Skydiven! Een uitdagende daredevil sport.

Door Rvdkuil gepubliceerd op Friday 28 September 12:13

Skydiven is een uitdagende sport waarbij veel adrenaline vrijkomt. Maar je moet veel doen voor je mag skydiven.

Cursus om te beginnen.


Er zijn verschillende manieren waarmee je in aanraking kan komen met de sport skydiven. Bij de meeste verenigingen/clubs moet je minstens 16 zijn om te beginnen. Je kan beginnen met een staticline cursus of een aff cursus of even snel een tandemsprong doen.


Staticline cursus.


Als je staticline springt dan spring je alleen uit een vliegtuig. Er zit dan een touw aan je parachute die ervoor zorgt dat je parachute op tijd uitklapt en je zelfstandig naar de grond kan vliegen. Bij een staticline cursus doe je 5 staticline sprongen met een theorieles. Als je een staticline diploma hebt mag je staticline springen zonder theorieles.

AFF cursus

Bij een AFF cursus (accelarated free flight) krijg je eerst een halve dag theorieles over de parachute en hoe alles in zijn werking gaat. Je leert ook handgebaren en wat je allemaal moet doen als je in de lucht bent. Na die halve dag ga je voor het eerst het vliegtuig in om te skydiven. Op ongeveer 13000 voet hoogte spring je samen met 2 instructeurs uit het vliegtuig. Deze instructeurs houden je vast aan de “grips” op je pak. 
 

In level 1

kan je wennen aan het gevoel, ga je proberen te communiceren met handgebaren, moet je zelf je hoogte checken en je parachute proberen te openen op 5000 voet. Als dit niet lukt helpt een instructeur.

level 2

Bij dit level ga je oefenen met je hand naar de parachute gaan. Dit oefen je een paar keer tijdens het vliegen. Daarna ga je proberen om samen met je 2 instructeurs 90 graden te draaien. Dan open je je parachute en ga je zelfstandig naar de grond.
Level 3
De instructeurs zullen je een tijdje loslaten om te zien of je zelfstanding kan zweven. Dan pakken ze je weer vast en open je zelfstandig je parachute

Level 4


je gaat nu maar met 1 instructeur en hij zal je de hele tijd loslaten. Je moet zelfstandig draaien en je parachute openen.
 

Level 5


Hier ga je 360 graden draaien en je moet controle hebben over de snelheid.
 

Level 6


Hier moet je naar voren kunnen vliegen en een achterwaartse salto doen.
 

Level 7


Hier moet je alles laten zien wat je geleerd hebt.
 

Level 8


Op 5000 voet uit een vliegtuig springen en binnen 10 seconden je parachute openen.
Na deze 8 aff levels mag je zelfstandig met een instructeur springen.

Tandemspringen

Tandemspringen is springen terwijl je vast zit aan een instructeur en je hoeft dan zelf niks te doen.
Hij doet alles zoals de parachute openen en sturen.

Nadat je staticline of aff hebt gedaan kan je een brevet halen:
 

A brevet: Vijf formatie instructie sprongen. Dit zijn sprongen waarbij een ervaren springer de beginnende springer leert om met meerdere mensen te springen. Het zwaartepunt ligt hierbij op het veilig springen met andere mensen in de buurt.
Ten minste 25 vrije val sprongen.
Ten minste 15 minuten vrije val tijd.
10 sprongen met een landing binnen 15 meter van het aangewezen landingspunt.
De techniek beheersen van het ‘spotten’. Dit is het bepalen van het punt waarop de springers uit moeten stappen. Hierbij dient er rekening gehouden te worden met de sterkte van de wind en de richting waarvandaan de wind komt.
Zelfstandig de hoofdparachute kunnen vouwen.
5 sprongen, volledig te besteden aan canopy control. Dit zijn sprongen die je maakt om je parachute beter te leren beheersen en te vliegen, zodat je veilig en zacht kunt landen.
 

 B: Tien formatie instructie sprongen, waarvan tenminste 5 met minimaal 3 springers. Dit zijn sprongen waarbij een ervaren springer de beginnende springer leert om met meerdere mensen te springen. Het zwaartepunt ligt hierbij op het veilig springen met andere mensen in de buurt.
Ten minste 50 vrije val sprongen.
Ten minste 30 minuten vrije val tijd.
10 sprongen met een landing binnen 5 meter van het aangewezen landingspunt.
Hebben voldaan aan de minimale vaardigheidseisen van 1 van de wedstrijddisciplines zoals omschreven in module 10.
Eigen springuitrusting kunnen controleren op veiligheid voor het gebruik.
10 sprongen, volledig te besteden aan canopy control. Dit zijn sprongen die je maakt om je parachute beter te leren beheersen en te vliegen, zodat je veilig en zacht kunt landen. 

C: Ten minste 200 vrije val sprongen.
Ten minste 60 minuten vrije val tijd.
Ten minste 50 formatiesprongen, waarvan tenminste 10 met minimaal 4 deelnemers.
Ten minste 5 koepelformatie instructiesprongen. Dit zijn sprongen waarbij de springers onder geopende parachutes naar elkaar toevliegen en proberen om formaties te maken. Bij de instructiesprongen leert een ervaren koepelformatiespringer een beginnende koepelformatiespringer om met meerdere mensen formaties te maken.

D: 500 vrije val sprongen
30 minuten vrije val tijd

 

Ik hoop dat jullie dit een leuk informatief artikel vinden!

Reacties (3) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Met skydiven gebeuren bijna alleen maar ongelukken door mensen die er niet bij nadenken. Een parachute die het niet doet gebeurt Zelden
wow, hier moet je geen vlieg-angst of hoogtevrees voor hebben.
toch zou ik het met een tandemsprong wel aandurven.
duim erbij.
LÃntouchable gezien...over een door skydiven verlamde man...dus mij niet gezien!
Duim taco