Het atletiektheater 2

Door Mijler gepubliceerd op Thursday 13 August 17:30

 

Het atletiektheater 2

 

sport uit spel geboren

heeft aan spontaniteit verloren

geleidelijk kwamen er reglementen

later beloning in centen

 

de beleving in het doen

smoorde in een krijsend legioen

de meet getrokken in het zand

werd geregeld van hoger hand

 

het stoten van een steen

hinkelen op één been

met kompanen of alleen

jammer dat het speels verdween

 

gelukkig binnen de atletiek

klinkt nog wat authentiek

heb daarbij oog voor rituelen

dit zal nooit vervelen

 

Langzaam zwijmel ik weer weg in het fantasierijke bezoek aan het grote atletiekfestijn en zie een tweetal ringen. Het kan niet anders of in deze ringen worden roterende bewegingen gemaakt. Er verzamelen zich rond deze afworpplaatsen robuuste atleten met biceps van staal en dijen van graniet. Nee, dacht ik die gaan hun machtig lijf niet in maximale snelheid van hot naar her sjouwen of zo hoog of ver en mogelijk door het luchtruim stuwen. Nee, die gaan andere dingen prooi maken van hun atletische kwaliteiten Elementaire bewegingsvormen als werpen, stoten en slingeren met voorwerpen in vorm van bol, plat of langwerpig, die geleidelijk zijn ontstaan uit levensvormen van de oermens.

De slingeraars van discus en slingerkogel

Eén ring is voor een groot deel afgeschermd. Het spul waarmee geworpen wordt kan dus ver zijwaarts uit de hand vliegen, gevaar opleveren en niet binnen de uitgeschilderde sector landen. Hier zal dus wel met een slingerende beweging worden geworpen. Net buiten deze ring zie ik een verzameling atleten, deels op een bankje zittend en anderen die wat nerveuze droge werpbewegingen maken. Het geheel doet mij denken aan een hangplek, waar wat gekeuveld en gedold wordt Men volgt elkaars prestatie en er wordt gesproken en geanalyseerd aan de gebaren af te leiden. Kortom er schijnt een amicale onderlinge sfeer te zijn. Enkele van deze werpers die zo aan de beurt zijn, drentelen wat rond of maken droge werpbewegingen

Bij toerbeurt begeven de werpers zich naar de frontzijde van de ring. Het is alsof zij een heiligdom betreden. Vóór de ring wordt even gestopt en worden de voeten nog kort geveegd. Daarna nemen zij op een rustige bijna eerbiedige wijze achter in de ring een zijwaartse schredestand aan, met de rug naar de werprichting. Dan volgt er een persoonlijk ritueel aan gevarieerde zwaaien willekeurig golvend van links naar rechts en terug, of soms zelfs met de slingerkogel tussen de benen. Aan alles kun je afleiden dat hier in die ring de basis van het succes wordt gelegd. De discuswerper verplaatst zich met een omsprong van de achter- naar de voorzijde van de ring. De werper van de slingerkogel draait meerdere keren, steeds in snelheid toenemend. Hij springt niet maar blijft met één voet voortdurend in contact met de bodem om door de enorme zwaaikracht niet uit balans getrokken te worden. Met beide handen heeft hij de slingerkogel in het handvat vast. De lange werparmen zijn kenmerkend voor beide slingeraars.

De aanvangssnelheid is bepaald en wordt nu onmiddellijk en vloeiend gevolg door de uiteindelijke worp. De kogelslingeraar werpt met zijn rug naar de werprichting gekeerd in een nagenoeg stille stand, om daarna het werptuig met zijn ogen te volgen. De discuswerper komt zijwaarts voor de afworp te staan en draait nog mee in zijn afworp, vaak nog met een hele draai, om dan meteen zijn resultaat te volgen. Wat dan volgt is bijzonder en voor de leek onverklaarbaar. Terwijl het werptuig reeds in volle vlucht is, ontlaadt de werper zich met oerkreten Alsof hij woest is , met dreigende vloek zijn werptuig verwenst en naar de hel verdoemt. Maar dit kan nooit de intentie zijn want ik heb in het verleden gezien hoe de werpers hun eigen werptuig koesterden en meesjouwden naar wedstrijden. Ik verdacht sommigen er zelfs van het als een knuffel mee in bed te nemen. Als psycholoog van de koude grond neem ik aan dat het een geestelijke ontlading is. In mijn wat op hol geslagen fantasie vraag ik me af of de naam “werpkooi” ontstaan is naar aanleiding van dit dierlijke gekrijs. Een aanduiding als beschermhek had toch meer voor de hand gelegen.

 

Reacties (3) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Geweldig hoe je dit fenomeen beschrijft.
Dit heb ik geschreven voor een blad van oud-topatleten. Ik denk dat het voor hen bekende rituelen zijn.
Vind het heerlijk geschreven.