Waarom men Griekenland koste wat het kost in de eurozone wil houden

Door ThierryDebels gepubliceerd op Friday 28 September 12:14

Wat is de oplossing voor de eurocrisis? Volgens econoom Thierry Debels is er maar een redelijke oplossing: Griekenland stapt gecontroleerd en beheerst uit de eurozone en start met een nieuwe munt, de nieuwe drachme. Dit scenario werd reeds twee jaar geleden onderzocht door de Europese Centrale Bank (ECB). De conclusie was dat die operatie technisch perfect haalbaar is en ook juridisch ok is. Ook het invoeren van de nieuwe drachme is niet zo moeilijk. Het is gewoon de omgekeerde operatie van de invoering van de euro.

Thierry Debels

Wellicht herinnert u zich nog de periode, een tweetal decennia geleden, toen Spanje, Italië en Griekenland hun eigen munten hadden. Spanje had de peseta, Italië de lire en Griekenland de drachme. Veel Belgen gingen naar Italië of Spanje op vakantie en merkten elk jaar opnieuw - tot hun groot plezier - dat de peseta en de lire opnieuw in waarde waren gedaald ten op zichte van het jaar daarvoor. Vlak voor het vertrek naar Benidorm of naar Rimini kreeg je dus meer peseta’s of meer lire’s voor dezelfde som franken. Onze vakantie in Spanje of Italië was hierdoor relatief goedkoop. En daarom bleven we ook naar die landen gaan. Spanje en Griekenland hebben een groot deel van hun welvaart hieraan te danken.
Na de intrede in de eurozone was de eerste opmerking van Belgen die naar Spanje op vakantie gingen, dat het leven er veel duurder geworden was. Dat klopt ook.
De waardedaling van de peseta, lire of drachme ten opzichte van onze frank was verdwenen. Maar door dat mechanisme konden de Spaanse, Italiaanse en Griekse bedrijven competitief blijven. In het buitenland waren consumenten bereid om die producten te kopen omdat ze relatief goedkoop waren. En een zwakke munt is een enorme stimulans voor de toerismesector. Het bewijs wordt vandaag nog steeds door Benidorm geleverd.
Na de intrede in de eurozone wisselden de Spanjaarden, Italianen en Grieken hun munten voor euro’s. Dat had in eerste instantie een heilzaam effect. De reden hiervoor is dat de rentevoet, wat eigenlijk de kostprijs van geld is, in die landen daalde. In Spanje werd door die lagere rentevoet massaal geld geleend en met dat geld werd gebouwd als nooit tevoren. Vandaag staat een kwart van het nieuw gebouwde vastgoed te koop. De vastgoedzeepbel is gebarsten.
Sinds een paar jaar wordt de echte zwakke plek van de constructie van de euro zichtbaar. Wat zou er immers gebeurd zijn in een land zoals Spanje indien het de peseta nog had? In eerste instantie zou de vastgoedzeepbel nooit onstaan zijn. De rente zou er immers hoog gebleven zijn. En de peseta zou verder in waarde gedaald zijn. Een depreciatie of devaluatie dus van de peseta. De prijzen van het Spaanse vastgoed zouden niet gedaald zijn maar voor buitenlanders zou het wel interessant geweest zijn om een appartement te kopen. Omwille van die dalende peseta.
Vandaag kan dat automatische mechanisme - vergelijk het met een veiligheidsklep op een motor – niet spelen omdat de waarde van de euro ten opzichte van de peseta nog altijd even hoog is als bij de intrede van Spanje. De prijzen in Spanje blijven dus kunstmatig hoog. Bij vastgoed is de enige uitweg dan dat de waarde van het goed daalt. En hierdoor worden vooral de Spanjaarden zelf getroffen.
Het probleem stelt zich nog scherper in Griekenland. Omdat de economie er elk jaar krimpt, wordt de schuldenlast relatief gesproken steeds zwaarder. Het is alsof het salaris van een werknemer met een lening systematisch verlaagd wordt. Dat is onhoudbaar omdat die lening door die persoon werd aangegaan in functie van het eerste hoge salaris.
Vanuit economisch standpunt is er maar een redelijke oplossing: Griekenland stapt gecontroleerd en beheerst uit de eurozone en start met een nieuwe munt, de nieuwe drachme. Dit scenario werd reeds twee jaar geleden onderzocht door de Europese Centrale Bank (ECB). De conclusie was dat die operatie technisch perfect haalbaar is en ook juridisch ok is. Ook het invoeren van de nieuwe drachme is niet zo moeilijk. Het is gewoon de omgekeerde operatie van de invoering van de euro.
Het is correct dat Griekenland relatief weinig exporteert. Economen drukken de export graag uit in verhouding tot de waarde van de economie (het BBP). In Griekenland is die verhouding slechts 20 %. In ons land ligt die verhouding bijna vier keer hoger.
Maar het toerisme is een andere belangrijke motor van het land. Als door de nieuwe Griekse munt, bijvoorbeeld de nieuwe drachme, de hotelprijzen de helft goedkoper worden, zullen buitenlandse toeristen toestromen. Samen met de toegenomen export zal dit de kickstart zijn voor de Griekse economie. Door twee wonderbaarlijke economische fenomeen, de multiplicator en de accelerator, een beetje te vergelijken met de wonderbaarlijke vermenigvuldiging van broden en vissen door Jezus, wordt de Griekse economie eindelijk uit het slop getrokken.
En daar zijn de beleidslui van Europa, de ECB en het IMF net beducht voor. Het klinkt vreemd en paradoxaal maar dat is de kern van de zaak. Beleidsmakers zijn bang dat, als Griekenland uit de euro stapt, de Griekse economie herleeft en dat we plots groeicijfers te zien krijgen van 6 of 7 percent per jaar terwijl we vandaag in Griekenland kwartaal na kwartaal een negatieve groei hebben. Dat is de échte reden waarom men alles wil doen om Griekenland in de eurozone te houden.
En ook Duitsland heeft er belang bij dat Griekenland erbij blijft. Hierdoor wordt de waarde van de euro ten op zichte van de dollar gedrukt. Dat zien we elke dag. Duitsland heeft als exportland belang bij een niet te sterke euro.
Het vervolg van dit Grexit-scenario is niet zo moeilijk om te voorspellen. Andere landen zoals Spanje of Italië zien dit Griekse economische mirakel ook en zullen eveneens in de verleiding komen om hun oude munten her in te voeren. Welke Spaanse politicus zal kunnen weerstaan aan de lokroep van mooie groeicijfers van de economie als je weet dat vandaag de helft van de Spaanse jongeren werkloos is. Het Europese project is mooi maar nationale en regionale belangen zullen voor politici altijd primeren.
Van zodra Griekenland uit de euro stapt, is het euro-project mislukt. Een project dat louter politiek is en niet economisch. De creatie van de euro werd immers bedacht binnen de beslotenheid van de Bilderberg-conferenties. Dat werd onlangs toegegeven door Etienne Davignon, voorzitter van die conferentie. En machthebbers op dat niveau hebben het moeilijk met het toegeven van een fout of een mislukking.
De kans dat Griekenland daadwerkelijk uit de eurozone stapt, is vandaag nog steeds vrij beperkt. De vooruitgang ten opzichte van een jaar geleden is dat het scenario bespreekbaar is en niet meer categoriek wordt uitgesloten of ontkend. Vanuit Europa, het IMF en de ECB zal men de Grieken proberen te paaien met een nieuwe schuldherschikking. Het is een mooi woord voor een schuldkwijtschelding.
Bovendien zal men de Grieken angst aanjagen. Ook dat is een klassieke strategie, de FUD-strategie. FUD staat voor fear, uncertainty en doubt. Angst, onzekerheid en twijfel. Men zal het voorstellen also de Griekse exit – de Grexit – enkel kommer en kwel zal brengen voor de Grieken én de andere Europeanen. Was het dan zoveel slechter voor de euro?
Een typisch voorbeeld van deze FUD-strategie zijn de uitspraken van voormalig Grieks premier Lucas Papademos. Volgens hem kost de Griekse exit tussen 500 en 1000 miljard euro. De berekening komt van economen die de kredietcrisis niet eens konden voorspellen terwijl ze vlak voor de deur stond. Het is een schatting met de natte vinger met als enige bedoeling de Griekse burgers bang te maken en hun stemgedrag in juni te beïnvloeden.
België heeft zowat 10 miljard euro geleend aan Griekenland, direct of indirect. Een deel hiervan zal zeker niet terugbetaald worden, welk scenario ook gevolgd wordt. Nochtans hebben politici ons in het verleden beloofd dat we hieraan zouden verdienen.
Zelfs met een nieuwe Griekse schuldkwijtschelding blijft er geen enkel perspectief voor Griekenland. De Griekse producten blijven door de euro te duur in functie van de kwaliteit. De schuldenlast neemt weliswaar af maar de economie blijft krimpen. Geen verbetering voor de patiënt dus.
Door een Griekse exit wordt wel een perspectief gegeven aan de Grieken. Maar misschien is het net dat wat men wil vermijden

Reacties (4) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Ik heb niets geleerd, want ik heb het niet gelezen!
zo ik heb weer wat geleerd .
Duim en fan erbij!
Interessant! Weer wat geleerd. Duim en fan erbij!
Thierry Debels is master bedrijfseconomie gespecialiseerd in financiële economie. Hij werkte als beleggingsadviseur bij ING België, als wetenschappelijk medewerker aan de VUB.