Online magazine over het leven, de samenleving, vrije tijd, sport, entertainment en spellen.
Onafhankelijk sinds 2011
Samenleving

Regeld voor het opschrijven van reactievergelijkingen

Dit artikel komt uit het open archief van Plazilla: lezers publiceerden hier jarenlang hun eigen verhalen, recepten en reportages. De tekst is bewaard zoals de auteur hem plaatste.

REGELS VOOR HET OPSCHRIJVEN VAN REACTIEVERGELIJKINGEN

NOTATIE VAN NIET‑ONTLEEDBARE STOFFEN

Niet‑ontleedbare stoffen zijn stoffen waarvan de moleculen maar uit één element (atoomsoort) bestaan. Ze hebben dezelfde naam als het element.

De meeste niet‑ontleedbare stoffen noteer je in een reactievergelijking gewoon met het elementsymbool: Na, Fe, C, Cu, S, Hg, P, enzovoorts.

Er zijn 7 uitzonderingen:

de enkelvoudige moleculen. Een molecuul bestaat hier uit twee dezelfde atomen.

Halogenen

waterstof

H2

fluor

F2

stikstof

N2

chloor

Cl2

zuurstof

O2

broom

Br2

jood

I2

Schrijf in reactievergelijkingen voor deze stoffen altijd deze formules en nooit H, N, O, F, Cl, Br of I.

F

Deze regel geldt niet voor verbindingen van het element.

Je hebt formules als KBr, MgBr2, AlBr3, SnBr4, PBr5 en nog veel meer.

NOTATIE VAN VERBINDINGEN (ONTLEEDBARE STOFFEN)

Er zijn op het ogenblik zo'n twaalf miljoen verbindingen bekend.
Op dit moment moet je er een paar kennen, b.v.:

Het oxide van koolstof:

koolstofdioxide

CO2

Het oxide van waterstof:

water

H2O

Het oxide van zwavel:

zwaveldioxide

SO2

Formules van andere verbindingen worden in opgaven telkens gegeven.

STANDAARD REACTIETYPEN

1. verbindingsreactie

Er zijn verschillende reagerende stoffen en er is maar één gevormde stof:

H2 + Cl2--------> 2 HCl                                    (HCl =zoutzuur)

6 C + 6 H2 + 3 O2---------> C6H12O6                 (C6H12O6 =glucose)

H2O + CO2-----------> H2CO3                              (H2CO3 =koolzuur)

2. ontledingsreactie

Er is maar één reagerende stof en er zijn verschillende gevormde stoffen:

2 H2O----------->  2 H2 + O2

2 KIO3-----> 2 KI + 3 O2                             (KIO3 = kaliumjodaat)

H2SO4-----> H2 + S + 2 O2                       (H2SO4 = zwavelzuur)

3. verbrandingsreactie

Er zijn twee reagerende stoffen: een brandstof en zuurstof (O2).

De gevormde stoffen zijn oxiden.

Niet‑ontleedbare brandstoffen geven maar één oxide:

C + O2---------> CO2

2 H2 + O2---------> 2 H2O

S+O2--------> SO2

4 Al + 3 O2-------> 2 Al2O3                  (Al2O3 =aluminiumoxide)

Verbindingen geven net zoveel oxides als er elementen in de verbinding zitten die niet zuurstof zijn:

CH4 + 2 O2--------> CO2 + 2 H2O                    (CH4 = methaan)

CS2 + 3 O2-------> CO2 + 2 SO2             (CS2 = koolstofdisulfide)

2 H2S + 3 O2---------> 2 H2O + 2 SO2      (H2S = zwavelwaterstof)

HET OPSTELLEN VAN EEN KLOPPENDE REACTIEVERGELIJKING

STAPPENPLAN:

Stap 1:        Lees de opdracht goed:
Gaat het over een verbindingsreactie, ontledingsreactie, verbrandingsreactie of iets anders?
Welke formules van stoffen worden gegeven? Welke moet je zelf weten?

Stap 2:        Schrijf de juiste formules van de stoffen op de goede plaats.
Bedenk dat je die formules niet mag veranderen:
water blijft H2O en wordt voor de telling niet opeens H3O5 !

Stap 3:        Ga per element kloppend maken.
Kies daarbij een slimme volgorde: doe een element dat als niet‑ontleedbare stof voorkomt als laatste.
                                               Let er op welke stoffen je al gehad hebt en welke je nog moet.
Als je kloppend maakt door ergens een ½ in te vullen, moet je daarna alle molecuul­aantallen nog verdubbelen (er mogen alleen hele getallen in de reactievergelijking staan!).

Stap 4:        Controle: tel op het einde alles nog eens na. Misschien is er ergens iets fout gegaan.

Voorbeeld: Geef de kloppende reactievergelijking voor de verbranding van ijzersulfide FeS.
De formule van ijzeroxide is Fe2O3.

Stap 1:        De reactie is een verbrandingsreactie.

                   De brandstof is FeS                                                     (FeS = ijzersulfide).

                   Het oxide van ijzer is gegeven: Fe2O3.                       (Fe2O3 = ijzeroxide = roest)

                   Het oxide van zwavel moet je weten: SO2.

Stap 2:        FeS + O2----------> Fe2O3 + SO2

 

Stap 3:        Kies een volgorde voor het kloppend maken: Fe S O

2 FeS + O2------> Fe2O3 + SO2

(Fe kloppend maken)

2 FeS + O2-----> Fe2O3 + 2 SO2

(S kloppend maken)

2 FeS + O2--------->  Fe2O3 + 2 SO2

(O kloppend maken)

4 FeS + 7 O2----------> 2 Fe2O3 + 4 SO2

(molecuul­aantallen verdubbelen,
deze stap hoeft lang niet altijd)

 

Stap 4:

Controle:

4 FeS + 7 O2---------->

voor de pijl

2 Fe2O3 + 4 SO2

na de pijl

4 Fe in 4 FeS

4 Fe in 2 Fe2O3

4 S in 4 FeS

4 S in 4 SO2

14 O in 7 O2

6 in 2 Fe2O3 en 8 in 4 SO2, dus samen 14 O.

was je iets met dit verslag gelieve dan even op 1 van de reclameblokjes te klikken. Alvast bedankt.

Reacties van lezers (1)

  • MrcRts · 16 februari 2016

    Back2School! Vond dit vroeger altijd leuk om te doen. Blijft een mooi iets, weten wat tijdens veranderingen met stoffen gebeurd en hoe het gebeurd.

Reageren is niet meer mogelijk; de reacties blijven bewaard zoals ze destijds zijn geplaatst.

Meer uit Samenleving

Alles in Samenleving →
Studenten in actie?

Studenten in actie?

Ik zit in de trein op de dag dat tienduizenden studenten dat ook zouden doen. Ik kan gewoon zitten hoor! Zit vast te vroeg in de trein... En ik maar wach...

door Lucifall · 8 maart 2016
De Schriften die de Bijbel compleet maken

De Schriften die de Bijbel compleet maken

Ik moet u vertellen van een werk dat vrijwel onopgemerkt voortgang heeft gehad in 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen'. Het beg...

door Jan Cornelis · 3 januari 2016