Alsof langzaam doodbloeden aan een kruis zo mooi is.

Door Weltevree gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

Verraden door zijn beste vrienden, timmert men Hem aan een kruis en dan noemt men dat Goede Week.

De pastoor was sowieso niet goed wijs.

http://plzcdn.com/ZillaIMG/7d7ec95dceb42333d8d2a7436f8a179f.jpg

Althans dat vond ik, maar men hield vol dat die man respect verdiende. Mijn klasgenoten straalden uit dat je er bang van moest zijn, maar bij mij gebeurde er verdomd weinig als ik hem zag. Dikke kop met dat glimmende rode bovenop, slappe wangen, drillende onderkin en een vette nek boven dat te strakke witte boordje.

Al kwam hij voornaam de klas binnen met zo’n plechtstatige gezicht  en deed de juffrouw voor hoe belangrijk hij was, ik had het na een paar keer wel met hem gezien. Pastoor deed imposant maar volgens mij was de kapelaan veel aardiger. Die pastorale vooruitstekende strakke buik kon me niet bekoren. Onbetrouwbaar was die man met onder zijn arm de indrukwekkende Bijbel met goudopslag en dikke sloten. Tussen zijn slappe wapperlippen kwam voortdurend onzin vandaan gekropen. Ontzag hebben?  Omdat hij toevallig de baas was? Dat zat niet in mijn automatisme voorgebakken. Iemand moest respect verdienen, vond ik en hij had ze niet eens allemaal op een rijtje.

Wij werden voorbereid op de eerste communie.

Dat gebeurde in de tweede klas, ( nu groep vier) als je al kunt lezen en schrijven. Zeven was ik, of bijna acht. Het zou een megafeest worden waarvoor die nieuwe lange feeënjurk aan de kast hing en wij, de kleintjes, zouden in de gemeenschap worden opgenomen. Dat was iets ongrijpbaars, maar afgezien van dat rare opgeblazen woord leek het gedoe er omheen ook redelijk zinloos. Niet dat ik geen gevoel voor plechtigheid had. Nee, ik hield van dat theatrale, maar die domme dikke man verpestte alles. Eens per twee weken overhoorde hij wat we uit de catechismus hadden moeten leren. Een vraag- en antwoordspelletje waarvan we de meeste dingen niet begrepen. Hoogdravende taal. Wat was in Godsnaam onkuisheid? De juf zweeg met zo’n speciaal wegkijkend gezicht toen ik daarnaar vroeg. “Leer het nou maar, dat hoor je later nog wel een keer.” Het scheen er niets toe te doen dat je als een kip zonder kop iets in je brein moest stampen dat je niet begreep? Hoe dom kan men het maken? Toch deed de hele klas klakkeloos mee.


Die dag dat mijnheer pastoor echt afging vergeet ik nooit

Hij sprak over de erfzonde. Die kreeg je bij geboorte mee, zo maar, gratis en voor niets. Al had je niets op je kerfstok, toch werd je daarmee opgezadeld. Pats boem, een vlek op je blazoen. Dat wilde er bij mij niet in. Ik protesteerde dus. Als enige. Dat leverde zijn boze gefronste wenkbrauwen op, maar dat deed me niets want mijn moeder keek bijna altijd zo. Als klap op de vuurpijl beweerde hij ook nog: ”Een kindje dat niet gedoopt is komt niet in de hemel als het sterft.” Wat een afgrijselijke leugens vertelde die man. Dit was voor mij het absolute toppunt van onredelijkheid. Ik twijfelde er geen moment over en stak mijn vinger op.

“Dat is niet waar, mijnheer pastoor!”  Nadat hij nogmaals probeerde me van nijd uit de bank te branden poneerde ik dat Onze Lieve Heer zo onredelijk niet was. “Want als ouders een kindje niet dopen, kan dat baby’tje daar niets aan doen! Jezus is aardig, die zal begrijpen dat zo’n kindje daar géén schuld aan heeft.”


Hij ontplofte bijna, zo ongehoord was dit.

 Het duurde lang voordat de pastoor bekomen was van mijn pertinente stellingname en de geschrokken juf stond lijkbleek naast hem. Hij probeerde me hijgend bij te brengen dat ik het niet beter mocht weten dan hij. Dat het nou eenmaal zo in de Bijbel stond en hij zwaaide vervaarlijk met zijn exemplaar. Hoe hij ook argumenteerde, ik wist zeker dat Jezus, noch zijn Vader zo’n domme wet zou hebben gemaakt en Maria zou het helemaal verafschuwen om een kind af te straffen voor wat ouders hadden nagelaten. Inmiddels zag hij purper en de juffrouw voorin de klas had een rood hoofd om mijn halstarrige betweterigheid. Ze probeerde met rare gezichten mij de mond te snoeren en ik vroeg me af of ik de enige was die er zogenaamd niets van begreep. Wilde men kinderen van alles op de mouw spelden, puur omdat volwassenen de Bijbel zoveel beter lazen? Waarom gebruikte men daarin trouwens zoveel dure woorden voor zoiets eenvoudigs als de liefde?


“Dat moet je geloven. Het is Godslastering dat te betwijfelen,”

Dat riep hij uiteindelijk en ik schokschouderde verontwaardigd. Ook dat nog, nu was ik zelfs al een ketter. Toen de pastoor daarna nog iets idioots beweerde stak ik uiteraard opnieuw mijn vinger op. Het moest toch niet mooier worden. De rest van de les heb ik voor niets met mijn arm omhoog gezeten en toen hij vertrok bekeek hij me vernietigend. Ik kreeg het er niet warm of koud van, ook niet toen de juffrouw me later apart nam en me gebood dat ik me behoorlijk had te gedragen, nooit meer zoiets ergs mocht doen. Kijk, ik wilde best braaf doen wat ze zeiden. Ik kon me heel goed netjes volgens de regels gedragen, maar zodra men dingen riep die uit de lucht gegrepen waren, weigerde ik me als een mak schaap naar de gelovige slachtbank te laten voeren.

Het communiefeest was wel zeer aangrijpend. Om nooit te vergeten. Een bomvolle kerk. Plechtig devote gedragen sfeer, wierook en Gregoriaanse gezangen van het uitgebreide koor. De jongens van de fraterschool liepen ook netjes in het beste pak in de rij, maar ik heb nooit begrepen dat ze voor kinderen van zeven taal spraken die wij niet konden begrijpen. “Geloofd zij Jezus Christus,” maar beweren dat God een dictator zou zijn met rare wetten, dat ging me echt veel te ver.

Mijn Onze Lieve Heertje was aardig!

Daar kon je als kind gewoon mee praten en hij vond je nooit verkeerd. Hij zei immers

"Laat de kinderen tot mij komen"….

Nou dan.
.

Reacties (27) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
ik vind het zielig dat ze Jezus gekruizegt hebben.
De tien geboden en wat ze ons over Jezus vertelde, Jezus met het rechtvaardigheidsgevoel dat heb ik meegedragen.
Jezus, een soort Robin Hood! Zo kwam het bij mij als vijfjarige over.
Kerkelijke geboden daarentegen vond ik buiten de zaak staan.
Ze gaven later dat gewrongen gevoel.Aflaten verdienen kon er bij mij niet in.
Gesmuld van deze kleine grote Dora!
dapper en terecht zoals je als kind reageerde.
Heel mooi en herkenbaar geschreven. Het is voor mij een van de redenen geweest dat ik mijn kinderen zelf heb laten kiezen of ze gedoopt wilden worden of niet. Toen ze daar voor kozen heb ik de pastoor medegedeeld dat zo gauw hij zou beginnen tegenover hun over al de zonden en straffen,ik het meteen af zou blazen. Gelukkig voor hun hadden ze geen witte boord crimineel, maar gewoon een jonge vent die het ware geloof uitdroeg.
Boeiend beschreven. Alsof je er dichtbij staat. En dat terwijl ik helemaal niet Rooms Katholiek ben opgevoed.
Ik ben eerlijk gezegd nog nooit in een kerk geweest behalve dan als toerist. Ik ben ook nooit gedoopt en omdat ik niet geloof in de hel en hemel laat ik het ook zo. Mooi artikel en een duim.