Bespreking kinderboek 2: Paashaas, waar blijf je toch?

Door Petronel gepubliceerd op Tuesday 01 January 11:55

Als ouder of als kleuterjuf ben je altijd op zoek naar kwalitatief goede prentenboeken om samen met je kleuter te lezen of om in de kleuterklas te gebruiken. Bij deze wil ik met geïnteresseerden mij boekbespreking delen.

Administratie:

Titel: Paashaas, waar blijf je toch? Auteur: Coby Hol Jaar: 2003

 

Korte omschrijving van de inhoud:

Paashaas verlangt naar de lente die maar niet wil komen. Hij begint alvast met het ontwerpen van de paaseieren. Af en toe komt zijn beste vriend hem halen om te spelen. Op een dag ziet hij krokussen die uitkomen en dit betekent dat hij aan het werk moet. Wanneer Paashaas de eieren moet rondbrengen wil hij de eieren niet kwijt. Uiteindelijk brengt hij ze toch rond en daarna krijgt hij van zijn vriend ook een paasei.

 

Vorm:

Het boek heeft een harde kaft en de bladzijden zijn gemaakt van glad stevig papier. Het boek is stevig gemaaktl. Het materiaal is zeker aangepast voor een tweede kleuterklas, maar mijns inziens minder voor een peuter - eerste kleuterklas. De bladzijden mochten uit een nog steviger papier vervaardigd zijn. Het formaat van het boek is wel aangepast aan de leeftijd en de gebruikssituatie. Het boek kan goed worden gebruikt tijdens een klassikaal vertelmoment omdat de prenten voldoende groot zijn zodat iedereen ze kan zien. Ook voor kinderen die zelfstandig in het boek willen kijken is het formaat handig. De kaft wekt zeker nieuwsgierigheid op door de titel en door het feit dat het over een gekend figuur gaat. Ook de kleuren spreken aan. De illustratie heeft een gele achtergrond met de paashaas op de voorgrond die een mand met veelkleurige paaseieren bij zich heeft. In het boek zijn geen speciale effecten voorzien. De tekst neemt een klein deel van de bladzijde in beslag. De rest is voorbehouden voor de illustraties. De prenten sluiten heel goed aan bij het verhaal. Ook qua sfeer en qua moeilijkheidsgraad sluiten de prenten heel goed aan bij de tekst. Het zijn eenvoudige teksten en eenvoudige illustraties. De illustraties ondersteunen ook het verhaal. Door de illustraties kunnen de kleuters begrijpen wat er vertelt wordt. De prenten zijn niet sfeerscheppend omdat zij steeds op een witte achtergrond worden geplaatst. De illustraties zijn wel verrassend doordat de illustrator een originele stijl heeft. Hij werkt met zeer grof geweven stof die hij kleurt, met vilt en met gekleurd papier of fijne stofjes met een klein motiefje. Het is een stijl die erg aanspreekt en die zeker kleuters ook kan bekoren. De illustraties zijn eerder realistisch; dit past wel goed bij de doelgroep. De contouren van de figuren komen heel duidelijk naar voor vooral omdat alles op een witte achtergrond wordt aangeboden. De contouren worden niet voorgesteld door een zwarte of grijze lijn, maar door de overgang van de gekleurde stof op de witte achtergrond. De illustraties zijn op zich niet erg gedetailleerd, maar door de materialen die worden gebruikt zolas fijne stofjes met kleine motiefjes zijn er wel voorwerpen met details. In de illustraites worden vooral felle kleuren gebruikt die de kleuters zeker aanspreken. De kleuren van de illustraties sluiten zeker aan bij de sfeer van het boek; de paassfeer waarbij er nieuw leven komt, de veelkleurige bloemen die uitkomen, de dieren die geboren worden, … De illustraties worden allemaal vanop ooghoogte voorgesteld. Er is geen duidelijke omkadering van de illustraties en de tekst staat soms eens onder de illustratie, dan weer ertussen, dan weer maakt de tekst een golvende beweging. Echt door elkaar lopen doen tekst en illustraties niet. Op het vlak van vorm is dit een heel origineel boek.

 

Inhoud:

Het boek gaat over de Paashaas die aan het wachten is tot het lente word. Wanneer hij eindelijk de eerste krokussen ziet groeien besluit hij dat het tijd is om aan het werk te gaan om de paaseieren te schilderen. Wanneer ze allemaal geschilderd zijn, vindt Paashaas ze zelf zo mooi dat hij ze niet wil delen. Paashaas voelt zich niet gelukkig wanneer hij de eieren niet deelt. Op het laatste nippertje deelt Paashaas samen met zijn vriend Haan toch nog de paaseieren uit. Het verhaal gaat over de paashaas en speelt zich af in de dierenwereld. De dierenwereld staat in het verhaal synoniem voor de mensenwereld. Het verhaal speelt zich af rond de periode van Pasen. Om het verhaal voor de kinderen aantrekkelijk en begrijpelijk te maken werd hier voor dieren gekozen en speelt het verhaal zich af in de dierenwereld. Er komen meerdere personages in het verhaal voor maar Paashaas is het hoofdpersonage. De karakters zijn niet echt uitgewerkt. Voor de kleuters is de Paashaas een herkenbaar figuur; ook de haan is een herkenbaar figuur. De personages komen zeker geloofwaardig over in de gevoelens die naar voren worden gebracht in het verhaal. In het verhaal wordt naar voor gebracht wat in de maatschappij ook voor komt; mensen die niet willen delen. Door niet te delen worden mensen ongelukkig. Wanneer je deelt, met materiele zaken of met emoties maakt dat een mens veel gelukkiger en geeft het je een goed gevoel. Je wordt er ook voor beloond. Dit zijn de gevoelens die in het verhaal naar voor worden gebracht. Het verhaal sluit zeker aan bij de leefwereld van de kleuters omdat er in de klas en ook thuis over Pasen en de Paashaas wordt gesproken. De meeste kleuters krijgen thuis de paashaas op bezoek met chocolade eieren. Het verhaal toont de kant van de Paashaas in plaats van de kant van degene die de eieren krijgt. Er zit voldoende diepgang in het verhaal. Het doet de kinderen nadenken over delen en alles voor zichzelf houden; welke gevoelens roepen deze beide acties op. Dit zijn voor de kleuters herkenbare gevoelens waar het verhaal hen even bij stil laat staan. Het verhaal biedt voor de kleuters voldoende identificatiemogelijkheden. Het boek lokt reacties uit bij de kinderen. Het verhaal zet hen aan tot nadenken. Het verhaal roept spanning op omwille van het feit of de Paashaas erin zal slagen zijn ronde op tijd klaar te hebben. Het einde is verrassend omdat de Paashaas met behulp van haar beste vriend toch iedereen op tijd heeft kunnen bedelen waardoor er voor hem een mooi paasei klaar ligt dat hij krijgt van zijn beste vriend. Het verhaal brengt in een mooie tekst en met mooie illustraties de boodschap dat delen gelukkig maakt en dat wie deelt ook terug krijgt. Het verhaal wordt duidelijk en boeiend opgebouwd. Wanneer je het verhaal vertelt ben je echt benieuwd hoe het zal aflopen. Het verhaal is niet te lang en te complex. Het is ideaal van lengte en voor de kleuters goed te begrijpen. Het verhaal wordt verteld vanuit een alwetende verteller en het eindigt met een happy end. De auteur moraliseert in het verhaal. Hij wil de les meegeven dat delen gelukkig maakt en dat wie deelt daar ook iets voor terug krijgt.

 

Taal:

De woordkeuze is heel goed aangepast aan de doelgroep. De gebruikte woorden zijn niet te moeilijk en het taalgebruik is alledaags, dus goed te begrijpen voor de kleuters. De woordkeuze is zeker niet te beperkt. Er is een goed evenwicht tussen verrijkende en begrijpelijke taal. De betekenis van de nieuwe woorden kunnen uit de context worden afgeleid en als dit niet het geval is, ondersteund de illustratie de tekst en kunnen de kleuters de betekenis van een woord uit de illustratie afleiden. Er komen geen beeldende termen in het verhaal voor omdat dit voor de doelgroep nog moeilijk te begrijpen is. In het verhaal komt ook geen rijm of herhaling voor. Er is een ruime variatie in de zinsbouw. De hoeveelheid is aangepast aan de leeftijd. Meer variatie zou het verhaal wel wat meer doen leven. De lengte van de zinnen en de moeilijkheidsgraad is aangepast aan de leeftijd. Er komen weinig of geen dialogen in het verhaal voor. Daardoor komen de dialogen ook niet echt over. De variatie in de werkwoordkeuze is niet groot. Het boek is voor een leeftijdsgroep van drie- tot vijfjarigen. Op het vlak van taal is het zeker goed geschikt voor deze leeftijd. Voor een derde kleuterklas is het verhaal wat te kort en is het taalgebruik wat te eenvoudig.

 

Verwerkingsmogelijkheden:

- Het verhaal kan goed gebruikt worden in een eerste of tweede kleuterklas als inleiding voor het belangstellingscentrum 'Pasen'.
- Het thema 'Pasen' kan ook ingeleid worden door middel van een verteltas waar het boek een onderdeel van is.
- De juf kan een verteltafel maken waaraan de kleuters het verhaal zelf nog eens kunnen naspelen.
- Het verhaal kan door de juf worden verteld terwijl de kleuters het verhaal uitbeelden.
- Het verhaal kan door de juf in een poppenspel worden verteld.
- De juf kan een vertelcyclus opbouwen rond dit verhaal; vooral in een eerste kleuterklas vinden kleuters het fijn om een verhaal verschillende keren te horen.
- Aan de hand van de prenten kunnen kleuters van een tweede kleuterklas het verhaal zelf nog eens vertellen.
- De kleuters kunnen naar aanleiding van het verhaal schilderen over het thema 'Pasen'.


Ter informatie:

België                                                    Nederland
Peuter- en 1ste kleuterklas               Peuterspeelzaal
2de kleuterklas                                    Klas 1
3de kleuterklas                                    Klas 2

Reacties (1) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
ook leuk. klasse