x

Inloggen

Je bent nog niet ingelogd. Aanmelden of een nieuw account Registreren

Mijmeringen over mijn jeugd

Door Ed-Naab gepubliceerd op Tuesday 10 September 18:57

Een kijkje in mijn jeugd, als vervolg op het jaar 1963.

Jarig

Vroeger keek je uit naar je verjaardag. Al weken voorafgaand was je bezig met het verzinnen van je verlanglijstje, wie je op je feestje zou uitnodigen en welke spelletjes je dan zou gaan doen. Het programma voor dé woensdagmiddag werd bedacht, opnieuw bedacht en de spelletjes nagekeken of ze nog compleet waren.
Dan was het tijd om de vrienden uit te nodigen. Vooraf had je ze gepolst of ze op de betreffende woensdagmiddag wel konden. Het zou jammer zijn als een van hen er niet bij kon zijn. Een andere woensdagmiddag prikken was niet zo gemakkelijk; op zaterdag dan?
OK, hier is je uitnodiging. “Kom je ook? Het wordt vast leuk.“ Ja, en dat werd het ook altijd.
Tegenwoordig is een verjaardag van heel andere orde. Je nodigt familie en vrienden uit, snijdt de taart aan, drink er nog één en praat gezellig bij. Een verlanglijstje? Moeilijk, moeilijk om iets te verzinnen. Ik heb alles al. Weet jij het ook niet? Neem dan niets mee en kom gezellig naar m’n feestje.

Winkel

Thuis hadden wij een levensmiddelenzaak, een 4=6 winkel. Dat is de voorloper van wat nu de Plus-supermarkt is. De naam komt voort uit het spaarsysteem: voor 4 cent kocht je een spaarzegel en als je er 100 had opgeplakt ontving je 6 gulden voor je volle spaartkaart: 50 % winst dus. De Plus heeft dit systeem nog steeds...
We hadden niet zo’n grote winkel zoals ze tegenwoordig zijn, maar het was er een met één gangpad heen en één gangpad terug. Achteraan de vleeswarenafdeling en kaas en dan weer terug naar de voordeur. Bij de deur twee kassa’s waarvan de tweede alleen op echt drukke momenten werd ingezet. Geen streepjescodes, maar prijsstickers en alle prijzen werden met de hand aangeslagen op de kassa. De winkelwagentjes? We hadden er vijf; de rest waren mandjes. Mensen kwamen een paar keer per week naar de winkel; niet zoals nu alleen op zaterdag en dan de auto vol laden.
Mijn ouders hebben die winkel van 1956 tot 1979 gerund; mijn vader had in 1948 de winkel overgenomen van zijn vader en die weer van zijn vader. In 1948 was mijn vader 18 jaar (foto links) en maakte er de eerste zelfbedieningszaak van het eiland Voorne-Putten van. Vrij revolutionair in die tijd. Totaal heeft de winkel van 1877 tot 1979 bestaan. Ik was in 1979 16 jaar en had geen idee of ik wel winkelier wilde worden. Ook m’n zussen en broer wilden de winkel niet overnemen. Mijn vader stopte op z’n 49e en maakte daarna van z’n hobby z’n beroep. Oudheidkundige van de gemeente. Ongeveer net zo oud dan ik nu… een raar idee.
Voor mij als kind was in de winkel en het bijbehorende pakhuis altijd wel iets te spelen en te doen. Lege flessen uitsorteren, dozen waarin de spullen aangeleverd werden kapot slaan en netjes op een stapel leggen, de cola en gazeuselimonade bijvullen of de andere spullen in de winkel uitpakken. Tegenwoordig heten dat de vakkenvullers; toen hielp je gewoon mee in de winkel van je ouders. Op donderdagmiddag kwamen de nieuwe levensmiddelen. Dan was er pas echt “werk aan de winkel”.

Jeugdsentiment

Een onbezorgde jeugd. Dat is wat ik heb mogen beleven. OK, ik was het niet altijd met alles eens, er gebeurden ook minder leuke dingen, maar de lagere schooltijd heb ik goed doorstaan. OK, ook wel eens ruzie gemaakt en een klap van een vuist opgevangen op het schoolplein, maar nooit iets gebroken; dat kwam pas later (2 keer) aan de beurt bij een brommerongeluk en bouwongeval. Een jeugdvriend waarmee ik de kleuterschool en lagere school heb doorlopen ben ik inmiddels uit het oog verloren. Op een reünie nog wel eens tegen gekomen, maar de levens zijn wat uit elkaar gegroeid. We gingen samen in de zomer dagelijks naar het zwembad, even snel ’s middags thuis eten en dan weer opnieuw. Het abonnement haalde ik er wel uit. Lekker zwemmen, duiken en luieren in het openlucht zwembad (zie foto onder) . Wat een heerlijke tijd.

(foto volgt)

Zijn ouders hadden een restaurant en op zaterdag verdienden we een centje bij door de afwas van de vrijdag-avond uit het restaurant te doen. Niet met de hand, maar met zo’n echte keuken afwasmachine waar het in 2 minuten per wasbeurt klaar was. Van het geld gingen we s’ middags naar de bowlingbaan; samen met andere vrienden: voor 10 gulden huurde je een uur een baan. Allemaal 2 of 3 gulden lappen en je was onder de pannen.

Geboortgrond

De plaats waar ik opgroeide heette destijds eengroeikern’. Als ‘overloop’-gemeente van Rotterdam werd de omgeving in rap tempo volgebouwd. Eerst een dorp van nog geen 3000 inwoners werd een stad met vele nieuwbouwwijken en nu meer dan 72.000 mensen. De beslissing om daadwerkelijk te gaan groeien is in 1957 door de gemeenteraad goedgekeurd: 3 stemmen tegen en 4 stemmen vóór. Wat een impact heeft één zo’n stem dan. In het oude centrum ben ik geboren en opgegroeid. Ik was er één van de tiende generatie uit mijn familie die in dat huis geboren werd. Ik was ook de laatste omdat ik als jongste van het gezin ter wereld kwam.
Ik heb er een mooie tijd beleefd en de stad zien groeien. Nu kom ik er niet meer zo veel. Het geboortehuis is inmiddels verkocht, verbouwd maar is nog steeds een winkel, een speelgoedwinkel met mooie spullen. Het dorp is veranderd in een stad. Omdat in het centrum meer en meer hoogbouw moest komen is de oude korenmolen 7 meter opgehoogd. Het “windrecht” van de molen was iets waarop mijn moeder de gemeente attent maakte en dat recht bleek zeer sterk. De ontwikkeling kon alleen doorgaan als het recht op wind bleef. Dus ging in 2009 de molen de lucht in, letterlijk. Een heel vreemd gezicht om een molen zo te zien hangen met alleen lucht eronder. Inmiddels is de molen een leuk pannenkoekhuis geworden.

De molen Nooitgedacht in oude glorie

De molen ten tijde van de ophoging met 7 m.

De molen ten tijde van de ophoging met 7 m. Na afronding van de werkzaamheden.

 

Het dorp

Het lied “Het Dorp” van Wim Sonneveld was een van de favorieten van mijn vader. Het beschrijft precies de verandering van mijn dorp naar een stad met betonnen dozen. Wim Sonneveld zong het in 1974. Het kwam precies in die tijd uit dat het dorp van mij langzaam veranderde in een stad…
Zoals ik al vertelde is mijn vader op z’n 49e van beroep veranderd. Vanuit die hoedanigheid was hij betrokken bij de oprichting van een stichting die het oude wilde doorgeven aan de nieuwe generatie stadsgenoten. Het meest succesvolle van die stichting was de realisatie van het carillon in de oude middeleeuwse dorpskerk. Op 17 september 1988 werd het carillon met 47 klokken in gebruik genomen. De speelcomputer bevat 100 liedjes (kon je toen sponsoren) waarvan er elk kwartier enkele tonen van gespeeld werden en elk uur één volledig liedje. Mijn zussen, broer en ik hebben mijn vader het liedje “Het Dorp” kado gedaan. Als dat werd gespeeld hield hij altijd even op met praten en luisterde…
Op zowel zijn begrafenis als ook die van mijn moeder heeft het lied bij het verlaten van de kerk opnieuw geklonken.

Als homage aan hen.

 

 

 

 

colofon

Geplaatst: 16 septemeber 2011
Tags: jeugdsentiment, jarig, winkel, 4=6, geboortegrond, Het Dorp, Sonneveld,  het jaar 1963

 

Reacties (11) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Erg leuk om te lezen zoiets!
Mooi man, dacht even met de foto's van de molen dat je het over Winschoten had, hebben ze daar exact hezelfde gedaan ! D
Heel mooi bescreven, duim!
Anders til ff een molen op! Mooi om een stukje van je geschiedenis mee te beleven!
Mooi geschreven.
Een prachtige terug blik...Leuk om te lezen.
graag gelezen, wat een leuk idee om zo op deze manier over je jeugd te schrijven, dikke duim!