Online magazine over het leven, de samenleving, vrije tijd, sport, entertainment en spellen.
Onafhankelijk sinds 2011

Posthoornslak of ramshorn

Vrijwel elke aquariumhouder maakt kennis met de posthoornslak, meestal zonder hem te hebben gekocht. Hij komt mee met een plantje, een stuk hout of wat water uit een andere bak, en een paar weken later zitten er tientallen op het glas. De vraag die dan volgt, is of dit een probleem is.

Herkennen

Het schelpje is plat opgerold in één vlak, als een schijf of een klein hoorntje, en het diertje is klein. De kleur varieert van doorschijnend bruin tot rood; de rode variant wordt verhandeld als siervorm en is dezelfde soort of een nauwe verwant.

Het opvallende aan deze slak, waarmee je hem van de meeste andere onderscheidt: hij heeft rood bloed. Dat komt doordat hij hemoglobine gebruikt in plaats van het koperhoudende pigment dat bij slakken gebruikelijker is, en het is de reden dat hij in zuurstofarm water beter overleeft dan veel andere soorten.

De Engelse naam voor de vorm van de schelp is in de handel gangbaar geworden, en in de aquariumwereld wordt dezelfde slak dus onder twee namen verkocht. Het is één diertje.

Nuttig of plaag

Hij eet aanslag van het glas en van de inrichting, resten voer, dood plantmateriaal en dode dieren. Dat is nuttig werk: hij ruimt op wat anders gaat rotten en hij houdt de bak schoner.

Wat hij niet doet, is gezonde planten aanvreten. Dat is de meest voorkomende beschuldiging en ze is bijna altijd onjuist: de slak zit op een blad dat al aan het afsterven was, of op een plant die door plantengebrek of een tekort aan voeding al wegviel. Bij een grote overbezetting kan hij wel aan zeer zachte, jonge scheuten gaan, en dan is er sprake van te veel slakken en te weinig ander eten.

Het werkelijke bezwaar is dus de hoeveelheid. Een handvol slakken is een nuttige poetsploeg; een glas vol is niet mooi en een teken dat er iets anders scheef zit.

Waarom hij zich zo vermeerdert

Hij is tweeslachtig en kan zichzelf bevruchten, dus één exemplaar is genoeg voor een populatie. De eitjes worden in kleine doorzichtige klompjes op planten en glas gelegd, en ze zijn nauwelijks te zien.

Belangrijker is de voedselvoorraad: het aantal slakken in een bak past zich aan de hoeveelheid voedsel aan. Zie je een explosie, dan is dat vrijwel altijd een gevolg van te veel voeren. De slakken leven van wat er overblijft, en de hoeveelheid die overblijft, bepaal jij.

Het aantal beheersen

Minder voeren, en gerichter. Voer kleine hoeveelheden die binnen een paar minuten op zijn, en voer bodemvoer niet ruimer dan de bodembewoners in één keer opeten. Dit is met een grote afstand de effectiefste maatregel en de enige die blijvend werkt.

Wegvangen met lokvoer. Leg 's avonds een blaadje geblancheerde sla, een schijfje courgette of een voertablet in de bak; de slakken kruipen erop en je haalt het er de volgende ochtend met slakken en al uit. Een paar avonden herhalen brengt de stand snel omlaag.

Eieren en slakken met de hand van het glas halen bij de wekelijkse onderhoudsbeurt.

Wat je niet doet: een chemisch middel tegen slakken in een bewoonde bak. Die middelen bevatten veelal koperverbindingen, en koper is dodelijk voor garnalen en voor andere slakken, en belastend voor vissen. Bovendien geeft een massale sterfte een grote hoeveelheid rottend materiaal in één keer, met een ammoniapiek en het risico dat je de hele bak kwijt bent. Dat is een veel voorkomende manier om van een klein probleem een groot te maken.

Roofslakken of vissen die slakken eten, kunnen werken en brengen hun eigen eisen mee: een roofslak eet ook de slakken die je wél wilde houden, en veel slakketende vissen worden te groot of te onrustig voor een gezelschapsbak. Doe dat alleen als de soort ook los van het slakkenprobleem in je bak past.

En voor wie hem wil houden

De rode variant is een aardig diertje voor een kleine bak en voor een garnalenbak: hij ruimt op, hij doet niets kwaad, en hij is goed te bekijken als hij ondersteboven langs het wateroppervlak vaart. Geef een beetje kalk in het water — bij zeer zacht water wordt de schelp dun en poreus — en verwacht dat het er meer worden. Dat laatste hoort bij deze slak, en het is met de voerbus in de hand volledig te regelen.