Een korte geschiedenis van koffie.

Door Lathica gepubliceerd op Friday 28 September 12:13

Nederlanders zijn dol op hun bakje troost. Gemiddeld drinken we zo'n 3,5 kop koffie per dag, ongeveer 150 liter per persoon per jaar. Alleen de Oostenrijkers, Finnen, Noren en Zweden drinken nog meer per persoon. Het waren dan ook onze voorvaderen die koffie zo populair hebben gemaakt. Een in 1616 door een Nederlander meegesmokkelde koffieplant staat aan de basis van miljarden koffieplanten ter wereld.

Waar koffie precies vandaan komt, en wie de drank als eerst dronk, is niet helemaal duidelijk. Maar daarover doen een aantal interessante legendes de ronde. Een van de meest bekende genaamd Kald, die leefde in het jaar 300 na Christus. Deze Kaldi merkte op een dag dat zijn geitjes wel erg energiek werden na het eten van de bessen van een bepaalde struik. Nieuwsgierig als hij was, at hij zelf een handjevol bessen. En wat denk je, ook Kaldi voelde zijn vermoeidheid direct verdwijnen.

Of Kaldi ooit echt bestaan heeft, valt moeilijk te controleren. Daar is het nu eenmaal een legende voor. Maar dar Arabieren de eerste koffiedrinkers waren, blijkt wel waar te zijn. Soefi's uit Jemen waren een van de eersten die de zaden roosterden en er een drankje van brouwden. Het hielp hen wakker te blijven tijdens hun lange, nachtelijke gebeden. Van daaruit verspreide het brouwsel zich naar Ethiopie, en verder door de Arabische wereld. Koffiehuizen openden op elke straathoek hun deuren. Tegen het einde van de 15de eeuw waren de straten van Mekka gevuld met mannen slurpend uit stomende koffiemokken.

Een andere plek, beroemd geworden door koffie, is mokka - een kleine havenstad in Jemen. Van de 15e tot de 17e eeuw was dit de belangrijkste handelsplaats voor koffie. De Turken, heerser over de landen die we nu kennen als Syrie, Palestina, Jemen en Egypte, hadden er het alleenrecht op de teelt van en handel in koffiebonen. Via Mokka verscheepten ze de bonen naar Suez. En van daaruit, per kameel, naar Alexandrie, destijds de hoofdstad van Egypte, waar kooplieden uit Venetie en Frankrijk kennis maakten met het verkwikkende drankje.

In 1645 werd in Venetie het allereerste Europese koffiehuis geopend. Andere wereldsteden bleven niet achter: in 1650 volgde Oxford, in 1651 Londen, in 1664 Den Haag, in 1677 Hamburg en in 1689 Parijs, Boston en New York. In de processtukken van het Gerechtshof in Den Haag staat het verslag van een ruzie die zich in 1670 afspeelde. In een koffiehuis aan de Hofsingel werd de boel kort en klein geslagen, omdat een aantal klanten, vanwege het late tijdstip, geen koffie meer geserveerd kreeg. Het moet een van de eerste koffiehuisgevechten zijn geweest.

Omdat de Turken in die tijd nog altijd het alleenrecht op de wereldhandel in koffie hadden, was koffie vrij duur. Tot ene Pieter van den Broecke, koopman in dienst van de VOC, in 1616 enkele koffieplantjes uit Jemen smokkelde. Hij nam ze mee naar Amsterdam, waar ze een plekje kregen in de botanische tuinen. Veertig jaar later gebruikten ze die stekjes om in Sri Lanka en Indonesie hun eigen koffieplantage op te richten. Niet veel later was de koffieaanplant op Java groter dan in Jemen, en groeide Amsterdam uit tot het absolute centrum van de wereldhandel in koffie.

In 1714 gaf de burgemeester van Amsterdam een jonge koffieplant cadeau aan de Franse koning Lodewijk de Veertiende. Blij met zij geschenk liet de koning het boompje direct planten in de Koninkelijke Botanische Tuin in Parijs. Verder gaf hij een van zijn officieren bevel een aantal stekken naar hun eigen overzeese kolonien te verschepen. De Fransen wilden - als de grootste koffiedrinkers van Europa - zelf koffie produceren in plaats van de bonen bij anderen kopen. In Martinique, een eiland in de Caribische Zee, gingen ze aan land. Vijftig jaar later telde het eiland 18 miljoen koffieplanten, allemaal afkomstig van die ene Nederlandse stek.

De Nederlanders waren ook de eerste die koffieplantage oprichten in Midden- en Zuid - Amerika. In 1712 namen ze de eerste bomen mee naar Suriname. Zes jaar later werd de eerste oogst terug naar het moederland geexporteerd. Vanuit Suriname werden ook planages opgericht in Frans - Guyana. Daarna belande koffie ook in handen van de Brazilianen, vandaag de dag het grootst koffieproducerende land. Luitenant - Kolonel Francisco de Mello Palheta werd door de keizer naar Frans - Guyana gestuurd om een koffieplant te bemachtigen. De Fransen waren echter niet bereid te delen en de missie dreigde te  mislukken. Ware het niet dat de vrouw van de Franse gouverneur een oogje had op Francisco. Als afscheidscadeau gaf ze hem een groot boeket bloemen waar binnenin een aansal koffiezaadjes zat verstopt. Groot genoeg om een eigen plantage te beginnen.

De Britten op hun beurt brachten koffie in 1730 naar Jamaica, waar in de Blue Mountains momenteel een van de beroemdste en duurste koffie ter wereld wordt geteeld. Maar de  allerduurste koffie is Kopi Loewak of Civetkoffie uit Indonesie. Kopi is het Indonesische woord voor koffie en Loewak is de lokale naam voor de civetkatachtige die verantwoordelijk is voor het nogal bizzare productieproces. Het beestje voedt zich met koffiebessen waarna hij de pitjes uitpoept. De pitten worden daarna gewassen en licht geroosterd, om de smaak te behouden. Omdat de uitgepoepte pitten vrij moeilijk te vinden zijn, is de prijs zeer hoog. Per jaar wordt slechts zo'n 200 kilo Kopi Loewak geproduceerd. 

 

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.