Blijf je? (Deel 7)

Door A-S-S gepubliceerd op Sunday 15 October 18:17

‘Je bent er nog?’

Zijn stem klinkt verbaasd, wantrouwig, ongelovig, als of hij water ziet branden. Jacqueline heeft hem dus nog niks vertelt, dan had hij wel anders gereageerd. Ik knik zonder om te kijken, ik wist dat het niet heel lang ging duren, voordat hij mij zou zien staan, maar ik had wel gehoopt, dat ik nog iets langer had gekregen, om te kunnen nadenken.

‘Koffie?’

Ik knik opnieuw, ik ben nog niet in staat om mijn krachten te verspillen aan betekenisloze woorden. Leunend op balustrade, de warme bak koffie in mijn handen, staar ik voor mij uit.

‘Waarom ben je nog hier?’

‘Hou je van ruzie?’

Als ik geen reactie krijg, draai ik mijn hoofd een stukje om. Zijn verbaasde ogen, is het enige wat mij laat weten, dat hij mij heeft gehoord.

‘Hoezo?’

‘Nou… als ik blijf, dan hebben we geen tijd om ruzie te maken.’

‘Dus je blijft???’

Zijn reactie laat mij glimlachen, de manier waarop hij het vraagt, valt met geen woorden te omschrijven, maar je zou het kunnen vergelijken, met de reactie van een kind, die eindelijk totaal onverwacht, het cadeautje krijgt, waar die al zo lang op heeft gewacht. Ik heb geen idee, waarom ik dat gezegd heb, waarom ik hem hoop heb gegeven, maar kan het nu onmogelijk nog terug draaien, en misschien is het wel goed, als we alles voor eens en altijd uitpraten. Wie weet, geeft het rust. Met een ruk, word ik omgedraaid.

‘Blijf je?!’

‘We hebben allebei nog vragen, dus ja, maar….’

Kans om mijn zin af te maken krijg ik niet, mijn gezicht word stevig vastgehouden, zijn lippen betasten de mijne. Een onzichtbare vulkaan, van verlangens en gevoelens, is losgebarsten.  Mijn principes, en andere onzichtbare muren, heb ik voor heel even weggegooid. Even onverwacht, dat hij mij zoende, even onverwacht, dat hij mij weer van zich afduwt.

‘Sorry ik liet me even gaan… Je wou nog wat vragen.’

Volledig uit mijn doen, kijk ik hem aan. Denkt hij nou serieus dat ik nu nog weet wat ik wou vragen. Zijn zachte, zwoele lippen, hebben mijn hoofd volledig op zijn kop gezet. Jaloers, op hoe hij zo snel kan switsen, van onderwerp, doe ik ook een poging, al wil die niet zo lukken, als ik van te voren gehoopt had.

‘Ik…Uhh,… Ja… sorry… laat maar, ik weet niet meer wat ik wou vragen.’

Als ik zie, hoe hij geniet van mijn totale verwarring,draai ik mij vol schaamte weer om. Ik kan mezelf wel voor mijn kop. Ik had me zo voorgenomen, om een goed serieus gesprek met hem aan te gaan, en gewoon alles open en bloot op tafel te leggen. Zodat we beiden weten waar we aan toen zijn, en we niet weer in zo’n ongemakkelijk situatie terecht komen. En nu sta ik hier volkomen afgeleid, met een bek vol tanden.

‘Nog maar wat te drinken, dan?’

Ik kijk naar mijn kopje, die net enkele minuten voor onze uitspatting nog gevuld was met koffie, maar voor ik kans heb om te reageren, wordt het kopje uit mij hand gehaald,en wordt ik aan mijn andere hand haast naar binnengetrokken. Van binnen schreeuw ik wanhopig, laat me los, ik kan je nu niet horen of zien, en al helemaal niet voelen. Binnen aangekomen, lijkt hij mijn smeekbede te hebben gehoord, al snel wordt dan ook mijn hand losgelaten. Ik tel tot tien, en laat tot slot een diepe zucht, in de hoop dat ik daarmee tot rust kom, en mij minder focus op Steven, maar zoals ik eigenlijk van te voren al had kunnen weten, helpt het mij nog geen steek verder.  Boos, op mezelf, dat ik me tegen hem niet kan verweren, en dat ik mij gedraag als een verliefde puber, draai ik mijn rug naar hem toe, en loop wat onrustig door de kamer heen. Mijn ogen bekijken de foto’s aan de muren, maar het dringt allemaal niet tot mij door.

‘Syl…’

 Vragend draai ik mijn hoofd om, en zie hoe hij een fles Jack Daniels om hoog houdt. Glimlachend schut ik nee.

‘Nee??’

‘Ik ben gestopt.’

‘Gestopt? ‘

‘Ja, ik heb alles wat god verboden heeft afgezworen.’

Ik zeg het dan wel met een grote glimlach, maar ik ben uiterst serieus. Ook al klinkt dat net zo raar voor mij, als dat voor hem moet klinken.

‘Met alles?’

‘Ja, met alles.’

Steven, heeft ondertussen een pakje speelkaarten er bij gepakt, en is tegen over mij gaan zitten. Zijn handen, gaan razendsnel door de kaarten heen, glimlachend kijk ik toe, hoe hij dat nog steeds hetzelfde als vroeger doet. Vroeger deden we dat regelmatig, als we een rotbui hadden, of gewoon even nergens aan wouden denken. Dan gingen we altijd een kaartspelletje spelen, zodat we ons daar op konden concentreren, en we al het andere voor even konden vergeten. En de Jack Daniels, hielp natuurlijk ook een handje mee. Dankbaar pak ik de kaarten, die hij voor mij op tafel heeft gelegd. Het is misschien wel goed, zolang we daar mee bezig zijn, kunnen we niet bij elkaar in de buurt komen, en misschien dat we dan voor eens en altijd de lucht kunnen klaren.  Steven weet elke keer in een rap tempo, de goede kaarten neer te leggen, terwijl ik elke keer opnieuw moet na denken, wat de beste stap is. De laatste keer, dat ik überhaupt een kaartspelletje heb gedaan, ongeacht welke,  was de dag dat ik Steven voor het laatst zag, daarna kon ik geen kaart meer aanraken, en bracht veel te veel herinneringen naar boven.

'Je had vragen.'

'Ja, maar jij mag voor'

'Ik ben nog in shock, van het feit, dat je blijft.'

'In shock? Daar heb ik net niks van gemerkt, dus dat zal ook wel mee vallen.'

'Nee! Dat valt niet mee. Eerst wil je Nina en mij, de nek omdraaien, en dan heb je ineens besloten, dat je blijft, omdat je alles wil uitpraten. Is het dan zo raar, dat ook ik even tijd nodig heb, om alles op een rijtje te zetten? Jij bent niet de enige, die van binnen een strijd voert.'

'Sorry… zo bedoelde ik het niet,… maar jij weet zo goed, wat je wil, dus….'

'Dus… je dacht dat het voor mij makkelijke zou zijn. Ik kan zo veel willen, maar in mijn eentje werkt dat toch niet.'

Er ontglipt mij een diepe zucht, ik weet dat hij gelijk heeft, en dat het egoïstisch van mij was, om te denken, dat alleen ik het moeilijk heb.

'Waar vecht je dan mee?’

Zijn ogen gaan heel even los van de kaarten, en kijken mij vol twijfel aan, en ergens in de verte, lijkt het zelfs een beetje op angst. Ik weet, dat dit niet de Sylvia is, die hij kent, en snap ook heel goed, dat dit voor allebei ongemakkelijk is, maar het moet een keer afgelopen zijn. Hier worden we beide niet gelukkig van.

‘Wil je het mij asjeblieft uitleggen? Het moet nu eens een keer afgelopen zijn, met ons gedraai, daarom ben ik gebleven, zodat we eerlijk kunnen zijn, en alles voor eens en altijd kunnen uitpraten.'

'Dat is het probleem juist. Kan jij wel eerlijk zijn? Kan jij wel toegeven aan jouw gevoelens, zonder dingen te ontwijken, of er om heen te draaien?'

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.