Stoute gedachten bij de Nijl

Door Weltevree gepubliceerd op Friday 06 December 00:32

Onderweg realiseerde ik me wat het avontuur van vandaag zo bijzonder maakt: Niemand weet wat ons te wachten staat . Voor ons alle drie is het volkomen nieuw. Dat wij allemaal anders reageren op 'controle' is inmiddels schrijnend duidelijk. EmjE neemt het zoals het komt, ik zie meestal wel iets leuks of leerzaams in een nieuwe situatie en Pee moet controle hebben. Dat kan een spannende mix zijn waar we alle drie iets van opsteken, maar het lijkt bij ons soms desastreus uit te gaan pakken. Nu ik het, soms met kloppend hart, tot hier gered heb, steeds op de anderen twee heb gelet of het goed met hen gaat, blijk ik niets te kunnen voorspellen. Vandaag laat ik die zorgzame waakzaamheid los want ik ben niet broeders hoeder en Alie is er voor de reis, dus wat kan er gebeuren?

Er stappen nog enkele Ethiopiërs in. Voor de overtocht wil de stuurman maar een klein bedragje en dan, pufferdiepuf, drijven we naar het midden over de gele drab om betoverd onze ogen uit te kijken. Het intense groen van de begroeiing langs de wal met op de achtergrond in blauwe nevels de bergen. Het is wonderlijk stil, op het rustige motortje na. Er is zoveel indrukwekkends te zien dat EmjE vergeet om misselijk te worden. Na een minuut of twintig rustig over de traag stromende geschiedenis te zijn gevaren, worden we aan de dichtbegroeide overzijde afgezet. Nieuwe jonge gidsen op blote voeten in nette, maar versleten polo’s en korte broeken, proberen ons als klant te winnen. Ali hoeft enkel zijn gestempelde documentje te laten zien om van hen af te komen en meteen volgen we hem door een groener dan groen veld. Het extreem smalle zandpaadje staat hier en daar al vol water. Hoppend van steen naar steen schieten we uiteraard niet snel op en het blijft een constante behendigheidstest. Wie over de glibberige stenen uitglijdt zal de rest van de dag bemodderd voor gek lopen. Naast ons lopen soms toch enkele vasthoudende kinderen mee om de bekende geweven stoffen aan ons te slijten. “Miss, miss, loekiekoek, bjoetifoeloe!” We mogen aan hen echter geen tijd verspillen, waarschuwt Ali, want boven ons pakken dikke dreigende donderwolken samen en in de verte weerlicht het al. Hier, op dit verdronken land, zijn we uiteraard makkelijke doelwitten voor de bliksem. Tijdens de lange tocht parallel aan de inmiddels wel snelstromende rivier zien we toch nog mensen die in deze verlatenheid voor vast lijken te wonen, want iemand doet onder een scheefgezakte boom de was in de Nijl. Op het langgerekte plateau lopen we over uitgestrekte weiden met bijzondere koeien, maar ook langs velden waar jonge mais op komt. Nog één buitje regen, vertrouwt Ali me toe en we zullen vast komen te zitten, niet meer voor of achteruit kunnen, want nu zijn we halverwege. Nu pas? Oei, denk ik en weiger mijn rug te voelen. Ik moet en zal, zal en moet de eindstreep halen, al  krijg ik angstvisioenen van drie bejaarde blanke vrouwen die net voor het doel bezwijken en nimmer worden teruggevonden. Of dat we bij de waterval in een grot moeten overnachten en wachten tot de grond weer droger en begaanbaar wordt.

De hilariteit is groot als drie blanke jongemannen met twee giebelende tienermeisjes ons tegemoet komen. Nergens staat een bordje wie er voorrang heeft maar we moeten wel dezelfde keien gebruiken. In de armen van een wildvreemde jongen uit Engeland, voorzichtig om elkaar draaiend, krijg ik bijna de slappe lach, want wie van ons verliest het eerst het evenwicht? De jongeman vertelt ondertussen doodgemoedereerd dat ons een wereldervaring te wachten staat en we redden het om ongeschonden langs elkaar te komen zonder een nat pak te halen. Dat ons dat over een half uur toch te wachten staat is niet voorspelbaar.

Eerst is er het ruisen rvan vallend water dat we nog niet zien, op de achtergond. Tot aan het eind verschuilt de Nijl waterval zich tot we aankomen op wat  een vrij vlakke weide lijkt waar achter een hoge, met groen begroeide rotswand, opreist. Aangekomen op het eindpunt begint het dan toch te regenen, maar de Engelse jongelui krijgen  meer dan honderd procent gelijk.  Die ongemakkelijke moeite, natte voeten, stiekeme angsten om het onweer in de verte, is het ruimschoots waard, want daar aan de  rechterkant is hij dan ineens achter een boompje. Het immens lawaai trekt me naar de rand toe terwijl Pat en EmjE hun plastic poncho met het lachwekkende puntmutsje over hun hoofd trekken. Ik heb er niet eens één, maar het is net of ik in de doorweekte blouse nog beter de kracht voel, de macht die dit natuurgeweld uitstraalt. Zoveel moeite is er met ons bejaarde lijf voor gedaan en nu staan we onder een boom oog in oog met de magistrale krachtige tonnen geel water dat zich over een breedte van meer dan twintig meter over de rand stort. In de diepte waarvan we vanaf deze plek niet eens de bodem zien. Wel stuiven tot aan waar wij staan dikke nevels op en we moeten helemaal naar het randje op de glibberige grond om te kunnen zien met welk een geweld al dat water beneden op de rotsen stort.

Het begint steeds harder te regenen maar van deze machtige aanblik moet ik mijn hoogtevrees overwinnen want halverwege is een plateau waar ik iemand zie lopen. Als hij dat kan…moet het mij toch ook lukken? De dames raden het me af, maar mijn heldhaftigheid, want ik ben altijd een angsthaas, neemt grootse vormen aan en in de doorweekte Ethiopische bloes. klauter ik aan Ali’s hand mijn angst voorbij.  De onbeschrijflijk indrukwekkende waterval halverwege zien en me zeer klein voelen naast dit geweld geeft een sensatie die ik al decenia niet meer heb gevoeld en ik laat me gaan. Het is verscholen grandeur, want weinigen zullen deze waterval met eigen ogen zien, met eigen oren het bulken van zijn water horen en met eigen hart voelen welke opgesloten gevoelens hij in je hart opent. Dit natuurgeweld staat mijlenver van kinderachtige gekrakeel of onprettig gedrag. De grootsheid, onmetelijke kracht van dat omlaag denderende gele water raakt me recht in mijn ziel en de razernij van het geweld woelt oer in me los terwijl zover daarboven mijn vriendinnen staan, die van deze gewaarwording in mij nooit iets zullen weten. 

Daar op dat lager gelegen plateau waar, hoe komen ze er in Godsnaam,  geiten en een prachtig bruin rund grazen alsof het de normaalste zaak is, zou ik weken willen blijven. Alleen met Ali, die rustig naast me staat. Hier zou ik in de open lucht de liefde met hem willen bedrijven. Wild en teder tegelijk. Ik ben weer slank en weet zeker dat hij zich niet storen zal aan al dat los hangende vel. Ik schaam me ook niet voor dit verlangen. Het is de Nijl die dit  pure dierlijke op woelt. Het is meer dan geile lust want het is een heel sereen gevoel dat door me heen spoelt. De Nijl met zijn bulderende oorverdovende geweld stuwt het uit de diepte op en ik was die gewaarwording allang vergeten. Ook dat maakt me stil. Oh, hoe graag wilde ik dat deze ervaring voor eeuwig in mij zou beklijven,  nooit meer zou verbleken, zo rond, zo diep en zo helder als glas, maar we moeten alweer snel omhoog om met de vriendinnen aan de lange terugweg te beginnen.

Ik vraag me af waar de tanige, door het leven getekende spinsters wonen die boven, zittend op de grond, hun werk doen. Zijn de drie jonge meiskes die erbij lopen hun dochters? In de hele omtrek is geen tukul of houten hok met golfplaten te bekennen. Wij zijn hier voor een schijntje getuigen van een onbetaalbaar erfgoed dat inmiddels nog maar éénderde is van wat het ooit was. Een nieuwe stuwdam, een aantal kilometers terug, heeft deze waterval nu al tot tweederde gereduceerd, vertelde Derenge en het ziet ernaar uit dat dit fenomeen in de toekomst nog meer zal worden aangetast, beaamt Ali beaamt nu. 

Ik haal mijn hart op, kan er geen afscheid van nemen.  Niet van de sterke vrouwen in hun beide grove gewaden. Niet van de lachende kinderen in hun donkergroene jurken die vanwege de regen onder een grote plastic zak zitten te schuilen. Zijn het de dochters van de twee tanige spinsters die voor me poseren en die allemaal een wat geld daarvoor ontvangen? Ik zou er nog zeker een paar uur rond willen hangen, ware het niet dat de volgende regenbui zich alweer aankondigt en het onweer komt akelig dichtbij.

We moeten terug is Ali bezorgd, want dat alles straks volkomen blank staat weet hij nu zeker. EmjE stapt hierna zonder bedenken in het bootje en heeft geen moment last van duizeligheid

Die avond in het hotel waar we moe maar tevreden iets eten, raak ik niet uitgepraat.”Ik weet zeker dat in Nederland één of andere handelsgeest met hebzuchtige inventiviteit deze plek vol zou bouwen. Dat Tisisat vol zou komen te staan  met wild gekleurde Fast Food tralaria, souvenirswinkels vol prullaria plus uiteraard een mega groot hotel. Men zou voor zo'n dagtrip als deze een gigabedrag neer moeten tellen en de plaatselijke bevolking zou er maar een fractie aan verdienen..

Reacties (10) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Wat een avontuur en wat een beschrijving.
Het leest zo vlot dat het net lijkt of ik stond naast je en zag alles mee met jou (jullie)
het moet werkelijk indrukwekkend geweest zijn!
(oei ik val in herhaling met Anerea (maar ik laat het hier toch staan!)
Dank je meis. altijd fijn, complimenten
én verdiende complimenten :-)
Ik van jou definitie van bejaard zijn erg lollig. Want bejaard ben jij nog lang niet. Die waterval heb je toch maar gezien,moet heel indrukwekkend geweest zijn voor zo'n oud dametje.
Voor mij tot nu toe mooist beschreven ervaring!
Een stukje natuurgeweld, mooi beschreven
Dit kan niemand je meer afpakken Syvia, een prachtig verslag zo dichtbij dat ik bijna onder de waterval stond. Levendig en gepakt. Dank voor het delen, groet en fijn weekend, lena
Dat is wat anders dan een reisje op de Rijn...Indrukwekkend zo'n waterval en inderdaad goed dat dat nog kan zonder toeristische ellende.
Dat is wat anders dan een reisje op de Rijn...Indrukwekkend zo'n waterval en inderdaad goed dat dat nog kan zonder toeristische ellende.