Wonderlijke wisselvalligheden (3)

Door Weltevree gepubliceerd op Wednesday 11 December 16:36

Onderhand beginnen we echt honger te krijgen. Hoe anders het hier is dan we in het volgebouwde Nederland gewend zijn blijkt wel uit de lange tijd waarin we geen enkel dorpje tegenkomen en oh wat zou ik graag een kopje koffie willen. Net als we denken dat er eindelijk iets te eten in het verschiet ligt blijkt dat het plaatsje nog zichtbaar last heeft van de heftige bui die wij vanaf het gebergte hebben zien vallen. 

De aanblik van deze negorij doet mijn vriendinnen duidelijk geen goed. Pee kijkt door de hoofdstraat met een gezicht als een oorwurm en ze loopt op haar tenen achter ons aan, zuchtend en steunend over de modder die zo stinkt. Natuurlijk worden we weer met grote belangstelling bekeken en ik krijg het idee dat onze aardige gids ook wat zorgelijk oogt. Volgens Ali is hier- hij vindt het erg om te vertellen- geen geschikte en vooral geen schone gelegenheid om iets te eten en dat lijkt ons beslist niet overdreven. Het gat lijkt werkelijk van vuile armoede en vreemde bouwsels in elkaar geknutseld. We kunnen er wel ergens in de plaatselijke ‘bodega’--een ijzeren hok met één tafeltje en drie  krukjes- de koffie drinken waar we zo naar verlangden, maar van een markt is geen sprake, een bakker of fruitstalletje zien we er ook niet en de kiosk is niet meer dan een opstapeling van kratten bronwater.

“Jongens, we weten niet hoe lang het duurt voordat we weer zo’n gehucht tegenkomen dus laten we voor de zekerheid maar wat flesjes water inslaan,” zeg ik denkend in het voren. EmjE en ik hebben in het hotel extra broodjes meegenomen en het restje jam, waarvoor ik in Addis een half uur gelopen heb, zit in mijn koffer. Mocht de nood aan de man komen…Als ik zie hoe laat het inmiddels is, stel ik niet voor om improviserend naast de auto een hapje klaar te maken, erg veel zin in weer een uit de lucht geplukte sneer van mijn ontevreden vriendin heb ik ook niet.

“Volgens Ali is Gondar nog vijfenzeventig kilometer rijden en met een gemiddelde van zestig kilometer kunnen we volgens mij rond zeven uur in Gondar arriveren.” oreer ik voor het vaderland weg om de bedrukte vriendinnen wat op te vrolijken.

“Dus als alles meezit kunnen we om een uur of acht eindelijk ook eens iets eten?” klinkt het voordat ze haar vaste plek op de achterbank weer inneemt. Kijk, ook als ik probeer de moed erin te houden moet je lullig doen? Krijg de hik, ik laat mij er niet voor verantwoordelijk maken dat de gebraden hanen ons nu net toevallig niet op het juiste ogenblik in de bek vliegen.

“Alles oké, Ali?” vraag ik voor de auto als de dames binnenzitten. Hij lijkt verbaasd dat ik ernaar informeer en begrijpt dat ik hem door heb. 

“Ik hoop, geen lekke band, missie Dora. We zijn beetje te laat.” fluistert hij voordat we instappen.  Zodra Ali zich zorgen maakt is dat niet voor niets, weet ik inmiddels. Voorlopig zitten we echter nog de eerstvolgende veertig kilometer heerlijk op ons gemakje van de prachtige omgeving te genieten in de gloed van de ondergaande zon die over de goed onderhouden weg schijnt. 

“Ik was er al bang voor,” fluistert hij alweer zo zacht dat alleen ik het boven het geluid van de motor uit horen zal. In de verte is er inderdaad iets aan de hand en even later staan we stil aan de staart van een file die in de schemering meer dan drie kilometer lang lijkt.

“Haha. Kijk nou eens,” lacht Pee sarcastsich. “File...We hebben de hele dag amper auto’s gezien, hihi.” Ik reageer maar niet want als het is wat ik denk zal het lachen ons wellicht snel vergaan. Over een half uur is het pikke donker en ineens realiseer ik me dat we geen slaapzakken bij ons hebben. Ook geen plaid terwijl ik weet dat het na zessen erg af zal koelen. Soms is het maar net boven het vriespunt en hoewel we onderweg wel iets te drinken hebben ingeslagen is er toch bijna niets te eten…. 

Ali wil dat ik met hem mee ga om polshoogte te nemen terwijl hij de dames opdraagt de auto op slot te doen, niet naar buiten te gaan en onze bezittingen goed te bewaken. Een goed verstaander heeft een half woord nodig, lijkt me. In de verte zie ik, net voordat het echt donker wordt, iets van een brug, maar de reden voor dit oponthoud is mij een raadsel. “Ik denk, een vrachtwagen kapot op brug, maar…” zegt mijn steun en toeverlaat weifelend en dat laatste woordje stelt me in het geheel niet gerust.

“Wateroverlast?” vraag ik en hij geeft toe dat het wel erg veel geregend heeft de laatste tijd, er inderdaad ook wel eens iets met de brug aan de hand zou kunnen zijn.
“Is het een oude?”`probeer ik en hij knikt zorgelijk, zegt dat er maar één rijbaan is en ja, dan…”

"Er zit niets anders op dan geduld bewaren, Ali, want we kunnen toch niets doen," stel ik ons alle twee gerust en het klinkt niet al te zelfverzekerd als zegt hij dat we ons géén zorgen hoeven maken. 

Reacties (9) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Brrrr ....het voelt eng aan ..
Het feit dat Ali erbij is, geeft wat hoop maar toch ?
spannend hoor ... loopt dat goed af?
Het heeft ook wel iets komisch, midden in de rimboe een file.
Inderdaad, als je het zo bekijkt... En niet te vergeten, een file van al die oude auto's, bussen, en vrachtwagens, die zo naar het Openlucht Museum kunnen...
Het begint een beetje griezelig te worden!
Avontuur, heet het, maar ja, het is geen film hè?
Dus of het goed afloopt? Met Ali heb ik er alle vertrouwen in.
Ali, inderdaad, daar draait het steeds meer om, heb ik het idee...
Bij het avontuurlijke hoort ook enige dreiging!
Oh la la dat klinkt niet best