Filosofie over God

Door Jan Cornelis gepubliceerd op Sunday 29 July 22:25

     Filosofie lijkt in onze samenleving een noodzakelijk bijproduct te zijn van het feit dat wij zo nodig moeten praten. Op feestjes word ik er mee doodgegooid. Iedereen brengt de door hen ervaren werkelijkheid onder woorden en dat brengt bij mij problemen teweeg. Ik kan mezelf er niet meer in vinden, alsof ik gedesintegreerd ben geraakt. Het lijkt net alsof er andere woorden nodig zijn en vooral andere mensen die begrijpen, of denken te begrijpen, wat die woorden voor nut hebben. Ze helpen de ander in zichzelf te geloven als één taalgemeenschap, één mensheid die al pratende begrip probeert mogelijk te maken. 

     Een voorbeeld is het woord God, iets dat door de meerderheid angstvallig gemeden wordt. Met het woord God wordt een zorg benoemd, een zorg die op een negatieve manier in Nederland leeft maar niemand dwingt om daarover na te gaan denken. Wat betekent dit? Voordat iedereen zijn conclusie paraat heeft, moeten we eerst accepteren dat hier een echt voorbeeld ligt. Omdat de vele filosofieën zo breed uit elkaar liggen heb ik het gevoel dat niemand weet wat het woord God precies inhoudt, maar dat een gelijkluidend antwoord echt nodig is.

     Ik hoop dat hier een opening ligt om erover na te gaan denken. Wat bedoelen wij met God en helpt het om het te onderscheiden in de juiste context. Het woord God lijkt  een voorbeeld dat we niet meer weten wat het precies betekent, want onder de mensen heeft het heel veel troebele emotionele betekenissen buiten de eigenlijke betekenis, waarvan onduidelijk is of ze erbij horen of niet.

     In mijn celestiale-belevingswereld is God, de Vader van mijn geest en de allerhoogste God waarin ik zeker weet dat Hij bestaat en die ik aanbidt. Hij is de hoogste Schepper, Heerser en Bewaker van al het bestaande. Hij is volmaakt, almachtig en alwetend. Hij heeft 'een lichaam van vlees en beenderen, even tastbaar als dat van de mens. (L&V 130:22.)

     Mijn hemelse Vader is een God van gerechtigheid, kracht, kennis en macht, maar Hij is ook een God van volmaakte barmhartigheid, goedgunstigheid en liefde. Ik weet niet de betekenis van alle dingen maar de kennis dat Hij mij liefheeft, schenkt mij vrede. (Zie 1 Nephi 11:17.)

     Een van mijn belangrijkste levensvragen is: 'Wie ben ik?' Dankzij een bekend jeugdwerkliedje weet ik, net als kleine kinderen, het antwoord op die vraag. We zingen: 'Ik ben een kind van God, door Hem op aard gebracht.' Het besef dat ik een geestkind van God ben, verschaft mij kracht, troost en hoop. Ik weet, door persoonlijke openbaring van de Heilige Geest, dat ik letterlijk een geestkind van Hem ben, geestelijk gewonnen in het voorsterfelijk leven. Als zijn kind heb ik de zekerheid dat ik goddelijk en eeuwig potentieel in mij heb en dat Hij mij helpt om dat te ontvouwen.

     Mijn Vader in de hemel is de hoogste Schepper. Door Jezus Christus heeft Hij de hemel en de aarde geschapen. (Zie Mozes 2:1.) Alma heeft gezegd: 'Alle dingen wijzen erop dat er een God is; ja, zelfs de aarde, en alle dingen op het oppervlak daarvan, ja, en haar beweging, ja, en ook alle planeten die zich bewegen in hun vaste orde, getuigen dat er een oppermachtige Schepper is.' (Alma 30:44.)

     Overdenk af en toe de schoonheid van de schepping: de bomen, bloemen, dieren, bergen, oceanen, een pasgeboren baby. Neem ’s avonds de tijd om de hemel in te kijken, waar de baan van sterren en planeten het bewijs zijn dat 'God Zich beweegt in zijn majesteit en macht'. (Zie L&V 88:41-47.) En dit is mijn getuigenis in Jezus naam. Amen.  

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.