkt toon niet en Al schudt bij de balie meewarig zijn goedmoedige hoofd. Het is de eerste keer dat hij laat merken dat hij het met Pee wel heeft gehad en dat wil wat zeggen bij deze geduldige man. Ik fluister dat ik er net zo min iets van begrijp, “ maar Ali, niets aan te doen. miss Pee wil het zo en ik kan haar niet ompraten.” Waarover ik in Addis droomde is in het gevoelloze egoïsme verzopen. Het staat vast. Met elkaar genieten of napraten over wat we met de reis allemaal beleven zal niet gebeuren. Misschien dit alles straks in Nederland duidelijk, zoals EmjE denkt? Ali wil zoals gebruikelijk de koffers op onze kamers zetten en als ik vraag waar wij hem kunnen vinden in geval van nood, zegt hij dat hij weggaat. Morgenvroeg om acht uur staat hij met een schone Jeep weer voor ons paraat.

“Ali, je slaapt toch niet in de auto?” vraag ik uiteindelijk, maar hij schiet in de lach en zegt dat ik maar eens met EmjE moet praten, springt opgewekt in de auto en we zwaaien hem uit. Voordat we goed en wel zijn ingekwartierd heb ik de meest woeste ideeën over hoe onze chauffeur zich door de nacht vrijt, of er in de nachtelijke uren bij beunt, of, of of…maar EmjE lacht me, net als hij, vierkant uit.

“Mens wat heb je toch met Ali's nachtleven? Ik heb je dat in Bahar Dar toch al uitgelegd?” Nou word ik echt gek of dement

“Ik zit me toch niet al die tijd af te vragen waar hij uithangt en met wie, als jij mij dat daar al had uitgelegd?”

“Haha, nou ja. Is er dus niet van gekomen, maar, haha, dat kan dan ook nog wel even een half uurtje wachten, doe mij eerst maar een wijntje. We gaan lekker in bed zitten met de dokke huispakken aan en nemen brood met geitenkaas. Dan zal ik je dat eens haarfijn uit de doeken doen.” plaagt ze temend terwijl ze met een speels treiterende nauwkeurigheid wat bloesjes uithangt in de kast. We blijven waarschijnlijk twee nachten hier , volgens onze 'reisleidster'.

vervolg

 

Reacties (7) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Nu wil ik el weten wat EmjeE meer weet dan jij ?
ben benieuwd
Inmiddels weet je het, hihi
Dan luistert no 4 stiekem mee! :-)
Makes three of us (onnodig engels maar in die taal kun je het zo mooi zeggen)
Ik ook!
Ik ben eigenlijk ook wel benieuwd :-))