Wat maakt de opera Einstein on the beach zo bijzonder?

Door Jochen gepubliceerd op Friday 28 September 12:13

Einstein on the beach van de Amerikaanse componist Philip Glass is op zijn zachtst gezegd een zeer ongewoon muziekstuk.

“Einstein on the beach” (1976) van de Amerikaanse componist Philip Glass is op zijn zachtst gezegd een zeer ongewoon muziekstuk. Het is een opera, maar vergeet de Aida’s, Traviata’s en de Zauberflötes van deze wereld. De opera van Glass lijkt even ver verwijderd van die klassiekers als de Aarde van de planeet Neptunus.

Effe de benen strekken

Men weze gewaarschuwd, “Einstein on the beach ” is een flinke brok muziek om te verteren, vijf uur lang om precies te zijn. Bovendien gooide Glass zowat alle regels van de opera overboord. Zo gaat het om een opera zonder pauzes. Het publiek wordt door de componist uitgenodigd om af en toe zelf een pauze in te lassen en effe de benen te strekken.

De opera telt verschillende acts die met elkaar verbonden zijn door zogenoemde “knee plays”, korte stukjes muziek.

Die tussenstukjes bieden ook de gelegenheid om decorwissels uit te voeren. Een verhaal is er niet.

De tekst bestaat uit cijfers, lettergrepen, enkele obscure gedichten en andere teksten die gedeclameerd worden.

 

Hier en daar zitten er verwijzingen in, onder meer naar The Beatles en het seventies-popidool David Cassidy. Het gaat in de eerste plaats om een auditieve ervaring met in de hoofdrol de menselijke stem en een handvol instrumenten.

“"one, two, three, four, five, six, two three, four..." 

De boeiendste stukken zijn volgens mij die “knee plays”, de stukjes die de hele constructie samenhouden, zoals een knie boven- en onderbeen verbindt bij de mens. De componist slaagt er in om met slechts enkele repetitieve elementen indrukwekkende, ontroerende, expressieve muziek te creëren. Vooral het eerste “knietje”, waarmee “Einstein on the beach” begint, is subliem.

Het is meteen duidelijk dat we hier niet te maken hebben met een doorsnee-opera. Een keyboard zet de toon. Een koor begint te zingen en geeft de beat aan met wisselende opsommingen van cijfers: “"one, two, three, four, five, six, two three, four..." en daar bovenop wordt een tekst opgezegd.

Op een of andere manier raakt een mens in vervoering van de herhaling van die numerieke reeksen, gecombineerd met het eenvoudige keyboardspel en de flarden tekst.

 

De hele opera bestaat, zoals dat eerste “knee play” uit een beperkt aantal thema’s of patronen die telkens weer hernomen worden. Telkens dezelfde patronen, maar toch telkens anders met wisselende bezetting, wisselende duur van de stukken en wisselende complexiteit.

Of de beroemde wetenschapper Albert Einstein door de compositie van Philip Glass ook in vervoering zou zijn gebracht, weet ik niet.

Het is wel bekend dat hij een gepassioneerd muziekliefhebber was en als wetenschapper was hij op zoek naar wetmatigheden en patronen in de natuur.

 

In die zin geeft de muziek van Philip Glass ons misschien een inzicht in de werking van de natuur en van de manier waarop Einstein die werkelijkheid benaderde als wiskundige.

Maar luisteren en genieten is de boodschap en vooral niet te uitleggerig willen zijn. Als je de kans krijgt om de opera op scène te zien, zeker doen, want dan kan je naast de muzikale ervaring ook nog genieten van een al even indrukwekkend visueel schouwspel. Dat kan in januari volgend jaar, want dan komt “Einstein on the Beach” naar Amsterdam.
 

Reacties (1) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Lijkt me echt helemaal te gek dit! Leuk ook eens zoiets vernieuwends op het gebied van opera te lezen!