Beginzinnen voor de prullenbak

Door Cor-verhoef gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

Xead-mensen schrijven graag. Ik ook. Xead-mensen dromen wellicht over het schrijven van een roman. Ik ook. Hier wat tips hoe het NIET moet...

Het vuur rook naar aarde, terwijl de bliksemschichten zich samen klonterden aan de grauwe hemel…”
(niet doen, dit wordt niks)

 

“Alexandra sloeg de mahoniehouten deur dicht met een gekmakende dreun, terwijl Rafael zijn zaklamp zocht. Het kon toch niet waar zijn?
( dit is echt kut )

Berlijn was zijn stee, ondanks dat hij er niet geboren, niet woonde en er zelfs nooit geweest was…
(ongeloofwaardig)

 

In India zijn veel dingen hetzelfde. Dat is vreemd, voor zo’n groot land.
(te filosofisch)

Nederland is een land met wilde rivieren, diepe ravijnen en duizenden straten waar de mensen elkaar immer behulpzaam zijn.
(onzin)

 

Toen ik geboren werd, haatte ik mijn vader al, en alles waar hij voor stond…
(onmogelijk)

Het waarom van haar vertrek heb ik nooit begrepen. Onze gedeelde eenzaamheid werd op die dag in tweeen gespleten…
(is wiskundig gezien onmogelijk)

 

Daar stond ik. Zomaar aan het altaar. Ik wist niets van neuken en toch zou ik er die nacht aan moeten geloven…
(Deze kan, maar daarna kappen)

Uit het raam van de verweerde trasmolen kijkend, over de uiterwaarden die met hun fletse spiegelingen de kijker misleidden, dacht Frans aan zijn oude moeder, die hem jarenlang verzorgd had in het weeshuis.
(alweer een miskleun)

 

Mevrouw Liepjes beende met kordate tred, bevallige kin in de lucht, het schoolplein op. “Waar is meester Buitenwijk!” riep zij met schrille stem.
( “Liepjes” veranderen in “Beentjes” en “beende” veranderen in “liep”)

In al die jaren waren er nog nooit zoveel mensen bij ons thuis geweest. Geurloze types, die alleen geinteresseerd waren in de uitvinding van mijn broertje. Ineens bestonden we. En mijn moeder maar koffie aanslepen, die de indringers maar half opdronken…
(ik ga een roman beginnen)

                                             ONDERTUSSEN, OP HET PLATTELAND...                       
                                           
 Ik kom, als zelfverklaard urbaniet, zelden buiten de stad. De dagen dat ik me buiten de stadsgrenzen begeef zijn zeldzaam en nooit zonder dwingende reden. Ik heb, zittend in slaperige eetstalletjes, aangestaard door gefascineerde plattelanders, altijd het gevoel dat ik iets mis. Dat het stadsgewoel en de gebeurtenissen in Bangkok in een hogere versnelling gaan zodra ik de stad verlaten heb, alleen maar om mij te zieken. Omdat ik er niet bij kan zijn. Onzin natuurlijk. Gebeurtenissen gebeuren niet louter en alleen om mij te behagen. Of wel soms?

 

Op het platteland van Thailand gebeurt nooit iets, zo lijkt het althans. Het tempo ligt er zo laag dat het lijkt alsof zaken zich achterwaarts afspelen. De geschiedenis van dit land wordt in het waterhoofd Bangkok geschreven en als plattelanders daar deel van willen uitmaken, zullen ze naar Bangkok moeten afreizen. Iets wat velen dan ook op gezette tijden doen.


Phut pasart Thai keng maak maak”, kraait de uitbaatster van het eetstalletje gelegen aan een weg, waar eens per uur een brommer overheen tuft en die alleen maar aangelegd lijkt te zijn zodat de dorpelingen kunnen zeggen; “wij hebben ook een weg”. “U spreekt geweldig Thai”. Ik dank haar voor het compliment, maar mij beschuldigen van de beheersing van de Thaise taal boven kleuterniveau, is een pertinente leugen.

                                  De weg, door velen geringschattend "Hillbilly Avenue", genoemd.


Mijn vrouw en ik zijn in het Thaise equivalent van Heerjezusveen, omdat we mijn schoonvader (76)  helpen verhuizen. Het houten huisje, waar hij de afgelopen twintig jaar heeft gewoond, lijkt nu tegen de lucht aan te leunen, zo scheef staat het. Termietenlegers zijn al jaren bezig, met de vastberadenheid van fanatieke nazi’s, het bouwsel tot stof te reduceren.


Pa wil niet vertrekken. We wijzen hem erop dat het niet meer verantwoord is om in een dergelijk onderkomen, dat in een verregaande staat van ontbinding verkeert, te blijven wonen. Vandaag of morgen stort het stukje onroerend goed bij de minste of geringste windvlaag, als in een tekenfilm, als een kaartenhuis in elkaar.


Wanneer ik, zonder enige krachtsinspanning, met mijn blote voet een groot gat in de vloer trap, zie ik pa op zijn onderlip bijten. Hij lijkt overtuigd. Zijn nieuwe, gelijkvloerse, uit steen opgetrokken huis ligt vijf minuten lopen verderop. Met fonkelnieuwe plavuizen op de vloer, een keuken en een “moderne” plee, geen hurkgebeuren meer voor deze krasse knar.

                                                                        De nieuwe stee van pa...


In het dorp wemelt het van de kleine kinderen. De scholen zijn gesloten en de dreumesen rennen –kinderen rennen altijd-  fietsen, klimmen en spelen,, voor mij, onbegrijpelijke spelletjes. Wat een kontrast met hun Bangkokiaanse leeftijdsgenoten die tijdens de vakantie 18 uur per dag achter hun computer doorbrengen en vaak op 8-jarige leeftijd al drie kinnen hebben.


Voor de lokale tempel staat een gigantische geluidsinstallatie opgesteld waaruit vanaf 7 uur ‘s ochtends keiharde plattelandspretpunk klinkt die tot ver buiten het dorp hoorbaar is. Mensen die niet beter weten, fantaseren altijd dat Boeddhistische tempels plaatsen zijn, waar een serene stilte heerst die uitnodigt tot reflectie en het nastreven van innerlijke rust. In werkelijkheid heeft de gemiddelde Thaise ‘wat’ en het terrein erom heen meer weg van een kermis, waar de draaimolen permanent op hol geslagen is.

 Links "Wat Kreaw", rechts de geluidstoren die genoeg decibellen produceerde om de doden te doen herrijzen.


Ooit vroeg een Thaise man wat ik van de muziek vond die aanstond in het restaurant waar ik met een paar vrienden zat te eten. “mai chop”, antwoordde ik –ik vind er niet veel aan- waarop de man opstond, naar de versterker liep en het volume twee keer zo hard zette. Ik stak mijn duim omhoog.Thais hebben allen de rotsvaste overtuiging dat wanneer je kutmuziek maar zo hard mogelijk zet, het dan vanzelf goede muziek wordt.


De Thaise plattelandspop die, terwijl ik dit schrijf, uit een luidsprekerscongregaat knettert, met een wattage waarmee U2 normaliter in stadions optreedt, valt niet een-twee-drie te beschrijven. Het instrumentarium bestaat meestal uit zanger(es), drums, bass en solo-gitaar. De solo-gitarist doe strikt wat er van hem verlangd wordt; soleren. Op de eerste tel zet de solo-gitarist de solo in, om daarna niet meer op te houden tot aan het einde van het nummer. Tijdens het refrein zet de de solo-gitarist zijn solo nog wat aan, om uiteindelijk, wanneer de zanger(es) even adempauze lijkt te nemen, met gierende uithalen het nummer naar een hoogtepunt te persen. De drumsolo’s, of liever gezegd, “drumbreaks”, doen vaak denken aan het geluid dat je hoort wanneer er iemand van de trap af lazert. Not for the faint-hearted…


Andere, immens populaire muziek, is “luuk thung”, een muziekstijl waar ik wel dol op ben. “Luuk thung” is de Thaise versie van country muziek. Trage, dromerige bastonen en orgelriedeltjes begeleiden het dramatische verhaal van de zanger in wiens leven alles fout gegaan is, wat er maar fout kan gaan. De zangmelodien zijn voor een westers oor even wennen –het stemgeluid komt enigszins afgeknepen over, en soms lijkt het erop dat de zanger(es) ‘vals’ zingt- maar het geheel is wonderlijk harmonieus. “Vals” en “zuiver” zijn immers begrippen die cultureel bepaald zijn. “Luuk thung” is met stip de meest populaire muziekstijl in heel Thailand, inclusief Bangkok. Een oude grap in dit land is dat wanneer je “luuk thung” , achteruit draait, de zanger zijn huis, zijn land, zijn vrouw, zijn kinderen en zijn waterbuffel weer terug krijgt.

                                  Elke liefhebber van kokosnoten krijgt tranen in de ogen van deze foto...


Morgen weer terug naar Bangkok. Pa is gesetteld, happy en ziet nu ook in dat het toch wel een deprimerend krot is geworden, dat geliefde huis waarin ie oud is geworden.
Ik zie me uiteindelijk wel neerstrijken in een plek als dit, wanneer ik uitgewerkt ben. Beetje werken aan mijn roman. Wat moet je anders?
Ik haat tuinieren…

Reacties (28) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Talent heb je. Kennis ook. Ik zou het als ik jou was bij de boekjes van Te gast in... (Thailand) van Informatie Verre Reizen proberen. In een paar oudere drukken staan ook verhalen van mij. Doen!
@Mc-suffie,

Da's een mooi compliment, maar als je eenmaal begint in "Vakantiehuis Met Zwembad" van Herman Koch, dan leg je het pas weer neer wanneer je het uit hebt. Weergaloos!

@Henie,

Dank je.

@Hanstao,

Hahahahaha! Ok, jij wint!
In de warwinkel van mijn brein tuimelen de schappen in een valse beweging van begrip. Aan de einder spiegelt een fata morgana het lijnenspel van een trillende vibrator. Dat moet een duim zijn, denkt hij, en begint alvast te zuigen.
Cor als ik jouw teksten lees kan ik niet alleen mijn beginzinnen maar ook mijn tussenin- en eindzinnen kunnen permanent op vakantie.
In een reactie stel je; Als ik Tommy Wieringa, of Herman Koch lees, denk ik, dit gaat me nooit lukken.
Ik heb nooit iets van deze schrijvers gelezen maar ik weet nu al dat ik jou liever lees.
Superduim
Graag gelezen!
Ik kan dus al mijn begin zinnen naar de prullenbak verwijzen?
dikke duim erbij voor je neergeschreven artikel !