Één van de oudste Nederlandse boeken: Karel ende Elegast

Door Loesje190 gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

Door middel van vragen en antwoorden duik je in het eeuwenoude verhaal over Karel de Grote

Het verhaal:

De Nacht voor de hofdag krijgt Karel de Grote in een droom bezoek van een engel die hem vraagt om uit stelen te gaan, anders zal hij sterven. Na drie keer is Karel overtuigd. Hij gaat uit stelen en komt dan een zwarte ridder tegen, aan wie hij zijn naam niet wil vertellen. Nadat de vorst de onbekende, die Elegast blijkt te zijn, heeft verslagen in een gevecht, stelt hij zichzelf voor als Adelbrecht (‘van adellijke geboorte’), omdat hij niet wil dat Elegast weet dat de koning uit stelen is gegaan.

Karel stelt dan voor om bij de koning (bij zichzelf dus) in te breken, maar een verontwaardigde Elegast verwerpt zijn voorstel: hij is nog steeds trouw aan zijn vorst. In plaats daarvan wil hij Eggeric, Karels kwaadaardige zwager, gaan bestelen. Elegast vermoedt al snel dat Karelgeen echte dief is, omdat hij erg onhandig is. Nadat ze een grote buit hebben binnengehaald, willen ze weer weg gaan. Tot ze Eggeric's vrouw, de zus van koning Karel, zien, die vertelt hen dat Eggeric Karel op de hofdag om het leven wil brengen. 
De koning beseft nu waarom God hem uit stelen liet gaan. De volgende dag, op de hofdag, beschuldigt Karel Eggeric van verraad. Elegast daagt Eggeric uit tot een gevecht om uit te maken wie de waarheid spreekt. Elegast doodt Eggeric, en mag met de zus van Karel trouwen.

Als je een tekst in het Middelnederlands leest, dan zijn er een aantal tips waaraan je je tijdens het lezen van zo’n tekst kunt vasthouden. 


Tips voor het lezen van Middelnederlands:
-  Het is heel handig om de woorden hardop te lezen. In de Middeleeuwen schreven de mensen alles op zoals ze het ook zeiden en hoorden.

- De ‘lange’ klinkers, die wij nu aangeven met een verdubbeling van de letters (zoals aa of oo), schreven zij vaak met achtervoeging van een e of i.

ae:
voorbeeld: slaen = slaan
ai:
voorbeeld: dair = daar
oe:
voorbeeld: antwoerde = antwoorde
ei
ue:
voorbeeld: scuere = schuur

- Twee woorden werden vaak aan elkaar vast geschreven, als die in een geheel werden gezien.
Voorbeeld:  wasser = was er
biddic = bid ik

- Het sch, wat wij gebruiken, werd met sc geschreven.
Voorbeeld: scuere = schuur
Het kw, die wij nu gebruiken, werd met qu geschreven.
Voorbeeld: quaet = kwaad
  De z, die wij nu gebruiken, werd soms geschreven als s.
   Voorbeeld: onsalighe = onzalige
- De h werd soms juist wel geschreven in Middelnederlands, terwijl hij in het moderne Nederlands niet uitgesproken wordt.
En soms wordt de h juist niet geschreven als hij wel uitgesproken wordt.

4. In de tekst ben je tegengekomen “tellen” en “hoerter naer” (vers 2).

a.  Wat kun je uit deze woorden afleiden in verband met het karakter van de Middeleeuwse letterkunde?
De Middeleeuwse literatuur werd in die tijd vooral mondeling overgedragen. Zoals hierboven al genoemd is, werden woorden vaak samengevoegd en is “v tellen” nu vertellen geworden. Uit “hoerter naer” kun je “hoorter naar” dus luisteren naar halen. Het wordt verteld ‘tellen’ en er wordt nader naar geluisterd ‘hoerter naer’.
Karel wil wat gaan vertellen, en de lezer moet ‘luisteren’. Dit werd vroeger in de Middeleeuwen doorverteld, daarom staat er dus dat je moet luisteren en niet verder moet lezen.


b.  Nadat je het antwoord hebt gevonden, kun je je afvragen hoe de Middeleeuwse literatuur bewaard is gebleven. 

In de Middeleeuwen waren er weinig boeken in omloop. Om een boek te maken werd er op perkament met een ganzenveer geschreven. Vaak waren deze boeken prachtig versierd met verschillende kleuren. Er werden grote hoofdletters, tekeningen en sierlijke krullen aangebracht. De omslagen werd meestal ook versierd. Deze mooie boeken werden met zorg bewaard en gekopieerd (uiteraard met de hand) in kloosterbibliotheken. In deze tijd konden maar weinig mensen schrijven en lezen. Het kopiëren in een kloosterbibliotheek werd gedaan door monniken, zij konden wel schrijven en lezen en schreven de boeken over.

Toen in 1450 de boekdrukkunst werd ingevoerd, kwamen er veel meer boeken in omloop. Het drukken werd gedaan met bewerkte houten blokken. De Middeleeuwse boeken werden zo makkelijker gekopieerd, waardoor er veel meer boeken kwamen. Ook de behoefte aan boeken nam in deze tijd toe, want steeds meer mensen leerden toen lezen. Door de boekdrukkunst was het mogelijk dat voor het eerst iedereen prenten in bezin kon hebben.

Omdat pas in het midden van de vorige eeuw belangstelling ontstond voor de Middeleeuwse literatuur, zijn er in de loop der tijden veel Middelnederlandse boeken verloren gegaan. Toch is er nog wel wat Middeleeuws literatuur bewaard gebleven, omdat er van de meeste boeken heel veel kopieën zijn gemaakt met behulp van de boekdrukkunst.

5.  a. Het verhaal komt als echt gebeurt over. Welke elementen moeten de “echtheid” van  het verhaal bewijzen (staven)?

- Keizer Karel heeft echt bestaan. Karel de Grote is gekroond in Aken op Kerstmis 800.
- Een historisch evenement is een hofdag. Karel houdt ook een plechtige hofdag.
- Ook is de locatie bekend, Ingelheim aan de Rijn.

b. De positie van de vrouw in de middeleeuwen wordt in dit boek duidelijk naar voren gebracht. Op welke wijze gebeurt dit? Wat is de positie van de vrouw in de Middelnederlandse Karelromans?

De positie van de vrouw in Karel ende Elegast is ondergeschikt. Daarvan zijn twee voorbeelden te geven. De vrouw van Eggeric wordt geslagen door haar man. Later wordt dezelfde vrouw aan Elegast uitgeleverd nadat deze de tweestrijd van Eggeric heeft gewonnen. In deze situaties is duidelijk te zien dat de vrouw niets te zeggen heeft. In de voorhoofse ridderroman, waartoe ook Karel ende Elegast behoort, was er namelijk geen eerbied voor de vrouw en was zij ondergeschikt.

c. Er zijn in de middeleeuwen ook Arthurromans. Tot welke soort ridderromans behoren deze? 

De Arthurromans behoren tot de hoofse romans. Hoofs wil zeggen dat het beschaafd is, net zoals het er aan het hof toegaat.
De kenmerken van hoofse romans zijn:
- Verering van de vrouw.
- Moedige, sterke en slimme ridders.
- Met als centraal thema de liefde.
- Een wonderlijke sfeer met sprookjeselementen.

Arthurromans vallen onder de Keltische of Britse romans
- Het gaat altijd over een ridder van de ronde tafel.
- Het hoofdpersonage wordt op een missie gestuurd.
- Hij keert meestal terug met het een gevraagd object en regelmatig met een jonkvrouw.

6.  Hoe worden Elegast en Eggheric in het verhaal getypeerd? Kun je van echte karakterisering spreken?

Elegast en Eggheric worden laten zien als het goede en het kwade. Elegast is erg dapper en een trouwe ridder. Ook is hij bescheiden en schuldbewust. Elegast is het tegenovergestelde van Eggheric. Eggheric is in dit verhaal de slechte ridder, hij is juist heel agressief en boosaardig. Hij is alleen maar uit op meer macht en de wil de plek van Karel innemen.

7.  Er is een verschil tussen Karel als dief en Karel als vorst. Geef het verschil aan tussen Karel-de-dief en Karel-de-vorst.

Karel-de-dief is bang. Hij is op zich nog wel dapper in het tweegevecht met Elegast. Voor de rest was hij heel erg onhandig als dief. Als dief vecht hij alles zelf uit en moet goed op zichzelf passen.
Karel-de-vorst is juist heel zelfverzekerd en handig. Hij neemt nu de goede beslissingen. Hij geeft bijvoorbeeld het land van Elegast aan hem terug en geeft Elegast zijn zus. Ook heeft hij Eggheric op een doordachte manier in de val gelokt. Hij is een machtige keizer. Als vorst laat hij juist alles uitvechten en kon alleen met woorden oordelen. Hij hoeft niet bang te zijn, want hij heeft wachters die hem beschermen.

8. Nadat Eggheric gedood is in het gevecht, wordt hij opgehangen. Waarom?

Eggheric had iets heel ergs gedaan: hij had een aanslag op Karel voorbereid en was dus een misdadiger. In de middeleeuwen was dat één van de grootste misdaden, dus daar was ook een hoge straf voor. Doodgaan in het gevecht was niet genoeg, want het was juist eervol als je doodging in een tweegevecht. De ergste straf was ophangen, dus Eggheric werd alsnog opgehangen, zodat hij niet onder zijn straf uit kon komen.

9. a)  Er wordt wel eens over dit verhaal gezegd dat er sprake is van een verhaal met epische concentratie. Wat is dit?

Epische concentratie is het toeschrijven van allemaal heldendaden en belangrijke gebeurtenissen aan één persoon, terwijl het eigenlijk is gedaan door andere personen.

b)   Waarom wordt dat over dit verhaal gezegd?

In dit verhaal worden belangrijke gebeurtenissen en heldendaden toegeschreven aan Karel, terwijl dat eigenlijk is gebeurd met minder bekende voorgangers of opvolgers van Karel. Hij wordt ook beschreven als een heel machtige koning waar iedereen een voorbeeld aan moet nemen. In de loop van de tijd dat het verhaal doorverteld wordt, worden er ook dingen aan toegevoegd, van andere koningen.

10. Het verhaal past in de tijd waarin het opgeschreven is. Het is opgeschreven in de Middeleeuwen. Schrijf op wat kenmerkend is voor het leven in de Middeleeuwse maatschappij? Geef uit het boek ook voorbeelden hierbij.

  Een aantal kenmerken van de middeleeuwen zijn:
1) God (en de kerk ) is centraal bij alles wat mensen denken en doen.
Dit komt in het verhaal duidelijk naar voren. Bij moeilijkheden wordt vaak gebeden om de hulp van God, bijvoorbeeld ook voor het gevecht tussen Karel en Eggheric. Het hele verhaal begon bovendien omdat er drie keer een engel verscheen in zijn droom om te zeggen dat hij uit stelen moest gaan. Doordat God Karel aanspoorde om te stelen ontdekte hij Eggherics verraad.
2) Er is een standenmaatschappij, met de drie standen: adel, geestelijkheid en burgerij.
Ook dit komt in het verhaal goed naar voren. Elegast steelt van de rijken (adel) en niet van de armen (burgerij), omdat de rijken er toch niet zoveel van merken als zij zijn bestolen. Daardoor beseft Karel dat hij meer aandacht moet geven aan hoe arm de burgers zijn in verhouding met de adel. Ook wordt het duidelijk dat Elegast trouw is aan Karel, want iedereen moest de koning gehoorzamen.
3) In de middeleeuwen geloofde men in tovenarij.
In het boek gebruikt Elegast toverkruid om met dieren te praten. Ook bij het in slaap brengen van Eggheric en zijn vrouw is tovenarij gebruikt.
4) De rechtspraak in de middeleeuwen was op God gericht.
In het gevecht tussen Eggheric en Elegast wordt uiteindelijk door God beslist wie het gevecht wint. God werd ook gezien als de hoogste leenheer, die zijn grond aan de koning te leen had gegeven. Karel gehoorzaamt God dan ook.

11. Karel de Grote houdt op een goede dag een hofdag, zoals je hebt gelezen. Wat is dat eigenlijk?

Een hofdag was een dag waarop de koning al zijn leenmannen (hertogen, vazallen(hoge edele of geestelijke) en graven) bijeen riep om te horen wat de klachten van het volk waren en om recht te spreken. Ook kon de koning hiermee zijn positie versterken. Als alles goed afliep werd er daarna een feest gevierd. Iedereen moest er ongewapend naartoe komen.

12. Niet alleen komt er een hofdag in het verhaal voor, maar komen er ook voorbeelden in het boek voor die te maken hebben met de Middeleeuwse rechtspraak. Welke zijn dat? 

In het duel tussen Elegast en Eggheric wordt er door God besloten wie er schuldig is. Degene die de waarheid sprak, won. Ze deden de rechtspraak dus niet zelf, maar ze lieten het over aan God. De oude Germaanse rechtspraak speelt dus ook een rol in het verhaal.
In het volgende citaat zie je dat de hulp van God werd aangeroepen om uit te maken welke van de twee nou de goede was. Het goede overwint altijd het kwade.

Citaat: "God, also gewaerlike,
Als ghi hier moghende sijt,
So moetti corten desen strijt
Ende dit langhe gevechte
Na redene ende na rechte."

13.  In de middeleeuwse literatuur kennen we Arthurromans en Karelromans. Het ligt voor de hand dat dit een Karelroman is. Wat zijn eigenlijk de kenmerken van een Karelroman?

Een Karelroman wordt ook wel voorhoofse ridderroman genoemd en heeft een aantal duidelijke kenmerken. Zo gaan deze verhalen altijd over de “avonturen” van Karel de Grote. In dit verhaal spelen strijd en brute kracht een grote rol. Vooral in de strijd tegen heidenen worden bloederige heldendaden verheerlijkt. De vrouwen ondervinden de gevolgen van die brute kracht in de verhalen, zij worden namelijk ruw behandeld en hebben een ondergeschikte rol. Ook spelen trouw en eer een grote rol, en dan vooral trouw aan de leenheer. Want in deze verhalen wordt erg veel aan heidens bijgeloof gedaan. Ook komen er veel sprookjesmotieven voor in Karelromans. Zo zou Elegast vertaald kunnen worden als “Elvengast”, hij bezit immers een toverpoeder waardoor hij met dieren kan praten.

• de stof gaat meestal terug op een historische figuur;
• strijd en brute kracht worden verheerlijkt;
• de vrouw speelt een ondergeschikte rol en wordt soms ruw behandeld;
• de trouw (aan God en de leenheer) is zeer belangrijk.


14.   Een andere indeling binnen de middeleeuwse literatuur is die in de hoofse en voorhoofse romans. Geef aan tot welke soort de Karelroman hoort en ligt je keuze toe. Wat wordt bedoeld wordt met hoofse en voorhoofse romans?

Karel ende Elegast is een duidelijk voorbeeld van een voor-hoofse of niet-hoofse roman.
De belangrijkste kenmerken van de hoofse roman zijn een hoge waardering van de vrouw, moedige, sterke en slimme ridders (list en sluwheid worden daarbij hoger aangeslagen dan kracht en moed), de liefde (met name de hoofse liefde, als centraal thema en een neiging naar wonderen en sprookjeselementen).

Voorhoofse roman: (vb. Karel roman)
• de stof gaat meestal terug op een historische figuur;
• strijd en brute kracht worden verheerlijkt;
• de vrouw speelt een ondergeschikte rol en wordt soms ruw behandeld;
• de trouw (aan God en de leenheer) is zeer belangrijk.


Hoofse roman: (vb. Artur roman)
• ze spelen zich af rondom koning Artur en zijn ridders;
• de sfeer is wonderlijk en sprookjesachtig;
• list en sluwheid belangrijk, naast dapperheid en gevechtskracht;
• de vrouw staat op een voetstuk en de ridder is haar dienstknecht.

Waarom is dit een Voorhoofse roman:
Het boek heeft alle onderdelen van een voorhoofse roman. Het verhaal gaat over Karel de Grote, een historisch figuur. Alles wordt uitgevochten met vaak de dood als gevolg. De vrouw van Eggheric wordt geslagen en ze moet doen wat hij zegt. Elegast is zowel zijn heer, Karel, als god de hele tijd trouw geweest.

15.  Als je Karel ende Elegast hebt gelezen, moet je iets zijn opgevallen dat steeds terugkeert.
a. Wat is dat?

Geloof komt telkens terug in het verhaal, maar dan vooral het om hulp vragen van God zijn hulp.
Een voorbeeld: "God doer u goedertierenhede,
Ic come u heden te ghenaden.

b. Hoe noem je dit verschijnsel?

Repetitie, want het is een steeds herhalende gebeurtenis, verschijnsel, ding.

c. Is dit typerend voor de Middeleeuwen?

Ja, geloof speelde in de Middeleeuwen een zeer belangrijke rol. De groep geestelijken stond niet voor niks op de tweede plek (achter de adel), maar nog iets anders is dat veel boeken door geestelijken werden geschreven. Die geestelijken verwerkten vaak ook veel van hun geloof in die boeken, zodat de mensen die konden lezen (de rijkeren) ook goed bereikt werden tot God.

d. Er bestaat een Latijnse spreuk die weergeeft hoe de mens in de middeleeuwen in het leven stond. Welke spreuk is dat? Leg ook uit wat er met deze spreuk bedoeld wordt.

Ora et Labora  Bid en werk
Deze spreuk geeft voor een groot deel weer hoe veel mensen in de Middeleeuwen leefden. Iedereen was in die tijd gelovig, vandaar het bidden, en als je in het leven iets wilde bereiken, moest je werken. Alleen moest je wel voor je werk bidden om aan God te vragen of hij ervoor wilde zorgen dat alles voorspoedig zou verlopen. Als je niet werkte, respecteerde je God ook niet.

16.  a. Sommige mensen stellen dat Karel ende Elegast een oorspronkelijk verhaal is. Anderen zeggen dat er een ander verhaal aan ten grondslag heeft gelegen. Welk verhaal is dat?

Karel ende Elegast is gebaseerd op een Franse Chanson, met de titel: Chanson de Basin.

b. Weer anderen zeggen dat het opgebouwd is uit diverse sprookjesmotieven. Uit welke sprookjesmotieven is het verhaal opgebouwd, m.a.w. welke zijn sprookjesmotieven in dit verhaal?

• Elegast heeft in het verhaal een bepaald kruid, als op dat kruid kauwt, kan hij dieren verstaan.
• Elegast kan een soort toverspreuken (hiermee kan hij bijvoorbeeld Eggheric en zijn vrouw in slaap krijgen).

c. Ook kun je zeggen dat het hele verhaal te baseren is op een sprookje. In de vakliteratuur Nederlands worden sprookjes en sprookjesthema’s genoteerd onder een nummer. Dat nummer geeft aan welk type sprookje een verhaal is. Onder welk type sprookje wordt Karel ende Elegast wel gerekend? Waarom?

Rhampsinitus, dit is waarschijnlijk het sprookje wat de basis voor Karel ende Elegast vormde. In dit sprookje ging ook een vorst of soort van koning vermomd uit stelen (incognito).
Dat is ook de basis van Karel ende Elegast, want in Karel ende Elegast gaat Koning Karel vermomd uit stelen.

Reacties (8) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
LEUK OM DIT weer te lezen,
was inderdaad een examenstuk op de mavo en de havo.
dikke duim.!
Leest nogal als een overhoring, maar is bepaald geen stoffig boek!
Ken dit boek niet, maar lijkt me wel leuk.
Leuke herinnering aan dit boek. (Mavo Examen Nederlands).
Het was indertijd een moetje op de havo om te compenseren als je JanWolkers opje lijst had.
Ik vond het een geweldig boek! ook al was hetindertijd minofmeer onder dwang..
Heb vroeger een deel ervan moeten lezen voor Nederlands. Was wel tof, leuk artikel!
Leuk dat jullie toch interesse hebben in oude stoffige boeken :D