Grietje en het Peperkoekhuis

Door Moneyq89 gepubliceerd op Friday 28 September 12:13

Hans en Grietje werden nooit door hun ouders diep in het bos achtergelaten. Eigenlijk was het Grietje, of liever Margariet, die zo hebberig was dat ze op eigen houtje naar het huisje van de oude vrouw ging. Maar zo vertelde zij later natuurlijk nooit het verhaal...

"Ik wist wel dat ik je hier zou vinden."

Hoewel hij fluisterde, ging haar hart als een razende tekeer. Natuurlijk, ze wist wel dat het de oude vrouw niet kon zijn, want ze had haar net in het huisje zien verdwijnen. Maar toch. Er werden vele dingen over oude vrouwen gezegd. Zeker als ze zo'n dikke pukkel op hun neusvleugel hadden. Als er een zwarte kat bij hen inwoonde. En deze oude vrouw als al een tikkeltje abnormaal.

 

Arme houthakkerskinderen

"Sst, ga omlaag," siste ze tegen haar broer, terwijl ze aan zijn broekspijp trok in een poging hem uit zicht te krijgen. Hij mocht dan wel de oudste zijn, maar zeker niet de wijste. Als de oude vrouw nu naar buiten zou kijken, zou ze hem gegarandeerd zien en zou zich afvragen wat die jongen daar helemaal alleen in de struiken stond te doen. Misschien zou ze hem wel herkennen, die zoon van de houthakker, en zou ze bij hen thuis langskomen. En dan zou er onweer zijn.

Een vlasblond hoofd verscheen naast het hare, en samen tuurden ze naar de bruine muren en gekleurde daken. Het was nauwelijks te geloven wat ze zagen.

"Denk je dat het echt is?" fluisterde ze.

"Het ziet er wel zo uit."

"Ik zou er graag mijn tanden in zetten."

"Maar je weet dat het niet mag." 

Die Hans, die Hans. Altijd weer de braverik. Margariet kon zich er vreselijk aan ergeren. "Wees toch eens wat meer als Hans," zeiden haar ouders elke keer, "Kijk eens hoe voorbeeldig hij zich gedraagd. Wat een goed voorbeeld is die jongen toch." Dan draaide ze achter hun rug met haar ogen, terwijl Hans rondkeek met zijn stralende engelengezicht. 

In ieder geval had hij tot nu toe nog niets gezegd over de uren dat ze van huis was en in de bosjes lag te spieden. Maar tot nu toe was er ook nog niet echt iets geweest waarover hij zou kunnen klikken.

"Nee, natuurlijk niet," reageerde ze schijnheilig. Echt niet dat ze hem ging vertellen wat ze van plan was voor de volgende dag. Ze glimlachte breed en klauterde overeind. "Laten we maar gauw weer naar huis gaan. Papa en mama vragen zich vast af waar we zijn."

 

Het is nooit genoeg

Ze trokken zich weer terug de donkere bossen in, waar de kleuren allemaal hetzelfde waren. Groen en bruin en grijs. Geen zuurstokroze of roomijswit. Geen pistachegroen of mintjesblauw. Enkel de grauwe en doffe kleuren van een bos dat al jaren groeide en bleef groeien.

Was het nou zo gek dat ze wel eens verlangde naar iets meer? vroeg Margariet zich af toen ze die avond over een bord dikke groentesoep gebogen zat, met naast haar bord een kleine homp brood. Elke avond weer hetzelde maal. Haar moeder kende geen ander recept; haar vader verdiende nooit genoeg geld. Ontevreden schoof ze haar bord van zich af.

"Heb je nu al geniet, Grietje?" vroeg haar moeder met droeve ogen. Altijd weer die blik. Bezorgdheid en steeds meer vragen. Wat is er met Grietje? En niemand wist het. Zelfs Hans wist niets over haar ontevredenheid. Hij at elke avond braaf zijn bord met groentebrij en het staalharde brood. Niet te versmaden, maar hem hoorde je niet klagen. Altijd weer die brave Hans.

"Ik zit vol."

En Margariet - ze had er werkelijk een hekel aan als mensen haar aanspraken met Grietje - sprong met een boog van haar stoel en verdween in haar slaapkamer. Weinig groter dan een bezemkast, want zoveel luxe was er niet in de kleine houthakkerswoning.

 

Het huisje van peperkoek

Maar de volgende dag was ze vroeg wakker. En niet zonder reden. Vandaag was de dag.

Margariet glimpte voorzichtig uit bed, zonder enig geluid. Ze mocht haar ouders niet wakker maken, en als helemaal niet Hans. Op kousevoeten sloop ze door het huis en trok op het laatste moment nog haar kleine klompjes aan.

De weg door het bos wist ze precies. Het was zeker een uur lopen, maar nog nooit was ze zo snel geweest. En ineens was het daar. In al haar pracht en praal. In alle geuren en kleuren. In volle glorie. Muren van brokken peperkoek, glanzend door het siroop en op elkaar bevestigd met witte room. Dakpannen van speculaas. Een gootsteen van zuurstokbogen en ramen omringd door pepermuntjes. Er groeiden bloemen in de vorm van lolly's en struiken als groene suikerspinnen. Een pad bestrooid met zuurtjes en chocolaatjes in allerlei kleuren lag uitnodigend aan haar voeten.

Haar maag knorde omdat ze niet meer had gegeten sinds de karige maaltijd van de vorige avond, die ze grotendeels nog had laten staan ook. Maar dit was... dit was.

 

Buikjes rond

Dit was precies waar ze altijd van gedroomd had. Dit was waar ze haar hele leven op had gewacht. Dit was waar ze naar had verlangd. Dit was wat haar toekwam. Na jaren eten wat de pot schafte - en dat was al zo weinig - was dit toch wel het minste wat ze verdiende?

Half struikelend over de rode, blauwe, groene en gele snoepjes die onder haar voeten rolden, snelde ze naar het huis. Ze aarzelde geen moment meer. Haar tanden verdwenen diep in de zachte, zoete koek. Ze kon haar geluk niet op.

Ze nam nog een hap. En nog een hap. En nog een hap. Steeds meer gaten verschenen in de muur. Een stuk peperkoek. Een lik van de room dat dikke, mierzoete glazuur bleek te zijn. Een brok speculaas brak ze van het dak. Wat maakt het ook uit? Die vrouw leeft al haar hele leven in dit huis, zij mag niet klagen. Zij weet niet wat het is om nooit eens snoep te eten. En ze bleef maar eten en eten.

Nog nooit had ze zich zo vol gevoeld. Haar buik stond op exploderen. Maar Margariet wist van geen stoppen. Ze bleef maar eten en eten, tot het leek alsof snoep en zoetigheid voor haar ogen dansten.

 

Geen huisje van peperkoek

"Wat ben je aan het doen?" hoorde ze opeens iemand roepen. En toen ze zich moeizaam omdraaide - haar buik was ze dik dat ze amper nog kon bewegen, en dus at ze nog enkel wat in haar directe omgeving binnen handbereik was - zag ze hem staan. Niet dat ze het al niet had kunnen raden. Hij was haar dus toch gevolgd.

"Hmniks," mompelde Margariet tussen twee happen chocola.

"Je hebt haar hele huis verwoest," bracht Hans stamelend uit. En Margariet zag het toen ook. Want van het huis waar ze altijd verlangend naar had gekeken, was nu nog maar weinig over. Ze had de muren en de daken, en niet te vergeten de ramen en de deur, tot op de grond weggegeten. Ze was zelfs aan de meubels begonnen die gemaakt waren van ijs en koek en zuurtjes en stevige pudding. "Wat moet die arme vrouw nu doen?"

"Een nieuw huis zoeken?" lachte Margariet. Want wie wil er nou wonen in een huis gemaakt van snoep en koek? Ze kan toch veel beter in een normaal huis gaan wonen... "In ieder geval was het lekker." En ze zuchtte daarbij voldaan.

"Je moet je gaan verontschuldigen, Grietje."

Altijd weer de goedzak, dacht Margariet. Moeizaam krabbelde ze nu overeind, waarbij ze steun zocht aan een laaghangende tak. Wat moest ze met haar oudere broer doen, die haar zeker zou gaan verklikken?

De oplossing was snel gevonden, toen ze zag dat de lage schuur bij het huisje nog overeind stond. Haar lichaam was zwaar en sterk geworden door al het eten, hoewel ze loom was, en met een flinke duw kreeg ze haar oudere broer zo het schuurtje in. Een grote grendel zorgde er wel voor dat hij niet zomaar weer kon ontsnappen.

En dus was er nog tijd genoeg om aan bloemen te likken en in struiken te happen. Zelfs het gekleurde pad stopte ze weg in de holle gaten in haar kiezen, onder het verre geroep van Hans die nog altijd vastzat.

Tegen het avondschemer besefte Margariet ineens dat ze niet langer weg konden blijven. Haar ouders zouden hen nu gaan verdenken en misschien zelfs naar hen op zoek gaan. En wat moest ze dan gaan vertellen, met Hans achter slot en grendel en een huis tot op de grond weggegeten?

 

Eind goed, al goed

Jullie begrijpen wel dat Margariet nooit met het werkelijke verhaal thuis kon komen. Dus nadat ze Hans na uren jammeren toch had bevrijd en ze samen naar huis gingen, wist ze hem zover te krijgen dat hij geen woord erover tegen zijn ouders of vrienden zou zeggen. En Margariet zelf?

Tot lang na haar dagen werden de woorden gesproken die zij eens had verteld.

"Een gemene oude heks was ze, en ze stopten haar in de oven. Zoals ze eigenlijk van plan was met hen te doen. En daarna hebben ze natuurlijk hun buikjes goed rondgegeten."

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Zo maken de mensen dus zelfs sprookjes, En Magariet moest die later nog naar de tandarts.

Pork geeft de DUIM.
FAN is hij al.


DRIMPELS zijn als dromen in het water.
Een smakelijk sprookje!