Gepubliceerd verhaal: In grijs gevangen

Door Nonnie gepubliceerd op Sunday 19 January 17:49
bd1d8ab3de08c9c5d38b2305b012b19b.jpg
Het was nog donker in de slaapkamer toen ze wakker werd, dus ze had het niet direct in de gaten. Slaapdronken strompelde ze naar de badkamer, zat met half gesloten ogen op de toilet, waste haar handen en keek terloops in de spiegel. ‘Aaaaaaah!’ een ijselijke gil ontsnapte aan haar droge keel. 
‘Wat is er?’ Koen kwam in zijn pyjama aangesneld. 
‘Aaaaaaaaaaah’, Toen ze Koen zag was het geluid nog snerpender. Een rilling liep langs haar ruggengraat.
‘Wat is er?’ vroeg Koen opnieuw, geschrokken. Grote ogen keken hem hulpeloos aan. ‘Hoe zie jij mij?’ Een dodelijk serieuze blik, zo kende hij haar niet.
‘Nou gewoon,’ probeerde hij luchtig, ‘een beetje slaperig zo op de vroege ochtend, maar geweldig sexy.’
‘Dat bedoel ik helemaal niet.’ Ze gaf hem een geïrriteerde stomp tegen zijn bovenarm. Hij keek haar niet-begrijpend aan.
‘Zie je niks aan mij?’
‘Nee, niks, wat moet ik zien dan?’ Vrouwen! Soms snapte hij er werkelijk niks van.
‘Nou, alles, werkelijk alles is anders dan gisteren.’ Haar stem sloeg over, kreeg een hysterische klank. ‘Niks is meer hetzelfde, ik, jij, de badkamer. Heb je enig idee hoe dat voelt, als de hele wereld in één nacht…’
‘Wat is er dan anders?’ vroeg hij voorzichtig, zijn ongeduld met geweld onderdrukkend. Ongerust gleden zijn ogen over haar lijkbleke gezicht. Ze schudde haar hoofd, kneep haar ogen stijf dicht en fluisterde: ‘Ik durf het niet te zeggen…, ik bedoel, je vindt me vast gestoord, maar in één nacht heeft de wereld alle kleur verloren.’
 
Het ging niet over, dus Koen stuurde Carina naar de dokter en die stuurde haar door naar de psycholoog en de neuroloog, want de huisarts wist niet wat hij ermee aan moest. De neuroloog deed testjes met draadjes en elektronische apparaatjes en kwam tot de conclusie dat het kleurencentrum in haar hersenen was aangetast. Het was en bleef donker. Van de ene op de andere dag was haar wereld zonder kleur, een deken van grijstinten, variërend van helderwit via lichtgrijs en donkergrijs naar diepzwart, voor altijd gevangen in een eeuwigdurend compromis tussen zwart en wit. Sinaasappels op de fruitschaal roken naar sinaasappels, hadden de vorm van sinaasappels en smaakten naar sinaasappels, maar ze waren en bleven cementgrijs. Als de zon scheen, baadden alle grijstinten in een gestreepte stofmist, waardoor alles helder oplichtte en tegelijkertijd vertroebelde. Ze kreeg er hoofdpijn van. Zelfs haar dromen waren zwart-wit. 
 
Vaak dacht ze terug aan die ene nacht, hoe ze zoals elke avond naar bed was gegaan. Haar dromen waren talrijk en grillig die nacht, maar de volgende ochtend kon ze zich geen enkele droom meer herinneren. Hoe kon ze zomaar op een dag wakker worden in een zwart-wit film? Waar waren de kleuren gebleven? Geabsorbeerd door haar dromen? Had ze haar hoofd gestoten en een bepaald hersendeel beschadigd? Ze piekerde zich suf, want er moest toch iets zijn gebeurd die nacht, iets dat haar hele leven op zijn kop had gezet. 
 

Een kleurloos leven

 
Zo vond Koen haar op een dag in haar atelier, zittend op de grond met haar armen om haar benen gevouwen, haar hoofd op haar knieën. Hier vond ze altijd troost in zware tijden, waar de zon door de hoge ramen het grootste deel van haar studio verwarmde en alles liet baden in een warme gloed en waar ze zich urenlang kon terugtrekken, samen met haar schilderijen en de geur van verf.
‘Gaat het?’ vroeg hij zacht. Ze schudde haar hoofd.
‘Ik ga niet meer, hoor. Hij luistert naar me, maar ik schiet er niks mee op. Hij kan me toch niet helpen. Wat weet hij er nou van? Weet hij hoe het voelt om een schilderij te maken zonder dat je enig idee hebt welke kleuren je gebruikt, wat andere mensen zien als ze naar je werk kijken? Ik ben gehandicapt. Hoe kan ik ooit nog kunst maken?‘
‘Maar, schatje. Je maakt prachtige kunst! Er is niemand die zoveel dynamiek en energie in een schilderij weet te leggen. En jouw romantische doeken weten immer een gevoelige snaar te raken. Ze gaan als zoete broodjes over de toonbank.’
‘Ja, mijn oude werk, dat is nog van vóór mijn handicap. Dat wordt gewaardeerd, maar heb je de laatste recensies gelezen?’ Met een abrupte beweging pakt Carina de verfrommelde krant naast haar op. ‘Hier staat het: Carina de Valente is het kwijt. Waar is de emotie gebleven? Sinds ze zich in haar kunst meer is gaan specialiseren in abstracte werken, kloppen de vormen niet meer bij de kleurnuances, die lukraak gekozen lijken te zijn. Zelf spreekt de diva van het expressieve doek over een nieuwe fase, waarin ze haar gevoel voor avontuur de vrije loop laat. Al wat rest is een compositiechaos, waar agressie en zwarte symboliek de boventoon voeren. De ziel lijkt uit haar werk verdwenen. Geen wonder dat het niet meer aanslaat.’
Vochtige ogen keken naar hem op, terwijl ze driftig de krant tot een prop vouwde en door het atelier slingerde.
‘Niemand begrijpt me, Koen. Niemand! Zelfs jij niet. Ga maar weg. Vlucht maar. Dat doen jullie toch allemaal. Je kunt immers nooit begrijpen wat ik doormaak. Ik heb helemaal niks aan je. Net als mijn ouders, de psycholoog. Iedereen. Ik heb niks aan jullie. Bemoei je toch met je eigen leven.’ Driftig pakte ze een potje verf en smeet dat in zijn richting. De verf miste hem op een haar en droop traag en grijs langs de muur achter hem naar beneden. Hij keek haar strak aan, beende naar de deur en verliet zwijgend het atelier zonder om te kijken.
Uitgeput zakte Carina op de grond. Dit was niet de eerste keer dat een gesprek op deze manier was geëindigd. Nou was ze alleen, helemaal alleen.
 

Niks heeft meer betekenis

 
Haar werk was haar emotie, de kleuren op het palet haar gereedschap. 
Steeds meer voelde ze de afstand, werd ze overspoeld door het verstikkend surrealisme van een oude foto, waar ze met beide benen in was gestapt, met één sprong terug in de tijd, terwijl de rest van de wereld was verder gegaan. Onbegrepen en in de steek gelaten voelde ze zich. Niemand had enig idee wat ze doormaakte en langzaam maakte ze zich los van haar omgeving. Koen, haar ouders, de psycholoog, haar vriendinnen en de collega’s, waarmee ze urenlang kon bomen over de schoonheid en essentie van een schilderij. Allemaal voorbij, want zij leefde nu in een ander universum, een kring van eenzaamheid en steeds dichter om haar heen sluitend isolement. Ze trok zich terug en steeds vaker sloot ze zich op in haar atelier.
Zonder kleur, geen emotie. een pijnlijke parallel met haar leven. De flamboyante Carina was veranderd van een levenslustige, kleurrijke kunstenares in een futloze, grijze muis.
 
Het was een ongeluk, maar wat een vreugde. Op een grijze dag zoals zovele andere was ze betongrijze aardappels aan het schillen toen het mesje uitgleed en diep in haar vlees sneed. Het bloed stroomde rood en vol op het antracietkleurige aanrecht, waar het in een plasje bleef liggen. Verbijsterd keek ze ernaar, knipperde met haar ogen en keek opnieuw. Haar bloed was rood, dieprood, de kleur van rijpe wijn. Voor ze het wist had ze er een vinger in gedoopt en in haar mond gestopt. Zoet en rood, vooral rood! Van vreugde danste ze door de keuken.
 
21cc680deadc393aab013391948060ac.jpg
 
Haar werk vaarde er wel bij. Nu ze een extra kleur ter beschikking had, kregen haar doeken een nieuwe dimensie. Ze had er weer zin in en hartstochtelijk en met hernieuwde energie toog ze weer aan het werk. De verandering bleef niet onopgemerkt, want haar galerie trok weer volop bezoekers. Van heinde en ver kwamen mensen om haar werk te bewonderen. Het verhaal deed de ronde dat er een bepaalde betovering uitging van haar nieuwe schilderijen. Pure emotie was het, erg knap voor werk dat louter uit abstracte vormen bestaat. Mensen die het zagen, konden er hun vinger niet opleggen, maar ze werden er stil van. Recensenten vergaven haar graag de inzinking van de vorige periode en bezongen haar lof in alle toonaarden. En langzaam kwam Carina weer tot leven. Heel voorzichtig liet ze de mensen die ze had buitengesloten weer toe, één voor één. Koen was blij dat ze weer bij hem terug was en stelde geen vragen.
 
Ze begon voorzichtig met een klein sneetje, waar ze zorgvuldig de benodigde hoeveelheid bloed uitkneep, maar het gebeurde steeds vaker dat ze bloed nodig had om haar werk in te kleuren en de inkepingen werden groter en groter. Tot op een dag haar bloed op was en Koen haar doodgebloed naast haar laatste schilderij vond. Het was een zelfportret.
 
 
 
Meer Nonnie?
fef01920c033eb72302a9484d6d0ddf1_medium.
 

Reacties (14) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Wowww dat heet echt schrijven.
Dank je wel, Candice.
Heel erg goed! Compliment!
Heel erg goed! Compliment!
Ik las het ademloos en ergens herkende ik het.
Jawel, ik moet het gelezen hebben van jou.
Helemaal logisch dat dit verhaal terug te vinden is in een bundel. Machtig mooi geschreven!
Ik las het ademloos en ergens herkende ik het.
Jawel, ik moet het gelezen hebben van jou.
Helemaal logisch dat dit verhaal terug te vinden is in een bundel. Machtig mooi geschreven!
Wow wat een mooi verhaal.
Leuke reactie!
Dank je wel.
Een bijzondere wending! Mooi verhaal!
Dank je wel, Infiction.