Mijn brief aan Ingrid toen ik naar Sri Lanka en Australië reisde.

Door Motorfietsgerrit gepubliceerd op Thursday 17 January 16:39

Update 24 augustus 2013: Naar deze brief verwijs ik in mijn nieuwste pagina over mijn eerste reis naarAustralië. Nu realiseer ik mij dat deze brief heel goed geïllustreerd kan worden met de dia's die ik toen onderweg maakte. Met het digitaliseren wás ik al eens begonnen, maar dat heb ik niet afgemaakt. Nu beloof ik dat ik dat toch spoedig ga doen. Dus -als u al door mijn recente verwijzing hier terecht gekomen bent- kom dan binnenkort nog eens terug. Dan staan er ook nog plaatjes bij!.

-----

In 1991, ik was toen 23 jaar jong, ging ik voor de tweede keer op bezoek bij mijn zus en zwager die in Australië woonde. Zelf woonde ik nog onder moeders vleugels en werkte bij een grote drukkerij en uitgeverij. Tijdens de heenreis maakt ik een stop-over van 3 dagen in Sri Lanka. Op mijn werk werkte Ingrid - een langbenige blonde meid - als secretaresse. Aan haar richtte ik mijn brieven die ik tijdens mijn reis maakte. Internet en sociale media bestonden toen nog niet. Dit is brief 1, geschreven op hotelpapier van het Taj Samudra hotel in Colombo, Sri Lanka.

Habarna, dinsdag 5 maart 1991.

Lieve Ingrid,

...Er gebeurt al weer véél, maar dan ook echt véél te véél om alles te kunnen schrijven. Steeds weer volgen de gebeurtenissen en schrijfwaardigheden elkaar in een razend tempo en met de overtreffende trap op. Zodoende besloot ik nu maar alvast -na een overheerlijk diner te hebben genuttigd en profiteend van het schijnsel van een heuse gloeilamp welke in bezit is genomen door een horde krekels- aan de beloofde brief te beginnen. Je vroeg al of het een lange brief zou worden en ik kan je nu al vertellen dat dat zeer best mogelijk is; misschien wordt het zelfs wel een vervolgverhaal. In ieder geval schrijft het maar wat lekker zo tussen het gekrakreel der krekels, overstemd door een vijftal blauw gebloesde heren met een bruine huid die zojuist het lied 'another brick in the wall' hebben ingezet. Ze geven er een 'swung' aan die het midden houdt tussen een mexicaans volkslied en een nederlandse smartlap. Maar het klinkt toch al beter dan het lied waarmee ze net hun optreden begonnen; dat klonk als een liedje uit sesamstraat en de tekst was ongeveer als volgt: 'Oela-oela-oelajee, this is Sri Lanka, oela-oela-lalajee, it does not matter where you come from, nearby or from far, this is Sri Lanka Oelalalee!'. En dan het enthousiasme waarmee ze staan te spelen zeg; stokstijf met alleen de handen aan de snaren, of schuddend met de samba-bal en de lippen bewegend kijken ze elkaar de één na de ander aan met een blik in de ogen alsof ze zeer ernstig twijfelen aan de waardering die hun optreden opbrengt. En dat kan ik me levendig voorstellen want het luidruchtige duitse gezelschap aan de ene tafel en het franse echtpaar aan de andere tafel, geflankeerd door een groep engelsen, schenkt maar bar weinig aandacht aan de muziek. Als dit Sri Lanka is dan ben ik de Goeverneur van de Betuwe. Het etablishement waar ik me thans namelijk bevind is een vakantiedorp-achtig guesthouse waar de westerlingen worden verzameld. Overdag zwermen de toeristen uit over het eiland met ieder zij eigen tour-organisatie, om 's-avonds weer netjes in het westerse getto te worden gedropt. Samen rijk doen in een keurig onderhouden zwembad met het allemooiste blauwe water, genietend van een longdrink die zowat een weeksalaris van een Sri-Lankaan moet kosten. Geen wonder dat alle mannen hier in de buurt buigen als een knipmes en de versteld doen staan van onderdanigheid als je bij hen in de buurt bent. Heel begrijpelijk als je weet dat zij een aardige graankorrel meepikken van het tourisme dat door de Sri-Lankaanse regering zo wordt gepusht. Zodoende zijn zij voorlopig gevrijwaard van een bestaan op straat zonder een houtje om op te bijten, zoals ik gisterenavond zovelen zag toen ik door het avondlijke Colombo wandelde. Maar als je jezelf ertoe overzet om niet meer te denken aan het walgelijke welstandsverschil tussen de diverse partijen, dan mag je hier wel spreken van een wereldvakantie!!!.

Het begon allemaal gisterennacht om één uur, toen het tri-star toestel van Airlanka over de amsterdamse startbaan bulderde en de indrukwekkende acceleratie omzette in een steile stijging in de ijle atmosfeer. Heel onwezelijk eigenlijk, ik had er al zo lang over gesproken, ik had geboekt en betaald, maar op de een of andere manier leefde ik vanaf de kerst in een bepaalde roes, waardoor ik eigenlijk zelf niet eens geloofde dat ik ook daadwerkelijk zo rond deze tijd hinkstapsprong met de evenaar zou spelen. Maar na twee uurtjes vliegen, toen we twee uur moesten blijven zitten in het toestel tijdens een tussenlanding in Wenen moest ik het wel geloven; ik was vertrokken, hoera!. Helaas zijn de -overigens uitermate sexy geklede- stewardessen van airlanka niet zo scheutig met het verstrekken van alcoholische versnaperingen. Daardor kon ik het gelukszalige gevoel van vakantie nog niet direkt vieren, maar nadat we allemaal een mislukte poging hadden gedaan om wat te slapen werd het ontbijt in het vliegtuig gereserveerd....met boose!. Cognac zag ik op het karretje niet zo snel staan, maar wel whiskey  en daar heb ik er maar een van besteld. En nog één. Kwamen ze notabene na het ontbijtje vragen of men nog een cognacje lustte, ...en toen heb ik maar ja gezegd.  Nou Ingrid, je gelooft het waarschijnlijk best wel dat ik niet sta te liegen als ik schrijf dat op het trajekt dat nog volgde deze jongen niet meer in het land der wakkeren is geweest. Dat ze dat nou na de nacht doen he?. Misschien wilden ze voorkomen dat een passagier verveeld naar buiten zou kijken en plotseling de contouren van Saoedi-arabië zou herkennen en vervolgens zou gaan roepen "I see a Scud!!!". Want vraag me alsjeblieft niet hoe we gevlogen hebben; 'k weet 't niet. De aankomst op het vroegere Ceylon was ook een hele belevenis. Nog net de kou uit het lijf geschud en nauwelijks genezen van de elfstedenkoorts liep ik daar de trap af uit het toestel naar de gereedstaande bus...in de tropische hitte. De nodige formulieren ingevuld en toen door de immigratiecontrole gegaan. Nou, dan wordt je aangestaard door een overweldigend aantal paar donkere ogen, elk voorzien van een bordje met de naam van een hotel. De naam van het mijne wist ik niet eens en zodra je ook maar een klein beetje blijk geeft van een geringe onzekerheid wordt je overspoeld door gretige taxi-chauffeurs die je een fantastisch aanbod zeggen de toen hebben. (?) Boelkloedig als ik over trachtte te komen weigerde ik alle hulp en parkeerde m'n karretje met de koffer en de tas bij een rustige muur. Daar bestudeerde ik m'n reispapieren om te proberen aan de weet te k omen waar ik me in 's-hemelsnaam moest melden. Luttele ogenblikken later echter werd ik aangesproken door een vriendelijke bruine man (hij noemde mij bij mijn naam notabene) of ik wilde volgen. Dat deed ik dan maar, want het scheen dat de kerel precies wist wie ik was, wat ik kwam doen etc. etc. etc.  Zijn taxi -een gedeukte en geplamuurde Peugeot 504- stond keurig buiten het stationsgebouw en toen ik m'n karretje wilde gaan duwen achter het  heerschap aan bleek er al een kruier zich over ontfermd te hebben. Bagage in de bak gedaan en naast de bestuurdersplaats plaatsgenomgn (de linkerkant!). Ik verwachte niet dat we meteen zouden wegrijden omdat er -dacht ik- nog wel meer mensen zouden komen voor mijn hotel, maar de motor draaide vrijwel meteen toen de chauffeur was ingestapt. ...Off we went.

Ik mocht hem Palli noemen, hij mij Gerrit en hij vertelde me dat ik de komende vier dagen zijn gast zou zijn omdat er verder niemand anders was die op dat zelfde moment dezelfde tour had geboekt. Zodoende cross ik nu met een privé-chauffeur en gids het hele eiland in het vierkant. Gisterenavond overnachtte ik in een 5-sterren hotel aan de boulevard van Colombo. Ik heb nog geprobeerd om er achter te komen wie de andere vier sterren waren, maar ik ben daar niet in geslaagd. Vandaag sjeesden Palli en ik over de uitstekende wegen van Sri Lanka, maar vanwege de -volgens mij- ontbrekende wegenwetgeving betekend dat honderdzesenzeventig kilometer slalommen tussen ezels, paarden, honden, mannen, vrouwen, fietsers, geiten, lorries, brommers en andere vreemdsoortige voertuigen. En lang niet iedereen weet dat hij/zij  links moet houden. Er rijden hier de alleraardigste autootjes rond die op de vehikel-beurs in Utrecht niet zouden misstaan. Heuse A-Fords (jaren '20/30!!!) en brikken van de jaren '40/50 en '60 spoeden langs boedha's wegen. Met de motorfietsen is het al net zo gesteld, maar ik geloof dat de engelse nostalgisten het motorpark hier vrijwel hebben leeggeplunderd om in hun eigen land de Nortons, Ariéls, Hendersons, Couventy Eagels etc. etc. draaiende te houden. Toch valt er zo nu en dan nog wel een tweewieler van grote historische waarde te ontdekken. Vooral de fietsen hier komen nog van engelse metaalarbeiders; de bouw daarvan is zo anders dan onze hollandse brikken. Over andere bouw gesproken; wat zij alle aziaten mager zeg, maar niet iel. "Mooie mensen om te zien" zou Jules-de-Korte wellicht hebben gezegd als hij niet gehandicapt zou zijn geweest. Niet dat ik ze overdreven nastaar of zo hoor, maar de vrouwen zien er ook veelal alleraardigst uit in hun fraai gekleurde sjerpa's en ze lachen zo vriendelijk onder hun parasolletjes vandaan. Het gebeurt ook niet zelden dat de vrouwen en kinderen spontaan uitbundig zwaaien als Palli en ik hen passeren. Het geeft me een alleraardigst Indiana-Jones gevoel. Nu de spierballen nog.

Oh ja, weet je wat vandaag ook zo indrukwekkend was?, nou dat we plotseling moesten remmen voor een enorm verschrikkelijk grote hagedis; een soort leguaan die op z'n dooie gemak de weg overstak en even later kwamen uit de jungle echte aapjes rennen en zelfs een loslopend olifantje liet z'n snuitje zien bij een meertje. Leuk hè?. De afgelopen middag heb ik de nodige liters zweet verloren bij het beklimmen van een rots waarop de ruïnes te vinden zijn van een fort uit de 5e eeuw met halverwege de klim prachtige muurschilderingen uit dezelfde tijd. Prachtig waren ze en echt niet alleen vanwege het feit dat het meisjes zijn met ontbloot bovenlijf. De bezienswaardigheden waren de bovenmenselijke inspanning meer dan waard, maar ik was wel blij toen ik weer beneden was bij Palli zijn airconditioned taxi-car. Door die airco in zijn auto beleefde ik vandaag nog een wonderbaarlijke gewaarwording. Sinds ik bij de gebrilde burgers behoor ben ik bekend geraakt met het verschijnsel 'beslagen brilleglazen' als je van de koude buitenwereld in een verwarmd gebouw stapt. Vandaag was het omgekeerde wereld en zag ik die werels als een automobilist vlak voordat 'ie z'n lease-auto in de voorganger boort wegens plotseling opkomende mist, juist toen ik van binnen naar buiten ging.

_Zeg ik stop even en wellicht ga ik morgen weer verder, want ik heb nóg zo'n blaadje gepikt uit de  hotelkamer_

...een dag later en een pen verder. Je ziet wel dat balpennen onder deze omstandigheden niet ideaal zijn. De inkt stroomt sneller dan dat ik schrijf. Hedenmorgen draaide de Peugeot om 09.00 uur zijn neus richting zuidoost en bleef zo een paar uur doorsukkelen. Minstens vijf bijna-ongelukken gehad; je lacht je rot. Een bezoek aan een houtsnijderij waar ze eboniet, rozehout en teak tot prachtige hindoe-beelden verwerken was wat soberder dan in het programma stond; er werkd vandaag namelijk niet gesneden. Vandaag is namelijk een nationale rouwdag in Sri Lanka omdat vandaag de prime-minister wordt begraven. Hij kwam vorige week door een bomaanslag met nog een handvol veiligheidsagenten en twee handenvol burgers om het leven. De goede vent schijnt toch zeer populair te zijn geweest, want overal waar je kijkt zie je de nationale vlag halfstok en witte vlaggen hangen. En toen ik net een wandelingetje maakte hoorde ik uit elke woonkamer de televisie klinken die de ceremonie rechtstreeks uitzendt. In de t.v. kamer van dit hotel kijken alle chauffeurs er naar, ook Palli. Mijn piloot was zeer teleurgesteld over het verlies van zijn president. Vanavond zouden we naar een dans gaan kijken van gemaskerde deernes, maar dat gaat ook al niet door om dezelfde reden. Lopend dacht ik net erover om jou een kwartje te geven als ik terugben, dan huppel jij maar wat, dan heb ik m'n dansje toch gezien. En mocht het een buikdans betreffen dan vraag ik het wel aan Esther. (Was een uitzendkracht die zwanger was -red-). De tegenslagen houden vandaag niet op, want hier in Kandy -waar ik nu ben- staat een tempel waar een tand van Boedha wordt bewaard. Ze hebben dat ding in een gouden doosje gestopt en dat doorsje zit weer in een ander duur ding. Kortom, het is zeer zorgvuldig weggestopt en wordt zwaar bewaakt. Eéns in de drie jaar wordt het doosje opengemaakt om aan het publiek te tonen. Dat duurt ongeveer een week. Laat die ene week in die drie jaar precies déze week zijn!. 'Nou, dat is dan toch mooi!" zul je misschien zeggen, maar nee, van heinde en verre zijn de boedhisten binnengestroomd in Kandy en wachten in rij van kilokilokiloméééters lang op hun beurt om voor tandarts te kunnen spelen. Het geplande bezoek aan de tempel vanavond zou dus waarschijnlijk ook niet doorgaan. Hopenlijk is het straks nog een beetje licht als we toch naar de stad gaan voor een wandelingetje, want ik hoop toch een paar van die kale knikkers in van die oranje jurken op de dia te kunnen zetten. Daar kwam ik vanochtend niet aan toe, omdat Palli zo nerveus was vanwege de vele wegafzetingen en de drukte dat ik het maar beter vond als ik hem niet lastig viel. Momenteel hoor ik het in de verte donderern, het is zwaar bewolkt. Vanuit mijn hotelkamer (met balkon) kijk ik over een rivier die aan de voet van een uitbundig begroeide heuvel ligt. Net heb ik met een verrekijkertje naar de overkant gekeken; er wasten echte mensen zich. Dat zie je hier regelmatig; groepjes mensen die staan te poedelen in het water. Hun kleren wassen ze ook in de beek/rivier. Een grote tegenstelling is het hotelzwembad dat recht onder het balkon ligt. In dat luxe bad lagen op hetzelfde moment dikke duitsers en andere leuten. Toen plotseling dikke tropen-regendruppels naar beneden kletterden verlieten de badgasten het water snel met de badjas het hotel in. De Sri Lankanen in de rivier bleven waar ze waren, het deerde hen totaal niet.

Beste Ing., ik ga het hierbij voorlopig even laten, wellicht ontvang je later nog een brief uit één of ander australisch mijnstadje. Misschien wel een noodoproep om auto-onderdelen. Voor nu het allerbeste, hou de bedrijfseenheden zelfstandig en ga door met onze fool's drukkerij colour te geven. (ons bedrijfsonderdeel werd full-colour drukkerij genoemd -red-).

Gerrit.

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.