Nog meer vuile was die niet buiten hangen mag? (4)

Door Weltevree gepubliceerd op Tuesday 26 November 18:52

Het duurt al met al veel langer dan ik heb ingeschat. Ruim een uur later heb ik de gratis work-out van die dag achter de rug en  sta ik fris en fruitig voor de gesloten poort. De jampot diep in mijn jaszak verstopt, moet ik via het restaurant, waar vroege gasten al aan de zure enjerra plukken. Serveerster Nina wijst me een smal smerig gangetje waar sterke etensgeuren me bijna de adem benemen. Kruip door, sluip door, meer dan tachtig centimeter is de doorgang niet, val ik bijna over een blikken schaal die iemand ineens door een doorgeefluik steekt. Delicatessen voor de welvarende Ethiopiër: Enjerra met Dorrowat, witte koolsla plus de beroemde schapenhersenen. Het bezwete hoofd van de kok schaterlacht nu ik niet de serveerster blijk te zijn. Aan het schemerige eind van de gang meuren me toiletgeuren tegemoet en ineens sta ik verblind kokhalzend op de zonovergoten binnenplaats.

Tot mijn verrassing zitten de dames in hun pyjama aan het vierkante tafeltje voor onze kamer en ik zwaai triomfantelijk met het plastic zakje waar doorheen het flinterdunnen vliesje feestelijk zes warme broodjes schijnen. De opgewekte begroeting van mijn vriendinnen mengt zich met de broodwalm en het speeksel in mijn mond spreekt over gezonde trek. Met een verdomd goede zin leg ik ons ontbijt op tafel. Peet lijkt bijgedraaid en EmjE is nog steeds haar vertrouwde rustige zelf.

“Goede morgen meisjes, goed geslapen?”Pee knikt goedgemutst, vraagt waar ik al die tijd gezeten heb “want we begonnen ons al zorgen te maken.” Wie zijn wij? Emje trekt net als ik iets met haar wenkbrauwen. 

“Ach... EmjE wist dat ik brood ging halen. De bakker zit niet wat je noemt direct hier om de hoek. Is jouw kamer trouwens ook zo vochtig, Pee?” vraag ik, maar zij heeft gelukkig nergens last van. Is als een blok in slaap gevallen, vertelt ze. Nina, komt kwiek twee kopjes koffie plus één groot glas heet water brengen en bekijkt belangstellend hoe Pee uit haar jaszak een Douwe Egberts theezakje tevoorschijn trekt, dat ze stevig door haar glas lellebelt. Mooie Nina heeft lol met haar drie buitenlandse gasten en voordat de jam tevoorschijn komt roep ik eerst frivolijk “Tahadahaaa”. Dat zij er geen notie van hebben dat er voor deze verwennerij kilometers is gelopen maakt mijn plezier er niet minder om en dat de jam over de datum is valt niemand op

Onze zakmessen- EmjE en ik hebben ze standaard  in de handtas- doen prima dienst en Hollandse kaas laat zich prima snijden op een leeg inlegkruizenzakje. Uiteindelijk vieren we gedrieën ontspannen het begin van de eerste vakantiedag. Er valt geen wanklank bij de hete Ethiopische koffie. Zo hoort vakantie te zijn, relaxt, niet jagen en gezelligheid kent geen tijd, Een betere sfeer kan niemand zich wensen en ik hoop, nee bid schietgebedjes, dat mijn wantrouwen een grote vergissing mijnerzijds zal blijken. Lieve Heer laat me in Godsnaam géén gelijk krijgen. Niemand ziet dat ik wacht, smacht naar geruststellende informatie. Kom op Pee, met opgetogen verhalen over donaties, enthousiaste verslagen over hoe fijn het is om al zo snel zoveel succes te hebben. De smeekbeden worden niet verhoord en niemand zou zeggen dat, na mijn tweede broodje en nog een kopje koffie de hoopvolle verwachting bijna uit de voegen knalt. Al die info mag EmjE wel horen, maar de persoon die de aanleiding  van dat alles is moet in het duister tasten? Ik begin ernstig te twijfelen aan mijn waarnemingsvermogen. De stichting waar Harry trionfantelijk over mailde lijkt waarempel een taboe?

“Zeg Pee… Ik ben toch zo benieuwd naar hoe het met de stichting zit” Ze verstrakt meteen, kijkt verbaasd en staat op. Ze gaat eindelijk de papieren, den ik gerustgesteld. Gelukkig. Na drie passen besluit ze echter weer bij ons te gaan zitten wat EmjE verleidt om stiekem voor zich heen te gniffelen

“Bah, ik ben net hier en nu begin jij weer meteen met gezeur,” mompelt ze ontevreden. Ik kan ontploffen, bijt ik op mijn lip want met azijn vangt men minder bijen dan met honing.
“Pee, hoezo gezeur? We zijn nu officieel partners van CHAD-ET!”

“Ja en ik heb voor Anannia de Mercedes onder de koffiezetmachines gekocht. Plus één, iets kleiner, voor het personeel. Van de kringloop, maar in de originele doos! Zelf betaald hoor en voor de meisjes heb ik stukken zeep. Een kennis gaf me ook kleren mee. Wanneer bezoeken we CHAD-ET?”

“We worden tegen lunchtijd verwacht maar ik vroeg me iets heel anders af. Je hebt immers alle vergaderingen genotuleerd?Hoe zit het met die notulen?. Die heb ik nog steeds niet gekregen. ” Weerbarstig knikt ze, maar zegt geen ja, ik zal ze even halen of nee, die krijg je ook niet.

”Harrie heeft jou anders net zo veel gemaild als iedereen, heeft zich uit de naad gewerkt. Een hele prestatie hoor, dat moet je goed beseffen.” Ze stuurt me echt dit een dwaalspoor op?.

“Ja, ik ben ook zo trots als een klein baasje op jullie. Zoveel geld als zo snel bij elkaar is gesprokkeld, maar over de stichting en de statuten weet ik niets. Heb je die bij je?”  Ze loert blozend onzeker van EmjE naar mij en ik vraag haar vriendelijk of zij ze misschien per ongeluk is vergeten..

"Hou er toch over op. Ik heb vakantie." 

"Natuurlijk, Pee, jij wel, maar voor mij is het nog lang geen vakantie en ik dacht, nee hoopte, dat je als secretaresse en dagelijks bestuur, alles bij je had wat ik nog van je te goed heb. Zoals dat is afgesproken v\óór ik vertrok."  Ze schokschoudert, draait zich abrupt af en maakt het wegwuifgebaar, dat ik tot in de grond van mijn hart heb leren haten en het kost me ongelooflijke moeite om haar niet aan te vliegen.

“Pee. Ik zeg niets vreemds, wil eenvoudig op de hoogte zijn en voel me momenteel buitengesloten." Ze staat boos op en slaat de armen over elkaar om donker op me neer te kijken.

 

“Jij moet niet zo ondankbaar wezen, jij!.” Bijna schiet ik in de lach en ze gaat kwaad weer zitten.

 “Maak jij je toch niet altijd zo druk! Alles is in orde. Geloof me nou.” blijft ze vastberaden kordaat en ik kijk haar aan. Is ze doof of puur onwillig om opening van zaken te geven? Wat is daar de reden van?

“Jij moet niet zo wantrouwig zijn. Het is allemaal perfect geregeld. Jij hoeft je alléén maar op het werk hier te concentreren en ik hebeven zo genoeg van die stichting van jou! Als het aan mij lag...” Ze lijkt er zelf óók van te schrikken. In de stilte die valt galmt dat dreigende zinnetje in mijn hoofd door als een klok. 

“Hoezo mijn stichting, Pee? Ik heb er nog geen één enkel formulier van gezien.” Ze snuift kwaad.

“Ja. Alles hebben we voor jou gedaan. Dit hier is allemaal omdat  jij dat zo nodig wilt, maar ik heb wel een normaal leven. Zodra het project loopt trek ik me terug, als je dat maar weet. Vijf jaar, langer geef ik mijn tijd er niet aan.”Het zijn niet de woorden, maar de snerende verwijtende toon die het bloed onder mijn nagels schrapen en het liefste trok ik haar aan de korte haren door de grijze tralies, waar we voor zitten, maar zelfbeheersing is in mijn ogen toch een te groot goed.

“Ja en? Vijf jaar is toch ook precies de planning? Dan ben ik hier, denk ik, ook klaar, Pee.” Ze lijkt tevreden, heeft haar gal gespugt,  maar ik ben nog niets wijzer.

“Pee. Ik heb voorbeeldstatuten aangeleverd, dus zoveel werk was dat volgens mij helemaal niet. Tijdens mijn afwezigheid zouden we daarover stemmen en via de mail zou ik meestemmen. Dat heb jij allemaal zelf genotuleerd in die bewuste vergadering, maar zelfs die notulen zijn me niet gestuurd.” Weerbarstig zwijgt ze en kijkt naar een stelletje vrolijke uitgeslapen geliefden, dat aan de overkant hun kamer verlaat.

“Pee, ik zeg niet dat jullie niet genoeg gedaan hebben. Zeker niet. Ik zou niet durven, maar dit gaat erover dat ik niet weet waar jullie mee bezig zijn. Heb jij die eerste notulen dan tenminste nu bij je?” Ze haalt haar schouders op. Het wordt vervelend, die weigerachtigheid om mee te werken.

 “De aanvraag van de Wilde Ganzen was klaar toen ik vertrok. Die hoefden jullie alleen af te ronden, toch?”

“Ja, práát me daar niet van, zeg! Die lui doen altijd moeilijk. Nooit is het goed. Dat is heel erg tegengevallen.”

“Wat is er dan in Godsnaam misgegaan?” Ze weigert ook hier over iets uit te leggen.

“We hebben ons kapot gewerkt voor jou. Je maakt je druk om niets. Ik ga me aankleden. Hoe laat gaan we?” Hooghartig staat ze op en galmt over de binnenplaats dat ze nergens meer over spreekt, "omdat het nu vakantie is en dat hebben we allemaal dik verdiend.” Verward ruimen EmjE en ik de resten van het ontbijt op. Ze kent me, zwijgt, laat me rustig bekomen. Als Pee zegt dat het in orde is moet ik haar geloven en ik heb inderdaad wel recht op vakantie. Of Anannia, Sinaait en Maria die presentjes zo geweldig vinden? Het is goed bedoeld, uiteraard en ook niet uit de stichtingskas betaald en dat ik me onbegrepen, niet gehoord en ongelukkig voel?  Meer duidelijkheid heb ik niet, wel meer vragen waar ik EmjE niet mee vervelen wil.  

Reacties (9) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Ik kan alleen maar hetzelfde schrijven : "erg donkere wolken'"
Wat zal dit worden
het leest zo vlot ... juist jammer dat ik elke keer weer moet scrollen naar die vervolglink :-))) ik heb geen geduld ...
in een boek moet ik enkel maar blad draaien hé en dat gaat sneller, als het spannend is ... :-))
Ja, maar ik ben nog niet klaar, en dan pas zoek ik een uitgever...
De donkere wolken staan op uitbarsten!
Inderdaad donkere wolken....
Altijd oppassen met stichtingen in verkeerde handen kan het bestuur alle kanten op
De foto bij je verhaal zegt alles: donkere wolken pakken zich samen....
De foto bij je verhaal zegt alles: donkere wolken pakken zich samen....
Ik zit met dezelfde vragen. Je gaat je toch afvragen of je vrienden van de stichting en ik tel EmJe niet mee wel echt je vrienden zijn.