Anton uit Maastricht - Hoofdstuk 19: Stolberg, kerstmarkt

Door VeraSoul gepubliceerd op Saturday 22 July 16:39

Het is een koude winteravond en Gunter Kürschner staat met paar vrienden  te praten op de kerstmarkt buiten in de Stolberger burcht. Hij drinkt is al zijn tweede glühwein, het houdt hem lekker warm. Ongeïnteresseerd luistert hij naar zijn kenissen, hij hoort niet alles wat zij zeggen, hij kijkt ook naar andere mensen. Het is druk daar in de burcht, het is moeilijk een gesprek te voeren, iedereen wil iets drinken of hapje eten. De kerstmark in Stolberg bezoeken ook veel mensen uit grensgebied van Nederland en België rond Aken en de Duitse kerstmarkten zijn de beste. Gunter knikt af en toe naar de vrienden en rookt. Zijn ogen achter zijn dikke brillenglazen bewegen niet, alleen maar zijn hoofd als hij rookt. Hij is in goede stemming, zijn zaken staan goed. Enkele dagen geleden heeft hij een grote, failliete bloemenkwekerij naast Maastricht overgenomen van een Nederlandse bloemenexporteur. Er zijn wat problemen met de eigenaar geweest maar Gunter is in zaken genadeloos. Het is toch alles naar zijn wens afgelopen en hij is onmiddelijk begonnen met uitvoering van de plannen die hij al eerder voor de bloemenexport heeft voorbereid. Hij is een oude zakenman, begonnen met paar souvenirwinkels in Achen, naast de Dom en na enkele jaren had hij nog paar souvenirwinkels in Düsseldorf. Na tien jaar souvenirwinkels is hij daarmee gestopt, de winkels verkocht en begonnen met import en export van bloemen. Hij wist dat Nederland een bloemenland was en hij was in het grensgebied, in Duitsland. Dat waren hele goede kansen en Gunter ging in de richting. En, snel, werd hij rijk. Hij werkte hard, zorgde goed voor zijn zaken, was heel hard met anderen maar zo maak je iets. Behalve zijn werk had hij niks anders, geen gezin, wat kennisen…Hij is vijfenveertig, had wat vrouwen in zijn leven, maar met vrouwen in zijn leven had hij geen geluk, zij waren met hem wegens zijn geld, dat wist hij en had paar keer een echte relatie maar dan was hij heel ongelukkig. Beter zonder vrouwen, dacht hij, misschien later, als hij nog wat verdient. Er zijn nog vele jaren voor hem, wie weet het wat het leven brengt. En, mensen, ja,… Hij is niet geliefd door zijn kenissen, voor zij was hij te hard dat wist hij, maar het maakt hem niet uit, hij heeft geld, zij zijn jaloers op zijn auto, huis, alles.                                                                                                                           Hij wil nog een glühwein drinken, geeft geld aan een van de mensen met hem om dat te halen en zegt dat hij snel terugkomt, hij moet eerst naar toilet. Door de drukte kan hij moeilijk tot de toilet komen en als hij daar is wacht op hem een lange rij. Nee, hij moet snel plassen, hij is vol. Hij kijkt naar andere plekken in de burcht, om de hoeken en in de struiken, loopt snel, bijna rennend en van boven ziet hij beneden, rond de burcht, wat plekken waar hij snel van zijn nood verlost kan worden. Hij rent naar beneden via de trappen en door de mensen, en vindt een plek in de schaduw onder de verlichte burcht. Hijgend begint hij opgelucht te plassen in de struiken. Er komt iemand naast hem te staan en hij denkt, zonder de persoon te kijken dat nog iemand met dezelfde probleem als hij is. Hij draait zijn hoofd in de richting van de persoon en hoort een lichte, gedempte geluid rond zijn hoofd. Hij valt en de man naast hem schiet nog een keer in zijn hoofd als hij op de grond is en verdwijnt snel om de hoek van de burcht.

Reacties (1) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
De tekst is een schets met fouten.