Mijn fobie is voor u misschien een peulenschilletje.

Door Weltevree gepubliceerd op Friday 28 September 12:14

Over zekerheden schrijven is leuk. Lekker succes, maar wat doe je met onverklaarbare zwaktes die nergens op slaan? Ik voel me er klein bij, dom en belachelijk.

Rare trekjes, aandoeningen en angsten, 

 

waarvan de herkomst niet te traceren is. 

Om u een eerlijker beeld te geven deel ik er enkele.

  • Ik ben toe aan onbezorgd. Nergens meer verantwoordelijk voor zijn (eten, drinken en wat gezelligheid, meer hoef ik niet)  Doen waar ik zin in heb. Gek he? Een bejaarde kleuter, zo voel ik me soms. Gelukkig heb ik nu geen vier banen tegelijk meer. Er was destijds niemand die begreep hoe zwaar het was. 
  • Zonder familie is kaal. Dat maakt me wel triest. Niemand die er achteraf trots op is wat ik deed.
  • Ik ben (lach alsjeblieft niet) bang voor de brievenbus. Er komt pijn uit en ellende. Juist als op mijn verjaardag dat ene kaartje ontbreekt. Misschien begrijpt u het als u verder leest
  • Voor geldkwesties blijf ik in paniek. Het is een gemis in mijn hersenen, denk ik. Daarom betaal ik alles automatisch en nog gaan er dingen fout waar ik part nog deel aan heb. Dat blijft onverstoorbaar die postbus uitbulken en wie me helpen moet houdt zich dood... 

 

Administratief ben ik een rasechte oen! Klungel eerste klas.


Ook na diverse keren de desbetreffende leraar te hebben gegijzeld, snapte ik er niets van. Tabellarisch, enkel- of drievoudig hupperdepup, kas-bankboek, Abacadabra, willekeur als ik iets goed had. Gokken, meer werd het nooit. Faalangst? Nee. Fouten maken hoorde er volgens mij bij. Het was ook zeker geen onwil, maar die hartkloppingen, misselijke keien in mijn maag waren afschuwelijk. Ik raakte verkrampt boven die schriften en vond dat zelf ook aanstellerij. Men mocht twee vakken van de vijftien laten vallen, dus  het detailhandeldiploma viel af. Ik ben dan ook beretrots. Nadat in Zwolle de bezoekregeling bakzeil had gehaald, wat ik vreselijk vond voor mijn kind, lukte het om opnieuw te beginnen.


In de ‘Slag om Arnhem’ las u wellicht met hoeveel bravoure ik de toestemming afdwong om dat huis te kopen teneinde van de uitkering af te raken. Het was ongehoord, te brutaal voor woorden, vonden de Sociale ambtenaren, dus toen ik die kans wel afdwong had ik iets te bewijzen. Aan mezelf en de starre lieden die met argusogen op me zouden letten om me op een foutje te betrappen. Wie A zegt moet ook B zeggen, niet zeuren en de kleine meid mocht er niet onder leiden

Het nieuwe thuis werd van rode cijfers provisorisch opgeknapt.

De kinder-slaapkamer als eerste. Boven diende ons leven rustig en regelmatig te verlopen en als zij naar school was of in bed lag zou ik beneden lesgeven. We (mijn moeder, haar buurman en ik) deden wonderen met afval producten, opgekocht schoolmeubilair werd met een likje verf als nieuw. Huisstijl, logo en de reclamecampagne kon ik zelf verzorgen, maar druk- en advertentiekosten waren niet te omzeilen. In de grote vakantie knapten we de lesruimte op. Mijn meiske leek gelukkig, wilde overal aan meehelpen en stond met de neus vooraan. Inkoop teken- en schildermateriaal schoot mijn moeder voor. Diverse verzekeringen, Kamer van Koophandel plus overzichtelijke leerlingen-administratie. Iedere cent moest te verantwoorden zijn en in September ging de eerste groep van start. De zenuwen gierden me door de keel maar iedereen bleek tevreden. De kop was eraf. Amper begonnen kreeg ik de zoveelste rechtszaak aan mijn broek. Was me nou óók de nieuwe start niet gegund? De rechter had gesommeerd hen nooit meer over alimentatie voor zijn kind lastig te vallen, maar die schamele fl.125,-  moest toch weer worden verminderd. Gelukkig kreeg hij op zijn donder, maar ik moest er wel mee aan de slag, advocaat, benzine etc en hup alweer naar Zwolle. Natuurlijk hield ik dat bij het kind weg, dat, zoals nu bleek, het toch moeilijk had. Ze miste hem vreselijk en ik maakte extra tijd voor haar, ging veel naar oma, wat vaker naar vrienden met een dochter van haar leeftijd. Van jonge uitspattingen (uitgaan) was amper sprake. Voorraadbeheer. BTW. Kleine kas, Belasting. Afschrijving inventaris, in- en verkoop, zakelijk en huishoudelijke aangelegenheden, schoonmaak. Het is meer dan je denkt. Slopende jaren en toch bewaar ik aan de overwinningen van toen echt mooie herinnerdingen. 

De eerste tijd leefde ik ver onder het minimum 

Iedere verdiende cent moest worden geïnvesteerd. We aten vaak bij mijn moeder en die afhankelijkheid vond ik lastig. Er was in ons grote huis geen gescheiden elektro/gas/water/circuit. Welk deel energie was zakelijk, wat telde privé? Iedere maand waren er wisselende inkomsten die men op de uitkering moest korten. Kortom, het is ingewikkeld als je bang bent voor formulieren. Die cijfers? Daar waren calculators voor. Punt uit, aan de slag, van uitstel komt afstel  en ik had me kinderlijk aan de hand laten nemen door de vreselijk geduldige, lieve adviseur die me al kende vanaf de Kunstacademie. Hij leidde me rustig en zelfverzekerd door de boekhoudkundige materie waar ik nog steeds de zenuwen van kreeg. Hoe vaak zal hij gedacht hebben dat ik te veel hooi op mijn vork nam? Hij complimenteerde me trouw na ieder overleg als de vader, die ik nog niet zo lang daarvoor verloren had aan de dood. 


Om de drie maanden lagen er weer die ingewikkelde BTW formulieren 

Deden ze het bij de Sociale Dienst erom? Want ik had hen het vuur te na aan de schoenen gelegd? Uit onwetendheid maakte ik een fout en werd behandeld als fraudeur. Toen ik meldde dat ik teveel gekregen had en het terug stortte, hoorde ik hen niet. De maand daarna kreeg ik te weinig en zo ging dat het eerste jaar door, alsof zij MIJN fobie voor cijfers hadden. Tot ik, na overleg, een vast bedrag opgaf wat ik na het sluiten van dat boekjaar kon verrekenen.

Welk boekjaar?

Het seizoen liep van September tot en met Mei/Juni, maar de belasting en de gemeente hanteren kalenderjaren. Ik schrok me het schompus toen de man van de belastingdienst beweerde, met niet te geloven plompe stelligheid, dat ik zwart werkte. Ik dacht van mijn stokje te gaan.
“Hoe komt u daar in Godsnaam bij?”
“Kunstenaars, wij hebben daar een verdeelsleutel voor, 30% zwart.”
“Mijnheer, alles gaat hier juist vanwege de Sociale Dienst volgens het boekje. Komt u maar kijken. Ik ben eerlijk, heb niet eens tijd voor zwart werk. U vindt alles in de boeken terug.”
“Ja mevrouwtje, dat kennen we, die handige truukjes.” Ik was me van geen slinkse wegen bewust, had wel iets anders aan mijn hoofd en naast het zakelijke méér dan genoeg zorgen als moeder.
“Niets mee te maken. U kunt van zo weinig niet leven.” Dat ik vier keer per week bij mijn moeder at was volgens de arrogante kwast geen steekhoudend argument. Woest was ik omdat ik voor de zoveelste keer vals beschuldigd werd, terwijl ik dacht laster en bedrog in Zwolle achter me gelaten te hebben. Op hoge poten belde ik zijn baas (als je eerlijk bent kun je ook met recht een kwade veer van de bek blazen)
“U bent zakenvrouw, zult het moeten verantwoorden,” was hij eerst ook kort door de bocht, tot ik heftig uit de hoek vloog en mijn situatie door de telefoon spoog. Als een furie...
“Ja, en wat moet ik nu met die stomme regel. Omdat anderen dat doen hoeft u mij niet met hen over één kam te scheren. Straf hen af, maar mij niet! Wie wel eerlijk is wordt niet geloofd,” riep ik overstuur. Hij maakte uiteindelijk zijn excuus, maar al die energie kon ik met een getraumatiseerd kind wel ergens anders voor gebruiken. Ik zakte tussen stramme instanties en privé.

In het niemandsland waar je moet vechten tegen de bierkaai.

 

Voor twee verantwoordelijk, kon ik me niet permitteren het lastige te ‘vergeten’ of het uit handen te geven en iedere maand was er weer die ‘crime.’ De berg die ik beklom waar anderen geen moeite mee hebben of er zelfs van genieten. Mocht ik al eens hulp vragen werd ik weggehoond. Misschien was dat wel het meest verdrietige. Van de leerlingen en het lesgeven kreeg ik energie, die echter eens per maand net zo hard weer weg vloog. Moeizaam, ontluisterend en oervervelend bleven het verdomd eenzame uren in dat kantoortje als de avondles om half elf afgelopen was. Ook met een muziekje erbij of de gedichten van Candlelight. Niemand die iets te drinken bracht of vroeg of het wel lukte terwijl die cijferstress helemaal niet verminderde. Uit alle hoeken en gaten zocht ik de bonnen die toevallig niet meteen op de pin terecht waren gekomen (met een kind loopt het wel eens iets anders dan verwacht) Paniek negerend legde ik ieder maand dat brede boek op de werkplank om bij ieder bedrag zenuwachtiger te worden. Met droge mond en bloed dat door mijn aderen pompte. Alsof ik op het punt stond een inbraak te plegen, met mijn hoogtevrees koorddansend over het Suezkanaal moest sluipen. Op die momenten wist ik dat ik vier banen tegelijk had. Dat ik zonder partner erg alleen was. Moeder en dochter was. Plus de jonge vrouw die zichzelf tot grote hoogte opkrikte om die cijferdraak te overwinnen die niemand zag.  Hoorde dit bedrag bij de die categorie? Was het reclame of representatie? In mijn hoofd beloonde ik mij voor iedere boeking die ik invoerde. Enkel en alleen opdat ik het volhield. De keren dat ik op moest staan om te ijsberen heeft niemand gezien. Na drie keer controleren kon ik rond half één in de nacht naar boven… oempf… waar niemand zat met een borreltje of een schouderklopje dus mompelde ik als een achterlijk gebakje tegen mezelf: " Goed gedaan meis!" Tot de boeken werden gecontroleerd. 

Dit deelde ik bijna nooit, ik houd niet van klagen, het lost niets op 

Mijn moeder die het mee beleefde is al achttien jaar dood. Schrijven over mijn zwakke plekken schroeft mijn keel dicht. Ik was sterk

Tot mijn aardige administrator met pensioen ging…tot mijn kind de deur uit was…tot ik hernia kreeg en alweer iemand zijn  belofte 'vergat' om in die tijd de administratie te verzorgen... puin ruimen... Diverse baantjes deed ik daarna waar men me voor dom versleet. Nooit heb ik mezelf verstopt, maar mensen kijken amper en ook al schreeuwde ik om hulp...Tegen dovemansoren is het zinloos. Altijd heb ik geinvesteerd zonder er metéén de vruchten van te plukken, maar nu, aan het eind, ben de weg kwijt in  'moeten'.  Omdat er niets meer op te bouwen is. Ik ben gelukkig met mezelf en schrijf, maar kom geld tekort om vrijuit van een uitje te genieten. Mijn spaargeld is naar Addis Abeba gegaan. In nevelen verdwenen, zoals mijn doel en hart (de kinderen waarvoor ik het deed) Het is daar achter gebleven. Nederlandse rijke jaloerse klooioos dwarsboomden (met frauduleuze motieven) de positieve initiatieven en mijn laatste levensdoel smolt als sneeuw voor de zon. Prachtige hoopvolle, vervlogen dromen. Ze doen te zeer. 

Ik ga niet hemelen, scháám me eenvoudig dood

Ik weet rationeel wel dat het onzin is, die schaamte... Misschien is het gewoon verdriet. Weggestopte 'mislukkingen' in nooit geopende enveloppen. Formulieren van stichting Obelisk Ehiopia, plus de niet verwezenlijkte projecten met bijbehorende correspondentie. Ik ben/blijf een open boek, maar bewijs van de dromen, positieve inzet en doorzettingsvermogen is niet terug te vinden in administratieve ongeopende angsten en miskleunen, die in de boedel achterblijven. 

 

Reacties (23) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Waanzinnig bedankt voor jou verhaal. Dit is werkelijk de allereerste keer dat ik iets lees waar ik mijzelf in herken. Je hebt geen idee wat dat voor mij betekend. Ik wens jou het allerbeste!
Graag gedaan, het is eenvoudig de waarheid, maar soms is de aanwezigheid van één persoon die hetzelfde meemaakt net genoeg om er weer even tegen te kunnen.
Heel heftig verhaal en steun vanuit Hongarije !
Dank jullie allemaal wel... Het doet me goed dat er nu mensen zijn die weten wat ik deed en hoe mijn zwakheden me na al die jaren nog steeds parten spelen... Wat ik van PeaceTroubadour vrij vertaal:Er zijn dingen die niet zijn te bedwingen, je moet het er maar mee zien te rooien en het ermee uitzingen.
Oei wat heb je dit weer fantastisch op papier gezet. Ik herken het vechten tegen de belastingdienst en andere instanties en het gedoe met de administratie.
Ik wens je veel sterkte en ik weet zeker dat het je allemaal gaat lukken.
niets waarom en waarvoor jij je moet schamen en wat groots dat je je "zwakte"en te kortkomingen durft te dele. Alleen heel moedige mensen durven dat.
Dank je wel, Nyn... ik neem liefde met beide handen aan
(was ook nog het boek uit de brievenbus gejat...)
Je hebt het prachtig en bloemrijk geschreven. Daarmee geef je mij de indruk dat je het al schrijvende achter je kunt laten.

In ieder geval schreef je volgens mij dat je niet trots bent op wat de DEED. In mijn optiek is het alleen van belang dat je trots bent op wat je nu DOET.

En voor de goede orde: De verdeelsleutel van 30 % waar de collega het over heeft is in een "aanschrijving" vastgelegd. Daar moet hij zich in principe aan houden als er geen fatoenlijke berekening kan worden gemaakt. Net als de cafebaas waarbij we standaard (noemen we forfaitair) aannemen dat uit een fust bier 195 tapjes gaan.

De collega had het echter wel wat beter kunnen uitleggen waarom er met dit 30 % percentage wordt gewerkt. Ik begrijp uit jouw verhaal dat dit niet het geval is geweest.