Het machtspel: Hfdst 3: Het testament

Door Nature gepubliceerd op Saturday 28 May 20:05

Hoofdstuk 3 Het testament

 

Hoofdstuk 3 Het testament

Eenmaal op het bureau aangekomen liep hij zwijgend naar zijn werkkamer waar hij achter zijn bureau plaatsnam en de krant begon te lezen. Gelukkig stond er nog niets over de vondst van het tweede lijk in de krant wat hem op de een of andere manier opluchtte. Laat staan dat er iets over het eerste slachtoffer in de krant stond. Hij moest vandaag weer naar de moeder van het slachtoffer gaan om het gesprek dat ze gisteren gestart waren voort te zetten. Hij stond op liep naar de telefoon, pakte de hoorn van de haak en toetste het nummer van Olafson in. Er werd vrijwel direct opgenomen. Met Olafson: zei Olafson op vriendelijke uitnodigende toon. Ik ben het je chef: zei Jonasson die zijn uiterste best deed om niet in lachen uit te barsten. We moeten weer op pad: voegde hij er enige tijd later aan toe. Ik kom direct: zei Olafson waarna hij de verbinding verbrak. Na een paar minuten gewacht te hebben stond hij in de deuropening van Jonassons werkkamer. Ze zeiden geen woord tegen elkaar terwijl ze naar de combi liepen. Waar gaan we naartoe? We gaan de moeder van het slachtoffer weer eens een vruchtbaar bezoekje brengen en deze keer laat ik me niet meer zo snel vangen. Ik ben er inmiddels rotsvast van overtuigd dat zij iets voor ons verbergt, iets wat we in geen geval mogen weten. De rest van de rit verliep zeer zwijgzaam. Het was helemaal niet druk op de weg en het weer wilde om de een of andere reden ook niet beter worden dan het nu al was. Het regende niet daar was hij al zeer blij om, maar de zon wilde precies ook niet echt door het wolkendek heen breken. Na een tijdje kwamen ze bij het huis van de moeder aan. Jonasson stapte uit en bestudeerde de buurt rondom hem heel aandachtig. Wat zou ze zeggen als ik tegen haar zei dat ik denk dat het tweede lijk dat we gevonden hebben weleens het lijk van haar echtgenoot zou kunnen zijn? Olafson keek zijn collega opeens scherpzinnig aan. Denk je dat werkelijk? Denk je nu echt dat dat de vader van Lisa is die we vannacht uit het water hebben gevist? Dat denk ik inderdaad: zei Jonasson op bedachtzame toon terwijl hij met grote passen naar de voordeur liep. Olafson volgde hem met enige tegenzin en bleef op enige afstand van zijn collega staan. Jonasson klopte vastberaden op de voordeur en wachtte gespannen totdat de deur opengedaan zou worden door de moeder van het slachtoffer. Er gebeurde niets. Hij klopte nogmaals en deze keer harder en doordringender dan de vorige keer. Hij wachtte opnieuw af totdat er eventueel iets zou gebeuren maar zoals te verwachten viel gebeurde er ook deze keer niets. Verdomme. Toen viel zijn oog op een zilveren knop naast de deur dat de deurbel moest zijn bedacht hij. Hij drukte de knop helemaal in en luisterde naar het scherpe geluid dat door de hal weergalmde. Hij wachtte opnieuw af maar ook deze keer gebeurde er niets. Ze is niet thuis: zei Olafson in de hoop dat zijn collega zou kalmeren, maar dat scheen niet direct te helpen. Ik ga dat vervloekte huis binnendringen: zei Jonasson op doordringende fluistertoon. Misschien is er wel iets gebeurd waardoor ze niet direct kan reageren: voegde hij er enige tijd later aan toe. Je begaat een ernstige fout als je dat doet Jonasson en dat weet jij net zo goed als ik: zei zijn collega op waarschuwende toon terwijl hij Jonasson doordringend aankeek. En wat dan nog: schreeuwde Jonasson tegen zijn collega die hem verschrikt aankeek. Jij wilt toch ook dat onze enige verdachte bekent dat zij er iets mee te maken heeft of niet soms? Er viel een doodse stilte tussen hen. En toen zei Olafson met een nauwelijks hoorbare stem: Ja je hebt gelijk, we moeten ervoor zorgen dat onze enige verdachte bekent dat zij er ook iets mee te maken heeft. Ik wil net zo goed als jij dat deze verschrikkelijke zaak zo snel mogelijk word opgelost. Breek die deur maar open, ik zal ervoor zorgen dat de hoofdcommissaris dat niet te weten komt. Ik zweer dat op de kop van mijn moeder. Goeddan: zei Jonasson op kalme toon waarna hij opnieuw een verwoede poging deed om de voordeur te forceren. In het begin lukte dat niet maar toen Olafson hem hielp vloog de deur tegen de zijwand van het huis. De klap weergalmde door heel de ruimte de doodse stilte plotseling verbrekend. Ze stapten de grote inkomhal binnen waar ze om zich heen keken om te zien of er iets mis was of niet. Vooral Jonasson had het moeilijk met het feit dat het opmerkelijk stil was in het huis. Olafson deed de deur achter zich dicht zodat het streepje zonlicht dat door de deuropening viel plotseling werd afgekapt. Ook de stilte om hen heen was plotseling dreigender en dieper geworden. Ik vertrouw deze zaak niet: zei Jonasson op fluistertoon. Ik ook niet maar het moet nu eenmaal gebeuren: zei Olafson kalm. We hebben niet eens met onze chef overlegd. Hij zal dit alles niet goedkeuren als hij erachterkomt dat wij zonder zijn toestemming hebben ingebroken in het huis van onze enige verdachte. Olafson keek zijn collega scherpzinnig aan en zei op even scherpe toon: Jij moest en zou binnengaan in dit vervloekte huis, jij was degene die besloten had de deur van het huis te forceren om zo toch te kunnen binnentreden op terrein die voor ons verboden is zolang de moeder van het slachtoffer of onze chef daarvoor toestemming heeft gegeven, en aangezien niemand dat heeft gedaan is dit huis nog altijd verboden terrein voor ons of we nu politiemensen zijn of niet. Toen hij dat gezegd had viel er opnieuw een doodse stilte in het huis. Toen opeens hoorden ze boven hen een paar voetstappen voorbijkomen. Dat wil zeggen dat er toch iemand thuis is: zei Jonasson op gedempte toon tegen zijn collega die hem verschrikt aanstaarde. Niet veel later kwamen de voetstappen de trap afdenderen waarna ze in de hal abrupt bleven staan. Wat doen jullie hier in hemelsnaam: schreeuwde de moeder van het slachtoffer met een schrille stem. Jullie mogen hier helemaal niet komen! Rustig mevrouw, we weten dat we in overtreding zijn, maar dat doet er nu even niet ter zake. De reden waarom we hier zijn is heel simpel. We hebben namelijk een lijk ontdekt en we denken dat het je echtgenoot is die we dood hebben aangetroffen, maar we kunnen dat niet met zekerheid zeggen zolang de autopsie niet is afgerond en als het lijk nog niet door iemand geïdentificeerd is. De vrouw kalmeerde direct en ging op een stoel zitten die rechts van haar stond. Ik weet dat het hard aankomt voor jou maar u moet begrijpen dat we geen enkele mogelijkheid mogen uitsluiten. De vrouw keek hem ringschattend aan maar zei voorlopig geen woord. Hebt u uw echtgenoot nog kunnen bereiken nadat we gisteren wegwaren? De vrouw knikte zwijgend. Ja ik heb hem gebeld, een paar keer zelfs, maar hij nam geen enkele keer op. Hebt u enig idee waarom hij de telefoon niet opnam? De vrouw schudde heftig het hoofd. Hoe was de relatie tussen uw man en uw dochter? Niet al te best: zei ze met een nauwelijks hoorbare zucht in haar stem. En waarom hebt u dat niet eerder tegen ons gezegd? Omdat ik dacht dat dat er niets mee te maken had. Aangezien ik ervan overtuigd ben dat hij Lisa niet vermoord heeft vind ik niet dat u daarvan op de hoogte hoeft te zijn, en ik hoop dat ik maar al te duidelijk voor jullie ben geweest. Jonasson knikte zwijgend waarna hij zijn collega langdurig aankeek alsof het zijn fout was. Maar ik merk dat de zaak nu veranderd is: zei  Lisas moeder op nauwelijks hoorbare fluistertoon terwijl ze Jonasson nauwlettend in de gaten hield. Het was maar al te duidelijk dat zij Jonasson nog altijd niet vertrouwde en dat feit merkte Olafson ook op, maar hij zei er niets over tegen Jonasson. Mogen we de kamer van uw dochter eens wat nauwkeuriger bekijken? De vrouw knikte waarna ze opstonden en naar de trap liepen die naar de bovenverdiepingen leidde. Ze liepen zwijgend de trap op en bleven vlak voor het gele politielint die de deur afsloot staan. Ze verbraken het zegel en liepen zwijgend Lisas slaapkamer binnen waarbij Jonasson en dat maakte er zijn humeur er niet direct beter op – op de muur de boodschap. Macht en onmacht zag staan.. Zijn nekharen gingen meteen rechtovereind staan toen hij de boodschap voor de zoveelste keer in een paar dagen tijd gelezen had. Ik vertrouw deze zaak niet langer. Ik heb constant het gevoel dat ik een cruciaal punt over het hoofd zie. Maar wat zien we verdomme over het hoofd? Iets dat bij wijze van spreken vlak voor onze neus ligt, iets dat zo klein is dat we het niet eens zien, ookal ligt dat feit vlak voor onze neus op tafel. Jonasson liep resoluut naar het bureau dat in de hoek van de kamer stond en bekeek het aandachtig. Na een tijdje bleek dat er niets waardevols in de bureauladen lag. Waar zijn we eigenlijk naar op zoek? Jonasson schudde krachtig zijn hoofd ten teken dat hij het zelf niet eens wist. Konden we maar bewijzen dat onze madam hier iets achterhield: zei hij op sombere toon. Dat kunnen we nog steeds als we deze kamer volledig ontruimen: zei Olafson op geruststellende toon. En hoe dacht je dat dan aan te pakken? Gewoon de kamer volledig uitmesten, niet meer niet minder: zei Olafson op raadselachtige toon. Als er in deze kamer niets te vinden valt gaan we gewoon over naar de overige slaapkamer. Misschien dat daar iets te vinden valt. In het bureau heb ik al niets gevonden wat van nut kan zijn dus dat kunnen we al uitsluiten: zei Jonasson op nog steeds diezelfde sombere toon. Doe jij de kasten en het bed – kruip eronder als het moet – dan ga ik al een kijkje nemen in de kamer naast de hare: besloot Jonasson terwijl hij al op weg naar de deur was. Zijn collega knikte zwijgend terwijl hij zich over de enorme kleerkast boog om te zien of hij daarin iets kon vinden wat goed van pas zou kunnen komen voor het verdere verloop van het onderzoek. Na een tijdje bleek ook dat er in de kleerkast niets te vinden was wat ze konden gebruiken. Er moet toch iets zijn dat we kunnen gebruiken alles kan toch niet zomaar in het niets opgegaan zijn? Tenslotte boog hij zich over het bed dat tegen de rechterwant van het vertrek stond. Op het bed was evenmin iets te zien, dus kroop hij eronder om te zien of daar eventueel iets zou liggen, maar dat bleek ijdele hoop te zijn totdat hij op een losse vloerplank stuitte waar zijn hand abrupt bleef liggen. Zijn hart ging meteen als een volslagen gek tekeer toen hij verder over deze ontdekking nadacht en tot een conclusie kwam. Misschien ligt hetgeen wat we zoeken onder die losse plank: zei hij hardop tegen zichzelf. Hij kroop onder het bed vandaan en riep zijn collega waarna hij zei dat hij iets gevonden had en dat hij onmiddellijk hierheen moest komen om dat te aanschouwen. Jonasson stormde als een op hol geslagen paard Lisas kamer binnen waar hij abrupt bij het bed bleef staan om weer op adem te komen. Zijn ademhaling ging jachtig op en neer en hij had vreselijke steken in zijn zijden waar hij met zijn beide handen over wreef in de hoop zo de pijn te verdrijven, maar dat ging moeilijker dan hij eerst gedacht had. Hij ging op het bed zitten nog steeds jachtig ademhalend en keek zijn collega verwachtingsvol aan waarna hij met stokkende stem iets vroeg wat Olafson niet direct kon verstaan. Wat zei je Jonasson: vroeg hij terwijl hij zijn vriend en collega vragend aanstaarde. O, niets in het bijzonder: zei Jonasson rustig. Zijn ademhaling was weer normaal en gecontroleerd en zijn steken in zijn zijden ebden vrij snel weg. Vervolgens stond hij van het bed op kroop eronder waarna hij de losse vloerplank met toenemende interesse begon te bestuderen. Wie weet ligt onder die losse plank iets wat we kunnen gebruiken, ookal is het iets heel kleins: zei hij. In zijn stem was duidelijk te horen dat hij opgewonden raakte door hetgeen wat zijn collega zonet ontdekt had. Onwillekeurig moest hij aan zichzelf toegeven dat hij kwaad op zichzelf was vanwege het feit dat Olafson die losse vloerplank onder het bed wel ontdekt had en hij niet. Hij kroop onder het bed vandaan en keek Olafson recht in de ogen. Prima werk vriend. Ik wist niet dat je dat zo snel zou ontdekken. Hoelang duurde het trouwens voordat je die plank ontdekt had? Olafson keek hem scherpzinnig aan en zei vervolgens: Hoogstens een minuutje of twee drie. Meer niet. En dat zonder een zaklantaarn te gebruiken: voegde hij er enige tijd later aan toe. Ik ga even naar beneden om te vragen ofdat we dat bed mogen verschuiven zodat we die losse plank wat beter kunnen bekijken: zei Jonasson waarna hij naar de deur liep en de trap afliep waarna hij regelrecht naar de woonkamer liep waar de moeder van het slachtoffer in de zetel een krant zat te lezen en pas opkeek toen hij luidruchtig zijn keel schraapte om te laten blijken dat hij haar iets wilde vragen. Sorry dat ik u stoor maar ik heb een vraag voor u. Mogen we het bed verschuiven zodat we de vloer wat beter kunnen bekijken op de plaats waar het bed normaal staat, of is dat momenteel niet mogelijk? Ze bekeek Jonasson aandachtig knikte en zei vervolgens dat het voor haar niets uitmaakte. Jonasson bedankte haar vriendelijk waarna hij weer naar Lisas slaapkamer liep en tegen Olafson zei dat ze het bed gerust mochten verschuiven. Samen verschoven ze het bed waarna Jonasson de ruimte die er vrijgekomen was  nauwkeurig onderzocht. Hij liep naar de plaats waar de plank loszat en bekeek die zorgvuldig. Hij hief de plank nog iets hoger op zodat hij een donker gapend gat onthulde. Vervolgens zeeg hij neer op zijn knieën en bestudeerde het gat. In de ruimte onder de losse vloerplank zag hij een stapel papieren liggen die hem vreemd voorkwamen. Hij trok ze langzaam uit het gat waarna hij de losse vloerplank weer liet zakken en naar het bed terugliep waar Olafson op zat. Hij legde de stapel papieren naast zich op bed waarna hij zijn collega breed grijnzend aankeek. Ik had wel gedacht dat hier iets te rapen viel: zei Jonasson breed glimlachend.  Hij nam de papieren op en las de hoofding aandachtig. Het duurde even voordat het echt tot hem doordrong wat hij las. Op het papier stond niet de naam Lisa maar Naomi. Hij gaf ze door aan zijn collega zodat die de papieren ook kon lezen. Naomi? Wie is die Naomi in vredesnaam? En wat doet haar testament in hemelsnaam in Lisas slaapkamer? Geen idee: zei Jonasson, en dat is iets waar we nooit achter zullen komen vrees ik.Olafson knikte alleen maar. Ben je niet blij misschien met deze eventuele doorbraak? Olafson schudde krachtig het hoofd waarna hij zijn collega ook breedgrijnzend aanstaarde. Hoezo je bent niet tevreden met hetgeen we na al die tijd eindelijk bereikt hebben? Olafson knikte. Wat is dat toch met jou tegenwoordig? Je geeft me de laatste tijd sterk de indruk dat deze zaak je niet veel kan schelen, of heb ik het mis? Olafson schudde opnieuw krachtig het hoofd en zei: Ik ben heel tevreden met het feit dat we eindelijk iets gevonden hebben dat misschien van pas zou kunnen komen bij het verdere verloop van het onderzoek. Eindelijk hoor ik u duidelijke taal spreken: zei Jonasson nog steeds breedgrijnzend. Wanneer heb ik dat dan niet gedaan volgens jou: vroeg Olafson die zijn collega een beetje gekwetst aanstaarde. Dat was maar een grapje hoor: zei Jonasson terwijl hij zijn collega een schouderklopje gaf. Je bent de beste collega waarmee ik ooit gewerkt heb: voegde hij er enige tijd later aan toe. Jonasson ging op het bed zitten en begon de papieren door te nemen. Zijn gezicht verbleekte toen hij ze allemaal heel aandachtig begon door te lezen. Toen hij klaar was gaf hij ze zwijgend aan Olafson die hem verbaasd aanstaarde. Jonasson probeerde rustig adem te halen maar het lukte hem niet. Hij was op dit ogenblik veel te opgewonden om zichzelf rust te gunnen. Zijn euro begon stilaan te vallen naarmate de tijd vorderde. Hij zag dat zijn collega ook doodsbleek was geworden. Mijn god: zei hij ademloos terwijl hij de papieren weer aan Jonasson gaf die ze weer naast hem op bed legde. Zij – die Naomi bedoel ik - had al een vermoeden dat ze binnen de kortste keren vermoord zou worden. Hier staat alles zwart op wit. Ik kan het bijna niet geloven: zei Jonasson die zijn best deed om een geeuw te onderdrukken. We hebben het testament van  een vreemd iemand – voor ons althans - gevonden: zei hij tegen zichzelf. Laten we het haar dan nu meteen maar vertellen: voegde hij er met enige tegenzin aan toe waarna hij zijn collega wenkte en hem het teken gaf dat hij hem naar de woonkamer moest volgen. De moeder van het slachtoffer was bezig thee voor zichzelf te zetten terwijl ze de woonkamer weer binnenliepen en plaatsnamen aan de grote ronde eettafel. Zijn jullie nu al klaar met het doorzoeken van de slaapkamers, de badkamer en de zolder: vroeg ze op enigszins scherpe toon toen ze Jonasson en zijn collega opmerkte. Moeten jullie ook niet de kelder doorzoeken? Jonasson schudde krachtig het hoofd waarna hij zijn collega schuin aankeek. Hoe moeten we het haar in hemelsnaam vertellen: vroeg hij op fluistertoon. Gewoon het juiste moment afwachten denk en vrees ik. Meer kunnen we voorlopig niet doen: zei Olafson op doordringende fluistertoon alsof hij zijn collega wilde duidelijk maken dat hij de chef was en hij maar een simpele politieman, en aangezien Jonasson volgens hem de chef was moest hij maar een manier bedenken waarop hij deze zaak het beste kon aanpakken, zeker op dit eigenste moment. Jonasson keek naar buiten en zag dat de hemel langzaamaan betrok. Ook hoorde hij in de verte het gerommel van donder. Er is onweer op komst: zei hij tegen zijn collega. De moeder van het slachtoffer reageerde echter niet op dat gegeven. Ze bleef de politiemensen doordringend aanstaren. We hebben iets ontdekt mevrouw: zei Jonasson in een poging de steeds pijnlijkere stilte te verbreken. Nu richtte ze haar blik op Jonasson die haar op zijn beurt aanstaarde. Wat hebben jullie dan ontdekt? Jonasson zei niets. Hij pakte de papieren uit zijn rugzak en legde die voor haar neus op tafel. De moeder van het slachtoffer keek hem niet-begrijpend aan alsof ze dacht dat Jonasson niet goed bij zijn hoofd was. Deze hebben we op haar slaapkamer gevonden: zei hij toen hij haar niet-begrijpende blik in haar ogen opmerkte. Buiten vielen de eerste regendruppels. Ze tikten tegen de ruiten en kletterden als een hoop stenen op het glazen dak van de veranda die zich achter Jonasson en Olafson bevond. De vrouw keek als verslagen naar de papieren die Jonasson voor haar op tafel had gelegd. En wat heb ik daar in hemelsnaam mee te maken: vroeg ze met een agressieve ondertoon in haar inmiddels krachtiger geworden stem. Buiten knetterde er weer een oorverdovende, krakende donderslag die het hele gebouw op zijn grondvesten deed trillen, waarna een gevorkte bliksemflits de inmiddels helemaalverduisterde hemel in tweeën kliefde. Op dat moment barste de zondvloed in volle hevigheid los alsof iemand alle kranen van het huis volledig opendraaide, vastbesloten het huis volledig onder water te zetten. Niet veel later ging de regen over in hagel. De bollen waren zo groot dat de moeder van het slachtoffer bang was dat de ramen erdoor zouden barsten en het verandadak met donderend geraas zou instorten. Ook kwam de wind in volle hevigheid opzetten, zodat de bomen in haar tuin en in de omliggende bossen en straten vervaarlijk heen en weer begonnen te wiegen. De stortbui nam nog wat in hevigheid toe waarna de bui opeens een stuk verminderde en de wind vrijwel meteen weer ging liggen alsof hij zijn pogingen alles te vernielen wat zijn pad kruiste opgaf en zich met de brekende wolken  mee liet voeren naar andere plaatsen om zich daar weer te late voeden door de regen, hagel, donder en bliksem. De hagel veranderde weer in regen waarna die met volle hevigheid neerviel op het huis en de omringende straten, tuinen, bloembakken, percelen en andere planten die het water verwelkomde door hun bladeren te laten hangen. De regen hield vrijwel meteen weer op waarna de donkere wolkenmassa oostwaarts dreef en plaatsmaakte voor een hemel die minder dreigend was als toen de bui zich klaarmaakte om los te barsten. Jonasson keek de vrouw scherpzinnig aan en wees toen met zijn linkerwijsvinger naar de papieren die nog steeds voor haar neus op tafel lagen. Je hebt daar niets mee te maken: zei hij de stilte verbrekend. De vrouw keek hem nog steeds niet-begrijpend aan. Dit is het testament van  iemand die we nog niet kennen natuurlijk maar die misschien – ik herhaal misschien – een vriendin kan zijn van uw dochter mevrouw: zei hij op vriendelijke toon vurig hopend dat hij daarmee het ijs kon breken. Ze keek hem ongelovig aan. Dat kan niet: was het enige dat ze kon uitbrengen. Toch lieg ik niet hoor mevrouw: zei hij nog steeds op vriendelijke toon. Buiten dreven de wolken weg en maakten plaats voor een helderblauwe hemel en niet veel later scheen de zon weer. Het testament bewijst dat  er hier een zekere Naomi is langs geweest. En noem jij dat een bewijs: vroeg ze op schrille toon, voor hetzelfde geld kunnen die papieren van totaal iemand anders zijn. Dat kan ik helaas niet ontkennen mevrouw: zuchtte Jonasson en hij zag al voor zich hoedat zijn zogezegd bewijsmateriaal bij wijze van spreken in vlammen opging. Er viel een korte stilte in de woonkamer. Bent u er absoluut zeker van dat u nooit een zekere Naomi gezien hebt? Ze schudde krachtig het hoofd. Hoe is Naomi’s testament dan wel op Lisas kamer terechtgekomen? Lisas moeder schudde opnieuw krachtig het hoofd. Had uw dochter misschien vijanden mevrouw: vroeg hij na een poosje. Ze knikte langzaam. Wie dan  Haar vader: zei ze op nauwelijks hoorbare fluistertoon. Jonasson zuchtte diep en keek haar opeens scherp aan. Waarom hebt u dat niet eerder tegen ons gezegd? Omdat ik bang was. Bang waarvoor: vroeg hij met een enigszins scherpe ondertoon in zijn zachtklinkende stem. Ik was bang dat hij mij iets zou aandoen als hij aan mij zag dat ik hem ervan verdacht van de moord op onze dochter: zei ze met stokkende stem. Jonassons blik werd nog scherper toen hij dat gehoord had. Het spijt me enorm dat ik dat niet eerder tegen jullie verteld heb: zei ze  fluisterend. In de verte hoorden ze het gerommel van het onweer opklinken, maar het kwam gelukkig niet meer hun kant op. Had uw dochter nog andere vijanden binnen de familie buiten haar vader? Niet dat ik weet: zuchtte ze waarna ze opstond, naar de keuken liep om koffie te zetten. Nu boeken we eindelijk vooruitgang: zuchtte Jonasson waarna hij zijn collega bevredigend aanstaarde. Nu weten we tenminste iets waarmee we verder kunnen: zei Olafson die op zijn beurt een zucht slaakte. Jonasson pakte de papieren en bekeek aandachtig de hoofding ervan. Eigenlijk zijn we toch stom geweest vind jij ook niet Olafson? Hoezo? We hebben niet eens naar de naam van de moeder van het slachtoffer gevraagd, wat we eigenlijk wel hadden moeten doen bij onze eerste kennismaking met haar. In het midden van het eerste blad stond er in dikke vette zwarte letters: Voor Lisa’s moeder Nathalie Turx. Toen Jonasson die naam gelezen had barstte hij opeens in lachen uit, waarna hij de papieren aan Olafson gaf en zei dat hij die naam eens moest lezen. Olafson las de naam, waarna hij ook in lachen uitbarstte. Wie verzint nu in hemelsnaam zoiets: vroeg Jonasson toen hij en Olafson uitgelachen waren. Even later kwam Nathalie Turx de woonkamer weer binnen met een dienblad met koffiekopjes en schalen waarop heerlijke koekjes lagen. Toen ze die midden op de tafel had gezet ging ze weer zitten waarna ze de twee politiemannen nauwlettend in het oog hield alsof ze kinderen waren die iets mispeuterd hadden en ze die voor alle zekerheid in het oog hield om te voorkomen dat ze opnieuw kattenkwaad zouden aanrichten. Zijn jullie intussen al wat wijzer geworden? O ja we zijn al een heel eind opgeschoten en dat doordat jij ons eindelijk de informatie gegeven hebt die we nodig hadden en waarop we al die tijd gewacht hebben. Maar goed. Dit even ter zake. Had uw dochter misschien buiten de familie misschien vijanden? Nathalie Turx schudde krampachtig het hoofd. Had ze op school misschien vijanden, hoewel dat woord in deze situatie niet echt toepasselijk is. Laat ik mijn vraag anders stellen. Had uw dochter misschien ruzie met vrienden of vriendinnen? Nathalie schudde opnieuw haar hoofd, maar deze keer was ze niet zo zeker van haar reactie. Ik weet het niet zeker. Lisa vertelde nooit wat er op school is gebeurd. Dat was al zo van in het begin het geval geweest: voegde ze er enige tijd later aan toe. Jonasson nam een slok koffie waarna hij Nathalie opnieuw aanstaarde. Had Lisa soms onenigheden met de leerkrachten of directie: vroeg Olafson op zijn beurt. Ik zei toch al dat ze niets tegen ons zei wat dat betreft: zei Nathalie op scherpe toon, terwijl ze Olafson dreigend aankeek. Vindt u dat niet vreemd dat uw dochter niet verteld wat er op school gebeurd of wat ze die dag allemaal gedaan had? Nathalie knikte zwijgend. We hebben veel pogingen ondernomen om iets uit haar los te krijgen, maar elke poging draaide op niets uit. Bij mij lukte het wel beter als bij haar vader, maar de pogingen van haar vader draaiden sneller op niets uit dan de mijne, en dat kwam doordat ik bleef proberen en haar vader gaf het al snel op waarna hij besloten had zijn dochter niet meer aan te kijken en voor zichzelf voorhield dat hij helemaal geen dochter meer had. Maar die belofte hield niet lang stand integendeel zelfs. Tegen Kerstmis deed hij weer normaal tegen zijn dochter, maar ook dat duurde niet lang, want na Kerst en Nieuwjaar deed hij alsof hij geen dochter had en begon ook mij niet eens meer aan te kijken. In die periode waren Lisa en ik lucht voor hem. En is dat de reden waarom haar vaderopeens een vijand geworden was, of was er nog iets anders gebeurd, iets wat wij in geen geval te weten mogen komen. Ze knikte. Er viel opnieuw een doodse stilte in de kamer. Mogen we het dan nu wel weten? Nathalie knikte opnieuw. Mijn dochter is verdomme door haar vader misbruikt toen ze acht jaar was meneer de inspecteur. Jonasson keek haar geschrokken aan. En dat is nog niet alles. Ze is zowel langs voren als vanachter misbruikt geweest. Nu weten jullie het. Jonasson keek haar opnieuw geschrokken aan Eerst dacht ik dat zij haar vader vermoord had toen jullie voor de eerste keer binnenkwamen, maar toen kwam de gedachte weer bij mij op dat niet hij maar zij dood was. Nog zoiets waarover ik je een vraag wilde stellen: zei Jonasson kalm. Terwijl ze vermoord werd moest ze toch enorm gegild hebben? Nathalie knikte instemmend. En jij zei dat jullie dat niet gehoord hebben? Toch vreemd, vindt jij ook niet? Nathalie knikte. In normale situaties zou dat normaal zijn, in deze echter niet: zei ze kalm. Mijn man en ik zijn verdomd slechte slapers. We hoorden vroeger elk geluid ookal hadden we dubbele beglazing, maar dat was niet voldoende. We hebben onze kamer daarom laten isoleren, en dat is de reden dat we haar niet hebben horen gillen toen ze vermoord werd. Jonasson haalde de foto van het tweede lijk uit zijn broekzak en liet die aan Nathalie Turx zien. Bent u zeker dat dit uw man is: vroeg hij zachtjes. Nathalie nam de foto aan en bekeek die heel zorgvuldig waarna ze knikte. Ja: zei ze met een diepe zucht. Dit is het lijk van mijn echtgenoot. Enige deelneming mevrouw: zei Jonasson die de foto weer van haar overnam en in zijn broekzak terugstak. Bedankt voor de bevestiging. Moeten jullie nog koffie hebben? Jonasson schudde krachtig het hoofd, waarna hij opstond zijn collega wenkte en mevrouw Turx uitvoerig bedankte voor haar gastvrijheid. Ze zei op haar beurt dat dat heel graag gedaan was en dat ze nog eens terug mochten komen voor het geval dat ze nog iets moesten weten.  O ja nog één ding: zei Jonasson die abrupt bleef staan en de stapel papieren opeens voor haar neus hield. Op dit blad staat duidelijk: voor Lisa’s moeder Nathalie Turx. Enig idee wat dat zou kunnen betekenen? Nathalie schudde krachtig het hoofd ten teken dat ze niet wist wat daarvan de bedoeling was. Bedankt. Mevrouw Turx liet de 2 politiemannen uit waarna ze weer naar de woonkamer liep om de koffiekopjes en de koekjes op te ruimen. Eindelijk ben ik van al die miserie verlost. Nu kan ik weer opgelucht ademhalen. Nu kan ik eindelijk een nieuw hoofdstuk van mijn leven beginnen zonder mijn dochter en mijn dierbare echtgenoot. Ik sta er vanaf nu helemaal alleen voor. Verdomme.

Toen Jonasson en zijn collega weer op het politiebureau gearriveerd waren riep Jonasson al zijn collega’s op voor een algemene vergadering. Al snel liep de vergaderzaal helemaal vol. Toen iedereen aan de tafel zat viel er een doodse stilte in de ruimte. Iedereen keek gespannen naar Jonasson die even gespannen leek als de rest van zijn collega’s. er komt geleidelijkaan schot in de zaak, maar ik blijf erbij dat deze zaak er zeer vreemd uitziet. Ik ben zonet bij de moeder van het slachtoffer geweest en die heeft ons schokkende informatie gegeven, waarop we ons kunnen baseren voor het verdere verloop van het onderzoek. Ik ga niet in detail treden, maar het komt erop neer dat het slachtoffer niet overeenkwam met haar vader en dat ze haar ouders niets vertelde over haar schoolsituatie. Maar ik denk niet dat dat het motief voor de moord is: voegde hij er enige tijd later aan toe. Ik denk dat we in het verleden van het slachtoffer moeten graven. Misschien dat daar iets verborgen ligt dat aanleiding gegeven zou kunnen hebben voor de moord. Er viel opnieuw een doodse stilte in de vergaderzaal. Ik denk echter niet dat we in het verleden van het gezin moeten graven aangezien er niet veel gebeurd is buiten het feit dat ze ooit misbruikt was door haar vader. Op dat moment besefte Jonasson dat hij te ver was gegaan. Zijn hart ging sneller kloppen en hij voelde hoe zijn temperatuur steeg en dat hij rood aanliep. Ook Olafson en de rest van de collega’s beseften opslag dat Jonasson veel te ver was gegaan en dat het hem grote moeite zou kosten om die blunder recht te zetten. Hij was echter de enige die dat voor elkaar kon krijgen. Inspecteur John Bouwmeester herstelde zich als eerste en richtte zijn blik op Jonasson die hem op zijn beurt verlegen aanstaarde. Zijn vraag bracht hem meteen weer bij de werkelijkheid. Wat zou het motief voor de moord zijn? Jonasson schudde het hoofd. Het kan alles zijn: zei hij tenslotte. Jaloezie, passie, haat,wroeging, geld, wraak,gerechtigheid of iets dergelijks. Maar het kan ook om een testament of iets anders dat waardevol is gaan: voegde hij er op aarzelende toon aan toe. Nu hij er eens goed over nadacht vroeg hij zich af ofdat hij het wel bij het rechte eind had of niet. Zat hij op een goed spoor?  We hebben ook een testament van een zekere Naomi gevonden, hoe of waarom het testament daar gekomen is – in Lisas slaapkamer bedoel ik – is voorlopig nog een raadsel net als het feit wie die Naomi eigenlijk is. Hij haalde de papieren tevoorschijn en legde die voor hem op tafel zodat de rest van het team de papieren goed konden bekijken. Zoals u ziet staat daar in grote vette letters: voor Lisa’s moeder Nathalie turx: zei Jonasson. We hebben aan haar gevraagd ofdat zij daarvan op de hoogte was, maar zij bevestigde ons nadrukkelijk dat zij van niets afwist van het hoe en waarom die zin in Naomi’s testament stond, en ik vrees dat we daar ook nooit achter zullen komen. Stilte.Opeens begon hij aan zichzelf te twijfelen. Kan ik deze job wel aan? Maar toen zei een stemmetje in zijn hoofd dat hij absoluut niet mocht opgeven, wat er ook mocht gebeuren. Jonasson keek zijn collega’s aan maar kon niets uitbrengen. Hij schaamde zich dood voor het feit dat hij zonet over de schreef was gegaan en dat hij nog andere cruciale fouten begaan had. Niet opgeven Jonasson.  Hij vroeg zich de hele tijd af hoe hij in hemelsnaam zijn fouten weer kon goedmaken nu hij het gevoel had dat hij alles naar de verdommenis had geholpen. Hij keek de zaal rond vurig hopend of hij ergens steun kon vinden, maar die hoop bleek al snel ijdel te zijn. Hij schraapte zijn keel ten teken dat de vergadering echter nog niet afgelopen was en ook om de steeds pijnlijkerwordende stilte te verbreken. Langs de ene kant was dat niet zo erg dat hij tegen zijn collega’s had gezegd dat Lisa Turx of hoe ze ook mocht heten misbruikt was door haar vader, maar langs de andere kant kon dat wel ernstige gevolgen hebben, zeker als je naging ofdat hij haar wel om toestemming daarvoor had gevraagd of niet. Wat moeten we nu doen: vroeg John Bouwmeester de nieuwe steeds pijnlijkerwordende stilte verbrekend, waarbij hij zijn blik op Jonasson richtte en liet rusten. Jonasson schudde krachtig zijn hoofd ten teken dat hij geen flauw idee had wat hij nu in hemelsnaam moest doen. Mij lijkt het zeer logisch dat we dan met haar medestudenten gaan praten: zei Olafson op nuchtere toon. Dat lijkt me ook heel logisch: beaamde Bouwmeester op scherpe toon, waarna hij Jonasson vernietigend aanstaarde. Jonasson kreeg het opeens heel warm toen hij die woorden van zijn collega gehoord had, en die blik die hij naar hem toegeworpen had deed hem ook niet goed. Goed als jullie denken dat jullie het beter weten als ik mogen jullie de zaak zelf maar oplossen: riep hij in een plotselinge vlaag van ongecontroleerde, brandende woede. Laten jullie me dan weten wanneer jullie de zaak opgelost hebben? Doe maar gerust, trek me van mij maar niets aan hoor, ik ben toch maar een simpel persoon die niet eens begrijpt wat zijn werk eigenlijk inhoud, lach me maar uit jullie doen toch niets anders tegenwoordig. Ik heb jullie spelletjes van de laatste tijd wel door hoor: voegde hij er enige tijd later op scherpe en tegelijk ook bittere toon aan toe. Ik weet gewoon even niet wat ik nu moet doen ja? Maar dat is toch geen reden om opeens zo fel tegen ons uit te varen: vroeg Bouwmeester die hem geschrokken aanstaarde. En is dat een reden om mij achter mijn rug uit te lachen in de veronderstelling dat ik jullie toch niet zie roddelen achter mijn rug terwijl dat wel het geval is. Er viel opnieuw een doodse stilte in de vergaderzaal. Iedereen keek Jonasson geschrokken en gespannen aan waarna Olafson zijn keel schraapte en met hakkelende stem vroeg: Vanwaar opeens die woede Jonasson? Ik heb dat nog nooit eerder bij jou gezien. Opnieuw een doodse stilte, een langere ditmaal en toen: Als we met de medestudenten van haar gaan praten, wat denk je er dan mee te bereiken Olafson: vroeg Jonasson die deed alsof er zonet niets gebeurd was. Gewoon het moment zelf afwachten denk ik. En is dat tegenwoordig je tactiek? Afwachten in de hoop hoe en vooral op welke manier haar medestudenten op onze vragen zouden reageren. Heb jij misschien een beter idee? Ik dacht dat je zei dat je even niet meer wist hoe je de zaak moest aanpakken, en nu doe je juist hetzelfde met mij. Je zegt dat we je uitlachen achter je rug, maar wat doe je nu met mij? Juist hetzelfde als wat wij met jou deden tenminste je denkt dat we je zitten uit te lachen, maar dat is totaal niet het geval. Wij deden dat onbewust, maar jij doet iets veel  erger, namelijk ons bewust uitlachen in het volle besef dat wij hier niet alleen zijn, maar waar de rest van ons team ook is. Jonasson keek hem verlegen aan. Je hebt gelijk Olafson en het spijt me enorm. Sorry: voegde hij er direct aan toe waarna hij zijn collega’s een voor een aankeek. Excuses komen altijd te laat: zei een van hem op minachtende toon. Maar we zijn bereid ze te aanvaarden: voegde hij er direct aan toe. Goed deze discutie is ook weeral van de baan: zei Olafson glimlachend. Laten we nu maar verdergaan. Ik regel het gesprek met haar medestudenten wel: zei Olafson. En ik zal me bezighouden met de leerlingen die met haar in de kleuterschool, de lagere schol en het middelbaar hebben gezeten: zei Jonasson die zich nu weer een stuk beter voelde. Olafson knikte instemmend en zag dat zijn collega zich weer beter voelde. Nog één ding mensen: zei Jonasson die zijn blik weer op zijn collega’s wendde. Zorg dat de pers over dit alles niets te horen krijgt totdat ik jullie groen licht geef. Ik zal me wel bezighouden met het feit dat hoofdcommissaris Luycx niet op de hoogte is gesteldvan de feiten. Tenslotte was het mijn taak ervoor te zorgen dat hij betrokken raakt bij de zaak en dat hij ons kan helpen bij het vinden van de moordenaar of moordenares van de slachtoffers, want dat is niet helemaal zeker, nu we weten dat er geen enkele sporen zijn teruggevonden in de slaapkamer van het slachtoffer. We weten inmiddels ook dat het tweede lijk dat we onlangs gevonden hebben het lijk is van de echtgenoot van Nathalie Turx. De precieze omstandigheden waarin we hem gevonden hebben zijn echter nog niet bekend. De patholoog-anatoom is nog volop met de autopsie van de beide slachtoffers bezig en zal binnenkort het rapport naar mij opsturen. Op het eerste zicht kunnen we niet veel zeggen, omdat we niet zeker weten ofdat de vader van het slachtoffer zelfmoord gepleegd heeft of vermoord is door iemand anders, misschien wel dezelfde moordenaar of moordenares van hun dochter. We weten wel dat de doodsoorzaak bij het eerste slachtofferbloedverlies is, en dat is te wijten aan het feit dat ze zeer diepe wonden op haar borstkas  en hartstreek heeft.Die wonden zijn toegebracht door een zeer scherp voorwerp en dat kan van alles zijn: voegde hij er enige tijd later aan toe. Dat kan een mes zijn, maar het kan evengoed ook iets anders zijn. Dat kan evengoed een zwaard, een speer, een pin van iets dergelijks of een schroevendraaier zijn. Maar ik betwijfel tenzeerste dat iemand nu nog met een middeleeuws wapen iemand omzeep helpt. De rest van het team knikte instemmend ten teken dat ze het met Jonasson eens waren. Dat is voorlopig het enige wat ik jullie over deze zaak kan vertellen, meer weet ik ook niet. O ja, voordat ik het vergeet. De glasscherven. Die waren ooit een spiegel geweest en die spiegel hing op de kamer van het slachtoffer. Het onderzoek van de glasscherven is afgerond en ze hebben geen vingerafdrukken of iets anders gevonden. Met andere woorden: de moordenaar heeft de spiegel niet gebroken, of toch niet zodanig dat de moordenaar sporen achterliet op het glas. Lisas slaapkamerdeur is evenmin geforceerd net als al haar ramen in de slaapkamer zelf, dus moeten we nu ons de vraag stellen hoe de dader er is in geslaagd Lisas slaapkamer binnen te dringen en haar te vermoorden. Na die woorden viel er opnieuw een doodse stilte in de kamer. Haar ouders hebben die nacht ook niets gehoord maar zouden dat wel hebben gedaan als hun slaapkamer niet geïsoleerd was. Hun kamer was zodanig geïsoleerd dat ze hun dochter op het moment dat ze vermoord werd niet hebben horen gillen, terwijl ze dat wel gedaan moest hebben tijdens het gebeuren. De reden waarom ze hun kamer hebben laten isoleren is heel simpel. Lisas ouders waren hele slechtte slapers. Zo dat is voorlopig alles wat ik jullie te zeggen heb.Als er iets zou zijn wat de zaak een verassende wending zou geven laat ik jullie dat zo spoedig mogelijk weten. Jullie mogen beschikken. Iedereen verliet de vergaderzaal behalve Olafson die naast Jonasson ging zitten en hem medelijdend aanstaarde. Gaat het al wat beter Jonasson: vroeg Olafson op vriendelijke toon. Jonasson knikte. Prima: zei Olafson glimlachend waarna hij opstond en naar de deur liep die op een kiertje stond. Blijkbaar had een van hun collega’s de deur niet volledig achter zich dichtgedaan. Ik zie niet graag een collega en vriend die boos of verdrietig is. Daar word ik zelf boos, lastig en verdrietig van: voegde hij er enige tijd later aan toe. Jonasson knikte instemmend en zei dat hij groot gelijk had. Ik zie ook niet graag een collega en vriend die boos, lastig of verdrietig is, want dan word ik dat zelf na een tijdje ook en dan vraag ik me af wat ik in hemelsnaam in zijn of haar ogen verkeerd heb gedaan. Olafson knikte zei dat hij die vraag ookdikwijls stelde als Jonasson kortaf tegen hem en zijn collega’s deed, of als hij opeens in woede uitbarstte zoals eerder die dag tijdens de vergadering gebeurd was. Volgende keer beter m’n vriend: zei Olafson waarna hij Jonasson een hand gaf weer naar de deur liep, hem verder opendeed, de gang opstapte en weer naar zijn kamer liep. Jonasson echter bleef in de vergaderzaal staan en wist even niet goed wat hij nu moest doen. Je bent een idioot Jonasson: zei hij tegen zichzelf, waarna hij de vergaderzaal uitliep, de deur dicht en op slot deed, en zich vervolgens terugtrok op zijn eigen kamer. Hij voelde zich opgelucht omdat de vergadering eindelijk was afgelopen en dat hij dit hoofdstuk van deze dag eindelijk kon afsluiten en loslaten. Hij had zich doodgeschaamd voor zijn woede-uitbarsting van een tijdje terug, maar hij nam zich voor daar in de toekomst hard aan te werken. We gaan ervoor Jonasson: zei hij hardop tegen zichzelf. Alles geven. Hij moest weer aan Alain Van dam denken, een personage uit de televisieserie Het Eiland waarin hij dat vrij dikwijls zei, en de manier waarop hij dat zei vond hij enigszins grappig, vooral dat lachje na dat gezegde. Maar deze zaak was puur realiteit en het Eiland puur fictie. Opeens ging de telefoon waardoor Jonasson opeens uit zijn gedachtegang over Het eiland opschrok. Hij nam de hoorn van de haak en luisterde aandachtig naar hetgeen de persoon aan de andere kant van de lijn hem te melden had. Het was de patholoog-anatoom. De doodsoorzaak van jullie tweede slachtoffer is zeer simpel: zei hij. Wat dan: vroeg Jonasson op enigszins scherpe toon. Het is duidelijk dat onze vriend hier aan de verdrinkingsdood is overleden. Moord? Dat is iets wat jullie moeten uitmaken, daar kan ik jullie helaas niet bij helpen hoe graag ik dat ook zou willen: zei de patholoog-anatoom op vriendelijke en meelevende toon. Maar ik ga die taak onmiddellijk voor jullie verlichten door te zeggen dat ik vrees dat dat nu eenmaal een raadsel zal zijn dat nooit opgelost zou geraken hoezeer jullie daar jullie best ook voor zullen doen, ik ben bang dat dat echter niet veel zou uithalen. Bedankt voor de informatie: zei Jonasson op sombere toon. Ik zal ervoor zorgen dat jullie het rapport zo snel mogelijk in ontvangst zullen nemen: zei de patholoog-anatoom na een tijdje gezwegen te hebben waarna hij de verbinding verbrak. Jonasson legde de hoorn weer op de haak om hem er direct weer van af te halen om Olafsons nummer in te toetsen zodat hij het goede nieuws aan hem kon doorgeven zodat dat eindelijk van de baan was. Olafson nam direct op zodat Jonasson hem het nieuws over de doodsoorzaak van hun tweede slachtoffer kon melden, waarna Olafson Jonasson uitvoerig bedankte en de verbinding verbrak. Jonasson haakte ook in en slaakte toen een diepe zucht  van verlichting. Vervolgens toetste hij Nathalies nummer in  - dat had hij aan haar gevraagd vlak voordat ze doorgingen waarna ze hem haar telefoonnummer gegeven had  waarop hij haar zijn visitekaartje had gegeven zodat zij op haar beurt hem kon bereiken als er zich iets moest voordoen wat hem en zijn collega’s aanging zodat hij haar op de hoogte kon brengen als er zich nog iets voorgedaan moest hebben wat haar aanging zoals nu het geval was - en meldde haar dat haar echtgenoot aan de verdrinkingsdood overleden was, maar dat het helemaal niet duidelijk was of het nu moord of zelfmoord was en dat ze dat waarschijnlijk nooit te weten zullen komen. ze bedankte Jonasson hartelijk voor het feit dat Jonasson zo vriendelijk was geweest haar te bellen om haar het nieuws – hoe slecht ook – te melden waarna ze de verbinding met een scherpe klik verbrak.Jonasson hing ook op. Hij was blij dat dat eindelijk achter de rug was, nu kon hij zich volledig op de rest van het nog lopende onderzoek toespitsen. Want dat was op dit moment heel belangrijk voor hem.

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.