Teenage Drama: Hoofdstuk 11

Door Starchucks gepubliceerd op Friday 28 September 12:09

Geniet van hoofdstuk 11 van 'Teenage Drama'!

Met barstende hoofdpijn werd Illeke de volgende ochtend – nu ja, middag – wakker en dacht ze terug aan de vorige avond. Het was echt een leuk feestje geweest, één van de betere. Het was wel jammer dat Jim zo snel naar huis was gegaan. Maar hij had haar wel nog mooi geholpen met die kus. Leander had haar daarna zelf nog proberen te kussen. Ze had hem wel afgewimpeld, maar dat moest toch iets betekenen, dronken of niet? Hij kon toch niet – Wacht eens even… Leander logeerde hier toch? Zou hij nog steeds in Laura’s bed liggen? Ze hoopte dan wel dat die bij Sean was blijven slapen, want hij kon serieus woelen als hij gedronken had. Zich nog van geen kwaad bewust, stapte ze uit bed… tot ze haar jurk verfrommeld op de grond zag liggen. Wow, ze hadden toch niet – ?
Ze kreeg meteen een antwoord wanneer ze bijna struikelde over haar eigen beha. Oh, lieve help. En plots kwamen bepaalde beelden van gisteravond weer naar boven. En nuchter vond ze het plots niet meer zo’n goed idee. Damn, ze was zo’n slet. Ze moest het hem gaan uitleggen. Ze trok een veel te groot t-shirt en een schone onderbroek aan en trippelde naar Laura’s slaapkamer. Daar was hij echter niet. Het bed was wel beslapen, dus waarschijnlijk zat hij gezellig met Laura koffie te drinken. Hoopte ze.
Stilletjes deed ze de deur naar de woonkamer open en schrok al van het piepend geluidje die de deurscharniertjes maakten.
“Zoek je Leander?”, vroeg Laura luid vanuit haar keukentje. Illeke sprong een paar centimeter in de lucht van het schrikken.
“Verdomme, Laura, je moet niet zo roepen!”, schreeuwde Illeke. Haar hoofd stond op ontploffen. Laura negeerde haar en ging verder: “Hij is hier niet meer, hoor. Maar vannacht blijkbaar wel, dat heb ik gehoord.”
Illeke kreunde. “Ik weet niet wat mij bezielde, Laura!”
“Oh, alsjeblieft, sla die schuldbekentenis over. Hoe was het?”, vroeg Laura enthousiast. Had die dan geen greintje medeleven?
“Ik herinner me er niet veel van, ik was écht dronken en volgens mij was het niet veel soeps, want hij was nog zatter dan ik,” antwoordde ze.
“Ill, aan de hand van wat ik gehoord heb, was het meer dan wat jij wil toegeven. Ik krijg die vreselijke geluiden nooit meer uit mijn hoofd!”, zei Laura walgend.
“Zwijg me erover,” jammerde Illeke, terwijl ze een bruistablet liet oplossen in ijskoud water. Tot zover haar goed voornemen om nooit meer te drinken.
“Ill, je voelt je toch niet schuldig tegenover die koe, hé?”, vroeg Laura afkeurend.
“Wat? Nee! Nu ja, niet zoveel. Maar zij is altijd vriendelijk geweest en ze kan er ook niets aan doen en dan doe ik zoiets. Ik ben vreselijk,” zuchtte ze. “En hij ziet haar graag, ik had aan hem moeten denken.”
“Hoor je jezelf nu wel bezig?”, vroeg Laura luid. “Hij had zelf aan zichzelf moeten denken, hij is volwassen genoeg. En dronken of niet, hij moet dus toch nog iets voor je voelen. En je bent niet vreselijk, je deed alleen wat iedereen al lang verwacht had. Ik vind dat je er lang genoeg niet aan toegegeven hebt. Serieus, er deden nog net geen weddenschappen de ronde over waar jullie zouden slapen. Ik zeg niet zoveel wijze dingen, maar neem het van mij aan: jullie horen bij elkaar.”
Spontaan knuffelde Illeke haar. “Dat moest ik even horen. En serieus, weddenschappen? Jullie zijn ook vreselijk.”
“Nee, wij zien je graag!”, mompelde Laura lachend en ze trok haar nog wat dichter tegen haar aan.

Ondertussen bij Leander thuis was het beeld zonder klank. Line was razend op hem omdat hij vannacht niet was thuisgekomen en ze was een luchtje gaan scheppen. Hij schaamde zich dood. Eén kleine ruzie en hij dook in bed met een ander. Hij zag Line graag, ontzettend graag, maar hij haatte zichzelf zo mogelijk nog meer. En ze had dan nog gelijk gehad ook, hij was niet te vertrouwen in Illeke’s buurt. Line mocht dit nooit te weten komen. Hij aaide Murphy achter zijn oren, in gedachten verzonken. De enige oplossing was om Illeke wat meer te mijden. Dit mocht hij niet meer riskeren.
Impulsief deed hij Murphy’s leiband om en werd meteen al iets vrolijker door diens tong die uit zijn bek hing.
“We gaan een wandeling maken, Murph!”, mompelde hij. “We gaan het baasje zoeken.”
Hij sloeg de deur achter zich toe en liep in de richting waarlangs hij verwachtte dat Line zou terugkeren naar huis. Hij hoopte maar dat hij haar snel tegenkwam, want hier zo alleen lopen zonder één enkel geluid, zorgde ervoor dat zijn gedachten de bovenhand namen. En dat was nu net iets wat hij wilde vermijden. Hij had haar bedrogen. Het klonk nog erger als hij het zo onder woorden bracht in zijn hoofd. En hij had er geen enkel excuus voor. Nu ja, zijn kater bewees wel dat hij dronken was geweest, maar dat was geen excuus. Hij verachtte zichzelf.
“Line, wacht!”, riep hij, terwijl het lichtjes begon te regenen. De vrouw die een paar meter verderop stapte, kwam abrupt tot stilstand. Ze draaide zich om en hij zag dat het Line was. Goed, dat betekende toch al dat hij niet tegen een compleet wildvreemde had staan schreeuwen. Naarmate hij dichterbij kwam, zag hij dat er tranen over haar wangen rolden. Geweldig, echt geweldig. Hij sloeg zijn armen om haar heen en drukte haar hoofd tegen zijn borstkas.
“Shhht,” mompelde hij troostend.
“Sorry, L-Leander,” snikte ze met horten en stoten. Oh nee, nu ging zij zich toch niet excuseren? “Ik had n-nooit mogen –”
“Het is oké, ik ben degene die zich moet verontschuldigen,” fluisterde hij. En ze wist niet eens voor wat nog allemaal.
“Maar ik was gewoon bang dat we uit elkaar zouden groeien en ik wil je niet kwijt,” ging ze huilend verder.
“Ik was een idioot, Line, en ik wil jou ook niet kwijt. Je bent het beste wat mij ooit is overkomen,” mompelde hij en hij kuste haar voorhoofd. Hij wist niet zeker of hij dat wel meende, maar het voelde gewoon goed om dat te zeggen. Het voelde juist en door haar te overtuigen, lukte dat bij zichzelf misschien ook.

Die avond besloten Illeke en Laura om gezellig samen te eten. Nu ja, dat betekende vooral dat Illeke een pastasalade had klaargemaakt en Laura onder luid protest in de gietende regen naar de supermarkt was gerend om tiramisu te kopen, wat volgens haar ook al een enorme prestatie was.
“Aan tafel!”, schreeuwde Illeke naar Laura, die doelloos wat zapte met de afstandsbediening. Geen enkele zender bleef langer dan tien seconden staan, wat Illeke mateloos irriteerde als er een leuk programma opstond.
“Ik wil terug ‘Sex and the city’ op zondag,” zeurde Laura.
“Niet zagen, we gaan gezellig eten zonder televisie. Ik heb zelfs een fles witte wijn gekocht,” zei Illeke streng.
“Zei je wijn?”, zei Laura opgetogen. “Zeg dat toch meteen!”
Ze zette de televisie uit en schoof haar stoel onder tafel. Illeke rolde grijnzend met haar ogen en schoof haar een bord toe. Mmm, die geur alleen al. Ze zou makkelijk naar Italië kunnen emigreren voor het eten alleen al. Elke dag pizza en pasta, dat moest de hemel zijn.
“Zeg, euh, met al mijn gezaag over vannacht… Jezus, ik ben de slechtste vriendin ooit. Hoe was het eigenlijk nog met Sean? Wat moest hij je laten zien?”, vroeg Illeke nieuwsgierig. Ze strekte zich even uit en legde haar benen op de stoel tegenover haar. Zulke momenten vond ze echt gezellig. Gewoon binnen zitten met veel te veel eten en drank, terwijl het buiten pijpenstelen regende, in de wetenschap dat ze straks doodmoe in haar bed kon kruipen en kon luisteren naar de regen die van het dak afdroop. De perfecte afsluiter van het perfecte weekend!
“Oh, ik vond het wel best dat je er niks over vroeg, hoor,” mompelde Laura luchtig. Illeke keek haar streng aan.
“Mmm, je pastasalade is echt heerlijk!”, negeerde Laura haar. “Wat moet je morgen doen op je werk?”
“Eén of andere winkeldiefstal verdedigen waar ik nul komma nul opzoekingswerk aan had,” antwoordde Illeke rustig. “Is er iets dat ik moet weten?”
Dat was natuurlijk een retorische vraag. Als Laura zo geheimzinnig deed, moest er wel iets aan de hand zijn.
“Ik ben vandaag zo vrolijk, zo vrolijk, zo vrolijk…” neuriede Laura.
“Je negeert mij!”, schreeuwde Illeke gefrustreerd.
“Je lijkt op Charles die zijn zin niet krijgt,” grijnsde Laura en Illeke wist zeker dat haar gedachten afdwaalden naar vroeger.

“Quintus Horatius Flaccus schreef over zeer verscheidene onderwerpen,” dicteerde meneer De Schrijver met zijn typische twijfelende stem, “zoals vriendschap, liefde –”
“Meneer,” onderbrak Charles hem abrupt, “is Flaccus niet die ene schrijver van wie we in het begin van het jaar ook –”
“Het lof van Augustus, het lof van Maecenas,” ging De Schrijver  echter verder zonder aandacht te besteden aan de vraag van Charles, wat hij nooit deed, “godsdienstige –”
“Meneer, is Flaccus die schrijver –” probeerde Charles het opnieuw.
“Godsdienstige onderwerpen,” herhaalde De Schrijver, “zedenverval en maatschappij –”
“Meneer, u negeert mij!”, bracht Charles gefrustreerd uit.
“Het sukkeltje toch,” fluisterde Laura sarcastisch.
“Maatschappijkritiek en de natuur,” eindigde meneer De Schrijver geïrriteerd. “Charles, in godsnaam, je hebt van God tien vingers gekregen, waarvan je er acht mag opsteken!”
Charles glimlachte beleefd, stak zijn vinger op en wachtte zijn beurt af, terwijl meneer De Schrijver de klas overkeek. “Goed, geen vragen meer? Dan gaan we verder met de les.”
“Meneer, ik had nog een vraag,” grijnsde Charles. “U bent mijn leraar, u wordt betaald om vragen te beantwoorden.”
“Neen, niet als de vraag in kwestie nu niet aan de orde is. Ik word betaald om Flaccus’ levenswerk met jou te vertalen,” glimlachte meneer De Schrijver vrolijk met pretlichtjes in zijn ogen. Hij schiep er duidelijk plezier in om zijn leerlingen op hun paard te krijgen. Door zijn privégesprek met Charles was de klas ook overgegaan in meerdere privégesprekjes en hij zuchtte luid. Leander knipoogde nog even naar Illeke, voor hij zich weer omdraaide en naar voren keek.
“Tater, tater, tater…” mompelde meneer De Schrijver en hij deelde een Latijnse tekst uit.

“Laura, het kan niet erger zijn dan mijn sletterige bezigheden vannacht – Wacht, je hebt toch óók niet met Sean geslapen, hé?”, vroeg Illeke.
“Kraam geen onzin uit, viezerik,” walgde Laura van het idee alleen al. “Nee, hij heeft me meegenomen naar één of andere open plek in het bos. En ik ben er vroeger al honderd keer geweest, maar nog nooit bij zonsopgang. Het is er prachtig, Ill, echt waar. Ik had zin om er te blijven tot bij de volgende zonsopgang en heel het geheugen van mijn fototoestel vol te fotograferen.”
Illeke hapte naar adem. “Hij wilde met jou naar de zonsopgang kijken? Dat is zó roman-”
“Spreek het woord niet eens uit!”, dreigde Laura. “Niks romance, niks romantiek. Ik ben niet degene die vannacht in bed lag met haar ex, hé!”
Illeke negeerde die lage opmerking en ging verder: “Hij wilt met jou naar de zonsopgang kijken en jij wilt mij doen geloven dat er niks gebeurd is?”
Ze keek Laura kritisch aan.
“Heb ik dat gezegd? Nee toch?”, gaf Laura met tegenzin toe. “Nee, we hebben wel wat gekust, maar dat is alles, of toch voor wat ik me ervan herinner. En kijk niet zo kritisch! Ik was dronken, hij ook. Jij was dronken en Leander was dronken. Het was één groot zuipfestijn en nu laten we het achter ons. Het hoort bij mijn drieëntwintigjarig verleden.”
Illeke knikte wijs en hief haar glas omhoog. “Daar toast ik op!”

Illeke had de moed volledig laten zakken en zat er echt even onderdoor. Het proces van Amanda Schotens en haar ex-echtgenoot was op vrijdag vijf mei, dus dat was nog iets langer dan twee weken. Tot nog toe had ze alleen nog maar het feit dat Jan een arrogante klootzak was, maar dat was ook alles. Hij leek perfect en toch zei haar mensenkennis dat dat niet zo was. Bovendien kon ze haar weekend met Leander niet uit haar hoofd zetten, ook al had ze dat aan Laura en zichzelf beloofd. Ze had ook geen contact meer met hem gehad en was te trots om hem zelf te bellen. En toch twijfelde ze nu een beetje aan die mening. Ze moest hem toch laten weten dat ze nog gewoon vrienden konden zijn? Bovendien kon ze zijn steun goed gebruiken. Zonder er verder over na te denken – zo gaf ze zichzelf dus ook niet de kans om terug te krabbelen – typte ze zijn nummer in op haar gsm. Na een paar keer rinkelen nam Leander op, maar het bleef wel stil aan de andere kant van de lijn.
“Euh, Leander?”, vroeg ze aarzelend.
“Ja?”, antwoordde hij bars. De moed zonk Illeke al meteen weer in de schoenen.
“Ik dacht gewoon dat we misschien eens konden babbelen,” piepte ze.
“Ik heb eerlijk gezegd niet veel tijd om met jou te praten, Illeke,” zei hij afwijzend en de nadruk lag op haar naam, alsof zij de enige was met wie hij niet wilde praten, “ik heb veel werk.”
“Verdomme, Leander, heb dan toch tenminste het lef om te zeggen dat je mij niet wil horen. Het is half zes. Je werk zit er al lang op,” zei Illeke geïrriteerd. Ze hield er niet van als mensen logen tegen haar.
“Wel, ja, oké, als je de waarheid wilt horen: ik heb inderdaad niet veel zin om met jou te spreken. Verbaast je dat, na wat je mij gelapt hebt die weekend?”, siste hij boos. Terwijl hij die woorden uitsprak, ontplofte er iets bij Illeke. Nu was het plots allemaal haar fout?!
“Wow, waarom ben ik ineens verantwoordelijk voor alles?”, viel ze uit.
“Je wist dat ik een vriendin had,” zei hij giftig.
“Jij wist dat ook en het was niet aan mij om daaraan te denken. Ik was ladderzat, volgens mij wist ik zelfs niet meer dat Line bestond,” verdedigde ze zichzelf. Ze waren allebei dom geweest en ze zou de schuld niet enkel in haar – het moest gezegd worden: prachtige, rode – schoenen laten schuiven.
“Oh, dat wist je wel. Je haat haar. Ik wil erom wedden dat je haar gewoon een hak wilde zetten,” spuwde Leander zijn woorden bijna uit.
“Ik ken haar godverdomme niet eens!”, schreeuwde Illeke ondertussen en het kon haar even niets schelen of heel het kantoor haar kon horen of niet.
“Maar je wilt haar ook niet kennen!”, riep Leander al minstens even luid.
“Maar moet dat? Het is niet alsof ze een vriendin kan worden of zo, hé,” zei Illeke en ze probeerde het volume van haar stem wat te verminderen.
“Niet als je bij de eerste, de beste gelegenheid met haar vriend in bed duikt, nee,” zei hij kil.
“Mag ik je erop wijzen dat jou meer schuld treft dan mij? Je was misschien te dronken om je dat nog te herinneren, maar ik heb je twee keer afgewezen omdat ik vond dat het niet kon. Moeilijk te geloven, hé, dat iemand jou zou kunnen afwijzen? En dan wilde je per se meer gaan drinken, en oké, dat was ook mijn verantwoordelijkheid, maar kom dan verdomme niet verwijtend in mijn oor schreeuwen dat ik je in mijn bed heb geluld,” zuchtte Illeke. “Ik wilde je gewoon als vriendin bellen na dit meer dan gênante voorval, maar je bent blijkbaar nog even kortzichtig al vroeger. Dag, Leander.”
Ze sloot het gesprek af en furieus deed ze hetzelfde met haar bureau. Twintig minuten eerder dan normaal ging ze naar buiten. Dat kon niemand haar kwalijk nemen met de overuren die zij nog had staan. Ze trok zich niets aan van de vreemde blikken van collega’s die waarschijnlijk heel haar gesprek gehoord hadden en stapte waardig het gebouw uit.

“Wat scheelt er met jou? Je bent al de hele week zo neerslachtig. Het is alsof je op de tippen van je tenen loopt en niets wil misdoen. En je bent altijd wel een kleine slijmbal, maar zo ben ik je echt niet gewend,” verweet Line haar vriend. Leander schrok op. “Wat? Ik doe toch niet anders?”
Maar hij wist zelf dat dat niet waar was. Hij probeerde haar inderdaad op haar wenken te bedienen en ervoor te zorgen dat ze niets te kort kwam, al was het maar om zijn geweten te sussen. Maar dat lukte niet echt. Hij was er de man niet naar om geheimen te hebben voor zijn vriendin en als hij zeker wist dat hun relatie er sterker uit zou komen, zou hij het gewoon opbiechten. Maar dat was niet zo. Integendeel, hij was er zelfs vrij zeker van dat hun relatie het niet zou overleven. En hij zou alles doen om dat te vermijden. Ook als dat betekende dat hij daarvoor alle contact met Illeke moest verbreken in de toekomst. Hij voelde dat hij bij haar terug de Leander van vroeger werd – de ongeremde, vrije Leander, maar vooral ook de Leander die alles voor Illeke zou doen – en daarom had hij ook van zijn hart een steen gemaakt toen ze hem gebeld had, maar ergens was hij ook opgelucht. Misschien kon dit een garantie zijn op minder gênante situaties in de toekomst. En op minder schuldgevoelens.

“Verdomme, Ill, je doet echt anders de laatste tijd. Het is officieel weekend sinds zes uur vanavond en je had geen zin om weg te gaan. Goed, ik bleef ook thuis. En hier zit je ook al zo depressief te wezen. Je hebt al heel de avond niks gezegd over het feit dat ik al minstens honderd keer van zender ben veranderd. Wat scheelt er in godsnaam?!”, vroeg Laura geïrriteerd. Illeke zuchtte. Meteen ging ze over van zelfmedelijden naar schuldgevoel. Laura wilde ook gewoon een normale vrijdagavond en was thuisgebleven om haar wat op te peppen en zij zat hier als een lusteloze plant in de zetel met een extra large zak paprikachips.
“Oh, en je antwoord mag niet ‘liefdesverdriet’ zijn, dat telt al een week niet meer, hoor,” waarschuwde Laura haar. Illeke rolde met haar ogen. “Ik heb Leander vorige week nog gebeld.”
“Hé, en dat zeg je me nu pas?”, bracht Laura uit. “Wat zei hij?”
“Dat het mijn schuld was en dat hij me nooit meer wil zien,” antwoordde Illeke kort.
“Wat een asshole!”, vloekte Laura chagrijnig. “Serieus, sommige mensen wachten tot hun vierentwintigste om hun ware aard te laten zien.”
“Ik hoop nog altijd dat jij die van jou eens toont. Alles is beter dan dit,” grijnsde Illeke. Laura mepte haar lachend en nam haar gsm uit haar veel te skinny jeans. Ze drukte een nummer in en hield de telefoon aan haar oor.
“Wat ga je doen?”, vroeg Illeke achterdochtig.
“Ik ga bewijzen dat je mijn ware aard wel leuk vindt en Leander niet zo,” zei ze prompt.
“Laura, je kan echt beter niet bellen. Hij is klaar met onze vriendschap en eerlijk gezegd… Als hij zo doet, ben ik er ook meer dan klaar mee!”, zei Illeke boos. Dat meende ze ook wel, maar in de realiteit was dat makkelijker gezegd dan gedaan.
“Ja, heel leuk dat je er zo licht over gaat. Niet dat ik er iets van geloof, maar goed. Als er iets in mijn hoofd zit, zit het niet vanachter, dat moet je al weten ondertussen. En shht, de telefoon gaat over!”, siste Laura, alsof Leander haar al kon horen. Ze hoorde hem ‘hallo’ zeggen aan de andere kant van de lijn en Laura zette haar ‘ik-ben-een-taaie-tante’-gezicht op.
“Laura, waarom bel je me nog zo laat? Ik sliep al,” bromde Leander, “Gaat dit over Illeke, want –”
“Het is omdat je homo bent, toch?!”, schreeuwde Laura. Illeke proestte het uit. Amper tien seconden later hing Laura alweer op.
“Hij had ‘geen tijd voor mijn flauwekul’. Hij is echt oud geworden. Goed dat jullie officieel geen vrienden meer zijn,” grijnsde Laura.
“Meen je het nu? ‘Het is omdat je homo bent’? Je bent officieel de raarste en de leukste beste vriendin ooit. Wij hebben Leander niet nodig!”, zei Illeke ferm.
“Zo is dat, Ill! Wij hebben elkaar!”, knipoogde Laura.

“Godverdomme, ik heb toch al gezegd dat dat artikel eraan komt!”, riep Leander over de telefoon naar Line. Zijn collega’s keken hem geamuseerd aan, maar hielden wijselijk hun mond.
“Ik wil het binnen het uur –” begon Line.
“Schrijf het dan zelf!”, schreeuwde hij. Hij smeet de telefoon weer neer. Hij wist dat Line nog steeds zijn chef was en dat hij ver over de schreef was gegaan, maar hij kon echt niet veel verdragen vandaag.
“Zit er een haar in de boter?”, vroeg Leen.
“Een hele pruik, ja,” mompelde Leander. Hij moest een stom artikel schrijven over een drugsverslaafde die haar leven weer in handen had genomen. Zulke verhalen waren allesbehalve vernieuwend en bovendien had de vrouw hem amper informatie gegeven. Hoe moest hij daar in godsnaam een artikel van twee pagina’s over schrijven?! Ze wilde ook nog eens anoniem blijven, waardoor hij ook al geen gekwelde foto kon publiceren. Een stom tienermeisje had hem ook nog eens voor de duizendste keer een ‘Flair was here’-foto gestuurd met de mededeling dat ze hem weer eens bewerkt had, terwijl hij nog steeds te wazig was. Stom rotkind. Stomme rotjob. Bij Humo had hij dit niet voorgehad. Bij Humo had hij geen ruzie meer met Line kunnen maken.
Plots kreeg hij een e-mail van zijn vader. Elke afleiding was welkom, dus klikte hij hem gauw open, maar onmiddellijk wenste hij dat hij dat niet had gedaan. Het ging over de wake voor zijn moeder. Die werd dit jaar gehouden op zes mei, de dag waarop ze zeven jaar geleden gestorven was. Een wee gevoel maakte zich meester van hem. Dat kon er ook nog wel even bij. Een bedrukte, bedroefde boel, veel tranen en een hoop gemis. Onbewust greep hij naar zijn hangertje met de as van zijn moeder in.
“Gaat het?”, vroeg Leen en ze keek hem onderzoekend aan. Zij wist door welke hel hij was gegaan. Ze was een goeie vriendin van Illeke en ook van hem. Hij knikte afwezig. Het ging wel. Het moest gaan. Hij moest zich sterk houden. Voor zijn mama.

“Je doet echt anders de laatste tijd, Leander,” verweet Line hem die woensdag. “Volgens mij is het de slechte invloed van die oude vrienden van je. Sommigen onder hen zijn waarschijnlijk hun streken nog niet kwijt en je trekt te veel op met hen.”
“Wil je nu verdomme eens stoppen met mijn vrienden zwart te maken? Ik kies ze zelf uit, dat is mijn verantwoordelijkheid, niet de jouwe,” schreeuwde Leander. Hij was het zo beu, zo ontzettend, ongelooflijk beu. Ze leefden nu al weken naast elkaar en als hij eerlijk was, was het al voor zijn nacht met Illeke bergaf gegaan. Die kon hij ook maar niet uit zijn hoofd zetten. Hij wist zeker dat hij een vergissing had gemaakt, maar hij twijfelde er sterk aan of die vergissing niet was geweest om Illeke voorgoed uit zijn leven te bannen.
“Je kan dat ook gewoon op een kalme manier zeggen,” mompelde Line afgemeten. “Vergeet je het redactieweekend niet?”
“Wat?”, vroeg Leander. “Ik kan niet.”
“Verdomme, waarom nu weer niet? Dat staat al weken gepland,” zuchtte Line geïrriteerd, terwijl ze een glas afdroogde.
“Mijn moeders wake,” antwoordde Leander stil. Line sloeg haar handen voor haar mond. “Shit, sorry, dat wist ik niet, Leander! Maar ik moet als chef natuurlijk wel mee. Dat snap je toch, hé?”
“Ja, dat maakt niet zoveel uit. Je bent er vorig jaar ook al eens geweest…” mompelde Leander. Hij merkte dat hij het erger vond om alleen te moeten gaan dan dat Line niet mee ging, maar toch voelde het ergens alsof ze hem in de steek liet.

“Wil je even naar buiten?”, fluisterde Illeke en ze streelde zijn handpalm.
“Nee,” mompelde hij. Morgen was de wake voor zijn moeder, exact één jaar nadat ze gestorven was. Het was pas de laatste paar maanden dat hij echt over haar dood heen was geraakt en het was alsof alles nu weer vol ontplofte in zijn gezicht.
“Wil je, euh, meegaan?”, vroeg Leander. Als de woorden uit zijn mond kwamen, besefte hij hoe hulpeloos dat klonk, maar hij kon er echt niet alleen naartoe gaan.
“Natuurlijk ga ik mee,” suste ze hem en ze knikte medelevend. Zij was de enige van wie hij dat verdroeg. Als anderen zo naar hem keken, voelde hij zich veel te zwak. De klas maakte gewoon plezier en dat nam hij hen ook niet kwalijk, maar het leek wel allemaal zo zinloos. Niets vond hij nog grappig. Ze zaten nu in de godsdienstles en ze hadden het over wereldgodsdiensten.
“Yixin,” begon meneer Geeroms, “geloof jij in een leven waarin je na de dood terugkeert naar de aarde? Jij, als Chinees bedoel ik dan.”
“Ben jij Chinees?!”, vroeg Remi quasi geschokt. De klas grijnsde, maar Leander snapte eerlijk gezegd niet wat daar zo grappig aan was.
“Sorry, meneer, gaat u vooral verder met de les, die trouwens uitermate boeiend is,” merkte Remi met een engelengezicht op.
“Slijmbal,” rolde Rani, die al een tijdje niet meer zo goed overeenkwam met Remi, met haar ogen.
“Ik? Een slijmbal?”, herhaalde hij onthutst en hij keek Rani aan. Daarna draaide hij zich terug naar voren. “Helemaal niet, waar haal je het… Maar euh, meneer, u hebt wel een mooi hemd aan!”
Weer moest de klas lachen en weer voelde Leander zich als een achttienjarige tussen een bende kleuters. Het voelde voor het eerst in lange tijd weer alsof hij nooit meer vrolijk zou kunnen zijn.


 

Reacties (1) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Zeer interessant verhaal.