In de voetstappen van je cliënt

Door Amiad gepubliceerd op Friday 28 September 12:14

Volg eens een ander. Het verslag van een uitstap naar de glas en papierbak met mijn cliënt.

 

De gang naar de glas en papierbak is inmiddels een vast programma onderdeel in onze ontmoeting. Ook vandaag is het weer zover. Ik vraag aan Max om de boodschappenkar te pakken. ‘Helpen ik’, vraagt hij mij. ‘Ja, jij helpt mij’, antwoord ik hem bevestigend. ‘We gaan papier en glas weggooien’.
We lopen naar de kamer tegenover het lokaal waar Max dagbesteding krijgt en vullen de kar met wat karton en een aantal potten en flessen, dat in de hoek van de kamer naast de deur speciaal voor dit doel wordt bewaard.


Om nu het gebouw te verlaten, kunnen we twee wegen volgen. Of via de binnentrap of via de buitentrap. Op dit punt geef ik de controle aan Max. Kies maar je eigen lijk ik in stilte te zeggen als ik een stap naar achteren zet en Max de ruimte geef. Max neemt deze ruimte en hij loopt naar de toegangsdeur van de eerste verdieping. Deze deur leidt naar een balustrade. Om deze te verlaten kun je de buitentrap afdalen. Max kiest voor deze mogelijkheid.

Ik geef hem bewust deze keuze. Max is naar mijn gevoel goed in staat ondanks zijn verstandelijke beperking om zelf te bepalen welke weg er genomen kan worden. Je leven zelfstandig kleur geven is een groot goed en een doel op zichzelf in onze ontmoetingen.


Eenmaal buiten daalt Max de trap meteen af. Een week later blijkt dan dat er nog meer trappen zijn om de balustrade te verlaten, die ik op dit moment niet kende.


Eenmaal in de binnentuin aangekomen zijn er ook weer mogelijkheden en zal Max keuzes moeten maken. Hij kan het ijzeren hek aan de linkerkant of het ijzeren hek aan de rechterkant nemen om de instelling te verlaten. Hoe dan ook heeft hij een elektronische druppel nodig om het hek aan welke dan ook te openen. Ik overhandig hem mijn bos sleutels.

Max kiest ervoor om links de binnentuin te gaan verlaten. Ik loop achter hem aan door de tuin, die op dit moment, ondanks de relatief koele periode van dit jaar, de wereld weer met kleur begroet.
Bij het hek aangekomen houdt Max de sleutelbos voor het elektronische oog. Geen gezoem. Max probeert het nogmaals, vervangt de bonuskaart van de supermarkt, voor een kleine zaklantaarn, die te gebruiken is om in de winter een slot te belichten. Logischerwijs blijft ook nu het gezoem uit. Hij blijft het bijna wanhopig toch proberen om het juiste voorwerp voor het oog te houden. Hij kijkt mij aan, ‘helpen’. Ik ga zijn vraag niet negeren. Max legde goede relaties, zo hield hij bijvoorbeeld geen sleutel voor het oog, maar tussen de wirwar van sleutels kon hij de relatief kleine zwarte druppelvormige kaartje niet vinden. Hij kan nog niet systematisch tussen de sleutels zoeken. Mede door zijn slechte zicht is het misschien ook voor hem onmogelijk. Ik pak de sleutelbos uit zijn uitgestoken hand en retourneer de bos aan de druppel. Nu lukt Max om het hek te ontsluiten. Maar dan volgt de volgende barrière. Van het elektronische oog naar het hek zit een meter of drie. Max blijft staan als hij het gezoem hoort, 5,10 misschien 15 seconden gaan voorbij totdat hij de eerste stappen richting de deur zet. Nog enkele tientallen seconden totdat hij bij het hek is. Hij rukt aan het hek, duwt en trekt, het lukt niet het hek blijft dicht.


Heel even moet ik denken aan een filmpje waarin twee bejaarden met hun rollators bij twee liftdeuren ziet staan. Al pratende kiezen om naar de rechterdeur te gaan. Maar dan gaat juist de linkerdeur open. Schuifelend met hun rollators lopen ze naar de linkerdeur. Maar ondertussen sluiten de deuren zich en staan ze weer voor gesloten deuren. Ze blijven nu bij de linkerdeur staan en het laat zich raden dat dan na enkele seconden de rechterdeur zich opent, waarna ze zich opnieuw in beweging zetten, echter ook ditmaal worden ze ingehaald door de techniek. Uiteindelijk wachten de dames tussen de liften en reageren ze adequaat op het moment dat de liftdeuren zich openen en stappen ze in de lift.

Het hek is nog gesloten. Max staat voor een gesloten hek. Hij zoekt oogcontact met mij. Met zijn bruine ogen lijkt hij de vraag te stellen wat nu. Ik benoem zijn getoonde emotie. ‘Ja, wat nu Max’, vraag ik hem. Hij brengt de zwarte druppel opnieuw voor het elektronische oog. Om hem een eindje op weg te helpen, maak ik nu het hek voor hem open. Hij loopt met het boodschappenkarretje voor me langs op weg naar ons doel de glas en papierbak. Hij neemt de goede weg en loopt richting de grote flats met tien verdiepingen waaronder de containers zijn geplaatst. Aangekomen bij een aantal restafvalcontainers van de flat, die met hun grijze kleur en vorm sterke vergelijking vertonen met de iets verder geplaatste bakken, blijft Max even staan.
“Moeten we hier zijn, Max?’


De vraag zet hem aan om verder te lopen nadat hij met een ferm, ‘nee’, niet alleen deze mogelijkheid heeft verworpen, maar ook met een handgebaar in de goede richting heeft aangegeven waar de oplossing ligt. Iets verder bij het eind van de parkeerplaats.


Daar aangekomen heeft Max veel aandacht voor de omgeving, ‘kijk’, zegt hij en hij wijst naar een schoolcomplex aan de overkant van de straat. Wat hij precies hiermee wil, is mij niet duidelijk. Ik richt hem met een, ‘ wat nu’, op zijn taak.


Max pakt een stuk karton en loopt op het ronde gat van de glasbak af. Hij probeert met alle macht het karton erin te duwen. ‘Past dit’, vraag ik hem. Hij wendt zijn gezicht naar mij. Hij blijft het proberen. Het onmogelijke waar maken. Maar hier bij de glasbak lukt het niet.

‘Kijk’, en ik wijs hem naar de papierbak, die enkele meters van ons vandaan boven de grond verrijst. Nu loopt Max met enkele passen van zijn lange benen en grote voeten nar de andere bak.


‘Au’, zegt hij als hij naar de zilvergrijze klep wijst, die moet voorkomen dat er ongewenste voorwerpen hun weg naar de ondergrondse verzamelbak vinden. Ik duw de klep omhoog en Max duwt het karton in de bak. Nu hij hier de weg naar deze bak gevonden heeft verdwijnt al het in het boodschappenkarretje aanwezige karton in de bak. Nadat ook de glazen potten en flessen in de glasbak zijn gegooid, lopen we terug naar de inrichting.


Als ik achter Max terug naar de instelling aanloop, word ik verrast.

Max benoemt de vele grijze auto’s die op de parkeerplaats van de grote flat staan, als ‘Ami’.
Inderdaad is de kleur hetzelfde. Bedoeld hij, dit zijn grijze auto’s, net als die van jou, of bedoeld hij dat de auto’s van hetzelfde merk zijn. Ik weet het antwoord hierop niet. Samen lopen we verder. In de schaduw van zijn voetstappen loop ik met hem terug. Max bepaald de weg.

© Amiad Ilsar

Reacties (3) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Klein stapje voor de ene, grote stap voor de andere.

Mooi neergeschreven
mooi verhaal, fijn om te lezen, duim en fan erbij
Jouw verhalen blijven me aanspreken. Ik lees een geduld, een geduld om iemand met kleine stapjes verder te helpen en dit vind ik heel bijzonder in deze snelle wereld. Niet alles is voor iedereen zo makkelijk, wat voor de één een kleine hobbel lijkt is voor de andere een grote bult.