Je cliënt wil je kussen, wat doe je dan?

Door Amiad gepubliceerd op Friday 28 September 12:14

Wat doe je als een jonge vrouw met een ernstige verstandelijke handicap wil kussen? een dilemma uit de praktijk.

Een Franse jongedame.

Ze loopt naar mij toe. Maar binnen een grens van 90 centimeter waar normaal gesproken iemand stil blijft staan, gaat ze gewoon verder. Ze houdt geen afstand, ze zet haar lichaam pal voor mij. Ze lijkt zich met mij te willen versmelten. Haar hoofd lijkt mijn hart in te gaan en daar gevoelens van liefde en warmte te zoeken. Ze hoeft niet te zoeken want ik heb nog steeds een zwak voor haar. De Franse jongedame, ik herinner mij haar nog goed uit onze ontmoetingen van het verleden. Ontmoetingen waarbij ze me aan het denken zetten over belangrijke vragen uit ons leven.

Haar gitzwarte steile haren steken af tegen de fel blauwe trui, die weer contrasteert met een zwarte rok. Ze komt uit orthodox Joodse huize en behoort rokken te dragen. Haar getinte huid doet mij aan mijn moeder denken. Ook zij Joods, met wortels in Portugal. Ooit was haar nu bijna geheel grijze haardos net zo zwart als dat van deze Franse jongedame, die contact met mij zoekt.

Het zoeken van contact gaat verder dan het moment van het stilstaan bij de deur. Ze trekt mij met flinke kraht naar de zwarte bank in de hoek van het lokaal en duwt mij op de bank naast haar. Ze draait zich in kleremakerszit naar mij toe. Strijkt haar rok glad tussen haar benen. Ik maak een grap en met de kracht dat ze mij laat neerploffen veer ik weer op en laat mij als nog weer terug zinken op de bank. ‘Springen’, zeg ik tegen haar. ‘Niet springen’ is haar korte antwoord.

‘Niet springen’, twee Nederlandse woorden, gesproken door deze jongedame, die ooit naar Nederland kwam en geen enkel woord begreep. Niemand in haar omgeving sprak Frans, van de een op de andere dag moest ze communiceren met een taal, die ze niet verstond. Gedropt in een instelling meer dan duizend kilometer van haar huis, moest ze verder met haar leven.  Verbazingwekkend vind ik het dat deze jongedame, Nederlandse woorden heeft leren spreken. De woorden worden vaak nagesproken, maar er zijn ook woorden, die ze functioneel gebruikt.

Deze jongedame heeft een talenknobbel. Behalve in het Frans en in het Nederlands kan ze ook in het Hebreeuws zingen. Zodra ze mij naast zich heeft geplaatst, zet ze het lied hava nagila in. Dit is een oud Joods volkslied, wat de betekenis, laten wij gelukkig zijn heeft. Zou het toeval zijn, dat zij dit lied nu inzet, nu we samen op de bank zitten?

Het lied zong ik jaren geleden met haar. Zowel in de activteitengroep als op de sjabbatvieringen, die ik voor de clienten leidde. In die gemeenschappelijke vieringen zocht de jongdame altijd de rust op. Ze wou niet bij iedereen zitten en liep wat aan de buitenkant van de groep langs of zat op een in de aanwezige ruimte schommel of trampoline.

Ze zoekt geborgenheid zoals nu. Samen op de bank, samen op een bed, in een ballenbak of samen staand bij het aanrecht in de keuken van het lokaal waar ik vroeger met haar werkte. Die drang naar geborgenheid zou wel eens kunnen komen door haar gevoelige zintuigen. Alle prikkels van buiten komen sterk door. Nagels knippen, haren knippen, bloed afnemen, maar ook een nat plekje op een trui zijn reden voor verstoring van haar evenwicht.

Haar overgevoeiligheid wordt misschien versterkt door haar slechtzienheid. Tot op dit moment terwijl ze zichtbaar vrolijk met mij meezingt, zijn haar ogen teneergeslagen. Ze richt zich totaal op haar gehoor. Ik vermoed dat ze ook een audiotieve gevoeligheid heeft en mede daarom snel de talen oppikt.

Haar stem is heel zuiver. Ze lijkt op te gaan in de tonen, die ze hoort. Totaal gefocused. Het geeft onze toevallige ontmoeting iets bovennatuurlijks. Een klein paradijs, een klein moment op de bank, terwijl in de omgeving van alles plaatsvind. Er is rumoer en beweging op de achtergrond, maar op de voorgrond staat onze wereld. Een wereld van herkenbaarheid, met een raamwerk van een lied, wat onze cultuur, ons geloof met elkaar verbind. Het is genieten, voor ons allebei.
Haar genieten deelt ze door mij zo nu en dan kusjes op de wang te geven. Heel voorzichtig brengt ze haar gezicht naar mijn wang, met veel gevoel, tast ze me af. Kan ze mij kussen, ja of nee, millimeter voor millimeter nadert ze mijn gezicht. Een grote spanning is voelbaar. De spanning leeft ook bij mij.

Wat moet ik doen? Kan, mag ik haar mij laten kussen?

Zij is en jongedame, ik een man, mag er lichamelijk contact zijn tussen begeleiders en cliënten en van verschillende seksen in het bijzonder?

De vraag kan ik beantwoorden uit een aantal verschillende oogpunten. De Franse jongedame, komt zoals ik al vertelde afkomstig uit orthodox Joodse huize. Daar is dit soort contact verboden. Lichamelijk contact is behouden aan de getrouwde man en vrouw in afzondering van anderen. Vanuit proffesioneel oogpunt is het ook niet gewenst. Maar, hoe kan deze jongedame anders haar blijdschap en genegenheid uiten?

Deze Franse jongedame is een bijzondere dame, in vele opzichten, maar zeker ook in de mogelijkheid om met de omgeving te communiceren.Ze heeft heel weinig taal, zowel in haar moeder taal als alle andere talen waarin ze woorden weet uit te spreken. Ze kan niet zeggen, ik vind dit leuk. Ze kan niet zeggen ik vind je lief, haar taal is haar lichaam. Haar lichaam is een middel  dat in dienst staat van haar gevoelens. Er is niets anders dan haar lichaam.

Het dillema

Hoe kan ik nu haar persson, haar eigenheid respecteren en tegelijkertijd mijn integriteit tot het geloof en tot mijn proffessie behouden? Betreffende de godsdienst zou ik zeggen, rabbijnen en andere geloofsgeleerde geef mij een leidraad.

Wat de proffesie betreft is mijn visie duidelijk. Mijn proffessie is gestoeld op het feit dat ik de gevoelens tot genegenheid niet laat escaleren. Niet bij mij en niet bij haar. Ik moet de grens bewaken. Een kus, die zij mij op de wang geeft in deze speciale situatie is mijns insziens veroorloofd.
Ik nam altijd voorzorgsmaatregelen om ook naar de buitenwereld alle twijfel uit te sluiten. Ik zorg ervoor dat ik altijd met deze jongedame in het zicht van anderen ben. Om geen enkele risico tot verkeerde interpretaties te komen werkte ik alijd met open deuren en het liefst met anderen in de ruimte waar ik aanwezig was.
Amiad Ilsar.

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Verstandig van je, wel een lastig dilemma..
Dat is heel verstandig vooral in deze tijden waar het minste of geringste vaak verkeerd wordt uitgelegd.