Hoe wordt nagellak gemaakt? DIY: zelf nagellak maken

Door Lab Rat gepubliceerd op Wednesday 19 August 16:49

Er zijn (in de Westerse wereld) maar weinig vrouwen en meisjes wiens nagels nog nooit in aanraking zijn geweest met nagellak, en die eerste aanraking vindt steeds vroeger plaats. Toen ik klein was, mocht ik echt geen nagellak en andere make up dragen, ook niet als ik mijzelf als prinsesje aan het verkleden was. Maar tegenwoordig zie ik genoeg kleutertjes die tot in de puntjes opgedoft zijn voor een feestje of verkleedpartijtje, dus de kans dat een meisje gek is van nagellak, is steeds groter. Nagellak geeft de nagels een mooie glans, en vaak ook een fraai kleurtje en is daarom erg geliefd. Maar wat is dat spul eigenlijk wat je op je nagels smeert? Waarom plakt het er dagen lang aan vast? En is het wel zo gezond als het lijkt? Kun je het ook zelf maken? Natuurlijk kan dat, dat deed men vroeger namelijk ook, zonder al die chemische rommel!

2a175889a56f454140e5ab9c1ced036d_medium.

In dit artikel:

 

De geschiedenis van nagellak

Nagellak bestaat zeker al 5000 jaar. Niet exact zoals we het nu kennen natuurlijk. 3000 jaar voor Christus maakten Chinese vrouwen nagellak van Arabische gom, gelatine, bijenwas, plantaardige kleurstoffen en eiwitten. Voor een rood-roze kleur voegden ze er rozenblaadjes en geperste orchideeën aan toegevoegd. Deze vrouwen hadden het er maar druk mee, ze moesten niet alleen hun eigen lak (keer op keer opnieuw) maken, maar deze moest ook 3 à 6 uur drogen. 
Ook voor de Chinezen hun nagellak in elkaar flansten, waren de vrouwen bezig met hun nagels. Nog 2000 jaar eerder versierden Indiase vrouwen hun nagels met henna, wellicht is hierdoor de behoefte aan nagellak ontstaan.
Rond 600 voor Christus is het gebruik van nagellak overgewaaid naar Europa. Rijke vrouwen brachten goud of zilver aan op hun nagels om hun rijkdom en vrije tijd te symboliseren. Vrouwen die in die tijd status hadden, droegen nagellak, maar de echte hipsters hadden zelfs bewakers om hun nagels te beschermen.
Niet lang daarna was het uit met de pret. Door het harde en vieze werk wat iedereen moest doen, was het lakken van de nagels er niet meer bij. Enkel tijdens de Ming-dynastie (1368 - 1644) in China schonk men er merkbaar aandacht aan. De Chinezen hadden ondertussen veel geëxperimenteerd met verschillende kleuren nagellak, maar de samenstelling was nog hetzelfde als duizenden jaren ervoor. De kleur van de nagellak gaf aan in welke klasse men zich bevond. Zo mochten de vrouwen van adel hun nagels in goud en zilver dopen, en de vrouwen van de elite in verschillende sprankelende kleuren. Hoe minder fel de kleur op de nagels was, hoe lager de vrouw in rang was.
Tijdens de Renaissance kwam de zorg voor de nagels ook weer terug in Europa. Men deed aan nail-art, want de vrouwen versierden hun nagels met allerlei kleine tekeningetjes van bijvoorbeeld adelaars.
In de negentiende eeuw, tijdens het Victoriaanse tijdperk, was men erg bezig met zuiverheid, hygiëne en schoonheid. Daar hoorden de nagels natuurlijk ook bij. Niet alleen werden de nagels gelakt, ook werd er veel tijd besteed aan het onderhoud van gezonde nagels en nagelriemen. Badjes van citroensap of azijn waren dan ook mateloos populair.
De Franse visagiste Michelle Ménard is de moeder van de huidige nagellak. Autolak hoefde immers niet uren te drogen, en glanst mooi, dat moet ook op de nagels kunnen. In 1932 was het dan zover, Revlon kwam met deze nieuwe nagellak op de markt, in heel veel kleuren.
Niet lang daarna kwamen ook de acrylnagels om de hoek kijken. In de jaren '60 waren pasteltinten op natuurlijke nagels nog even populair, maar in de jaren '70 werden de nepnagels alsmaar populairder, en ze groeien tot op de dag van vandaag nog steeds in populariteit. Dit leverde een vraag op naar manicuresalons en deze schoten dan ook als paddenstoelen uit de grond. Ook de French manicure, het welbekende witte randje, komt uit deze tijd. Origineel bedoeld voor Hollywoodsterren, maar inmiddels niet meer weg te denken uit het straatbeeld bij zowel jong als oud.

3667ff6fe25aa115a862bf0240bf0f49_medium.

De huidige samenstelling van nagellak

Tegenwoordig bestaat nagellak niet meer uit een kleverig mengsel van geprakte planten en bijenwas, en het is ook bij lange na niet meer het op autolak geïnspireerde recept van ruim tachtig jaar geleden, maar een sterk verbeterde versie ervan. Nagellak moet namelijk voldoen aan een aantal eigenschappen, en de ingrediënten zijn hierop aangepast zodat het spulletje lang meegaat en niet in het flesje uitdroogt of wegrot.
Een goede nagellak heeft de volgende eigenschappen:

  • Het is makkelijk aan te brengen, dus niet te stroperig of te dun, en het hecht goed aan de nagel.
  • Het droogt snel en wordt goed hard.
  • Het geeft de gewenste kleur en glans, en behoudt deze ook. Het mag niet mat worden of verkleuren onder invloed van bijvoorbeeld zeep en make up remover. Ook mag het geen kleuren van bijvoorbeeld viltstift opnemen.
  • Het moet gedurende enkele dagen op de nagel blijven zitten, bij voorkeur zonder te barsten of af te brokkelen (chippen) wanneer men de nagel stoot.
  • Het moet waterbestendig zijn.
  • Het moet onschadelijk zijn voor de nagel, (de huid van) de vingers en de onderliggende weefsels.

Deze eigenschappen worden gewaarborgd door gebruik te maken van de volgende ingrediënten:

  • Een filmvormer (2-15% van het gewicht). Dit is vaak nitrocellulose of zilverhalide en zorgt ervoor dat de lak een vlakke laag op de nagel vormt en niet bobbelt maar mooi glad trekt.
  • Een verharder (5-20% van het gewicht). Dit is een oplosbare hars zoals melamineformaldehyde, ureumformaldehyde, acrylics, tolueensulfonamide of tolueenformaldehyde en zorgt ervoor dat de lak goed aan de nagel hecht, glanst, en een dunne laag vormt.
  • Een weekmaker. Dit is bijvoorbeeld dibutylftalaat, diethylftalaat, kamfer, tricresylfosfaat of ricinusolie en zorgt ervoor dat de lak een beetje flexibel en rekbaar blijft. Niet zo rekbaar dat deze gelijk van de nagel afglijdt, maar flexibel genoeg om bij stootjes niet gelijk te barsten.
  • Een solventsysteem oftewel oplosmiddel (60-90% van het gewicht). Dit zorgt ervoor dat zowel de nitrocellulose (of andere filmvormer) en de hars (of andere verharder) opgelost blijven. Dit kunnen alcoholen (bijvoorbeeld isopropylalcohol of isobutylalcohol), acetaten (zoals ethylacetaat of butylacetaat) en/of aromatische koolwaterstoffen (bijvoorbeeld tolueen) zijn. Vaak is een deel van het solventsysteem een verdunner (alcohol), om de lak de gewenste viscositeit te geven en de kostprijs te drukken.
  • Kleurstoffen en/of pigmenten (0,1-5% van het gewicht). Voor een gekleurd lakje worden kleurstoffen en pigmenten toegevoegd. Voor een parelende (shimmering) lak wordt gebruik gemaakt van gecoate pigmenten, zoals mica met een laagje titanium(IV)oxide (wit) of bismut(III)oxychloride (zilverwit) of van natuurlijke parels en aluminiumpoeder. Voor de kleur kan ook gebruik gemaakt worden van bijvoorbeeld chroom(III)oxide (groen), chroom(III)hydroxide (groen), ijzer(III)-hexocyanaat(II) (blauw), ijzer(III)-ammoniumcyanaat (blauw), tin(IV)oxide (wit), ijzer(III)oxide (roodbruin), karmijnzuur ((paars)rood), ultramarijn (blauw) en mangaanammoniumfosfaat (paars/violet).
  • Eventueel andere specifieke ingrediënten zoals parfum, een ultravioletabsorbeerder (benzofenon-1) tegen verkleuring, bestanddelen waardoor de lak sneller droogt, antibacteriële stoffen, etc.

cb8683d921509f83434702baa319a491_medium.

De schadelijkheid van nagellak

Dat zijn nogal wat chemicaliën met de meest lastige en enge namen die in dat flesje (kunnen) zitten. Fabrikanten proberen steeds minder gebruik te maken van vluchtige stoffen, en er bestaan inmiddels formules op waterbasis. Maar voor de meeste lakjes geldt nog steeds: zodra je het lakje open draait komt de geur van allerlei chemicaliën je tegemoet, en dat kan bij langdurige blootstelling voor een fikse hoofdpijn zorgen. In de concentratie waarin deze stoffen in nagellak zijn verwerkt, zijn ze niet schadelijk als je ze op je op je huid smeert. Echter, in en rond een wond, de neus, de ogen, de mond, etc. is het verre van gezond. Dat doe je natuurlijk niet met opzet, maar het idee is niet erg prettig.
Bovendien staan de 'big 3' in bovenstaande ingrediëntenlijst: formaldehyde, tolueen en dibutylftalaat (DBP). Dit zijn de drie grootste gevaren in nagellak, maar let wel, ze komen allen maar in kleine hoeveelheden voor en je loopt van af en toe je nagels lakken niet gelijk van alles op. Toch kan het geen kwaad om te weten wat je op je nagels smeert, en wellicht een gezonder alternatief te gebruiken.
Formaldehyde is een ontsmettend en conserverend gas en wordt ook wel methanal genoemd. In nagellak wordt het als verharder gebruikt, en in nagelverharders zit meer formaldehyde dan in andere soorten nagellak. Formaldehyde is een kleurloos, giftig gas was bij langdurige blootstelling (aan hogere concentraties dan in nagellak zit) kankerverwekkend kan zijn. Het is één van de stoffen die voor hoofdpijn kan zorgen. In de in nagellak gebruikte concentratie kan formaldehyde aanleiding geven tot een allergische reactie of irritatie. In nieuwere nagellakformules zijn formaldehydeharsen meestal vervangen door veiligere polyesterharsen.
Het oplosmiddel tolueen is de stof waar lijmsnuivers high van worden en zit ook in bijvoorbeeld verf en zilverpoets. Bij inademing van tolueen kun je misselijk en duizelig worden of flauwvallen. Langdurige blootstelling aan hoge concentraties tolueen kan leiden tot blijvende schade aan verstandelijke en emotionele functies, met een verminderd geheugen, spraakproblemen, hoofdpijn, vermoeidheid en prikkelbaarheid tot gevolg. Blootstelling aan tolueen wordt tijdens de zwangerschap afgeraden. Vanwege deze gezondheidsrisico's wordt tolueen tegenwoordig nauwelijks meer gebruikt als oplosmiddel, en wordt de nagellak met een andere stof vloeibaar gehouden.
DBP (dibutylftalaat, dibutyl phthalate) is een stroperige vloeistof. Het heeft een kenmerkende geur en een kleurloos tot lichtgeel uiterlijk. Het wordt in nagellak gebruikt als weekmaker, om te voorkomen dat deze gaat scheuren en afbrokkelen. Net als tolueen is blootstelling aan DBP af te raden tijdens de zwangerschap, het kan namelijk schadelijke gevolgen hebben voor de ongeboren vrucht. Ook kan DBP schadelijk zijn voor de reproductieve organen in het algemeen, doordat het mogelijk storingen in de hormoonhuishouding kan veroorzaken. Dit leidt tot een minder goede functionering van de geslachtsorganen en in geval van zwangerschap tot een achterstand in de groei van de embryo. Ftalaten (en dan vooral DBP) mogen volgens de regelgeving van de Europese Unie niet in cosmetica (en kinderspeelgoed) gebruikt worden, waardoor de kans klein is dat je DPB in een recente Europese formule aantreft. Ook buiten de EU stappen steeds meer fabrikanten af van het gebruik van DPB.
Gelukkig zijn er een aantal merken die de 'big 3' redelijk weten te omzeilen, te weten: Catrice, Chanel, China Glaze, Dior, Elizabeth Arden, Essie, Estee Lauder, Eyeko, Gosh, Illamasqua, L'Oréal, M.A.C., Maybelline, NARS, OPI, Revlon, Rimmel London, Rituals, Sally Hansen, Teeez en Wet 'n Wild. Dat een merk er niet bij staat wil niet per definitie zeggen dat de 'big 3' er in zitten, de lijst bevat slechts voorbeelden.

711d67ae94f7aa4718c80afc29ab522a_medium.

Bijzondere soorten nagellak

Naast gewone lakjes zijn er ook speciale soorten nagellak op de markt. Op lakjes met een speciaal kwastje zoals stripers, ga ik niet in, aangezien de samenstelling van de lak hetzelfde is als die met een normaal kwastje. Lakjes die wèl een andere samenstelling hebben zijn bijvoorbeeld top coats en verharders, maar ook crackle lak, wat een paar jaar geleden nog super hip en trendy was.

De base coat (basislak) zorgt ervoor dat je ruwe nageloppervlak gladder wordt met deze eerste laag en dat de lak beter hecht. Hierom zit er meer verharder in deze soort lak. Daarnaast zorgt het ervoor dat de kleur van bijvoorbeeld zwarte, blauwe of rode lak niet in je nagels trekt, waardoor je bij veelvuldig dragen van deze kleuren gele nagels krijgt. Hiervoor bevat base coat geen extra bestanddelen, want dit effect kan met elke (niet of niet te intensief gekleurde) lak bereikt worden. In principe zou je dus ook een nagelverharder (die, zoals de naam al prijsgeeft, ook extra verharders bevat), of een transparante lak kunnen gebruiken onder je laag gekleurde lak. Echter, een base coat bevat vaak ook vitamines (meestal vitamine E) en aloë vera, om je nagels goed te verzorgen aangezien nagellak toch wel een kleine aanslag op je nagels is.

Een whitener maakt, zoals de naam al prijs geeft, je nagels witter. Deze lak glimt niet zo erg als een normale lak, omdat het minder verharder bevat. Er zit wat wit pigment in om de nagels natuurlijk witter te laten lijken, maar dat is zo weinig dat het op de nagels meer op een transparante laag lijkt. Ideaal bij lichte verkleuringen van de nagel. Het maakt de nagel alleen optisch witter, het bevat geen bestanddelen die in de nagel doordringen om de kleur te veranderen. Gelukkig zitten verkleuringen alleen in de nagel en niet in de weefsels eronder, en groeien ze er dus samen met je nagel vanzelf weer af.

Een top coat (toplak) maakt je manicure af. De top coat wordt als laatste laag lak aangebracht en bevat extra verharders, waardoor de lak mooi glimt. Ook bevat het meer weekmakers, waardoor het als een sterke, beschermende laag dient. Je wil je gelakte nagels immers zo lang mogelijk mooi houden, zonder deukjes, krassen en afgebrokkelde stukjes.

Terug van decennia geleden is de crackle lak (ook wel craquelé lak genoemd). Waar normaal gesproken oneffenheden en scheurtjes in de lak not done zijn, is dat bij deze lak juist de bedoeling. Onder de crackle lak breng je een dekkende laag van een kleur waarvan je streepjes en bliksemschichtjes wil zien. Wanneer deze goed droog is breng je een dun laagje crackle lak aan. Het is sterk af te raden om tweemaal over hetzelfde plekje te gaan, aangezien de lak dan minder scheurt, want na ongeveer een minuutje valt deze lak in allemaal kleine stukjes uiteen. Hoe dunner de laklaag, hoe fijner de barsten. Dit komt omdat deze lak supersnel opdroogt, wat een onregelmatig effect met zich meebrengt. Eigenlijk het tegenovergestelde van een normaal lakje. In deze lakjes zit veel ethanol als solventsysteem, wat voor het snelle drogen zorgt en waardoor de lak krimpt, waardoor scheurtjes ontstaan. Door de relatief hoge hoeveelheid ethanol voelt crackle lak ook kouder aan dan andere lak, totdat het droog is.

3d2d7763cea3b633e3fc6ebb644c58b3_medium.

De perfecte manicure

Met je manicure wil je je nagels laten opvallen. Je kan de allermooiste lak op je nagels doen, als ze scheef zijn of een andere rare vorm hebben, valt door je lakje alleen de rare vorm maar op. Daarom is het belangrijk om je nagels voordat je begint met lakken netjes vijlt. Vijl vanaf de zijkanten naar het midden toe en maak vooral geen zagende beweging. Als je je nagels in een ronde vorm vijlt, lijken ze langer. Als je dit vijlen regelmatig doet, heb je hier natuurlijk niet veel tijd voor nodig. Vijl niet alleen de witte rand van je nagels in een mooie vorm, maar vergeet ook niet om de bovenkant van je nagels één keer per maand te vijlen. Dit doe je met een speciale buffer vijl. Dit is een veel fijnere vijl die het oppervlak van je nagels gladder maakt en mooi laat glimmen. Let wel op dat je je nagels niet beschadigd! Je vijlt, net als met normaal vijlen, een stukje van je nagel af. Doe dit dus niet te vaak en stop ook zodra je nagels mooi glimmen! Als je dunne nagels hebt, doe dit dan nog minder dan één keer per maand, dunne nagels breken sneller en dat wil je natuurlijk niet.
Na het vijlen duw je je nagelriemen voorzichtig terug naar achteren. Smeer je nagels ook eens lekker in met een voedende nagelriemcrème, zo hou je niet alleen je nagelriemen maar ook je nagels zelf gezond. Doe dit echter niet vlak voor je manicure. Zo’n crème is vettig en nagellak blijft niet zitten op een vette ondergrond, dus zorg dat de crème goed de tijd heeft om in te werken. Gebruik die bijvoorbeeld na het verwijderen van je oude lakje, als je nog geen nieuwe lak op doet. Of smeer je nagels in, ga vervolgens een boek lezen, en lak een uur later je nagels.
Hoewel het misschien mooier staat, moet je je nagelriemen echt terug duwen naar achteren en niet afknippen! Als je ze afknipt, bestaat de kans dat je nagelriem te veel loslaat van je nagel. Zo’n gat bij je nagelriem is de perfecte plaats voor bacteriën om zich te nestelen en geloof me, je wilt echt geen infectie bij je nagelwortel, met alle ongemakken van dien. De infectie kan zich verder in je vinger verspreiden, maar de kans is ook groot dat je hele nagel dan van je vinger wordt afgestoten. Niet afknippen dus!

Na het veilen en eventueel verzorgen van je nagels is het het handigst als je begint met een zo vetvrij mogelijke nagel, zodat je lakje mooi blijft zitten. Hiervoor reinig je je nagels met nagellakremover. Ook als je alle laatste restjes nagellak er al af had gehaald kan even kort met een wattenschijfje met nagellakremover eroverheen echt geen kwaad.
Tijd voor de eerste laklaag! Zorg dat je alle lakjes die je wilt gebruiken én nagellakremover én wattenstaafjes bij de hand hebt. Zelf draai ik vaak de dopjes van alle lakjes alvast een beetje open. Niets is vervelender dan een lakje waarvan de dop onverhoopt vast blijft plakken en het open maken daarvan je hele manicure verpest. De dopjes draai ik op een halve slag na helemaal dicht en ik zet ze uiteraard op een vlakke, harde ondergrond zodat ze niet zo snel omvallen.
Als eerste breng je een base coat aan. Zorg dat er niet te veel lak op je kwastje zit, één druppeltje is voldoende. Begin in het midden van je nagel en trek een rechte streep vanaf de nagelriem tot aan de rand van de nagel. Hoe breder je kwastje, hoe minder je nu nog aan de zijkanten hoeft te lakken. Lak ook de zijkanten en herhaal dit bij alle nagels.
Als de base coat droog is, kun je je gekleurde lak aanbrengen. Bij een transparante lak, kun je natuurlijk ook alleen voor een laagje base coat en een laagje top coat kiezen. Maar wil je een kleurtje, dan is deze stap toch vrij essentieel. Lak een dunne laag op dezelfde manier als de base coat en laat drogen. Als je je nagels langer wilt laten lijken, kun je aan de zijkanten van de nagels een dun lijntje ongelakt laten, zo lijken je nagels optisch langer. Ook een handige truc wanneer één nagel korter is dan de rest, dan lak je die op die manier.
Meestal dekt de kleur niet in 1 laagje, dus breng nog een laagje aan. En eventueel een derde. Zorg ervoor dat de laagjes steeds goed droog zijn. Nu denk je misschien dat je in plaats van drie dunne laagjes net zo goed één dikke, dekkende laag aan kunt brengen, maar dat is niet handig. Een dikke laag moet uren drogen, en een dun laagje maar een paar minuten. Dat scheelt dus heel veel tijd én minder kans dat je  je nagel stoot en een deuk in je lak krijgt.
Als de kleur dekkend genoeg is en droog, breng je een laagje top coat aan. Hiervan gaat je lakje mooi glimmen (of wordt juist mat als je een matte top coat gebruikt) en is je manicure goed beschermd tegen deukjes, krasjes en chippen.
Als ook de top coat droog is, doop je een wattenstaafje in wat nagellakremover en veeg je voorzichtig eventuele foutjes weer schoon.

206751e90392cebd8e8692bb67569209_medium.

Zelf nagellak maken met nagellak

Op zoek naar een lakje in die ene leuke kleur? Wil je een lakje net iets lichter of donkerder hebben? Of wil je een creamy variant maken van dat ene leuke lakje? Dat kan! Nagellakjes kun je heel makkelijk met elkaar mengen. Zorg wel dat het allebei ‘gewone’ lakjes zijn. Twee crackle lakjes of een gewone en een crackle lakje zou ik niet zo snel mengen, ik denk dat dat een grote knoeiboel wordt in het flesje of op je nagel.
Je kunt een nieuw lakje maken in een leeg flesje, maar ook gewoon een half leeg flesje aanvullen met een andere kleur. Ik raad je aan om van te voren de kleur die je wilt alvast te mengen en te testen. Wil je bijvoorbeeld een mooie paarse lak maken, breng dan eerst een druppel rood en een druppel blauw aan op de onderkant van een oude CD. Meng ze door elkaar met een schoon kwastje of een satéprikker en kijk of de kleur je bevalt. Zo niet, voeg dan nog een druppel rood of blauw toe. Schrijf eventueel op hoeveel druppels rood en blauw je hebt gebruikt, voordat je het niet meer weet. Ben je tevreden na 10 druppels rood en 3 druppels blauw? Doe er dan een veelvoud van in je flesje. Begin met de kleur waarvan je de meeste lak nodig hebt, of waar je de minste lak van in je flesje hebt, om zeker te zijn dat je genoeg van die kleur hebt. En als je met 10 delen rood tot de helft van het flesje gaat, weet je natuurlijk zeker dat je 3 delen blauw er ook bij passen. Je kunt natuurlijk ook steeds 10 druppels rood en dan 3 druppels blauw toevoegen tot je genoeg van je paarse kleur hebt. Het is belangrijk dat je je nieuwe lakje heel goed schudt! Zeker als het verschil tussen de kleuren groot is, moet je lang en hard schudden. Mocht je een trilplaat tot je beschikking hebben (denk aan afslank apparatuur) dan kun je hem natuurlijk ook daarmee laten schudden, of op een draaiende wasmachine zetten, maar zelf krachtig schudden zal toch nodig blijven. Het is dan ook heel erg aan te bevelen om minimaal 1 balletje in het flesje te doen. Door de lange bewerkingstijd kan het zijn dat je lakje sneller uitdroogt dan andere flesjes, maar als je de perfecte kleur hebt gevonden, maak je hem heel makkelijk weer opnieuw. Om het af te maken plak je natuurlijk een mooi etiketje op je flesje met de naam die je voor je kleur hebt bedacht en natuurlijk hoe je hem hebt gemaakt.

0482409c9f045492d1b1b11b90a20f8d_medium.

Zelf nagellak maken met oogschaduw

Wil je je nagellak matchen met je oogschaduw, maar kun je die ene tint net niet vinden? Of ben je gewoon op zoek naar een leuk lakje met veel glinsters, maar zonder harde glitters? Maak dat een lakje met oogschaduw! Let wel op, dit kost heel veel oogschaduw en levert niet altijd een fijne, dekkende kleur op. Maar je kunt het natuurlijk wel proberen… Mocht het niet dekkend zijn dan kun je het ook proberen met een gekleurde lak als basis. Kies dan voor wit, lichtroze, lichtblauw, etc. een beetje passend bij je oogschaduw, maar wel een tint lichter, zodat de kleur van de oogschaduw goed uitkomt. Je kunt er natuurlijk ook voor kiezen om hem wel met blanke lak te maken, en de gekleurde lak onder je oogschaduw lakje aan te brengen, dan kun je nog met meerdere kleuren variëren ook.
Je begint het beste in een leeg flesje, of in een flesje waar nog een restje blanke lak in zit. Zeker minder dan de helft vol. Zorg dat je een leeg vel papier of een oude krant eronder hebt liggen en dat je kleding vies mag worden, want met een beetje pech zit er werkelijk overal oogschaduw. Leg in ieder geval een flesje, blanke lak, je oogschaduw naar keuze, een scherp mesje, een stukje papier ter grootte van een post it (of een trechter die in je flesje past, waar het poeder ook makkelijk doorheen gaat) en een satéprikker klaar. En iets om eventuele knoeisels mee op te vegen is ook wel handig.
Giet een beetje blanke lak, ongeveer 1/3, in het lege flesje en draai de dop er weer op.
Krab met het mesje een flinke laag oogschaduw los. Je hebt meer nodig dan je denkt!
Vouw een trechtertje van het papiertje en zet deze in de opening van het flesje.
Schep de losse oogschaduw voorzichtig in het flesje. Hiervoor kun je je vingers of het mesje gebruiken om het op te pakken. Hoe meer poeder je toevoegt, hoe donkerder en dekkender de kleur wordt.
Roer de nagellak goed om met de satéprikker en bepaal of je nog meer poeder toe gaat voegen.
Als je denkt dat je tevreden bent met je kleur draai je het dopje erop en schud je heel goed. Daarna komt het meest belangrijke: test je lakje! Lak je nagel of lak desnoods een stukje papier, maar kijk of je kleurtje dekkend genoeg is! Zo niet, voeg oogschaduw toe. Zitten er korrels in en lakt het niet fijn, voeg dan nog wat blanke lak toe.
Als je kleur helemaal naar wens is kun je er een etiketje op plakken en je kleurtje een leuke naam geven.
Het kan zijn dat je kleurtje niet helemaal dekkend is, en je dat prima vindt, omdat je er een andere kleur onder wil dragen. Let dan goed op dat je blanke lak niet na verloop van tijd geel/groen uitslaat door de pigmenten in de oogschaduw. Ziet je lakje er heel ranzig uit, maak dan een nieuwe, want hij is dan niet meer te redden. Hoe dekkender je lakje, hoe minder kans je hebt dat dit je overkomt. 

1941aa33781cadc3310238b19355d639_medium.

Zelf natuurlijke nagellak maken

Natuurlijk kun je ook voor puur natuur gaan en je eigen lakje helemaal zelf maken, zonder dat je daar ook maar een blanke lak uit de winkel voor nodig hebt. Je hebt hiermee de vrijheid om je eigen kleur te kiezen, het is helemaal groen en natuurlijk, en het kan je veel geld besparen. En het is veel simpeler dan je denkt! Met een paar ingrediënten kun je een fantastisch lakje maken. Gewoon in je eigen keuken!
Als je veel tijd hebt om je nagels te lakken en een hennatint wilt, dan kun je ze lakken met henna. Meng hiervoor een halve eetlepel henna poeder met 1 eetlepel olijfolie en roer het tot je een gladde pasta hebt. Met een kleine kwast, of een oud nagellak kwastje, kun je de pasta op je nagels smeren. Laat het daar een uur zitten en verwijder de overtollige pasta als je nagels de gewenste kleur hebben. Hoe langer je het laat zitten, hoe donkerder de kleur. Hou de henna vochtig door elke 10-15 minuten je nagels te deppen met een in warm water gedoopt watje terwijl de kleur in je nagels trekt om het beter en egaler in te laten trekken.
Als je je nagels niet in een leuk kleurtje wil lakken, maar als je gewoon een mooie glans erop wilt, dan kun je een puur natuur lakje maken met klei. Hiervoor meng je een halve eetlepel kaolin klein (witte cosmetische klei) met een eetlepel olijfolie. Breng het aan net als de hennalak en laat het 15 minuten ongestoord intrekken. Hierna kun je de pasta van je nagels wassen en genieten van prachtig glimmende nagels. Bonus: het verzorgt je nagelriemen ook heel goed!
Ga je liever voor rood, sla dan maar wat alkannawortel in! Alkannine, ook wel alkannarood genoemd, is een kleurstof die wordt gewonnen uit de wortel van Alkanna tinctoria, een plant die vooral rond de Middellandse Zee voorkomt. Voor dit rode lakje verwarm je au bain-marie 3 eetlepels olijfolie en een halve theelepel alkannawortel (plakjes, poeder, maakt niet uit als het maar lekker klein gesneden is). Nadat deze zijn gemixt en warm zijn, haal je de pan van het vuur en laat je het 5 minuutjes afkoelen. Gooi het vervolgens door een vergiet of zeef, met een schone theedoek (die vies mag worden en blijven!) erin en vang de olie op terwijl de alkannawortel in de theedoek achterblijft. Verwarm de olie weer au bain-marie en voeg een kwart theelepel bijenwas toe. Verwarm het tot de was gesmolten is. Voeg twee druppels vitamine E toe (verzorgend, weet je nog) en roer het goed oor elkaar. Wanneer alles goed gemengd is, kun je met een kleine kwast of een oud nagellak kwastje je nagels lakken met de nog warme lak. Als je wat morst moet je het gelijk wegvegen, want het kleurt vrij snel.
Als je de benodigde ingrediënten kunt vinden (probeer eens een biologische drogisterij), dan is het maken van je eigen nagellak een fluitje van een cent. En nog leuk ook! En je nagels zien er geweldig uit en je hebt dat heerlijke gevoel dat je goed en groen bezig bent.

Ga je zelf aan de slag, of koop je toch liever een kant en klaar lakje? 

Stap over naar Oxxio

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Oxxio als energieleverancier.

Reacties (3) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Nu ben ik heel wat wijzer over nagellak. Ik lak mijn nagels altijd, vooral omdat ze anders meteen scheuren en afbladderen. Goed artikel.
Mooi artikel van je.
Danku! Was nog voor de truth or dare opdracht van Moz@rt 2 jaar geleden, had een beginnetje, maar nu eindelijk maar eens afgemaakt!